week 5 | 02.02.10 | 10:46 | Bloggers | Milieu | Nynke | Psyche | Reizen | Sport | Door NynkeDeJ

Wat gladheid met je doet als mens

SIRE heeft een nieuwe campagne gelanceerd om ons te leren om te gaan met aardige mensen. Ik weet een snellere manier om iedereen aardig te krijgen: laat het gewoon een avondje ijzelen.

Het was glad, en dat kwam door die malle zoutvoorziener
Ik weet niet hoe het bij jullie in den lande was, maar in Utrecht was het gisteravond spekglad. Zei ik spekglad? Ik bedoel: spek-fukking-glad. Volgens mij had de gemeente niet gestrooid in de binnenstad. Dat het zoutmannetje gisteren dacht: weet je wat, ik sla een dagje over. En dat hij daarbij demonstratief zijn schepje in de zoutberg zette en weer terug naar bed waggelde.

(Het is gezelliger om je de zoutvoorziener van de stad voor te stellen als een mannetje met een puntmuts die in een paddenstoel op landgoed Amelisweerd woont.)

Veel medemenselijkheid overal
Ik moest gisteren naar dansles. En ik had niet echt door hoe glad het was. Daar kwam ik pas achter toen ik binnen de singels kwam. Sjippeglêd, zoals men in Friesland zegt. Aarzelende fietsers. Wegglijdende voetgangers.

En, om even terug te komen op SIRE: wat doet al die gladheid met de mensheid?

Nou, gladheid maakt iedereen hartstikke lief. Elke gevallen fietser werd in no-time omringd door bezorgde mensen. Ik zag zelfs dat iemand een doos op straat had gezet met ‘PAS OP! GLAD!’ erop geschreven.

Zó attent!

Helaas zag je de tekst op de doos alleen wanneer je van één kant aan kwam fietsen. Ik kwam van de andere kant, en ging onherroepelijk onderuit. Maar gelukkig heb ik in de derde klas van de middelbare school ooit van een ALO-stagair de judorol geleerd, dus ik kom sindsdien beslagen ten ijs.

Even een intermezzo over de judorol
Ik weet nog dat de stagair hele behaarde oksels had, waardoor geen meisje met hem de judorol wilde demonstreren. Illl. We keken wel uit. We waren vijftien, en misschien spreek ik voor mezelf, maar ik wilde toen heus wel eens met een jongen zoenen, maar om nou meteen in innige verstrengeling over een judomat te rollebollen: nou nee. Helemaal niet met een jongen die veel te oud was (minstens twintig) en van die glimmende okselharen had.

Afijn, ik rolde dus over straat, en binnen no-time stonden er een aantal mannen om mij heen, om te vragen of ik wel helemaal ok was. Ik riep ‘judorol!’ waardoor iedereen wist dat ik niks mankeerde.

SIRE, die campagne: hou toch op
Maar de liefde die door de stad slingerde! Die bekommering! Dan kan de SIRE weer zo’n hopeloos overbodige campagne bedenken (serieus, print elke jaar die patatzak met die vingers erin en laat ons verder met rust, SIRE), maar dat aardig doen komt vanzelf wanneer het kwik weer onder het vriespunt daalt.

CC Foto: Nadya Peek dot