week 33 | 19.08.10 | 10:51 | Blog |EllyvdZ |Humor |Thuis |Webstrijd 2010 | Door Ellyvdz

Ja, ik vind het heel leuk. Hoezo?

Het is negen jaar geleden. Negen jaar! Ik kan me de laatste keer niet eens herinneren. Van de ene op de andere dag deed ik het gewoon niet meer. Terwijl het zo leuk is! Waarom ben ik er ooit mee gestopt?

Computerspelletjes
Computerspelletjes doen, zeiden we in nineties nog. Gamen kon je het toen nog niet noemen, zo’n blokkerig poppetje over muurtjes streepjes laten springen met de pijltjestoetsen. Op een zwart-wit computer die je zo ongeveer moest aanslingeren, waarbij  het enorme beeldscherm vervaarlijk knetterde en een enorme systeemkast stond te brullen als een snurkende tijger. Boven het lawaai uit hoorde je dan de blije bliepjes en de valse ‘volgende level’-muziekjes.

Rollercoaster Tycoon
Later kwamen er echte games. Games waarbij het voelde alsof je in echt een auto racete, over de Duitse Autobahn of over bochtige circuits in Amerika. En Rollercoaster Tycoon. Daarmee begon misschien wel de drukste periode van mijn leven. Of ik mee ging shoppen? “Nu even niet, de megablubberpowerachtbaan is stuk en de mensen bij de suikerspinkraam moeten allemaal overgeven.” Oh, de stress. Ik vergat bijna adem te halen. Het had niet veel gescheeld of ik had op mijn zestiende mijn eerste burn-out gehad dankzij Rollercoaster Tycoon.

De Sims
Met de Sims ging het nog verder. Wie heeft er nou geen Sims-periode gehad? Mijn neefje had een ge-upgrade versie van de Sims, met een speciaal bed waarin de poppetjes achter een pixelwaas de liefde bedreven. Voor zover poppetjes dat kunnen. Wij vonden het in elk geval heel interessant.

De invloed van de Sims reikte verder dan de computer. Ik weet niet of jij er ook last van had, maar ik betrap mezelf nu soms nog op het Sims-syndroom. Dan praat ik met iemand en dan zie ik die humeurbalkjes weer voor me. Rechts een positief balkje waarin streepjes komen als iemand je aardig vindt. Leer je iemand net kennen, dan bewegen de streepjes in het rechterbalkje als de volumestreepjes op een oude stereoset. Je probeert aan het gezicht af te lezen of er streepjes bij komen, of dat ze opeens weer weg zijn. Links zit het negatieve balkje. Een linkerbalkje dat zich vult, gaat gepaard met snuiven, zuchten en steeds harder praten.

Double Bang Damage
Snuiven, zuchten, steeds harder praten. Dat doe ik nu ook steeds vaker. Want ik game weer. Ik zit met de controller in mijn handen geklemd, mijn ogen schieten vuur. Ik MOET die race winnen. “Ooh nee, ooh f*ck, OOH NEE!”, hij mag mij niet inhalen. Ik ga hem rammen. BAM! Double Bang Damage, zegt de computerstem vrolijk. “HA!” Oeh, moeilijke bochtjes. Ik knijp in de controller en begin te grommen.

A zit verwonderd naar me te kijken. Zijn doorgaans rustige vriendin kijkt verwilderd en begint te schelden als een ouwe zeebonk. Er volgt een tirade waar de Bond tegen het Vloeken witheet van zou worden. Alle heilige figuren krijgen de meest ernstige ziektes toegewenst. Er volgt een schreeuw.  Hij wil al een exorcist bellen, maar daar is de finish al. Einde van de race. “Sjeez, wat is dit MOEILIJK, verzucht het meisje-formerly-known-as-Elly, dat nu meer weg heeft van een heks. Haar ogen gaan weer iets normaler staan en die rare grimas is ook verdwenen. Fronsend vraagt hij “Vind je het wel leuk?”

Ja, ik vind het heel leuk. Hoezo?

Meegenieten
Nu begint het te dagen. Negen jaar geleden woonde ik nog thuis. De pc stond lange tijd in de woonkamer, waardoor het hele huis van mijn Tourette-achtige speeluitbarstingen kon meegenieten. Als ik er toen niet mee was gestopt, waren de linker humeurbalkjes van mijn ouders op tilt geslagen en dan zou ik hun rechterbalkjes nooit meer gevuld zien. Dan hadden ze met pc  en al op straat gezet.

Nu game ik weer. In mijn eigen huisje. Wilde je gezellig even langskomen, dan ben je gewaarschuwd.

CC foto: D. Sharon Pruittdot