Mijn ouders zijn verhuisd naar Groningen. Zolang het oude huis nog niet is verkocht stap ik een keer per week binnen om de oude post en herinneringen op te halen.
In de witte doos met het rode kruis rommel ik wat, op zoek naar paracetamol. Dat zit bij mij thuis als poeder in een zakje. Het lost lekker snel op in water en is bovendien een goed excuus voor mij om die pillen niet te hoeven slikken.
Zo door de jaren heen verzamel je nogal wat boeken. Je koopt ze nu eenmaal sneller dan je leest. De voorjaarsschoonmaak is nu ook ingezet op de boekenkast.
Onlangs gaf mijn dochter Myrthe de juffrouw uit de klas van haar grote broer een compliment over haar tuniek: “Goh, jij hebt wel een mooie pyjama.”
Al jaren heb ik geen sport meer beoefend. Alleen fietsen was tot vorige maand dagelijkse kost. Zelfs dat doe ik op het moment helemaal niet meer.
Als we de gemiddelden moeten geloven, doen wij “het” 3 keer per week. Deze hardnekkige seksmythe verschaft seksuologen al jarenlang een niet-aflatende stroom cliënten en patiënten.
Gisteravond was het dan zover: de eerste zwangerschapsyogales met partners – alleen heb ik er geen. Dus dat was… Tja.
Dinsdagmorgen half negen, plaats van handelen: Utrecht Centraal. De grote gele rups heeft enkele minuten vertraging. De trein zit helemaal vol en enkele haastige reizigers onder ons willen in de trein eigenlijk alvast beginnen met rennen.
Het lijkt nog steeds een taboe; praten over depressies. Een depressief persoon zal niet snel naar buiten komen met zijn of haar problemen.
Raar fenomeen is dat: mensen die voortdurend staan te ouwehoeren tijdens live concerten. Ze betalen om een bandje te zien spelen, waardoor je verwacht dat ze die band willen hóren…
Mijn eerste ontmoeting met Annie, de reanimatiepop, was tijdens een open dag van de brandweer.
Opeens is daar een ram tegen mijn schouder en rug gevolgd door een knal. Wanneer de sterretjes en vogeltjes zijn gevlogen, zie ik dat er een vrouw van een jaar of zeventig op de grond ligt naast haar fiets. Vanaf dat moment lijkt het uur dat volgt voorbij te gaan in vijf minuten.
Er zijn van die vrouwen die je, als vrouw, eigenlijk zou moeten haten. Omdat ze mooi zijn en slim en alles bij iedereen voor elkaar krijgen, zonder daar veel moeite voor te doen. Toch haat je ze niet. Je gunt ze juist alles en wilt ze zélf zijn.
Hèhè, even rust om een blogje te schrijven. Dit keer vanuit de auto, rijdend over de Duitse snelweg. Ik ben op weg naar Davos in Zwitserland voor Big LePowski, een freeride ski evenement.
Mijn zoon stak zijn vinger uit naar de fiets met afbeeldingen van Kabouter Plop er op. Hij is vijf, binnenkort is de Plopfase voorbij en wij zien het al gebeuren dat hij dan niet meer op die ’stomme fiets’ wil.
1200 meter boven de grond in de deuropening van het vliegtuig roept de instructeur: “Ready?”. Je knikt naar hem, piept “yes” en dat wordt dan weer beloond met een “GO!”.
Onlangs riep ik jullie op om je op te geven voor de nieuwe rubriek in Viva: ‘Jouw sport, mijn sport’. Uit alle aanmeldingen werden twee vriendinnenkoppels gekozen.
Soms ben ik een laatbloeier. Zo ook met het lezen van het al-door-iedereen-gelezen-en-besproken-boekje: Taal is zeg maar echt mijn ding.
Wie boeiende, inspirerende vrouwen wil zien of horen, moet morgen naar De Westergasfabriek in Amsterdam gaan. Daar is dan namelijk het internationale WOMEN Inc. festival, een festival dat drááit om boeiende vrouwen
Viva is er daarom ook!
Ineens stond Frank Boeijen voor mijn neus. Ik schrok me rot. Een cameraploeg volgde. Een hoop kabels en snoeren. Ik trok snel mijn koptelefoon van mijn oren en stelde me voor. Helemaal van mijn a propos.
Ken je die momenten dat je je even ultiem gelukkig voelt? Alsof niets in de wereld ertoe doet, behalve je eigen geluk. Je zintuigen staan op scherp. Het lijkt alsof je buiten jezelf treedt, je kijkt naar jezelf en denkt: “Ja, ik ben gelukkig!”