Nog geen 15 jaar geleden haalde ik met gebogen takken spinnenwebben uit de bomen. Stond ik grijnzend op de hoogste duikplank. Was auto’s afsnijden met mijn fiets in mijn ogen een sport en vond ik hoge golven geweldig.
Al een paar maanden nadat we in Singapore kwamen wonen begon het te kriebelen. Ik moest en zou ‘iets’ doen.
De eerste van vele die zullen volgen: een stedengids met de beste shoppingroutes én een fijne aanbieding. Dit keer: Berlijn – wat je er kunt doen en waar je moet zijn.
Soms kan ik zo cynisch zijn dat zelfs Johan Derksen tegen mij zou zeggen: moet het nou zo doemdenkerig? Maar ook ik kan veranderen.
Afgelopen woensdag werd de Spaanse plaats Buñol overspoeld door een ketchuptsunami. Ongeveer 40.000 mensen bekogelden elkaar met tomaten tijdens het grootste voedselgevecht ter wereld.
Het is weer tijd om Viva’s Echte Mannen Keurmerk uit te delen. Deze week is Dennis Storm de sjaak. Zou het hem gelukt zijn het keurmerk te bemachtigen?
Nog vier weken en dan ga ik voor twee maanden naar India en Nepal. Nu het moment dichterbij komt, begint de voorpret pas echt. Wat gaan we zien, beleven en doen? En natuurlijk: wat gaan we eten?
‘We get toilet water to drink and dry bread to eat. Everybody is ill and there are no doctors.’ Vanachter de tralies schreeuwen de migranten in gebroken Engels en Frans door elkaar heen naar ons.
Rondjes rijden, praatjes maken en altijd vriendelijk blijven: het leven van een taxichauffeur lijkt mij ontzettend eentonig.
Ik schrijf deze blog op tien kilometer hoogte, tijdens vlucht OR521. Ik heb een mes in mijn tas
‘De dode man doet lastig’, galmt het om mij heen. Ik kijk om me heen. Mensen kijken elkaar aan. Is dit een grapje? Een dooie die lastig doet?
Een naar bericht bereikte Tilburg, en waarschijnlijk heel Nederland, deze week. De directeur van poppodium 013 is samen met zijn vriendin omgekomen tijdens hun vakantie in de Verenigde Staten.
Op de middelbare school had ik een geweldig geschiedenisleraar. Compleet met snor, velours broek en dito jasje.
De NS heeft sindskort iets briljants. De OV-fiets. Een fiets die je kunt huren op het station. Ik vind het de beste uitvinding sinds beschuiten met een hoekje eruit zodat je ze makkelijk uit het pak kunt halen.
Als deze week nog één keer mij de vraag wordt gesteld hoe mijn vakantie was, dan draai ik door.
Terwijl in Nederland de Katholieke kerk op zijn zachts gezegd in een kleine imagocrisis zit, hebben ze daar op Sicilië nog allerminst last van.
Er is een woord waar ik een grondige hekel aan heb. Moeten. Nu moet ik wel dingen. Maar die zijn vrij primair. De rest wil ik graag.
Dit jaar geen voorspelbare, goed georganiseerde reis maar een voordelige vakantie vol verrassingen.
Vijf dagen op rij plantte ik mijn elitaire westerse kont op de oostblokse festivalbril van een volgescheten Dixi. Een leven waarin persoonlijke hygiëne verre van centraal stond.
Kon het maar altijd zomer zijn. Niet vanwege dat fantastische weer hier, maar omdat we dan niet van die opgedraaide Duracellkonijnen zijn. Dat easy-going-ritme, daarin gedij ik eigenlijk wel. Misschien moet ik emigreren naar Zuid-Europa.
Nu het in Nederland ook eindelijk weer wat zomerser wordt, kunnen jullie de volgende situatie vast wel voorstellen.