week 09 | 07.03.10 | 20:04 | Elvan |Kinderen |Tijdschrift Viva Mama | Door ElvanB

Ja, leuk. Doei!

Afgelopen vrijdag ontving ik een sms’je vanaf het oppasfront, “Irem staat!”. Terwijl ik in de trein onderweg naar Utrecht zat, trok mijn dochter zich op aan tafel en stond rechtop! Jullie begrijpen dat dit wereldnieuws is.

Irem The Musical
Ik las het bericht en stopte de telefoon in mijn tas. Maar laten we eerlijk zijn, het liefst had ik de hele coupe even wakker gebruld met zo’n Ally McBeal momentje. “Hallo, mijn dochter kan staan. STAAN!” Wat zitten jullie nou je krantje te lezen, ze kan staan…joehoe!” Als mijn leven een musical was geweest, hadden we met z’n allen in de coupe gedanst en gezongen, werd ik door mensen door de coupe gedragen en stonden er busladingen mensen op het station klaar om mij te verwelkomen met spandoeken waarop “Irem is de beste! Irem kan namelijk staan!” stond. De realiteit was echter hard.

Even overwoog ik om de jongen naast mij het sms’je te laten lezen, zodat we de rest van de reis samen konden praten over Irem en haar poging de onafhankelijkheid, die voor haar op dat moment binnen hand bereik was, te omarmen. Maar de jongen stapte bij de eerstvolgende halte al uit. Alsof hij het wist. Er restte niets anders dan mijn ogen te sluiten en de telefoon, met het opgeslagen sms’je, met een diepe zucht tussen mijn borstjes te drukken. Ze kan staan. Langzaam dwaalden mijn gedachten af naar haar sta-moment. Ik zag haar na een geslaagde sta-actie moonwalken met twee duimen omhoog.

Doei!
Ik belde uiteindelijk maar een vriendin op. Terwijl ik mijn verhaal deed, hoorde ik haar aan de andere kant van de telefoon met haar ogen rollen en een korte trek nemen van haar sigaret. “El, zolang ze op deze leeftijd geen Beethoveneske symfonieën componeert, hoef je mij om acht uur ’s ochtend echt niet te bellen.” Ze hing op. Ach, die heeft geen kinderen, die snapt dat soort dingen niet. Ik moet een andere vriendin bellen. Iemand mét kinderen. Iemand die dit soort mijlpalen snapt en waarmee ik het komende halfuur heerlijk kan lullen over al die fantastische ontwikkelingen van baby’s. “Ze kan staan! Pats, en ineens stond ze. Zo maar, het gaat zo snel he..” Ik kreeg niet eens de gelegenheid om mijn verhaal af te maken. “Leuk El! Echt heel tof. Maar ik heb hier drie jengelende koters die ik de auto in moet gooien. Weet je wat, bel me als Irem kan lopen. Of eindelijk haar brommerrijbewijs heeft. Ik kom te laat! Doei!”

Dooddoener
Nils, die had ik nog niet gebeld! Hoe kan ik zo stom zijn om hem niet als eerste te bellen. Hij, vader van mijn kind, zou onmiddellijk al zijn werkzaamheden neerleggen en huiswaarts stormen om zijn dochter, die nu kon staan, op alle mogelijke manieren vast te leggen. Hij zou huilen door de telefoon en “..wat zeg je? Staan?! Wow” zeggen om vervolgens in tranen de telefoon op te hangen en een interne mail naar collega’s uit te sturen  met als onderwerp ‘Ik ga naar huis! Mijn kind kan staan!’

Terwijl de adrenaline door mijn aderen pompte belde ik Nils.
“Met Nils”
“Met mij”
“Ja?”
“Irem kan staaaaaaaan!  Ik reeg net een sms dat Irem zich aan tafel had opgetrokken en ….”
“Ja, leuk El, maar ik zit hier met een deadline. Ik kom trouwens niet thuis eten. Kan jij Irem zo ophalen? Tot vanaaf. Doei!”

Foto’s 2010
Foto’s 2009dot