Chemo met koek en kleffe cake
’s Nachts lig ik wakker. Want dat het einde in zicht is, betekent ook dat ik weer ruimte in mijn hoofd krijg om na te denken over hoe het verder gaat. Mijn gedachten zijn dan vaak niet de vrolijkste, hoewel ik er niet gestrest of verdrietig van word.
Maar ik denk wel vaak aan hoe het zou zijn om dood te gaan. Of hoe ik zou reageren als het bij de eerste controle niet goed blijkt te zijn. Dat er dan een tumor in mijn botten zit of zo. Daar ben ik het bangst voor, dat er ‘iets’ in mijn botten zit. Komt doordat er helemaal in het begin, toen ik alle testen had doorlopen, een vlekje zat op de botscan van mijn rechterscheenbeen.
De oncoloog dacht dat het niks was. Hij zei letterlijk dat hij nog nooit had meegemaakt dat borstkanker zich van de linkerborst naar het rechterscheenbeen had uitgezaaid. Maar voor de zekerheid moest ik toch een nieuwe scan laten maken. Mijn moeder sliep wederom twee nachten niet en ik maakte me zoals gewoonlijk nergens zorgen om.
De uitslag kwam snel en was goed. Verder heb ik er niet over nagedacht of vragen over gesteld. Maar sinds ik besef waarom ik deze kuur doe (ik wil leven), begrijp ik de angst van mijn mamsje. Want als daar ook een tumor had gezeten, was mijn levensverwachting heel anders geweest.
Op de een of andere manier voel ik nu steeds mijn rechterscheenbeen. Soms is het links. Het kan ook iets in mijn nek zijn. Het maakt eigenlijk niet uit waar het zit – bij elk pijntje vraag ik me af wat het zou kunnen zijn. En als ik dan om halfdrie nog wakker lig, neem ik maar een inslapertje (een slaappilletje dus, met een ietwat morbide naam) omdat ik anders de hele nacht ligt te bedenken hoe ik het mijn ouders, zus, vrienden, iedereen moet vertellen als ik ooit te horen krijg dat ze de kanker in mijn lichaam toch niet hebben kunnen stoppen.
Ik praat hierover met mijn psycholoog. Zij weet me gerust te stellen. Dat ik over dit soort praktische dingen nadenk of pieker, betekent niet dat dit mijn toekomst is. Dat ik intuïtief nog meer ellende voel aankomen. Het is volgens haar een manier om controle te houden. Controle door praktische zaken aan te pakken en mezelf vast voor te bereiden. Een fictief draaiboek. Hm, persoonlijk maak ik liever een draaiboek voor mijn bruiloft (ook zwaar fictief in verband met gebrek aan toekomstige echtgenoot).
Om de zesde en laatste kuur te vieren, heb ik vriendinnen uitgenodigd voor Happy Hour in het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis. Eigenlijk zijn het Happy 2 Hours, zo lang lig ik aan het infuus. Ik heb koek en kleffe cake meegenomen en tegen tienen zit de stemming er goed in. Vriendin Paulien mailt later dat we dit vaker moeten doen, gezelligheid! Nu ben ik zeker van gezelligheid, maar om alleen daarvoor nog een paar chemo’s eraan vast te plakken, gaat me te ver.
Net als deze laatste chemo. Het mag dan de laatste zijn, het effect is er niet minder om. De depressieve buien zijn, dankzij het advies rust te nemen, grotendeels verdwenen. Het feit dat dit de laatste kuur is, zal daar ook wel een rol bij spelen. Maar de moeheid zit overal en uit zich 24/7. Uitleggen hoe ik me precies voel, is niet eenvoudig. Moe is niet het juiste woord. Het is het complete gemis van energie. Je weet pas hoe dat voelt als je geen energie meer hebt.
Vergelijk het met het niet hebben van geld. Of liefde. Als je er genoeg van hebt, merk je nauwelijks dat het minder wordt. Als je bijna geen geld of liefde hebt, merk je hoe snel het op gaat. Dat voelt niet fijn. Ik heb geen energie maar verbruik het wel. Om te eten, te lopen, te fietsen, zelfs om een telefoongesprek te voeren. Alles kost energie en daar heb ik zo weinig van.
Wordt donderdag 31 januari vervolgd.


















2 reacties
Hou vol, ga door, zet 'em op!
Sterkte! Het gaat je lukken!
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen: Inloggen of registreren