week 30 | 31.07.11 | 14:02 | CarolienD | Door CarolienD

Hoe noem je een leeftijdsgenoot?

Ik ben 28 jaar. Zo’n nietszeggende leeftijd die me doet denken aan 14 zijn: te klein voor het barhangen, te groot voor de Barbies. Lastig
Als 28-jarige realiseer ik me soms met een schok dat ik ruim tien jaar ouder ben dan de eerstejaarsstudenten die ik tref in de kroeg, maar roep ik net zo hard als mijn vrienden dat het voorlopig nog écht niet aan de orde is als een gesprek in diezelfde kroeg overgaat op baby’s. Wat natuurlijk verdacht is, als je er toch steeds weer over begint.
Op zich heb ik geen moeite met het feit dat ik in veel gevallen buiten de categorie ‘jongeren’ val en de magische 30-grens hard voel naderen. Het enige lastige aan deze leeftijd, besefte ik laatst, is de benaming van leeftijdsgenoten.

Coole chick
Kon je op je twintigste nog zonder schaamte zeggen dat je een vriendin ‘echt een leuk meisje’ vond, acht jaar later weet je niet meer hoe je hetzelfde compliment in een zin moet gieten zonder denigrerend of kinderachtig te klinken. Regelmatig struikel ik over een zin als ik thuiskom van een interview en wil zeggen dat ik onder de indruk was van een gesprek. ‘Echt een leuke meid’, klinkt namelijk alleen als je een overtuigend, cool accent hebt, maar niet als je, zoals ik, de zachte G inzet. Dan wordt zo’n ‘meid’ ineens een fanatieke breikampioen. Met ‘vrouw’ kun je ook niet altijd aankomen, vind ik. Dat klinkt alsof je zelf 13 bent en oog in oog hebt gestaan met een vriendin van je moeder. En ‘meisje’ is helemaal passé. Dat voelt alsof je samen met iemand bent gaan rolschaatsen en thuiskomt om een lolly te vragen. Soms verzand ik dan in het gebruik van ‘tof wijf’ of ‘coole chick’, waarna ik mezelf de hele dag niet meer serieus kan nemen. Nee, een mooie, passende benaming om vrouwelijke leeftijdsgenoten te beschrijven, heb ik in de Nederlandse taal al een tijdje niet meer gevonden.

Rokende snorren
Komen we direct bij het volgende punt: mannen. Zo op zichzelf is ‘mannen’ een prima woord. Het klinkt, mits in de juiste context, als een groep gespierde figuren van begin dertig die niets liever doen dan jou het hof maken. In de verkeerde context zijn het rokende snorren die dagelijks samenkomen om in de buurtkroeg te biljarten. Heb je echter een ‘man’ van je eigen leeftijd ontmoet, dan valt de lading van dit woord ineens niet meer op z’n plaats. ‘Gisteren heb ik even met die man staan praten’, klinkt alsof je in de supermarkt werd aangesproken door een vaag bekende buurman. ‘Die jongen kwam ik tegen in de kroeg’ kan dan weer wel, maar het roept absoluut niet het juiste beeld op als het een leeftijdsgenoot is met een brede schouderpartij een weelderige baardgroei. Het klinkt studentikozer. Ik betrap mezelf de laatste tijd vaak op het gebruik van het woord ‘gast’, maar sla daar in door. Ik gebruik die benaming, wat op zich in letters al geen mooie combi vormt met mijn zuidelijke afkomst, ook om te verwijzen naar professoren of ministers. En dat is lelijk. ‘Vent’ en ‘dude’ vallen in dezelfde categorie als ‘chick’ en ‘wijf’ en zijn dus ook niet bruikbaar.

Codewoord
De vraag is dus wat dán de ultieme benaming is voor een leeftijdsgenoot (m/v). Kunnen we als eind-twintigers/begin-dertigers niet gewoon een codewoord afspreken? Iets wat lekker bekt en verwijst naar onze hele generatie? Dan kunnen we dat blijven gebruiken tot we tachtig zijn en hoeven we dan ook niet meer na te denken over het gebruik van ‘mevrouw’, ‘dame’ of ‘mijnheer’. Ik ben voor. Kan ik me daarna namelijk weer druk gaan maken over dingen die echt belangrijk zijn, zo voor mijn dertigste.

(Deze vraag heb ik eerder gesteld op mijn persoonlijke blog. Aangezien ik nog geen bevredigend antwoord heb, is ie nu ook hier, in aangepaste versie, te lezen)

CC foto: oskaydot