Te eigenwijs voor het klooster
Op vrijdag werd bij ons in het klooster altijd sober gegeten. Soep, brood en kaas was wat er op het menu stond, meer niet. Op die manier werd herdacht dat Jezus op een vrijdag stierf. Tijdens een van onze wekelijkse gemeenschapsoverleggen kondigde onze overste aan, dat er voortaan ook geen kaas meer zou zijn op vrijdag. Alleen nog maar soep en brood.
Geen discussie
Er volgde geen verklaring, geen discussie, geen verzoek om een compromis van de andere zusters. (‘Kunnen we niet de ene week de soep weglaten en de andere week de kaas,’ of zoiets dergelijks.) Niets van dat alles, de vergadering ging door met het volgende onderwerp.
Niets te willen
Ik was nog maar een paar maanden in het klooster, en kon haast niet geloven wat er gebeurde. Ik wilde een verklaring! Het is de kern van wat mij in het jaar dat ik ingetreden was, het zwaarst viel. Het celibataire leven, nooit meer leuke nieuwe schoenen of rokjes kopen; het was peanuts vergeleken bij het opgeven van mijn eigen mening.
De dingen gaan zoals ze gaan
Niet dat ik die eigen mening niet meer had, integendeel. Maar er was niemand meer die erin geïnteresseerd was. In het klooster gaan de dingen zoals ze gaan, en of je het ermee eens bent of niet, je hebt je eraan te houden.
Ik heb ook een mening
Ik, de schooljuf, die tegen een klas kan zeggen dat ze stil moeten zijn. Ik, die altijd over alles een mening heb, waarnaar (meestal) geluisterd wordt. Ik wilde zo graag laten zien aan mijn medezusters dat ik iets kan, dat ik een goed stel hersens heb, met goede ideeën, met weloverwogen standpunten. Ik kon het soms wel uitschreeuwen: luister naar mij!
Gelijk zijn aan ieder ander
De lange uren van gebed in de kerk, het vele, vele huishoudelijk werk, de afwezigheid van wijn drinken op een terras, ze hebben me niet de das om gedaan. Wat ik niet volhield, was het besef dat ik in die gemeenschap wèl heel welkom was, maar niet méér dan een ander, dat ik niet specialer was dan de rest. Ik kreeg niet de aandacht die ik zo gewend ben om te krijgen.
Het gemeenschappelijk ideaal
Ik was onderdeel van een gemeenschap, niet meer en niet minder. In het klooster leef je voor een gemeenschappelijk ideaal. Ik vind het zó mooi, maar ik was er niet geschikt voor. Te eigenwijs. Dat vond, en vind ik nog steeds, heel jammer.



















7 reacties
Ik dacht dat Jezus wil dat je je talenten gebruikt, i.p.v. begraaft. Dus dat als jij een goed stel hersenen hebt en een mening, het ook je plicht is die te gebruiken en uit te spreken.
Maar misschien heb ik de parabel verkeerd begrepen. En er zelf niet over na mogen denken, nee, dat zou ik ook niet kunnen.
Ik snap het niet zo goed. Dat je niet méér bent dan een ander, dat is in een gezin bijvoorbeeld zook zo. Mijn ene kind is niet méér dan het andere. Maar er is voor beiden aandacht. Beiden mogen hun talenten laten bloeien en tien keer op hun snufferd gaan terwijl ze hun zwakke plekken ontwikkelen en kunnen dan ook tien keer rekenen op liefdevolle aandacht.
Zoals je het schetst komt het op mij een beetje over als 'we are all equal, but some are more equal than others'. Want wat jullie overste besloot werd klakkeloos opgevolgd.
Hoe kwam zij aan die beslissingsbevoegdheid dan? Wat maakte haar more equal? En, hoe kon je haar in vredesnaam opvolgen? Niemand doet zo enige besluitvormende ervaring op.
Haha, binnen drie regels duidelijk dat ik het niet eens door één vrijdagsmaal zou redden :-D.
In het klooster wijd je je aan God en niet aan profane zaken zoals het bestieren van een democratie.
Als je zou vinden dat het weglaten van de kaas zou zorgen voor een ongezond samengestelde maaltijd zou je dat bij moeder overste kunnen melden.
Ik denk niet dat Suzanne bedoelt dat ze meer is dan een ander en dat ze gewend is meer aandacht te krijgen dan een ander. Ik denk dat ze bedoelt dat haar eigen unieke geluid niet gehoord wordt... Kort door de bocht dat ze niet zichzelf kan zijn...
Interessant blog.
I k ben stiekem blij voor je dat je uit dat klooster bent...ieder mens is gelijk, maar ook weer uniek. Ga toch lekker je eigen leven leiden, het is maar kort!
Wat Vana77 zegt over het klooster is heel waar: het is geen democratie. Een overste wordt wel degelijk gekozen en kan, bij slecht functioneren, ook ontheven worden uit haar taken, maar in principe is zij het die de beslissingen neemt. Ik had nooit het idee dat wat van mij gevraagd werd, onredelijk was. Het lag aan mij: ik kon slecht omgaan met het feit dat ik het niet voor het zeggen had. Kort gezegd: ik wil wel saamhorigheid, maar alleen als ik het voor het zeggen heb. En da gaot nie, hè...
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen: Inloggen of registreren