week 13 | 25.03.09 | 12:34 | Elvan |Kinderen |Tijdschrift Viva Mama | Door ElvanB

De bevalling

De bevalling, waar ik zowel naar uitkeek als tegenop zag, viel achteraf eigenlijk best mee. Al kan ik nog steeds niet geloven dat dit prinsesje in mijn buik heeft gezeten. En dat ze mij opzadelde met een scheurtje en een aambei heb ik haar al lang vergeven.

De vliezen braken rond drie uur in de nacht. Het was geen tsunami aan vruchtwater zoals ik had verwacht. Het druppelde er gewoon een beetje uit. Behalve die keer dat ik moest hoesten, toen leek ik wel een hogedrukspuit. De weeën lieten nog even op zich wachten, maar zo rond zeven uur in de ochtend kwamen ze toch geregeld even knellen.

Ik belde de verloskundige en die wist mij rond zeven uur te vertellen dat ik drie centimeter ontsluiting had. Of ik om elf uur terug wilde bellen. Ondertussen klapte ik regelmatig dubbel van de pijn. En ik blafte een uur later naar Nils dat ik NU naar het ziekenhuis wilde en dat ze hompie maar onder algehele narcose moesten halen. Ik was er na een paar uur al he-le-maal klaar mee.

Nadat ik een wee weg gepuft had vloog ik de auto in. Nils gaf direct vol gas en we belandden na de eerste afslag op een rotonde achter een tractor! En daar tuften we met dertig kilometer per uur naar het ziekenhuis. De andere weghelft bood ons geen uitweg. De auto’s bleven maar komen. Ik had het gevoel in een hele slechte actiefilm (of goede comedy) beland te zijn.

Uiteindelijk belandde ik zo rond tien uur in de ochtend in het ziekenhuis en om elf uur kreeg ik een morfinepompje in mijn handen. Daar deden ze gelukkig niet moeilijk over. Na elke wee kon ik op een knopje drukken, waardoor de piek van de volgende wee werd afgevlakt. Dat hielp. Tenminste, totdat een weeënstorm zich aandiende. Anderhalf uur later werd ik de verloskamer ingereden en moest daar omstreeks één uur drie persweeën weg zuchten. Nils kauwde snel zijn broodje jam weg, goot een blikje cola achterover en kwam er als een echte coach bij zitten. Tijdens de weeën had ik weinig behoefte aan support, maar nu moest echt iedereen even meedoen.

Op dat moment neemt je lichaam het van je geest over. Een perswee voelt alsof je verschrikkelijk hard moet poepen. Even was ik ook bang dat de verloskundige, die tussen mijn benen zat te turen, een portie drollen moest opvangen. Toen werd er ineens “Oh hemel wat een bos haar!” geroepen. En gelukkig bedoelden ze daar het hoofdje van het kind mee. De hele situatie had veel weg van een strandbal die door een rietje gezogen werd. Want op een gegeven moment dacht ik, “Jongens, stop er maar mee, ga maar weer aan de koffie..dit gaat dus nooit lukken..”

Maar na mijn laatste oerkreet voelde ik Irem eruit glijden. Kort daarna werd er hardhandig op mijn buik geduwd waardoor ik volledig leegliep. En gelukkig was ik niet thuis bevallen, want de verloskamer zag er uit als een slagveld. Ik was namelijk nog een liter bloed verloren en het is een godsraadsel hoe zich dat zo in de kamer heeft verspreid. Uiteindelijk liet ook de placenta los en werd deze vakkundig in mijn gezicht geslingerd. “Wil je ‘m nog zien?” Even was ik bang dat ze mijn dochter weggegooid hadden en dat ik de placenta aan de borst moest leggen.

En na ruim vier weken is het nog steeds onwerkelijk. Tot nu toe gaat alles nog volgens schema. Ze piept, poept en plast zoals het hoort. De nachten zijn waanzinnig kort en we komen nergens aan toen. Maar potverdorie, wat een rijkdom.

Voor meer foto’s klink je natuurlijk hiiieer!dot