<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Viva.nl &#187; Werner</title>
	<atom:link href="http://www.viva.nl/category/werner/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.viva.nl</link>
	<description>Elke dag het meest besproken vrouwen weblog en forum</description>
	<lastBuildDate>Wed, 08 Feb 2012 10:42:51 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.1.4</generator>
		<item>
		<title>Hoe heet jij ook alweer?</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/02/07/vergeten-vergeetachtig-namen-onthouden-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/02/07/vergeten-vergeetachtig-namen-onthouden-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 07 Feb 2012 13:46:39 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Werk]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[geheugen]]></category>
		<category><![CDATA[voornaam]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=35133</guid>
		<description><![CDATA[‘Hallo Werner,’ zei de jongen op de gang en dat was vervelend, want ik wist even niet meer hoe hij ook alweer heette.<!--more--> Het kon Ivo zijn, of Dave. Dat zijn twee heel verschillende namen, maar niet in mijn hoofd. Ik heb de jongen tijdenlang Ivo genoemd, terwijl hij Dave heette, of juist andersom. Telkens wanneer ik hem zie ben ik bang dat ik de verkeerde naam gebruik.

<strong>Attent</strong>
‘Hallo,’ antwoordde ik dus maar, alleen vind ik dat zo stom. Wanneer iemand je bij je voornaam noemt, dan vind ik dat heel attent. Zo’n persoon vind ik dan ook meteen aardig. Maar je bent het dan ook een beetje verplicht om dan hun voornaam te verwerken in het antwoord dat je geeft. Een suf ‘Hallo,’ doet het hem niet. Dan ben je toch een beetje de egocentrische zak die niet goed weet hoe al zijn collega’s heten.

<strong>Kort nachtje</strong>
Heel af en toe schiet me zo’n vergeten naam ineens toch nog te binnen, maar dan net iets te laat. Dan wil ik terug rennen. ‘Ja, sorry  hoor, Harrold. Ja, ik weet natuurlijk wel hoe je heet hoor, Harrold. Ik was er eventjes niet bij met mijn hoofd. Kort nachtje hè, je kent het, hè. Harrold.’ Of als je het juiste moment van timing hebt gemist, toch nog snel even omdraaien. ‘Peter!’ Om dan gewoon heel hard door de gang te roepen dat hij zo’n leuk overhemd draagt.

<strong>Kei</strong>
Het is niet dat ik niet geïnteresseerd ben in mijn collega’s. Van Harrold weet ik precies hoeveel kinderen hij heeft, wat ze allemaal mankeren en dat hij een gekleurde kei op zijn bureau heeft liggen omdat hij zo’n kei van een papa is. Van Peter weet ik dat hij fervent sportvisser is en dat er een foto van een grote vis tegen de muur van zijn kantoor plakt. Er zitten complete geschiedenissen in mijn hoofd. Ik kan alleen soms niet op hun naam komen.

<strong>Krabbeltjes
</strong>Het deed wel even pijn toen ik erachter kwam dat Ivo niet Dave heette, of vice versa. Dat was tijdens een vergadering. ‘Misschien dat Ivo wel een idee heeft,’ riep ik. Daarna bleef het stil. Ik keek naar Ivo, maar die zat wat naar de krabbeltjes op zijn aantekeningenblad te kijken. Andere aanwezigen keken naar mij, maar ik zei niets. Ik zat me af te vragen waarom Ivo niet reageerde. Iemand ging verzitten op zijn stoel. Er werden blikken gewisseld.

<strong>Gemaakt lachje</strong>
‘Iemand anders dan?’ vroeg de voorzitter. Ivo tikte met zijn vinger op zijn aantekeningen en kwam prompt met een prima idee.

‘Ik zei het toch,’ wilde ik nog zeggen. ‘Die Ivo! Altijd de man van de goede ideeën.’ Maar ik begon een vermoeden te krijgen waarom de jongen eerst deed alsof hij mij niet hoorde, om daarna alsnog het woord te nemen. Na de vergadering ging ik naar hem toe. ‘Sorry, volgens mij noemde ik je Ivo.’ Met een gemaakt lachje probeerde ik het ijs te breken. Hij glimlachte flauwtjes, maar zei niets.

‘Zo heet je helemaal niet hè?’

‘Nee,’ zei hij. ‘Ik heet Dave.’

‘Sorry,’ zei ik.

‘Geeft niets Perry,’ zei hij.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/ahmadhammoudphotography/" target="_blank">AhmadHammoud</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>‘Hallo Werner,’ zei de jongen op de gang en dat was vervelend, want ik wist even niet meer hoe hij ook alweer heette.<span id="more-35133"></span> Het kon Ivo zijn, of Dave. Dat zijn twee heel verschillende namen, maar niet in mijn hoofd. Ik heb de jongen tijdenlang Ivo genoemd, terwijl hij Dave heette, of juist andersom. Telkens wanneer ik hem zie ben ik bang dat ik de verkeerde naam gebruik.</p>
<p><strong>Attent</strong><br />
‘Hallo,’ antwoordde ik dus maar, alleen vind ik dat zo stom. Wanneer iemand je bij je voornaam noemt, dan vind ik dat heel attent. Zo’n persoon vind ik dan ook meteen aardig. Maar je bent het dan ook een beetje verplicht om dan hun voornaam te verwerken in het antwoord dat je geeft. Een suf ‘Hallo,’ doet het hem niet. Dan ben je toch een beetje de egocentrische zak die niet goed weet hoe al zijn collega’s heten.</p>
<p><strong>Kort nachtje</strong><br />
Heel af en toe schiet me zo’n vergeten naam ineens toch nog te binnen, maar dan net iets te laat. Dan wil ik terug rennen. ‘Ja, sorry  hoor, Harrold. Ja, ik weet natuurlijk wel hoe je heet hoor, Harrold. Ik was er eventjes niet bij met mijn hoofd. Kort nachtje hè, je kent het, hè. Harrold.’ Of als je het juiste moment van timing hebt gemist, toch nog snel even omdraaien. ‘Peter!’ Om dan gewoon heel hard door de gang te roepen dat hij zo’n leuk overhemd draagt.</p>
<p><strong>Kei</strong><br />
Het is niet dat ik niet geïnteresseerd ben in mijn collega’s. Van Harrold weet ik precies hoeveel kinderen hij heeft, wat ze allemaal mankeren en dat hij een gekleurde kei op zijn bureau heeft liggen omdat hij zo’n kei van een papa is. Van Peter weet ik dat hij fervent sportvisser is en dat er een foto van een grote vis tegen de muur van zijn kantoor plakt. Er zitten complete geschiedenissen in mijn hoofd. Ik kan alleen soms niet op hun naam komen.</p>
<p><strong>Krabbeltjes<br />
</strong>Het deed wel even pijn toen ik erachter kwam dat Ivo niet Dave heette, of vice versa. Dat was tijdens een vergadering. ‘Misschien dat Ivo wel een idee heeft,’ riep ik. Daarna bleef het stil. Ik keek naar Ivo, maar die zat wat naar de krabbeltjes op zijn aantekeningenblad te kijken. Andere aanwezigen keken naar mij, maar ik zei niets. Ik zat me af te vragen waarom Ivo niet reageerde. Iemand ging verzitten op zijn stoel. Er werden blikken gewisseld.</p>
<p><strong>Gemaakt lachje</strong><br />
‘Iemand anders dan?’ vroeg de voorzitter. Ivo tikte met zijn vinger op zijn aantekeningen en kwam prompt met een prima idee.</p>
<p>‘Ik zei het toch,’ wilde ik nog zeggen. ‘Die Ivo! Altijd de man van de goede ideeën.’ Maar ik begon een vermoeden te krijgen waarom de jongen eerst deed alsof hij mij niet hoorde, om daarna alsnog het woord te nemen. Na de vergadering ging ik naar hem toe. ‘Sorry, volgens mij noemde ik je Ivo.’ Met een gemaakt lachje probeerde ik het ijs te breken. Hij glimlachte flauwtjes, maar zei niets.</p>
<p>‘Zo heet je helemaal niet hè?’</p>
<p>‘Nee,’ zei hij. ‘Ik heet Dave.’</p>
<p>‘Sorry,’ zei ik.</p>
<p>‘Geeft niets Perry,’ zei hij.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/ahmadhammoudphotography/" target="_blank">AhmadHammoud</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/02/07/vergeten-vergeetachtig-namen-onthouden-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/02/wiebenje_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[‘Hallo Werner,’ zei de jongen op de gang en dat was vervelend, want ik wist even niet meer hoe hij ook alweer heette.<!--more--> Het kon Ivo zijn, of Dave. Dat zijn twee heel verschillende namen, maar niet in mijn hoofd. Ik heb de jongen tijdenlang Ivo genoemd, terwijl hij Dave heette, of juist andersom. Telkens wanneer ik hem zie ben ik bang dat ik de verkeerde naam gebruik.

<strong>Attent</strong>
‘Hallo,’ antwoordde ik dus maar, alleen vind ik dat zo stom. Wanneer iemand je bij je voornaam noemt, dan vind ik dat heel attent. Zo’n persoon vind ik dan ook meteen aardig. Maar je bent het dan ook een beetje verplicht om dan hun voornaam te verwerken in het antwoord dat je geeft. Een suf ‘Hallo,’ doet het hem niet. Dan ben je toch een beetje de egocentrische zak die niet goed weet hoe al zijn collega’s heten.

<strong>Kort nachtje</strong>
Heel af en toe schiet me zo’n vergeten naam ineens toch nog te binnen, maar dan net iets te laat. Dan wil ik terug rennen. ‘Ja, sorry  hoor, Harrold. Ja, ik weet natuurlijk wel hoe je heet hoor, Harrold. Ik was er eventjes niet bij met mijn hoofd. Kort nachtje hè, je kent het, hè. Harrold.’ Of als je het juiste moment van timing hebt gemist, toch nog snel even omdraaien. ‘Peter!’ Om dan gewoon heel hard door de gang te roepen dat hij zo’n leuk overhemd draagt.

<strong>Kei</strong>
Het is niet dat ik niet geïnteresseerd ben in mijn collega’s. Van Harrold weet ik precies hoeveel kinderen hij heeft, wat ze allemaal mankeren en dat hij een gekleurde kei op zijn bureau heeft liggen omdat hij zo’n kei van een papa is. Van Peter weet ik dat hij fervent sportvisser is en dat er een foto van een grote vis tegen de muur van zijn kantoor plakt. Er zitten complete geschiedenissen in mijn hoofd. Ik kan alleen soms niet op hun naam komen.

<strong>Krabbeltjes
</strong>Het deed wel even pijn toen ik erachter kwam dat Ivo niet Dave heette, of vice versa. Dat was tijdens een vergadering. ‘Misschien dat Ivo wel een idee heeft,’ riep ik. Daarna bleef het stil. Ik keek naar Ivo, maar die zat wat naar de krabbeltjes op zijn aantekeningenblad te kijken. Andere aanwezigen keken naar mij, maar ik zei niets. Ik zat me af te vragen waarom Ivo niet reageerde. Iemand ging verzitten op zijn stoel. Er werden blikken gewisseld.

<strong>Gemaakt lachje</strong>
‘Iemand anders dan?’ vroeg de voorzitter. Ivo tikte met zijn vinger op zijn aantekeningen en kwam prompt met een prima idee.

‘Ik zei het toch,’ wilde ik nog zeggen. ‘Die Ivo! Altijd de man van de goede ideeën.’ Maar ik begon een vermoeden te krijgen waarom de jongen eerst deed alsof hij mij niet hoorde, om daarna alsnog het woord te nemen. Na de vergadering ging ik naar hem toe. ‘Sorry, volgens mij noemde ik je Ivo.’ Met een gemaakt lachje probeerde ik het ijs te breken. Hij glimlachte flauwtjes, maar zei niets.

‘Zo heet je helemaal niet hè?’

‘Nee,’ zei hij. ‘Ik heet Dave.’

‘Sorry,’ zei ik.

‘Geeft niets Perry,’ zei hij.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/ahmadhammoudphotography/" target="_blank">AhmadHammoud</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Koude, natte billen</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/02/04/ijs-koude-billen-winter-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/02/04/ijs-koude-billen-winter-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 04 Feb 2012 13:02:52 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Humor]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[door het ijs zakken]]></category>
		<category><![CDATA[ijs]]></category>
		<category><![CDATA[natte broek]]></category>
		<category><![CDATA[regenbroek]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>
		<category><![CDATA[winter]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=35087</guid>
		<description><![CDATA[Als je een blok ijs op een bevroren vennetje gooit, dan hoor je geluid dat aan science fiction films doet denken.<!--more--> Het klinkt precies als het geluid dat laserpistolen maken. Dat vind ik heel grappig. Ik weet nog goed dat ik het voor het eerst hoorde. Ik bleef maar stukken ijs gooien, totdat er geen losse stukken ijs lagen om mee te gooien.

<strong>Pauze
</strong>Een vriendinnetje van school stond naast mij. We hadden pauze en waren naar het water gelopen. Ik trapte met de hak van mijn voet op het ijs, maar schoof weg met mijn voet. Daarom stapte ik op het ijs. Als ik het niet kapot kon trappen was het zeker sterk genoeg om erop te kunnen staan.

'Wat doe je?' vroeg het vriendinnetje.

'Ik ga het ijs op,' zei ik.

'Ga er nou vanaf,' zei het vriendinnetje bezorgd. 'Zo dik is dat ijs niet. Het heeft nog helemaal niet zo hard gevroren.'

<strong>Krak</strong>
'Het is wel stevig,' zei ik en om dat te illustreren stampte ik een keer. Krak. Het ijs brak en ik zakte weg. Met mijn voeten gleed ik van de schuin aflopende waterkant af, totdat ik vast bleef zitten in de modder. Ik stond tot aan mijn middel in het water.

Het vriendinnetje gilde van schrik, maar begon meteen daarna te lachen. Ik stak mijn handen naar haar uit en vroeg of ze me wilde helpen. Met haar hulp wist ik mijzelf op het droge te krijgen. De spijkerbroek kleefde aan mijn benen. Mijn voeten sopten in mijn schoenen. Druipend liep ik terug naar school.

<strong>Regenpak</strong>
Ik moest nog twee blokuren van vijftig minuten uitzitten, maar ik voelde er weinig voor om dat te doen met een ijskoude, natte broek. Maar zo naar huis fietsen zag ik ook niet zitten, dus ik besloot te blijven. Ik had mijn regenpak bij me en besloot dan maar de broek daarvan aan te trekken. De doorweekte spijkerbroek legde ik bovenop een verwarming.

<strong></strong>Tijdens de les hoorde ik rechts van mij meisjes gniffelen. Ze keken naar mijn broek. Ik keek omlaag en zag de broekzak een beetje open staan. Dat gebeurt wel eens als je zit. Alleen is de zak van een regenbroek gewoon een spleet die toegang geeft tot de zak van je echte broek. Ik droeg geen echte broek. Ik droeg zelfs geen onderbroek.

<strong>Pinguïn</strong>
Ik duwde snel de spleet dicht met mijn hand en bleef de hele les zo zitten. Tussen de blokuren door liep ik als een pinguïn door de gang, niet omdat ik het koud had, maar omdat ik mijn armen strak langs mijn lijf liet hangen, om zo die broekzakken dicht te kunnen drukken. Ik weet alleen bijna zeker dat niemand iets heeft gezien van want ik probeerde te verbergen. Daar was het veel te koud voor. Want mijn wangen voelden wel warm, van schaamte. Maar onder mijn middel had ik het nog steeds hartstikke koud.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/nietsdoener/" target="_blank">Mickey van der Stap</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Als je een blok ijs op een bevroren vennetje gooit, dan hoor je geluid dat aan science fiction films doet denken.<span id="more-35087"></span> Het klinkt precies als het geluid dat laserpistolen maken. Dat vind ik heel grappig. Ik weet nog goed dat ik het voor het eerst hoorde. Ik bleef maar stukken ijs gooien, totdat er geen losse stukken ijs lagen om mee te gooien.</p>
<p><strong>Pauze<br />
</strong>Een vriendinnetje van school stond naast mij. We hadden pauze en waren naar het water gelopen. Ik trapte met de hak van mijn voet op het ijs, maar schoof weg met mijn voet. Daarom stapte ik op het ijs. Als ik het niet kapot kon trappen was het zeker sterk genoeg om erop te kunnen staan.</p>
<p>&#8216;Wat doe je?&#8217; vroeg het vriendinnetje.</p>
<p>&#8216;Ik ga het ijs op,&#8217; zei ik.</p>
<p>&#8216;Ga er nou vanaf,&#8217; zei het vriendinnetje bezorgd. &#8216;Zo dik is dat ijs niet. Het heeft nog helemaal niet zo hard gevroren.&#8217;</p>
<p><strong>Krak</strong><br />
&#8216;Het is wel stevig,&#8217; zei ik en om dat te illustreren stampte ik een keer. Krak. Het ijs brak en ik zakte weg. Met mijn voeten gleed ik van de schuin aflopende waterkant af, totdat ik vast bleef zitten in de modder. Ik stond tot aan mijn middel in het water.</p>
<p>Het vriendinnetje gilde van schrik, maar begon meteen daarna te lachen. Ik stak mijn handen naar haar uit en vroeg of ze me wilde helpen. Met haar hulp wist ik mijzelf op het droge te krijgen. De spijkerbroek kleefde aan mijn benen. Mijn voeten sopten in mijn schoenen. Druipend liep ik terug naar school.</p>
<p><strong>Regenpak</strong><br />
Ik moest nog twee blokuren van vijftig minuten uitzitten, maar ik voelde er weinig voor om dat te doen met een ijskoude, natte broek. Maar zo naar huis fietsen zag ik ook niet zitten, dus ik besloot te blijven. Ik had mijn regenpak bij me en besloot dan maar de broek daarvan aan te trekken. De doorweekte spijkerbroek legde ik bovenop een verwarming.</p>
<p><strong></strong>Tijdens de les hoorde ik rechts van mij meisjes gniffelen. Ze keken naar mijn broek. Ik keek omlaag en zag de broekzak een beetje open staan. Dat gebeurt wel eens als je zit. Alleen is de zak van een regenbroek gewoon een spleet die toegang geeft tot de zak van je echte broek. Ik droeg geen echte broek. Ik droeg zelfs geen onderbroek.</p>
<p><strong>Pinguïn</strong><br />
Ik duwde snel de spleet dicht met mijn hand en bleef de hele les zo zitten. Tussen de blokuren door liep ik als een pinguïn door de gang, niet omdat ik het koud had, maar omdat ik mijn armen strak langs mijn lijf liet hangen, om zo die broekzakken dicht te kunnen drukken. Ik weet alleen bijna zeker dat niemand iets heeft gezien van want ik probeerde te verbergen. Daar was het veel te koud voor. Want mijn wangen voelden wel warm, van schaamte. Maar onder mijn middel had ik het nog steeds hartstikke koud.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/nietsdoener/" target="_blank">Mickey van der Stap</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/02/04/ijs-koude-billen-winter-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>5</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/02/gladijs_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Als je een blok ijs op een bevroren vennetje gooit, dan hoor je geluid dat aan science fiction films doet denken.<!--more--> Het klinkt precies als het geluid dat laserpistolen maken. Dat vind ik heel grappig. Ik weet nog goed dat ik het voor het eerst hoorde. Ik bleef maar stukken ijs gooien, totdat er geen losse stukken ijs lagen om mee te gooien.

<strong>Pauze
</strong>Een vriendinnetje van school stond naast mij. We hadden pauze en waren naar het water gelopen. Ik trapte met de hak van mijn voet op het ijs, maar schoof weg met mijn voet. Daarom stapte ik op het ijs. Als ik het niet kapot kon trappen was het zeker sterk genoeg om erop te kunnen staan.

'Wat doe je?' vroeg het vriendinnetje.

'Ik ga het ijs op,' zei ik.

'Ga er nou vanaf,' zei het vriendinnetje bezorgd. 'Zo dik is dat ijs niet. Het heeft nog helemaal niet zo hard gevroren.'

<strong>Krak</strong>
'Het is wel stevig,' zei ik en om dat te illustreren stampte ik een keer. Krak. Het ijs brak en ik zakte weg. Met mijn voeten gleed ik van de schuin aflopende waterkant af, totdat ik vast bleef zitten in de modder. Ik stond tot aan mijn middel in het water.

Het vriendinnetje gilde van schrik, maar begon meteen daarna te lachen. Ik stak mijn handen naar haar uit en vroeg of ze me wilde helpen. Met haar hulp wist ik mijzelf op het droge te krijgen. De spijkerbroek kleefde aan mijn benen. Mijn voeten sopten in mijn schoenen. Druipend liep ik terug naar school.

<strong>Regenpak</strong>
Ik moest nog twee blokuren van vijftig minuten uitzitten, maar ik voelde er weinig voor om dat te doen met een ijskoude, natte broek. Maar zo naar huis fietsen zag ik ook niet zitten, dus ik besloot te blijven. Ik had mijn regenpak bij me en besloot dan maar de broek daarvan aan te trekken. De doorweekte spijkerbroek legde ik bovenop een verwarming.

<strong></strong>Tijdens de les hoorde ik rechts van mij meisjes gniffelen. Ze keken naar mijn broek. Ik keek omlaag en zag de broekzak een beetje open staan. Dat gebeurt wel eens als je zit. Alleen is de zak van een regenbroek gewoon een spleet die toegang geeft tot de zak van je echte broek. Ik droeg geen echte broek. Ik droeg zelfs geen onderbroek.

<strong>Pinguïn</strong>
Ik duwde snel de spleet dicht met mijn hand en bleef de hele les zo zitten. Tussen de blokuren door liep ik als een pinguïn door de gang, niet omdat ik het koud had, maar omdat ik mijn armen strak langs mijn lijf liet hangen, om zo die broekzakken dicht te kunnen drukken. Ik weet alleen bijna zeker dat niemand iets heeft gezien van want ik probeerde te verbergen. Daar was het veel te koud voor. Want mijn wangen voelden wel warm, van schaamte. Maar onder mijn middel had ik het nog steeds hartstikke koud.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/nietsdoener/" target="_blank">Mickey van der Stap</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Oorbellen</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/02/02/oorbellen-dochter-vader-kinderen-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/02/02/oorbellen-dochter-vader-kinderen-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 02 Feb 2012 12:15:13 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[keuzes]]></category>
		<category><![CDATA[oorbel]]></category>
		<category><![CDATA[oorbellen]]></category>
		<category><![CDATA[tatoeage]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34987</guid>
		<description><![CDATA['Morgenvroeg hoeft Myrthe niet naar school. Ik denk dat ik haar meeneem naar de stad, voor oorbellen,' zegt mijn vrouw tijdens het avondeten.<!--more--> Ze kijkt me aan, want ze weet dat ze hiermee een reactie uitlokt bij mij. Het kopen van oorbellen houdt ook in dat ze gaatjes gaan maken in de oren van mijn kleine meid.

<strong>Fluffiehaar</strong>
'Ze is vijf. In sommige winkels schieten ze pas gaatjes in oorlellen als het kind zes is,' zeg ik. 'Dat zal een reden hebben.'
'Er zitten meisjes in haar klas die als peuter al oorbellen hadden.'
'Geen gezicht,' zeg ik. 'Zo'n ronde babybol met fluffiehaar en glimmende knopjes.'

Het tweetal dat tegenover mij zit kijkt elkaar aan. 'Papa moet nog even wennen aan het idee,' zegt mijn vrouw.
'Oorbellen zijn gewoon stom,' zeg ik en ik zoek steun bij mijn zoon. 'Jij wil geen oorbellen hè?' Nee, hij vindt oorbellen ook stom. Gelukkig.
'Oorbellen zijn mooi,' zegt mijn dochter bozig. 'Morgen krijg ik oorbellen van mama.'

<strong>Pijn</strong>
'Ik vind jouw oortjes prima zoals ze zijn,' zeg ik. Mijn dochter heeft de mooiste oorlelletjes van de hele wereld. Het is zonde om daar gaatjes in te maken.
'Doet het pijn?' vraagt ze, alsof dat onderwerp nog totaal niet ten sprake is gekomen.
'Ja,' zeg ik snel, want ik wil daar wat duidelijkheid over scheppen voordat mijn vrouw de kans krijgt om alles te verpesten met verzachtende woorden. Mijn dochter lijkt echter niet onder de indruk te zijn van mijn woorden. Ze kijkt afwachtend naar haar moeder. Die twee hebben het al lang met elkaar gehad over de pijn. Ze weet al dat mijn vrouw nu iets gaat zeggen dat haar gerust zal stellen.

<strong>Tikje</strong>
'Ze hebben twee apparaten, zodat ze tegelijkertijd in allebei de oorlellen kunnen prikken,' zegt mijn vrouw. 'Het gaat heel snel. Je voelt een tikje en dan is het alweer voorbij.'
Mijn dochter is tevreden. Ze prikt haar vork in een stuk broccoli. Mijn vrouw kijkt me nog altijd aan en ik weet dat ze nog niet klaar is met mij. 'Blijf je er nou zo flauw over doen, Werner? Kom op, ze wil ze echt heel erg graag hebben.'
Myrthe kijkt naar mij.<strong>
'</strong>Wil je ze echt zo graag hebben?' vraag ik.
Ze knikt.

<strong>Keuzes
</strong>'Want als je eenmaal gekozen hebt voor oorbellen, dan is het volledig uitgesloten dat je een tatoeage erbij neemt als je achttien bent, hè. Het is het één of het ander, een tatoeage, of oorbellen. Wat wil je het liefst?'
'Oorbellen,' zegt ze vol overtuiging.
'Goed dan,' zeg ik. 'Dan krijg jij oorbellen.'
Mijn vrouw pakt haar bestek op. We kunnen eindelijk gaan eten, ieder van ons tevreden met het behaalde resultaat, waarvan ik hoop dat het garantie geeft voor de toekomst.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/kenwilcox/" target="_blank">Ken Wilcox</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>&#8216;Morgenvroeg hoeft Myrthe niet naar school. Ik denk dat ik haar meeneem naar de stad, voor oorbellen,&#8217; zegt mijn vrouw tijdens het avondeten.<span id="more-34987"></span> Ze kijkt me aan, want ze weet dat ze hiermee een reactie uitlokt bij mij. Het kopen van oorbellen houdt ook in dat ze gaatjes gaan maken in de oren van mijn kleine meid.</p>
<p><strong>Fluffiehaar</strong><br />
&#8216;Ze is vijf. In sommige winkels schieten ze pas gaatjes in oorlellen als het kind zes is,&#8217; zeg ik. &#8216;Dat zal een reden hebben.&#8217;<br />
&#8216;Er zitten meisjes in haar klas die als peuter al oorbellen hadden.&#8217;<br />
&#8216;Geen gezicht,&#8217; zeg ik. &#8216;Zo&#8217;n ronde babybol met fluffiehaar en glimmende knopjes.&#8217;</p>
<p>Het tweetal dat tegenover mij zit kijkt elkaar aan. &#8216;Papa moet nog even wennen aan het idee,&#8217; zegt mijn vrouw.<br />
&#8216;Oorbellen zijn gewoon stom,&#8217; zeg ik en ik zoek steun bij mijn zoon. &#8216;Jij wil geen oorbellen hè?&#8217; Nee, hij vindt oorbellen ook stom. Gelukkig.<br />
&#8216;Oorbellen zijn mooi,&#8217; zegt mijn dochter bozig. &#8216;Morgen krijg ik oorbellen van mama.&#8217;</p>
<p><strong>Pijn</strong><br />
&#8216;Ik vind jouw oortjes prima zoals ze zijn,&#8217; zeg ik. Mijn dochter heeft de mooiste oorlelletjes van de hele wereld. Het is zonde om daar gaatjes in te maken.<br />
&#8216;Doet het pijn?&#8217; vraagt ze, alsof dat onderwerp nog totaal niet ten sprake is gekomen.<br />
&#8216;Ja,&#8217; zeg ik snel, want ik wil daar wat duidelijkheid over scheppen voordat mijn vrouw de kans krijgt om alles te verpesten met verzachtende woorden. Mijn dochter lijkt echter niet onder de indruk te zijn van mijn woorden. Ze kijkt afwachtend naar haar moeder. Die twee hebben het al lang met elkaar gehad over de pijn. Ze weet al dat mijn vrouw nu iets gaat zeggen dat haar gerust zal stellen.</p>
<p><strong>Tikje</strong><br />
&#8216;Ze hebben twee apparaten, zodat ze tegelijkertijd in allebei de oorlellen kunnen prikken,&#8217; zegt mijn vrouw. &#8216;Het gaat heel snel. Je voelt een tikje en dan is het alweer voorbij.&#8217;<br />
Mijn dochter is tevreden. Ze prikt haar vork in een stuk broccoli. Mijn vrouw kijkt me nog altijd aan en ik weet dat ze nog niet klaar is met mij. &#8216;Blijf je er nou zo flauw over doen, Werner? Kom op, ze wil ze echt heel erg graag hebben.&#8217;<br />
Myrthe kijkt naar mij.<strong><br />
&#8216;</strong>Wil je ze echt zo graag hebben?&#8217; vraag ik.<br />
Ze knikt.</p>
<p><strong>Keuzes<br />
</strong>&#8216;Want als je eenmaal gekozen hebt voor oorbellen, dan is het volledig uitgesloten dat je een tatoeage erbij neemt als je achttien bent, hè. Het is het één of het ander, een tatoeage, of oorbellen. Wat wil je het liefst?&#8217;<br />
&#8216;Oorbellen,&#8217; zegt ze vol overtuiging.<br />
&#8216;Goed dan,&#8217; zeg ik. &#8216;Dan krijg jij oorbellen.&#8217;<br />
Mijn vrouw pakt haar bestek op. We kunnen eindelijk gaan eten, ieder van ons tevreden met het behaalde resultaat, waarvan ik hoop dat het garantie geeft voor de toekomst.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/kenwilcox/" target="_blank">Ken Wilcox</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/02/02/oorbellen-dochter-vader-kinderen-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>44</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/02/oorbel_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA['Morgenvroeg hoeft Myrthe niet naar school. Ik denk dat ik haar meeneem naar de stad, voor oorbellen,' zegt mijn vrouw tijdens het avondeten.<!--more--> Ze kijkt me aan, want ze weet dat ze hiermee een reactie uitlokt bij mij. Het kopen van oorbellen houdt ook in dat ze gaatjes gaan maken in de oren van mijn kleine meid.

<strong>Fluffiehaar</strong>
'Ze is vijf. In sommige winkels schieten ze pas gaatjes in oorlellen als het kind zes is,' zeg ik. 'Dat zal een reden hebben.'
'Er zitten meisjes in haar klas die als peuter al oorbellen hadden.'
'Geen gezicht,' zeg ik. 'Zo'n ronde babybol met fluffiehaar en glimmende knopjes.'

Het tweetal dat tegenover mij zit kijkt elkaar aan. 'Papa moet nog even wennen aan het idee,' zegt mijn vrouw.
'Oorbellen zijn gewoon stom,' zeg ik en ik zoek steun bij mijn zoon. 'Jij wil geen oorbellen hè?' Nee, hij vindt oorbellen ook stom. Gelukkig.
'Oorbellen zijn mooi,' zegt mijn dochter bozig. 'Morgen krijg ik oorbellen van mama.'

<strong>Pijn</strong>
'Ik vind jouw oortjes prima zoals ze zijn,' zeg ik. Mijn dochter heeft de mooiste oorlelletjes van de hele wereld. Het is zonde om daar gaatjes in te maken.
'Doet het pijn?' vraagt ze, alsof dat onderwerp nog totaal niet ten sprake is gekomen.
'Ja,' zeg ik snel, want ik wil daar wat duidelijkheid over scheppen voordat mijn vrouw de kans krijgt om alles te verpesten met verzachtende woorden. Mijn dochter lijkt echter niet onder de indruk te zijn van mijn woorden. Ze kijkt afwachtend naar haar moeder. Die twee hebben het al lang met elkaar gehad over de pijn. Ze weet al dat mijn vrouw nu iets gaat zeggen dat haar gerust zal stellen.

<strong>Tikje</strong>
'Ze hebben twee apparaten, zodat ze tegelijkertijd in allebei de oorlellen kunnen prikken,' zegt mijn vrouw. 'Het gaat heel snel. Je voelt een tikje en dan is het alweer voorbij.'
Mijn dochter is tevreden. Ze prikt haar vork in een stuk broccoli. Mijn vrouw kijkt me nog altijd aan en ik weet dat ze nog niet klaar is met mij. 'Blijf je er nou zo flauw over doen, Werner? Kom op, ze wil ze echt heel erg graag hebben.'
Myrthe kijkt naar mij.<strong>
'</strong>Wil je ze echt zo graag hebben?' vraag ik.
Ze knikt.

<strong>Keuzes
</strong>'Want als je eenmaal gekozen hebt voor oorbellen, dan is het volledig uitgesloten dat je een tatoeage erbij neemt als je achttien bent, hè. Het is het één of het ander, een tatoeage, of oorbellen. Wat wil je het liefst?'
'Oorbellen,' zegt ze vol overtuiging.
'Goed dan,' zeg ik. 'Dan krijg jij oorbellen.'
Mijn vrouw pakt haar bestek op. We kunnen eindelijk gaan eten, ieder van ons tevreden met het behaalde resultaat, waarvan ik hoop dat het garantie geeft voor de toekomst.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/kenwilcox/" target="_blank">Ken Wilcox</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Aftuigen</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/31/kerst-versiering-februari-aftuigen-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/31/kerst-versiering-februari-aftuigen-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 31 Jan 2012 12:59:49 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[aftuigen]]></category>
		<category><![CDATA[februari]]></category>
		<category><![CDATA[kerstboom]]></category>
		<category><![CDATA[kerstversiering]]></category>
		<category><![CDATA[opruimen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34985</guid>
		<description><![CDATA[Vanochtend reed ik op mijn fiets in het donker langs een kerstboom. Je leest het goed: het is bijna februari en we zijn er nog altijd niet van verlost.<!--more-->

<strong>Loofboompje</strong>
Het boompje had geen naalden, het was een wintervast loofboompje. Als bijzondere bijkomstigheid was de boom rond, niet driehoekig. Er was dus kerstboomtechnisch van alles met het boompje mis. Maar een bewoner van het huis had een net met lampjes in de takken gehangen. Branden er lichtjes in een boom, dan is dat in mijn optiek gewoon een kerstboom.

<strong>Uitzonderingspositie</strong>
Enkele weken geleden zou ik nog langs die voortuin zijn gereden zonder het zielige gedrocht te hebben opgemerkt. In de hele wijk zag je toen nog stroomverslindende kerstdecoraties. Sindsdien is het boompje steeds meer in een uitzonderingspositie komen te staan, totdat het vrijwel alleen overbleef in een verder kerstloze wereld. Daar stond hij opstandig de aandacht op zichzelf te vestigen met zijn lampjes: <em>I’m the only christmastree in the village</em>.

<strong>Smoezen</strong>
Er zullen heus goede smoezen te verzinnen zijn om zo'n boom te laten staan: omdat de wereld volgens de kalender van de Maya's dit jaar zal vergaan en dat we dus hoogstwaarschijnlijk de kerst niet meer zullen halen. Of omdat aangetoond is dat de lampjes minder snel sneuvelen als je ze gewoon laat hangen. Misschien bleek tijdens het versieren van de boom dat de eigenaar van het boompje allergisch is voor die boomsoort en is hij nu bang dat zijn handen en armen weer op zullen zwellen als hij de lampjes losmaakt van de takjes.

<strong>Gezellig</strong>
Er zijn ook mensen die zeggen dat ze zo'n boompje <em>gewoon gezellig</em> vinden. Dat zijn de ergste! Zulke figuren hebben ook een tuinkabouter in de voortuin staan, met een reusachtige paddenstoel erbij, of zo'n enge pop die eruit ziet als een kleuter die naar binnen staat te loeren. Met hun kerstballenmentaliteit verpesten ze de exclusiviteit van kerst. Ze maken van de kerstboom een alledaags verschijnsel, een lachertje.

<strong>Agressief</strong>
Eén kerstboom maakt nog geen Kerst. Ik krijg er geen vredig kerstgevoel van. Sterker nog: ik word juist een beetje agressief van kerstverlichting in februari. Je mag van mij elk pietluttig flutboompje dat je ter beschikking hebt ombouwen tot kerstboom door hem te decoreren met ballen en lampjes. Dat is allemaal prima. Maar als het jaar is afgesloten met vuurwerk en een heleboel gekus op schrale vrouwenwangen, dan moet zo'n boom gewoon weg. Aftuigen, anders kom ik het voor voor je doen!

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/dancentury/" target="_blank">DanCentury</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Vanochtend reed ik op mijn fiets in het donker langs een kerstboom. Je leest het goed: het is bijna februari en we zijn er nog altijd niet van verlost.<span id="more-34985"></span></p>
<p><strong>Loofboompje</strong><br />
Het boompje had geen naalden, het was een wintervast loofboompje. Als bijzondere bijkomstigheid was de boom rond, niet driehoekig. Er was dus kerstboomtechnisch van alles met het boompje mis. Maar een bewoner van het huis had een net met lampjes in de takken gehangen. Branden er lichtjes in een boom, dan is dat in mijn optiek gewoon een kerstboom.</p>
<p><strong>Uitzonderingspositie</strong><br />
Enkele weken geleden zou ik nog langs die voortuin zijn gereden zonder het zielige gedrocht te hebben opgemerkt. In de hele wijk zag je toen nog stroomverslindende kerstdecoraties. Sindsdien is het boompje steeds meer in een uitzonderingspositie komen te staan, totdat het vrijwel alleen overbleef in een verder kerstloze wereld. Daar stond hij opstandig de aandacht op zichzelf te vestigen met zijn lampjes: <em>I’m the only christmastree in the village</em>.</p>
<p><strong>Smoezen</strong><br />
Er zullen heus goede smoezen te verzinnen zijn om zo&#8217;n boom te laten staan: omdat de wereld volgens de kalender van de Maya&#8217;s dit jaar zal vergaan en dat we dus hoogstwaarschijnlijk de kerst niet meer zullen halen. Of omdat aangetoond is dat de lampjes minder snel sneuvelen als je ze gewoon laat hangen. Misschien bleek tijdens het versieren van de boom dat de eigenaar van het boompje allergisch is voor die boomsoort en is hij nu bang dat zijn handen en armen weer op zullen zwellen als hij de lampjes losmaakt van de takjes.</p>
<p><strong>Gezellig</strong><br />
Er zijn ook mensen die zeggen dat ze zo&#8217;n boompje <em>gewoon gezellig</em> vinden. Dat zijn de ergste! Zulke figuren hebben ook een tuinkabouter in de voortuin staan, met een reusachtige paddenstoel erbij, of zo&#8217;n enge pop die eruit ziet als een kleuter die naar binnen staat te loeren. Met hun kerstballenmentaliteit verpesten ze de exclusiviteit van kerst. Ze maken van de kerstboom een alledaags verschijnsel, een lachertje.</p>
<p><strong>Agressief</strong><br />
Eén kerstboom maakt nog geen Kerst. Ik krijg er geen vredig kerstgevoel van. Sterker nog: ik word juist een beetje agressief van kerstverlichting in februari. Je mag van mij elk pietluttig flutboompje dat je ter beschikking hebt ombouwen tot kerstboom door hem te decoreren met ballen en lampjes. Dat is allemaal prima. Maar als het jaar is afgesloten met vuurwerk en een heleboel gekus op schrale vrouwenwangen, dan moet zo&#8217;n boom gewoon weg. Aftuigen, anders kom ik het voor voor je doen!</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/dancentury/" target="_blank">DanCentury</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/31/kerst-versiering-februari-aftuigen-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/badsanta_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Vanochtend reed ik op mijn fiets in het donker langs een kerstboom. Je leest het goed: het is bijna februari en we zijn er nog altijd niet van verlost.<!--more-->

<strong>Loofboompje</strong>
Het boompje had geen naalden, het was een wintervast loofboompje. Als bijzondere bijkomstigheid was de boom rond, niet driehoekig. Er was dus kerstboomtechnisch van alles met het boompje mis. Maar een bewoner van het huis had een net met lampjes in de takken gehangen. Branden er lichtjes in een boom, dan is dat in mijn optiek gewoon een kerstboom.

<strong>Uitzonderingspositie</strong>
Enkele weken geleden zou ik nog langs die voortuin zijn gereden zonder het zielige gedrocht te hebben opgemerkt. In de hele wijk zag je toen nog stroomverslindende kerstdecoraties. Sindsdien is het boompje steeds meer in een uitzonderingspositie komen te staan, totdat het vrijwel alleen overbleef in een verder kerstloze wereld. Daar stond hij opstandig de aandacht op zichzelf te vestigen met zijn lampjes: <em>I’m the only christmastree in the village</em>.

<strong>Smoezen</strong>
Er zullen heus goede smoezen te verzinnen zijn om zo'n boom te laten staan: omdat de wereld volgens de kalender van de Maya's dit jaar zal vergaan en dat we dus hoogstwaarschijnlijk de kerst niet meer zullen halen. Of omdat aangetoond is dat de lampjes minder snel sneuvelen als je ze gewoon laat hangen. Misschien bleek tijdens het versieren van de boom dat de eigenaar van het boompje allergisch is voor die boomsoort en is hij nu bang dat zijn handen en armen weer op zullen zwellen als hij de lampjes losmaakt van de takjes.

<strong>Gezellig</strong>
Er zijn ook mensen die zeggen dat ze zo'n boompje <em>gewoon gezellig</em> vinden. Dat zijn de ergste! Zulke figuren hebben ook een tuinkabouter in de voortuin staan, met een reusachtige paddenstoel erbij, of zo'n enge pop die eruit ziet als een kleuter die naar binnen staat te loeren. Met hun kerstballenmentaliteit verpesten ze de exclusiviteit van kerst. Ze maken van de kerstboom een alledaags verschijnsel, een lachertje.

<strong>Agressief</strong>
Eén kerstboom maakt nog geen Kerst. Ik krijg er geen vredig kerstgevoel van. Sterker nog: ik word juist een beetje agressief van kerstverlichting in februari. Je mag van mij elk pietluttig flutboompje dat je ter beschikking hebt ombouwen tot kerstboom door hem te decoreren met ballen en lampjes. Dat is allemaal prima. Maar als het jaar is afgesloten met vuurwerk en een heleboel gekus op schrale vrouwenwangen, dan moet zo'n boom gewoon weg. Aftuigen, anders kom ik het voor voor je doen!

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/dancentury/" target="_blank">DanCentury</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Scheikundeleraar op het foute pad</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/28/breaking-bad-scheikundeleraar-kanker-drugs-televisie-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/28/breaking-bad-scheikundeleraar-kanker-drugs-televisie-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 28 Jan 2012 17:05:40 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Entertainment]]></category>
		<category><![CDATA[tv]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[breaking bad]]></category>
		<category><![CDATA[scheikunde]]></category>
		<category><![CDATA[serie]]></category>
		<category><![CDATA[televisie]]></category>
		<category><![CDATA[vpro]]></category>
		<category><![CDATA[walter white]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34910</guid>
		<description><![CDATA[Anderhalve week geleden luisterde ik een gesprek af tussen twee collega’s. Het ging over een serie op televisie: ‘Breaking Bad’<!--more-->. Wat er precies werd gezegd was mij onduidelijk, maar het gebeurde met flink wat enthousiasme. Eén collega bezigde heel wat armbewegingen terwijl zich opwond over al het getob van de hoofdpersonen, terwijl tegelijkertijd de lach op zijn gezicht liet zien dat hij er erg om kon lachen.

<strong>Is dat een pistool in je onderbroek?</strong>
Die avond trok ik drie seizoenen ‘Breaking Bad’ vanaf het web mijn pc in en begon te kijken. Een man met een gasmasker crasht een camper in een woestijnlandschap. Het is Walter White, hij draagt alleen een grote, witte onderbroek. Daar steekt hij even later een pistool in, met de loop tussen zijn bilwangen. Hij pakt een videocamera en spreekt zijn familie toe, met het idee zijn laatste woorden te zullen spreken. Dan wordt duidelijk dat we hele nare dingen gaan leren over deze man, maar dat hij het allemaal deed met de beste bedoelingen.

<strong>Getormenteerde kop</strong>
Walter White is scheikundeleraar, maar presteert eigenlijk onder zijn niveau. Om bij te verdienen werkt hij ook bij een autowasserette. Er wordt longkanker bij hem geconstateerd. Walter is dus zwaar de pineut. Acteur Bryan Cranston zet een grijze muis neer, met vlassig haar en een snor die eruit ziet alsof er cornflakes van het ontbijt onder zijn neus zijn blijven plakken. Hij wil geen hulp, hij wil geen medelijden, je ziet hem steeds verder in zijn schulp kruipen met een getormenteerde kop waaruit slechts heel zelden een zinnig woord komt.

<strong>Jekyll and Hyde</strong>
Deze saaie Dr. Jekyll heeft binnen een korte tijd geld nodig, geld voor de behandeling van zijn ziekte en geld om zijn gezin te verzekeren van een goede toekomst als hij er niet meer is. Hij leert dat er veel geld is te verdienen met het produceren van de drug ‘Crystal Meth’. Vanaf dan begint zijn neergang in de criminele wereld, waarbij hij steeds meer moet terugvallen op de boosaardige Mr. Hyde die zich in hem schuilhoudt en die dondersgraag wraak wil nemen op de wereld voor wat Walter wordt aangedaan.

<strong>Klungeligheid</strong>
Hoe slechter hij wordt, hoe aantrekkelijker Walter eruit gaat zien. We zien wat er gebeurt wanneer een scheikundeleraar zijn kennis inzet als wapen. Daarbij wordt hij geholpen door zijn partner Jesse Pinkman, een jongen van de straat die te onhandig is om een goede crimineel te zijn. Telkens weet het tweetal de sympathie van de kijker te winnen, desondanks de slechte dingen die ze doen. Soms door hun lachwekkende klungeligheid, soms omdat ze altijd nog aardiger zijn dan de totaal krankzinnige misdadigers met wie ze zaken doen.

In Nederland is de serie aangekocht door de VPRO. Ze zijn dit jaar goed begonnen met een marathon van het eerste seizoen, om meteen door te gaan met wekelijkse uitzendingen van seizoen twee op zondagavond. Ben je liefhebber van zwarte humor, dan is dit een serie voor jou.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/morula_org/" target="_blank">m0rula</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Anderhalve week geleden luisterde ik een gesprek af tussen twee collega’s. Het ging over een serie op televisie: ‘Breaking Bad’<span id="more-34910"></span>. Wat er precies werd gezegd was mij onduidelijk, maar het gebeurde met flink wat enthousiasme. Eén collega bezigde heel wat armbewegingen terwijl zich opwond over al het getob van de hoofdpersonen, terwijl tegelijkertijd de lach op zijn gezicht liet zien dat hij er erg om kon lachen.</p>
<p><strong>Is dat een pistool in je onderbroek?</strong><br />
Die avond trok ik drie seizoenen ‘Breaking Bad’ vanaf het web mijn pc in en begon te kijken. Een man met een gasmasker crasht een camper in een woestijnlandschap. Het is Walter White, hij draagt alleen een grote, witte onderbroek. Daar steekt hij even later een pistool in, met de loop tussen zijn bilwangen. Hij pakt een videocamera en spreekt zijn familie toe, met het idee zijn laatste woorden te zullen spreken. Dan wordt duidelijk dat we hele nare dingen gaan leren over deze man, maar dat hij het allemaal deed met de beste bedoelingen.</p>
<p><strong>Getormenteerde kop</strong><br />
Walter White is scheikundeleraar, maar presteert eigenlijk onder zijn niveau. Om bij te verdienen werkt hij ook bij een autowasserette. Er wordt longkanker bij hem geconstateerd. Walter is dus zwaar de pineut. Acteur Bryan Cranston zet een grijze muis neer, met vlassig haar en een snor die eruit ziet alsof er cornflakes van het ontbijt onder zijn neus zijn blijven plakken. Hij wil geen hulp, hij wil geen medelijden, je ziet hem steeds verder in zijn schulp kruipen met een getormenteerde kop waaruit slechts heel zelden een zinnig woord komt.</p>
<p><strong>Jekyll and Hyde</strong><br />
Deze saaie Dr. Jekyll heeft binnen een korte tijd geld nodig, geld voor de behandeling van zijn ziekte en geld om zijn gezin te verzekeren van een goede toekomst als hij er niet meer is. Hij leert dat er veel geld is te verdienen met het produceren van de drug ‘Crystal Meth’. Vanaf dan begint zijn neergang in de criminele wereld, waarbij hij steeds meer moet terugvallen op de boosaardige Mr. Hyde die zich in hem schuilhoudt en die dondersgraag wraak wil nemen op de wereld voor wat Walter wordt aangedaan.</p>
<p><strong>Klungeligheid</strong><br />
Hoe slechter hij wordt, hoe aantrekkelijker Walter eruit gaat zien. We zien wat er gebeurt wanneer een scheikundeleraar zijn kennis inzet als wapen. Daarbij wordt hij geholpen door zijn partner Jesse Pinkman, een jongen van de straat die te onhandig is om een goede crimineel te zijn. Telkens weet het tweetal de sympathie van de kijker te winnen, desondanks de slechte dingen die ze doen. Soms door hun lachwekkende klungeligheid, soms omdat ze altijd nog aardiger zijn dan de totaal krankzinnige misdadigers met wie ze zaken doen.</p>
<p>In Nederland is de serie aangekocht door de VPRO. Ze zijn dit jaar goed begonnen met een marathon van het eerste seizoen, om meteen door te gaan met wekelijkse uitzendingen van seizoen twee op zondagavond. Ben je liefhebber van zwarte humor, dan is dit een serie voor jou.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/morula_org/" target="_blank">m0rula</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/28/breaking-bad-scheikundeleraar-kanker-drugs-televisie-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>10</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/breakingbad_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Anderhalve week geleden luisterde ik een gesprek af tussen twee collega’s. Het ging over een serie op televisie: ‘Breaking Bad’<!--more-->. Wat er precies werd gezegd was mij onduidelijk, maar het gebeurde met flink wat enthousiasme. Eén collega bezigde heel wat armbewegingen terwijl zich opwond over al het getob van de hoofdpersonen, terwijl tegelijkertijd de lach op zijn gezicht liet zien dat hij er erg om kon lachen.

<strong>Is dat een pistool in je onderbroek?</strong>
Die avond trok ik drie seizoenen ‘Breaking Bad’ vanaf het web mijn pc in en begon te kijken. Een man met een gasmasker crasht een camper in een woestijnlandschap. Het is Walter White, hij draagt alleen een grote, witte onderbroek. Daar steekt hij even later een pistool in, met de loop tussen zijn bilwangen. Hij pakt een videocamera en spreekt zijn familie toe, met het idee zijn laatste woorden te zullen spreken. Dan wordt duidelijk dat we hele nare dingen gaan leren over deze man, maar dat hij het allemaal deed met de beste bedoelingen.

<strong>Getormenteerde kop</strong>
Walter White is scheikundeleraar, maar presteert eigenlijk onder zijn niveau. Om bij te verdienen werkt hij ook bij een autowasserette. Er wordt longkanker bij hem geconstateerd. Walter is dus zwaar de pineut. Acteur Bryan Cranston zet een grijze muis neer, met vlassig haar en een snor die eruit ziet alsof er cornflakes van het ontbijt onder zijn neus zijn blijven plakken. Hij wil geen hulp, hij wil geen medelijden, je ziet hem steeds verder in zijn schulp kruipen met een getormenteerde kop waaruit slechts heel zelden een zinnig woord komt.

<strong>Jekyll and Hyde</strong>
Deze saaie Dr. Jekyll heeft binnen een korte tijd geld nodig, geld voor de behandeling van zijn ziekte en geld om zijn gezin te verzekeren van een goede toekomst als hij er niet meer is. Hij leert dat er veel geld is te verdienen met het produceren van de drug ‘Crystal Meth’. Vanaf dan begint zijn neergang in de criminele wereld, waarbij hij steeds meer moet terugvallen op de boosaardige Mr. Hyde die zich in hem schuilhoudt en die dondersgraag wraak wil nemen op de wereld voor wat Walter wordt aangedaan.

<strong>Klungeligheid</strong>
Hoe slechter hij wordt, hoe aantrekkelijker Walter eruit gaat zien. We zien wat er gebeurt wanneer een scheikundeleraar zijn kennis inzet als wapen. Daarbij wordt hij geholpen door zijn partner Jesse Pinkman, een jongen van de straat die te onhandig is om een goede crimineel te zijn. Telkens weet het tweetal de sympathie van de kijker te winnen, desondanks de slechte dingen die ze doen. Soms door hun lachwekkende klungeligheid, soms omdat ze altijd nog aardiger zijn dan de totaal krankzinnige misdadigers met wie ze zaken doen.

In Nederland is de serie aangekocht door de VPRO. Ze zijn dit jaar goed begonnen met een marathon van het eerste seizoen, om meteen door te gaan met wekelijkse uitzendingen van seizoen twee op zondagavond. Ben je liefhebber van zwarte humor, dan is dit een serie voor jou.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/morula_org/" target="_blank">m0rula</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Kiezen of delen</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/26/kiezen-of-delen-kinderen-voortrekken-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/26/kiezen-of-delen-kinderen-voortrekken-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 26 Jan 2012 12:15:39 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[eerlijk]]></category>
		<category><![CDATA[kiezen]]></category>
		<category><![CDATA[spelregels]]></category>
		<category><![CDATA[verliezen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34908</guid>
		<description><![CDATA[Elke dag word je als ouder gebombardeerd met keuzemomenten. 'Mogen we een snoepje? Mogen we fruit? Mogen we een koekje? Mogen we computeren? Mogen we in de tuin spelen?'<!--more--> De hele dag gaat dat door, continu moet je antwoorden geven: 'Nee. Ja. Eventjes dan. Straks, want we gaan eerst nog even boodschappen doen.' Meestal gelden de antwoorden voor beide kinderen. Lastiger wordt het wanneer je een antwoord moet geven waarbij je moet kiezen, waarbij je één van de kinderen voortrekt.

<strong>Instructieboekjes</strong>
Je komt er niet onderuit. Als je twee of meerdere kinderen hebt, dan moet je er wel eens eentje voortrekken. In de instructieboekjes bij spelletjes staat altijd dat de jongste speler mag beginnen. Dat kun je ook uitleggen aan de oudste: 'Jonge kinderen snappen het wat minder goed, die moeten het nog leren.' Daarnaast voelen ze zich als oudste ook meteen wat meer. Uiteindelijk maakt het voor de uitkomst van het spel zelden uit wie er begint. Bij het raden van een getal onder de tien is de eerste speler misschien wel in het voordeel, maar de win-kans zal slechts een fractie hoger liggen.

<strong>Sturen</strong>
Als bij ons allebei de kinderen even graag iets willen en er gekozen moet worden, dan knopen we daar meestal een spelletje aan vast. Het raden van een getal onder de tien is de meest eerlijke variant, al moet zelfs dan één kind als eerste beginnen. Soms is het: wie het hoogste kan springen, of wie het mooiste kan zingen. Bij de laatste spelletjes kun je als scheidsrechter nog een beetje sturen, zodat ze om en om een keer winnen. Maar met dat sturen moet je ook weer uitkijken, want in ons geval kan het ook zo zijn dat de andere ouder even daarvoor het kind heeft voorgetrokken, wat je dan zelf voortrekt.

<strong>Pech</strong>
Hoe dan ook: helemaal eerlijk alles delen, dat kan gewoon niet. Niet alles is deelbaar. Als je maar één knuffel hebt gewonnen op de kermis, kun je die andere beloven dat die de volgende keer aan de beurt is. Win je later die week een radiografisch bestuurbare auto, dan krijg je alsnog scheve gezichten. Soms heb je gewoon pech. Dat is ook iets wat kinderen moeten leren accepteren. Het is ook heel mooi om blij te zijn voor een ander. Gelukkig hebben wij hier niet vaak van dat soort keuzes te maken. Het gaat meestal over vrij eenvoudige dingen, zoals: welk kind er door welke ouder wordt geholpen in bad.

<strong>Bad</strong>
'Mama,' hoor ik ze zeggen, allebei, meerdere keren. 'Ik wil bij mama. Nee, ik wil bij mama. Jij moet maar bij papa.' Dat heb je ook soms: een keuzemoment waarbij niet de kinderen, maar één van ons de grootste verliezer is. We komen allemaal aan de beurt om een keer te verliezen en dan moet je blij kunnen zijn voor een ander. En ja, ik voel me dan heus wel een tikkeltje afgewezen. Maar als ik dan in de kamer op de bank zit, terwijl mijn vrouw in de badkamer wordt natgespetterd, dan kan ik mij daar gelukkig heel snel weer overheen zetten.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/topher76/" target="_blank">topher76</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Elke dag word je als ouder gebombardeerd met keuzemomenten. &#8216;Mogen we een snoepje? Mogen we fruit? Mogen we een koekje? Mogen we computeren? Mogen we in de tuin spelen?&#8217;<span id="more-34908"></span> De hele dag gaat dat door, continu moet je antwoorden geven: &#8216;Nee. Ja. Eventjes dan. Straks, want we gaan eerst nog even boodschappen doen.&#8217; Meestal gelden de antwoorden voor beide kinderen. Lastiger wordt het wanneer je een antwoord moet geven waarbij je moet kiezen, waarbij je één van de kinderen voortrekt.</p>
<p><strong>Instructieboekjes</strong><br />
Je komt er niet onderuit. Als je twee of meerdere kinderen hebt, dan moet je er wel eens eentje voortrekken. In de instructieboekjes bij spelletjes staat altijd dat de jongste speler mag beginnen. Dat kun je ook uitleggen aan de oudste: &#8216;Jonge kinderen snappen het wat minder goed, die moeten het nog leren.&#8217; Daarnaast voelen ze zich als oudste ook meteen wat meer. Uiteindelijk maakt het voor de uitkomst van het spel zelden uit wie er begint. Bij het raden van een getal onder de tien is de eerste speler misschien wel in het voordeel, maar de win-kans zal slechts een fractie hoger liggen.</p>
<p><strong>Sturen</strong><br />
Als bij ons allebei de kinderen even graag iets willen en er gekozen moet worden, dan knopen we daar meestal een spelletje aan vast. Het raden van een getal onder de tien is de meest eerlijke variant, al moet zelfs dan één kind als eerste beginnen. Soms is het: wie het hoogste kan springen, of wie het mooiste kan zingen. Bij de laatste spelletjes kun je als scheidsrechter nog een beetje sturen, zodat ze om en om een keer winnen. Maar met dat sturen moet je ook weer uitkijken, want in ons geval kan het ook zo zijn dat de andere ouder even daarvoor het kind heeft voorgetrokken, wat je dan zelf voortrekt.</p>
<p><strong>Pech</strong><br />
Hoe dan ook: helemaal eerlijk alles delen, dat kan gewoon niet. Niet alles is deelbaar. Als je maar één knuffel hebt gewonnen op de kermis, kun je die andere beloven dat die de volgende keer aan de beurt is. Win je later die week een radiografisch bestuurbare auto, dan krijg je alsnog scheve gezichten. Soms heb je gewoon pech. Dat is ook iets wat kinderen moeten leren accepteren. Het is ook heel mooi om blij te zijn voor een ander. Gelukkig hebben wij hier niet vaak van dat soort keuzes te maken. Het gaat meestal over vrij eenvoudige dingen, zoals: welk kind er door welke ouder wordt geholpen in bad.</p>
<p><strong>Bad</strong><br />
&#8216;Mama,&#8217; hoor ik ze zeggen, allebei, meerdere keren. &#8216;Ik wil bij mama. Nee, ik wil bij mama. Jij moet maar bij papa.&#8217; Dat heb je ook soms: een keuzemoment waarbij niet de kinderen, maar één van ons de grootste verliezer is. We komen allemaal aan de beurt om een keer te verliezen en dan moet je blij kunnen zijn voor een ander. En ja, ik voel me dan heus wel een tikkeltje afgewezen. Maar als ik dan in de kamer op de bank zit, terwijl mijn vrouw in de badkamer wordt natgespetterd, dan kan ik mij daar gelukkig heel snel weer overheen zetten.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/topher76/" target="_blank">topher76</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/26/kiezen-of-delen-kinderen-voortrekken-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/dobbelsteen_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Elke dag word je als ouder gebombardeerd met keuzemomenten. 'Mogen we een snoepje? Mogen we fruit? Mogen we een koekje? Mogen we computeren? Mogen we in de tuin spelen?'<!--more--> De hele dag gaat dat door, continu moet je antwoorden geven: 'Nee. Ja. Eventjes dan. Straks, want we gaan eerst nog even boodschappen doen.' Meestal gelden de antwoorden voor beide kinderen. Lastiger wordt het wanneer je een antwoord moet geven waarbij je moet kiezen, waarbij je één van de kinderen voortrekt.

<strong>Instructieboekjes</strong>
Je komt er niet onderuit. Als je twee of meerdere kinderen hebt, dan moet je er wel eens eentje voortrekken. In de instructieboekjes bij spelletjes staat altijd dat de jongste speler mag beginnen. Dat kun je ook uitleggen aan de oudste: 'Jonge kinderen snappen het wat minder goed, die moeten het nog leren.' Daarnaast voelen ze zich als oudste ook meteen wat meer. Uiteindelijk maakt het voor de uitkomst van het spel zelden uit wie er begint. Bij het raden van een getal onder de tien is de eerste speler misschien wel in het voordeel, maar de win-kans zal slechts een fractie hoger liggen.

<strong>Sturen</strong>
Als bij ons allebei de kinderen even graag iets willen en er gekozen moet worden, dan knopen we daar meestal een spelletje aan vast. Het raden van een getal onder de tien is de meest eerlijke variant, al moet zelfs dan één kind als eerste beginnen. Soms is het: wie het hoogste kan springen, of wie het mooiste kan zingen. Bij de laatste spelletjes kun je als scheidsrechter nog een beetje sturen, zodat ze om en om een keer winnen. Maar met dat sturen moet je ook weer uitkijken, want in ons geval kan het ook zo zijn dat de andere ouder even daarvoor het kind heeft voorgetrokken, wat je dan zelf voortrekt.

<strong>Pech</strong>
Hoe dan ook: helemaal eerlijk alles delen, dat kan gewoon niet. Niet alles is deelbaar. Als je maar één knuffel hebt gewonnen op de kermis, kun je die andere beloven dat die de volgende keer aan de beurt is. Win je later die week een radiografisch bestuurbare auto, dan krijg je alsnog scheve gezichten. Soms heb je gewoon pech. Dat is ook iets wat kinderen moeten leren accepteren. Het is ook heel mooi om blij te zijn voor een ander. Gelukkig hebben wij hier niet vaak van dat soort keuzes te maken. Het gaat meestal over vrij eenvoudige dingen, zoals: welk kind er door welke ouder wordt geholpen in bad.

<strong>Bad</strong>
'Mama,' hoor ik ze zeggen, allebei, meerdere keren. 'Ik wil bij mama. Nee, ik wil bij mama. Jij moet maar bij papa.' Dat heb je ook soms: een keuzemoment waarbij niet de kinderen, maar één van ons de grootste verliezer is. We komen allemaal aan de beurt om een keer te verliezen en dan moet je blij kunnen zijn voor een ander. En ja, ik voel me dan heus wel een tikkeltje afgewezen. Maar als ik dan in de kamer op de bank zit, terwijl mijn vrouw in de badkamer wordt natgespetterd, dan kan ik mij daar gelukkig heel snel weer overheen zetten.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/topher76/" target="_blank">topher76</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Melkgebit</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/24/melkgebit-kinderen-tandarts-poetsen-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/24/melkgebit-kinderen-tandarts-poetsen-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 24 Jan 2012 12:59:43 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Gezondheid]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[gebit]]></category>
		<category><![CDATA[melkgebit]]></category>
		<category><![CDATA[melktanden]]></category>
		<category><![CDATA[myrthe]]></category>
		<category><![CDATA[sealen]]></category>
		<category><![CDATA[tandarts]]></category>
		<category><![CDATA[tandsteen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34865</guid>
		<description><![CDATA[Tweemaal per dag worden de tanden van onze kinderen gepoetst. Dat gebeurt met een elektrische tandenborstel en met tandpasta die naar menthol smaakt.<!--more--> Wij hanteren daarbij zelf de borstel, want dan gebeurt het tenminste grondig. Als we alle hoeken van het gebit hebben gehad, mogen ze zelf nog even aanrommelen.

<strong>Goed poetsen</strong>
Ze zijn vijf en zeven, maar onze kinderen kunnen gewoon niet goed tandenpoetsen. Ze pakken die borstel vast en duwen hem met kracht tegen de voortanden en dat houden ze dan vol totdat het apparaat stopt met poetsen. Pas als ik erbij sta om ze aan te moedigen, maken ze aanstalten om ook de andere regionen van het gebit te poetsen.

<strong></strong>'Vergeet niet dat er boven ook tanden zitten,' zeg ik dan, want zelf komen ze niet op het idee om de borstel even om te draaien, zodat alle kiezen keurig aan de beurt komen. Goed poetsen moet! Ooit kende ik een jongetje bij wie de kiezen van het melkgebit alleen van buiten nog wit waren. Als je de kiezen van bovenaf bekeek, zag je dat ze bijna tot op het tandvlees waren weggerot. Ik vroeg me altijd af hoe je het als ouders zover kon laten komen met het gebit van je kind.

<strong>Flapje
</strong>We gingen vrijdag naar de tandarts voor controle en ik was er vrijwel zeker van dat we er goed vanaf zouden komen. Dat verdienden we gewoon, we hadden immers keurig ons best gedaan. In de wachtkamer vroeg ik aan de kinderen wie er als eerste op de stoel wilde gaan liggen. Ze stonden allebei te springen. Uiteindelijk besloten we dat Myrthe eerst mocht. De jongste mag namelijk ook bij spelletjes altijd als eerste.

<strong></strong>Eenmaal binnen ging mijn dochter meteen liggen. Ze opende keurig haar mond en de tandarts keek naar binnen, terwijl ik aan de andere kant van de stoel stond mee te kijken. 'Zie je dit hier,' zei ze en ze liet me zien dat er een flapje overtollig tandvlees over een kies heen lag. 'Het is heel lastig, maar daar moet je ook onder poetsen,' zei de tandarts. Daarna wees ze me op een verkleuring bij de kiezen. 'Zo dadelijk maken we een afspraak om die plekjes te sealen.'

<strong>Tandsteen</strong>
Ik wist niet wat ik hoorde. Was er echt zoveel mis met het gebit van mijn dochter? 'Kijk,' zei de tandarts en ze wees me op de achterkant van de ondertanden. 'Die witte vlekjes, dat is tandsteen. Daar doe ik nog niets aan. Zo lang het niet tot bij het tandvlees zit, wil ik haar daar niet mee belasten.' Ik zag de witte vlekjes. Er zat zomaar tandsteen op de gloednieuwe grote-mensen-tanden van mijn kleine meid.

<strong></strong>Ongeveer tien minuten later stond ik weer buiten met twee blije kinderen. Zij hadden allebei een cadeautje uit de ton mogen grabbelen. Maar ik was niet blij. Ik had een papiertje gekregen met daarop de datum van een nieuwe afspraak voor mijn dochter. Ik heb vaak teleurstelling gevoeld omdat de tandarts me zei dat het me niet gelukt was om mijn kiezen gezond te houden. Maar nu bleek dat het niet was gelukt om het gebit van mijn meisje helemaal perfect te houden, voelde ik me rotter dan een rotte kies.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/smanography/" target="_blank">Shermeee</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Tweemaal per dag worden de tanden van onze kinderen gepoetst. Dat gebeurt met een elektrische tandenborstel en met tandpasta die naar menthol smaakt.<span id="more-34865"></span> Wij hanteren daarbij zelf de borstel, want dan gebeurt het tenminste grondig. Als we alle hoeken van het gebit hebben gehad, mogen ze zelf nog even aanrommelen.</p>
<p><strong>Goed poetsen</strong><br />
Ze zijn vijf en zeven, maar onze kinderen kunnen gewoon niet goed tandenpoetsen. Ze pakken die borstel vast en duwen hem met kracht tegen de voortanden en dat houden ze dan vol totdat het apparaat stopt met poetsen. Pas als ik erbij sta om ze aan te moedigen, maken ze aanstalten om ook de andere regionen van het gebit te poetsen.</p>
<p><strong></strong>&#8216;Vergeet niet dat er boven ook tanden zitten,&#8217; zeg ik dan, want zelf komen ze niet op het idee om de borstel even om te draaien, zodat alle kiezen keurig aan de beurt komen. Goed poetsen moet! Ooit kende ik een jongetje bij wie de kiezen van het melkgebit alleen van buiten nog wit waren. Als je de kiezen van bovenaf bekeek, zag je dat ze bijna tot op het tandvlees waren weggerot. Ik vroeg me altijd af hoe je het als ouders zover kon laten komen met het gebit van je kind.</p>
<p><strong>Flapje<br />
</strong>We gingen vrijdag naar de tandarts voor controle en ik was er vrijwel zeker van dat we er goed vanaf zouden komen. Dat verdienden we gewoon, we hadden immers keurig ons best gedaan. In de wachtkamer vroeg ik aan de kinderen wie er als eerste op de stoel wilde gaan liggen. Ze stonden allebei te springen. Uiteindelijk besloten we dat Myrthe eerst mocht. De jongste mag namelijk ook bij spelletjes altijd als eerste.</p>
<p><strong></strong>Eenmaal binnen ging mijn dochter meteen liggen. Ze opende keurig haar mond en de tandarts keek naar binnen, terwijl ik aan de andere kant van de stoel stond mee te kijken. &#8216;Zie je dit hier,&#8217; zei ze en ze liet me zien dat er een flapje overtollig tandvlees over een kies heen lag. &#8216;Het is heel lastig, maar daar moet je ook onder poetsen,&#8217; zei de tandarts. Daarna wees ze me op een verkleuring bij de kiezen. &#8216;Zo dadelijk maken we een afspraak om die plekjes te sealen.&#8217;</p>
<p><strong>Tandsteen</strong><br />
Ik wist niet wat ik hoorde. Was er echt zoveel mis met het gebit van mijn dochter? &#8216;Kijk,&#8217; zei de tandarts en ze wees me op de achterkant van de ondertanden. &#8216;Die witte vlekjes, dat is tandsteen. Daar doe ik nog niets aan. Zo lang het niet tot bij het tandvlees zit, wil ik haar daar niet mee belasten.&#8217; Ik zag de witte vlekjes. Er zat zomaar tandsteen op de gloednieuwe grote-mensen-tanden van mijn kleine meid.</p>
<p><strong></strong>Ongeveer tien minuten later stond ik weer buiten met twee blije kinderen. Zij hadden allebei een cadeautje uit de ton mogen grabbelen. Maar ik was niet blij. Ik had een papiertje gekregen met daarop de datum van een nieuwe afspraak voor mijn dochter. Ik heb vaak teleurstelling gevoeld omdat de tandarts me zei dat het me niet gelukt was om mijn kiezen gezond te houden. Maar nu bleek dat het niet was gelukt om het gebit van mijn meisje helemaal perfect te houden, voelde ik me rotter dan een rotte kies.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/smanography/" target="_blank">Shermeee</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/24/melkgebit-kinderen-tandarts-poetsen-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>16</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/tandenborstel_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Tweemaal per dag worden de tanden van onze kinderen gepoetst. Dat gebeurt met een elektrische tandenborstel en met tandpasta die naar menthol smaakt.<!--more--> Wij hanteren daarbij zelf de borstel, want dan gebeurt het tenminste grondig. Als we alle hoeken van het gebit hebben gehad, mogen ze zelf nog even aanrommelen.

<strong>Goed poetsen</strong>
Ze zijn vijf en zeven, maar onze kinderen kunnen gewoon niet goed tandenpoetsen. Ze pakken die borstel vast en duwen hem met kracht tegen de voortanden en dat houden ze dan vol totdat het apparaat stopt met poetsen. Pas als ik erbij sta om ze aan te moedigen, maken ze aanstalten om ook de andere regionen van het gebit te poetsen.

<strong></strong>'Vergeet niet dat er boven ook tanden zitten,' zeg ik dan, want zelf komen ze niet op het idee om de borstel even om te draaien, zodat alle kiezen keurig aan de beurt komen. Goed poetsen moet! Ooit kende ik een jongetje bij wie de kiezen van het melkgebit alleen van buiten nog wit waren. Als je de kiezen van bovenaf bekeek, zag je dat ze bijna tot op het tandvlees waren weggerot. Ik vroeg me altijd af hoe je het als ouders zover kon laten komen met het gebit van je kind.

<strong>Flapje
</strong>We gingen vrijdag naar de tandarts voor controle en ik was er vrijwel zeker van dat we er goed vanaf zouden komen. Dat verdienden we gewoon, we hadden immers keurig ons best gedaan. In de wachtkamer vroeg ik aan de kinderen wie er als eerste op de stoel wilde gaan liggen. Ze stonden allebei te springen. Uiteindelijk besloten we dat Myrthe eerst mocht. De jongste mag namelijk ook bij spelletjes altijd als eerste.

<strong></strong>Eenmaal binnen ging mijn dochter meteen liggen. Ze opende keurig haar mond en de tandarts keek naar binnen, terwijl ik aan de andere kant van de stoel stond mee te kijken. 'Zie je dit hier,' zei ze en ze liet me zien dat er een flapje overtollig tandvlees over een kies heen lag. 'Het is heel lastig, maar daar moet je ook onder poetsen,' zei de tandarts. Daarna wees ze me op een verkleuring bij de kiezen. 'Zo dadelijk maken we een afspraak om die plekjes te sealen.'

<strong>Tandsteen</strong>
Ik wist niet wat ik hoorde. Was er echt zoveel mis met het gebit van mijn dochter? 'Kijk,' zei de tandarts en ze wees me op de achterkant van de ondertanden. 'Die witte vlekjes, dat is tandsteen. Daar doe ik nog niets aan. Zo lang het niet tot bij het tandvlees zit, wil ik haar daar niet mee belasten.' Ik zag de witte vlekjes. Er zat zomaar tandsteen op de gloednieuwe grote-mensen-tanden van mijn kleine meid.

<strong></strong>Ongeveer tien minuten later stond ik weer buiten met twee blije kinderen. Zij hadden allebei een cadeautje uit de ton mogen grabbelen. Maar ik was niet blij. Ik had een papiertje gekregen met daarop de datum van een nieuwe afspraak voor mijn dochter. Ik heb vaak teleurstelling gevoeld omdat de tandarts me zei dat het me niet gelukt was om mijn kiezen gezond te houden. Maar nu bleek dat het niet was gelukt om het gebit van mijn meisje helemaal perfect te houden, voelde ik me rotter dan een rotte kies.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/smanography/" target="_blank">Shermeee</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Ben ik een hypochonder?</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/21/ziek-huisarts-mislukte-hypochonder-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/21/ziek-huisarts-mislukte-hypochonder-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 21 Jan 2012 17:05:44 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Gezondheid]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[huisarts]]></category>
		<category><![CDATA[hypochonder]]></category>
		<category><![CDATA[ziek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34795</guid>
		<description><![CDATA[Afgelopen week had ik een afspraak met mijn huisarts. Zij luisterde naar mijn longen met een stethoscoop. Ik werd wat duizelig van het hijgen, maar er was niets aan de hand.<!--more--> Dat dacht ik al. Ik hoest gewoon wat slijm op, een simpele verkoudheid, dat is alles. Maar een collega maakte mij bang. Hij heeft een aantal keer een longontsteking gehad en het leek hem een goed idee om de huisarts naar mijn longen te laten luisteren.

<strong>Dom</strong>
‘Mooie fietstas,’ zei de huisarts over de tas die ik naast de stoel had gezet. ‘Dus je gaat zo dadelijk naar jouw werk fietsen. Iemand met longontsteking doet dat niet meer hoor.’

Daar had ze gelijk in. Dat had ik ook zelf kunnen bedenken. Ik denk niet dat ze het zei om me het gevoel te geven dat ik dom ben, maar die uitwerking had het wel op mij. Het was ook niet de eerste keer dat ik daar zat met klachten die terug zijn te brengen tot vrijwel niets. Zoals die keer dat ik een paar spatjes bloed ophoestte. Je kent dat beeld uit films: als een acteur bloed ophoest dan ligt hij in de volgende scène in een ziekenhuisbed. In mijn geval was mijn keel geïrriteerd geraakt na een week bacillen te hebben opgehoest.

<strong>Moedervlek</strong>
Of die keer dat ik een raar, trekkend gevoel had op mijn rug. Ik wees mijn huisarts op een moedervlek die op mijn rug zit, een eigenaardig model waarvan ik dacht dat het rare fratsen begon uit te halen. ‘Het is een spiertje,’ zei ze. ‘Heb je onlangs iets gedaan waarmee je de spieren in je rug hebt overbelast?’ Na even peinzen bedacht ik dat ik dat weekend een flinke afstand had gelopen, terwijl mijn zoon op mijn nek zat. Ik had zelfs nog gemopperd dat hij er eigenlijk te zwaar voor werd.

<strong>Doemscenario's</strong>
Ik maak me te snel ongerust. Soms word ik gewoon bang van de doemscenario’s die ik bedenk. Bijvoorbeeld die keer dat ik bultjes voelde. Ze zaten vlak onder mijn huid. ‘Waarschijnlijk zijn het vetbultjes,’ zei mijn huisarts, maar ze verwees me door, omdat ik mij er toch zorgen over maakte. In het ziekenhuis keken ze met een echo apparaat wat er zat. Het bleken inderdaad vetbultjes te zijn. ‘Niets om je zorgen over te maken,’ zei de man die het apparaat bediende. ‘Neem begin volgende week even contact op met je huisarts, dan heeft ze de definitieve uitslag.’

<strong>Rood balkje</strong>
Ik heb haar niet gebeld. Ik was ineens bang geworden voor een heel andere diagnose. Dat ze bij het opvragen van mijn dossier een rood balkje zou zien met een waarschuwing: ‘Deze persoon heeft de limiet voor loze klachten ruimschoots overschreden. Stuur direct door naar een psychiater!’

Vanmorgen dacht ik heel even om het haar toch maar te vragen: ‘Ben ik een hypochonder?’ Maar ik deed het niet, omdat ik bang was met die vraag meteen de diagnose te bevestigen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/heipei/" target="_blank">heipei</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Afgelopen week had ik een afspraak met mijn huisarts. Zij luisterde naar mijn longen met een stethoscoop. Ik werd wat duizelig van het hijgen, maar er was niets aan de hand.<span id="more-34795"></span> Dat dacht ik al. Ik hoest gewoon wat slijm op, een simpele verkoudheid, dat is alles. Maar een collega maakte mij bang. Hij heeft een aantal keer een longontsteking gehad en het leek hem een goed idee om de huisarts naar mijn longen te laten luisteren.</p>
<p><strong>Dom</strong><br />
‘Mooie fietstas,’ zei de huisarts over de tas die ik naast de stoel had gezet. ‘Dus je gaat zo dadelijk naar jouw werk fietsen. Iemand met longontsteking doet dat niet meer hoor.’</p>
<p>Daar had ze gelijk in. Dat had ik ook zelf kunnen bedenken. Ik denk niet dat ze het zei om me het gevoel te geven dat ik dom ben, maar die uitwerking had het wel op mij. Het was ook niet de eerste keer dat ik daar zat met klachten die terug zijn te brengen tot vrijwel niets. Zoals die keer dat ik een paar spatjes bloed ophoestte. Je kent dat beeld uit films: als een acteur bloed ophoest dan ligt hij in de volgende scène in een ziekenhuisbed. In mijn geval was mijn keel geïrriteerd geraakt na een week bacillen te hebben opgehoest.</p>
<p><strong>Moedervlek</strong><br />
Of die keer dat ik een raar, trekkend gevoel had op mijn rug. Ik wees mijn huisarts op een moedervlek die op mijn rug zit, een eigenaardig model waarvan ik dacht dat het rare fratsen begon uit te halen. ‘Het is een spiertje,’ zei ze. ‘Heb je onlangs iets gedaan waarmee je de spieren in je rug hebt overbelast?’ Na even peinzen bedacht ik dat ik dat weekend een flinke afstand had gelopen, terwijl mijn zoon op mijn nek zat. Ik had zelfs nog gemopperd dat hij er eigenlijk te zwaar voor werd.</p>
<p><strong>Doemscenario&#8217;s</strong><br />
Ik maak me te snel ongerust. Soms word ik gewoon bang van de doemscenario’s die ik bedenk. Bijvoorbeeld die keer dat ik bultjes voelde. Ze zaten vlak onder mijn huid. ‘Waarschijnlijk zijn het vetbultjes,’ zei mijn huisarts, maar ze verwees me door, omdat ik mij er toch zorgen over maakte. In het ziekenhuis keken ze met een echo apparaat wat er zat. Het bleken inderdaad vetbultjes te zijn. ‘Niets om je zorgen over te maken,’ zei de man die het apparaat bediende. ‘Neem begin volgende week even contact op met je huisarts, dan heeft ze de definitieve uitslag.’</p>
<p><strong>Rood balkje</strong><br />
Ik heb haar niet gebeld. Ik was ineens bang geworden voor een heel andere diagnose. Dat ze bij het opvragen van mijn dossier een rood balkje zou zien met een waarschuwing: ‘Deze persoon heeft de limiet voor loze klachten ruimschoots overschreden. Stuur direct door naar een psychiater!’</p>
<p>Vanmorgen dacht ik heel even om het haar toch maar te vragen: ‘Ben ik een hypochonder?’ Maar ik deed het niet, omdat ik bang was met die vraag meteen de diagnose te bevestigen.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/heipei/" target="_blank">heipei</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/21/ziek-huisarts-mislukte-hypochonder-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>11</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/stethoscope_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Afgelopen week had ik een afspraak met mijn huisarts. Zij luisterde naar mijn longen met een stethoscoop. Ik werd wat duizelig van het hijgen, maar er was niets aan de hand.<!--more--> Dat dacht ik al. Ik hoest gewoon wat slijm op, een simpele verkoudheid, dat is alles. Maar een collega maakte mij bang. Hij heeft een aantal keer een longontsteking gehad en het leek hem een goed idee om de huisarts naar mijn longen te laten luisteren.

<strong>Dom</strong>
‘Mooie fietstas,’ zei de huisarts over de tas die ik naast de stoel had gezet. ‘Dus je gaat zo dadelijk naar jouw werk fietsen. Iemand met longontsteking doet dat niet meer hoor.’

Daar had ze gelijk in. Dat had ik ook zelf kunnen bedenken. Ik denk niet dat ze het zei om me het gevoel te geven dat ik dom ben, maar die uitwerking had het wel op mij. Het was ook niet de eerste keer dat ik daar zat met klachten die terug zijn te brengen tot vrijwel niets. Zoals die keer dat ik een paar spatjes bloed ophoestte. Je kent dat beeld uit films: als een acteur bloed ophoest dan ligt hij in de volgende scène in een ziekenhuisbed. In mijn geval was mijn keel geïrriteerd geraakt na een week bacillen te hebben opgehoest.

<strong>Moedervlek</strong>
Of die keer dat ik een raar, trekkend gevoel had op mijn rug. Ik wees mijn huisarts op een moedervlek die op mijn rug zit, een eigenaardig model waarvan ik dacht dat het rare fratsen begon uit te halen. ‘Het is een spiertje,’ zei ze. ‘Heb je onlangs iets gedaan waarmee je de spieren in je rug hebt overbelast?’ Na even peinzen bedacht ik dat ik dat weekend een flinke afstand had gelopen, terwijl mijn zoon op mijn nek zat. Ik had zelfs nog gemopperd dat hij er eigenlijk te zwaar voor werd.

<strong>Doemscenario's</strong>
Ik maak me te snel ongerust. Soms word ik gewoon bang van de doemscenario’s die ik bedenk. Bijvoorbeeld die keer dat ik bultjes voelde. Ze zaten vlak onder mijn huid. ‘Waarschijnlijk zijn het vetbultjes,’ zei mijn huisarts, maar ze verwees me door, omdat ik mij er toch zorgen over maakte. In het ziekenhuis keken ze met een echo apparaat wat er zat. Het bleken inderdaad vetbultjes te zijn. ‘Niets om je zorgen over te maken,’ zei de man die het apparaat bediende. ‘Neem begin volgende week even contact op met je huisarts, dan heeft ze de definitieve uitslag.’

<strong>Rood balkje</strong>
Ik heb haar niet gebeld. Ik was ineens bang geworden voor een heel andere diagnose. Dat ze bij het opvragen van mijn dossier een rood balkje zou zien met een waarschuwing: ‘Deze persoon heeft de limiet voor loze klachten ruimschoots overschreden. Stuur direct door naar een psychiater!’

Vanmorgen dacht ik heel even om het haar toch maar te vragen: ‘Ben ik een hypochonder?’ Maar ik deed het niet, omdat ik bang was met die vraag meteen de diagnose te bevestigen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/heipei/" target="_blank">heipei</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Mannengezeik</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/19/pisvlieg-urinoir-plassen-mannen-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/19/pisvlieg-urinoir-plassen-mannen-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 19 Jan 2012 12:15:59 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Humor]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[pisvlieg]]></category>
		<category><![CDATA[plassen]]></category>
		<category><![CDATA[schaamschot]]></category>
		<category><![CDATA[urineren]]></category>
		<category><![CDATA[urinoir]]></category>
		<category><![CDATA[wiskunde]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34806</guid>
		<description><![CDATA[De algemeen heersende opvatting onder vrouwen is dat wij mannen het maar gemakkelijk hebben met ons plasapparaat. Maar er komt heel wat kijken bij de lozing van water, ureum en anorganische zouten zoals wij mannen dat doen.<!--more-->

<strong>Nattevingerwerk</strong>
Het is heus wel handig dat we het altijd en overal kunnen, maar je moet er wel je verstand bij gebruiken. Ben je buiten, dan moet je weten hoe je de windrichting kunt bepalen. Dat is nattevingerwerk. Je moet er ook rekening mee houden in wat voor positie je gaat staan tegenover het object waar je tegenaan plast, zodat de kans dat iemand je ziet zo klein mogelijk is. Daarnaast is er de kans dat je een boete oploopt voor wildplassen. Overal loert gevaar.

<strong>Gezellig tijdverdrijf</strong>
Ook in het toilet sta je als man voor allerlei keuzes. Voordat je de rits kunt openen moet je al beslist hebben of je naar de hokjes gaat of naar de urinoirs. Plassen bij een hangpot is niet voor iedereen weggelegd. Niet iedereen ziet in urineren een gezellig tijdverdrijf onder soortgenoten. Als je voorzien bent van een sluitspier die erg gevoelig reageert op invloeden van buitenaf, dan heb je een probleem. Als iemand naast mij staat te fluiten, dan kan ik het niet meer. Dan moet ik wachten totdat hij weg is. En als die fluitende man niet kan omdat ik vanwege zijn aanwezigheid geërgerd sta te zuchten, dan kan het zijn dat we daar allebei heel lang staan.

<strong>Loeren</strong>
Elkaar kunnen zien tijdens het plassen is ook funest voor de aandrang. Als ik iemand heel moeilijk zie kijken tijdens het plassen, schiet het bij mij op slot. Gelukkig staat er een verbod op het kijken tijdens het plassen. Loeren naar het apparaat van een ander is per definitie fout. Zie je iemand kijken, dan mag je die ander ongestraft over zijn schoenen heen plassen. Echt waar, zo zijn de regels.

<strong>Wiskunde</strong>
Gelukkig hangen er bijna overal van die schaamschotten. Maar die zien er altijd uit alsof je er gemakkelijk overheen kan kijken. Voordat ik er een gerust gevoel bij heb, ben ik toch eerst bezig met wiskunde in mijn hoofd. Zo heb ik toch nog wat aan mijn kennis over hoekberekeningen met tangens, sinus en cosinus, waarmee je uit kunt rekenen hoe lang de buurman moet zijn om zicht te kunnen hebben op je plasapparaat.

<strong>Slurf in de kreukels</strong>
Dan is het tijd voor de volgende uitdaging: zorgen dat je jezelf niet raak plast. Het is geen zuivere wetenschap waar de plas heen zal gaan. Soms heeft de slurf in de kreukels gezeten en schiet de straal ineens in een onverwachte richting. Dan ga je af, want ook mannen hechten veel belang aan het goed kunnen richten. Ze hangen briefjes op om elkaar te waarschuwen voor het maken van spetters. Onlangs kwam ik in een toilet waar briefjes waren opgehangen op de deuren met: ‘beginner’, ‘intermediate’ en ‘professional’.

<strong>Pisvlieg</strong>
Om te helpen bij het richten zijn er in een aantal urinoirs nepvliegen aangebracht. Wij mannen vinden het blijkbaar leuk om op die vlieg te mikken. Zelf haat ik de pisvlieg. Zie ik mijzelf geconfronteerd met de afdruk van een vlieg, dan hoeft het van mij niet meer. Ik heb dan toch het idee dat die vlieg met zijn triljoen minuscule oogjes naar mijn apparaat zit te kijken, zo van: 'What's that? You gotta be kiddin' me!? No one pisses of Superfly!'

Soms ga ik uit pure frustratie over al die zaken een hokje in om voor de afwisseling eens zittend te plassen. Dat is zo lekker zorgeloos. Daar kan ik dan echt van genieten. Echt, vrouwen hebben het zo slecht nog niet.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/quinet/" target="_blank">quinet</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>De algemeen heersende opvatting onder vrouwen is dat wij mannen het maar gemakkelijk hebben met ons plasapparaat. Maar er komt heel wat kijken bij de lozing van water, ureum en anorganische zouten zoals wij mannen dat doen.<span id="more-34806"></span></p>
<p><strong>Nattevingerwerk</strong><br />
Het is heus wel handig dat we het altijd en overal kunnen, maar je moet er wel je verstand bij gebruiken. Ben je buiten, dan moet je weten hoe je de windrichting kunt bepalen. Dat is nattevingerwerk. Je moet er ook rekening mee houden in wat voor positie je gaat staan tegenover het object waar je tegenaan plast, zodat de kans dat iemand je ziet zo klein mogelijk is. Daarnaast is er de kans dat je een boete oploopt voor wildplassen. Overal loert gevaar.</p>
<p><strong>Gezellig tijdverdrijf</strong><br />
Ook in het toilet sta je als man voor allerlei keuzes. Voordat je de rits kunt openen moet je al beslist hebben of je naar de hokjes gaat of naar de urinoirs. Plassen bij een hangpot is niet voor iedereen weggelegd. Niet iedereen ziet in urineren een gezellig tijdverdrijf onder soortgenoten. Als je voorzien bent van een sluitspier die erg gevoelig reageert op invloeden van buitenaf, dan heb je een probleem. Als iemand naast mij staat te fluiten, dan kan ik het niet meer. Dan moet ik wachten totdat hij weg is. En als die fluitende man niet kan omdat ik vanwege zijn aanwezigheid geërgerd sta te zuchten, dan kan het zijn dat we daar allebei heel lang staan.</p>
<p><strong>Loeren</strong><br />
Elkaar kunnen zien tijdens het plassen is ook funest voor de aandrang. Als ik iemand heel moeilijk zie kijken tijdens het plassen, schiet het bij mij op slot. Gelukkig staat er een verbod op het kijken tijdens het plassen. Loeren naar het apparaat van een ander is per definitie fout. Zie je iemand kijken, dan mag je die ander ongestraft over zijn schoenen heen plassen. Echt waar, zo zijn de regels.</p>
<p><strong>Wiskunde</strong><br />
Gelukkig hangen er bijna overal van die schaamschotten. Maar die zien er altijd uit alsof je er gemakkelijk overheen kan kijken. Voordat ik er een gerust gevoel bij heb, ben ik toch eerst bezig met wiskunde in mijn hoofd. Zo heb ik toch nog wat aan mijn kennis over hoekberekeningen met tangens, sinus en cosinus, waarmee je uit kunt rekenen hoe lang de buurman moet zijn om zicht te kunnen hebben op je plasapparaat.</p>
<p><strong>Slurf in de kreukels</strong><br />
Dan is het tijd voor de volgende uitdaging: zorgen dat je jezelf niet raak plast. Het is geen zuivere wetenschap waar de plas heen zal gaan. Soms heeft de slurf in de kreukels gezeten en schiet de straal ineens in een onverwachte richting. Dan ga je af, want ook mannen hechten veel belang aan het goed kunnen richten. Ze hangen briefjes op om elkaar te waarschuwen voor het maken van spetters. Onlangs kwam ik in een toilet waar briefjes waren opgehangen op de deuren met: ‘beginner’, ‘intermediate’ en ‘professional’.</p>
<p><strong>Pisvlieg</strong><br />
Om te helpen bij het richten zijn er in een aantal urinoirs nepvliegen aangebracht. Wij mannen vinden het blijkbaar leuk om op die vlieg te mikken. Zelf haat ik de pisvlieg. Zie ik mijzelf geconfronteerd met de afdruk van een vlieg, dan hoeft het van mij niet meer. Ik heb dan toch het idee dat die vlieg met zijn triljoen minuscule oogjes naar mijn apparaat zit te kijken, zo van: &#8216;What&#8217;s that? You gotta be kiddin&#8217; me!? No one pisses of Superfly!&#8217;</p>
<p>Soms ga ik uit pure frustratie over al die zaken een hokje in om voor de afwisseling eens zittend te plassen. Dat is zo lekker zorgeloos. Daar kan ik dan echt van genieten. Echt, vrouwen hebben het zo slecht nog niet.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/quinet/" target="_blank">quinet</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/19/pisvlieg-urinoir-plassen-mannen-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>16</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/pisvlieg_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[De algemeen heersende opvatting onder vrouwen is dat wij mannen het maar gemakkelijk hebben met ons plasapparaat. Maar er komt heel wat kijken bij de lozing van water, ureum en anorganische zouten zoals wij mannen dat doen.<!--more-->

<strong>Nattevingerwerk</strong>
Het is heus wel handig dat we het altijd en overal kunnen, maar je moet er wel je verstand bij gebruiken. Ben je buiten, dan moet je weten hoe je de windrichting kunt bepalen. Dat is nattevingerwerk. Je moet er ook rekening mee houden in wat voor positie je gaat staan tegenover het object waar je tegenaan plast, zodat de kans dat iemand je ziet zo klein mogelijk is. Daarnaast is er de kans dat je een boete oploopt voor wildplassen. Overal loert gevaar.

<strong>Gezellig tijdverdrijf</strong>
Ook in het toilet sta je als man voor allerlei keuzes. Voordat je de rits kunt openen moet je al beslist hebben of je naar de hokjes gaat of naar de urinoirs. Plassen bij een hangpot is niet voor iedereen weggelegd. Niet iedereen ziet in urineren een gezellig tijdverdrijf onder soortgenoten. Als je voorzien bent van een sluitspier die erg gevoelig reageert op invloeden van buitenaf, dan heb je een probleem. Als iemand naast mij staat te fluiten, dan kan ik het niet meer. Dan moet ik wachten totdat hij weg is. En als die fluitende man niet kan omdat ik vanwege zijn aanwezigheid geërgerd sta te zuchten, dan kan het zijn dat we daar allebei heel lang staan.

<strong>Loeren</strong>
Elkaar kunnen zien tijdens het plassen is ook funest voor de aandrang. Als ik iemand heel moeilijk zie kijken tijdens het plassen, schiet het bij mij op slot. Gelukkig staat er een verbod op het kijken tijdens het plassen. Loeren naar het apparaat van een ander is per definitie fout. Zie je iemand kijken, dan mag je die ander ongestraft over zijn schoenen heen plassen. Echt waar, zo zijn de regels.

<strong>Wiskunde</strong>
Gelukkig hangen er bijna overal van die schaamschotten. Maar die zien er altijd uit alsof je er gemakkelijk overheen kan kijken. Voordat ik er een gerust gevoel bij heb, ben ik toch eerst bezig met wiskunde in mijn hoofd. Zo heb ik toch nog wat aan mijn kennis over hoekberekeningen met tangens, sinus en cosinus, waarmee je uit kunt rekenen hoe lang de buurman moet zijn om zicht te kunnen hebben op je plasapparaat.

<strong>Slurf in de kreukels</strong>
Dan is het tijd voor de volgende uitdaging: zorgen dat je jezelf niet raak plast. Het is geen zuivere wetenschap waar de plas heen zal gaan. Soms heeft de slurf in de kreukels gezeten en schiet de straal ineens in een onverwachte richting. Dan ga je af, want ook mannen hechten veel belang aan het goed kunnen richten. Ze hangen briefjes op om elkaar te waarschuwen voor het maken van spetters. Onlangs kwam ik in een toilet waar briefjes waren opgehangen op de deuren met: ‘beginner’, ‘intermediate’ en ‘professional’.

<strong>Pisvlieg</strong>
Om te helpen bij het richten zijn er in een aantal urinoirs nepvliegen aangebracht. Wij mannen vinden het blijkbaar leuk om op die vlieg te mikken. Zelf haat ik de pisvlieg. Zie ik mijzelf geconfronteerd met de afdruk van een vlieg, dan hoeft het van mij niet meer. Ik heb dan toch het idee dat die vlieg met zijn triljoen minuscule oogjes naar mijn apparaat zit te kijken, zo van: 'What's that? You gotta be kiddin' me!? No one pisses of Superfly!'

Soms ga ik uit pure frustratie over al die zaken een hokje in om voor de afwisseling eens zittend te plassen. Dat is zo lekker zorgeloos. Daar kan ik dan echt van genieten. Echt, vrouwen hebben het zo slecht nog niet.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/quinet/" target="_blank">quinet</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Twee mannen en een broek</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/17/mannen-winkelen-homo-broek-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/17/mannen-winkelen-homo-broek-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 17 Jan 2012 12:59:53 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Humor]]></category>
		<category><![CDATA[Mode]]></category>
		<category><![CDATA[Relatie]]></category>
		<category><![CDATA[Shoppen]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[broek]]></category>
		<category><![CDATA[homo]]></category>
		<category><![CDATA[homoseksueel]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>
		<category><![CDATA[winkelen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34761</guid>
		<description><![CDATA[Wij liepen door de winkelstraat op weg naar mijn broodje döner, want ik had mijn collega gebeld en het volgende tegen hem gezegd: 'Ik heb echt ontzettend zin in een broodje döner<!--more--> en ik weet zeker dat jij nu ook denkt: lekker, daar heb ik echt even behoefte aan.' Maar het antwoord was niet wat ik ervan had verwacht: 'Nee. Ik was eigenlijk van plan om de stad in te gaan om een broek te kopen. Maar ik loop wel een eind met je mee. Half één?'

<strong>Linksaf</strong>
Het was iets over half één en wij waren op weg naar mijn lunch. 'Moet jij niet linksaf hier?' vroeg ik, want hij had gezegd naar welke kledingzaak hij ging en rechtdoor lopen was om voor hem.

'Nee, ik loop wel met jou mee.'

<strong>Samen zondigen</strong>
'Neem je dan toch een broodje?' vroeg ik hoopvol, want ik wilde liever samen zo'n smerig, vet broodje eten dan alleen. Het is niet alsof je met zijn tweeën de calorieën eerlijk deelt, dus eigenlijk slaat het nergens op. Maar toch voelt het beter om samen te zondigen, dan alleen.

Helaas liet hij zich niet overreden. Hij hield zich sterk. Dat kwam waarschijnlijk door die broek die hij ging kopen. Zijn broekmaat confronteerde hem met wie hij was, want mijn pauzepartner loopt een aantal kilo op mij voor. We hebben dezelfde lengtemaat, maar die andere maat is bij hem wat ruimer. 'Vijfendertig,' zei hij. 'Maar dat verkopen ze niet, dus zesendertig.' Ineens voelde ik mijzelf met mijn maatje vierendertig heel gelukkig. Ik nam tevreden een hap van mijn broodje vlees.

<strong>Tikkeltje homo</strong>
Omdat hij zo sterk was, besloot ik dat ook te zijn. Ik ging met hem mee om een broek voor hem te zoeken, ook al was het een tikkeltje homo. Eigenlijk vond ik dat we tijdens het uitzoeken van een prima passende broek, het best naar ons zin mochten hebben. Als het normaal wordt gevonden dat vrouwen met elkaar de stad aflopen, mogen mannen dat ook zonder dat er meteen van ze wordt gedacht dat ze homo zijn. Een prima standpunt, vonden wij, alleen vonden wij het veel leuker om er ontzettend homo bij te doen.

'Wat vind je van deze?' vroeg hij. 'Béééééldig, vind je niet?'

<strong>Passen
</strong>'Je moet hem toch even aantrekken. Als je er een lekker kontje in hebt mag je hem daarna weer heel snel uittrekken,' zei ik.<strong></strong>

<strong></strong>'Ik pas hier nooit broeken,' zei hij, waarbij hij even uit zijn rol viel. 'Deze maat past me, dat weet ik, want alles wat ik hier koop in deze maat, dat past, dat hoef ik niet uit te proberen.' Hij zei het heel erg stellig, maar ik hoefde alleen maar op die ene speciale manier naar hem te kijken, om hem aan het twijfelen te krijgen. 'Verdomme,' zei hij en hij liep naar de pashokjes. Niet veel later kwam hij naar buiten. Hoe de broek hem stond had ik niet gezien, want hij hield hem alweer in zijn handen. 'Ik zei het toch,' zei hij. 'Deze past prima.'

'Afrekenen dan,' zei ik.

<strong>Kassajuffrouw</strong>
We stonden zij aan zij bij de kassa. De kassajuffrouw keek ons één voor één aan. Ze was een erg strenge juffrouw, zo één die over haar brilletje heen keek. Mijn mond ging al open. Ik wilde het donders graag zeggen: 'Wij zijn geen stelletje hoor, we deden alsof.'

'Precies,' zei mijn collega, want in mijn verwarring had ik het toch hardop gezegd.

'Jammer,' zei de dame. 'Ik vond jullie juist zo leuk bij elkaar passen.'

<small>Foto: Gettyimages.nl</small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Wij liepen door de winkelstraat op weg naar mijn broodje döner, want ik had mijn collega gebeld en het volgende tegen hem gezegd: &#8216;Ik heb echt ontzettend zin in een broodje döner<span id="more-34761"></span> en ik weet zeker dat jij nu ook denkt: lekker, daar heb ik echt even behoefte aan.&#8217; Maar het antwoord was niet wat ik ervan had verwacht: &#8216;Nee. Ik was eigenlijk van plan om de stad in te gaan om een broek te kopen. Maar ik loop wel een eind met je mee. Half één?&#8217;</p>
<p><strong>Linksaf</strong><br />
Het was iets over half één en wij waren op weg naar mijn lunch. &#8216;Moet jij niet linksaf hier?&#8217; vroeg ik, want hij had gezegd naar welke kledingzaak hij ging en rechtdoor lopen was om voor hem.</p>
<p>&#8216;Nee, ik loop wel met jou mee.&#8217;</p>
<p><strong>Samen zondigen</strong><br />
&#8216;Neem je dan toch een broodje?&#8217; vroeg ik hoopvol, want ik wilde liever samen zo&#8217;n smerig, vet broodje eten dan alleen. Het is niet alsof je met zijn tweeën de calorieën eerlijk deelt, dus eigenlijk slaat het nergens op. Maar toch voelt het beter om samen te zondigen, dan alleen.</p>
<p>Helaas liet hij zich niet overreden. Hij hield zich sterk. Dat kwam waarschijnlijk door die broek die hij ging kopen. Zijn broekmaat confronteerde hem met wie hij was, want mijn pauzepartner loopt een aantal kilo op mij voor. We hebben dezelfde lengtemaat, maar die andere maat is bij hem wat ruimer. &#8216;Vijfendertig,&#8217; zei hij. &#8216;Maar dat verkopen ze niet, dus zesendertig.&#8217; Ineens voelde ik mijzelf met mijn maatje vierendertig heel gelukkig. Ik nam tevreden een hap van mijn broodje vlees.</p>
<p><strong>Tikkeltje homo</strong><br />
Omdat hij zo sterk was, besloot ik dat ook te zijn. Ik ging met hem mee om een broek voor hem te zoeken, ook al was het een tikkeltje homo. Eigenlijk vond ik dat we tijdens het uitzoeken van een prima passende broek, het best naar ons zin mochten hebben. Als het normaal wordt gevonden dat vrouwen met elkaar de stad aflopen, mogen mannen dat ook zonder dat er meteen van ze wordt gedacht dat ze homo zijn. Een prima standpunt, vonden wij, alleen vonden wij het veel leuker om er ontzettend homo bij te doen.</p>
<p>&#8216;Wat vind je van deze?&#8217; vroeg hij. &#8216;Béééééldig, vind je niet?&#8217;</p>
<p><strong>Passen<br />
</strong>&#8216;Je moet hem toch even aantrekken. Als je er een lekker kontje in hebt mag je hem daarna weer heel snel uittrekken,&#8217; zei ik.<strong></strong></p>
<p><strong></strong>&#8216;Ik pas hier nooit broeken,&#8217; zei hij, waarbij hij even uit zijn rol viel. &#8216;Deze maat past me, dat weet ik, want alles wat ik hier koop in deze maat, dat past, dat hoef ik niet uit te proberen.&#8217; Hij zei het heel erg stellig, maar ik hoefde alleen maar op die ene speciale manier naar hem te kijken, om hem aan het twijfelen te krijgen. &#8216;Verdomme,&#8217; zei hij en hij liep naar de pashokjes. Niet veel later kwam hij naar buiten. Hoe de broek hem stond had ik niet gezien, want hij hield hem alweer in zijn handen. &#8216;Ik zei het toch,&#8217; zei hij. &#8216;Deze past prima.&#8217;</p>
<p>&#8216;Afrekenen dan,&#8217; zei ik.</p>
<p><strong>Kassajuffrouw</strong><br />
We stonden zij aan zij bij de kassa. De kassajuffrouw keek ons één voor één aan. Ze was een erg strenge juffrouw, zo één die over haar brilletje heen keek. Mijn mond ging al open. Ik wilde het donders graag zeggen: &#8216;Wij zijn geen stelletje hoor, we deden alsof.&#8217;</p>
<p>&#8216;Precies,&#8217; zei mijn collega, want in mijn verwarring had ik het toch hardop gezegd.</p>
<p>&#8216;Jammer,&#8217; zei de dame. &#8216;Ik vond jullie juist zo leuk bij elkaar passen.&#8217;</p>
<p><small>Foto: Gettyimages.nl</small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/17/mannen-winkelen-homo-broek-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>13</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/getty_broek_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Wij liepen door de winkelstraat op weg naar mijn broodje döner, want ik had mijn collega gebeld en het volgende tegen hem gezegd: 'Ik heb echt ontzettend zin in een broodje döner<!--more--> en ik weet zeker dat jij nu ook denkt: lekker, daar heb ik echt even behoefte aan.' Maar het antwoord was niet wat ik ervan had verwacht: 'Nee. Ik was eigenlijk van plan om de stad in te gaan om een broek te kopen. Maar ik loop wel een eind met je mee. Half één?'

<strong>Linksaf</strong>
Het was iets over half één en wij waren op weg naar mijn lunch. 'Moet jij niet linksaf hier?' vroeg ik, want hij had gezegd naar welke kledingzaak hij ging en rechtdoor lopen was om voor hem.

'Nee, ik loop wel met jou mee.'

<strong>Samen zondigen</strong>
'Neem je dan toch een broodje?' vroeg ik hoopvol, want ik wilde liever samen zo'n smerig, vet broodje eten dan alleen. Het is niet alsof je met zijn tweeën de calorieën eerlijk deelt, dus eigenlijk slaat het nergens op. Maar toch voelt het beter om samen te zondigen, dan alleen.

Helaas liet hij zich niet overreden. Hij hield zich sterk. Dat kwam waarschijnlijk door die broek die hij ging kopen. Zijn broekmaat confronteerde hem met wie hij was, want mijn pauzepartner loopt een aantal kilo op mij voor. We hebben dezelfde lengtemaat, maar die andere maat is bij hem wat ruimer. 'Vijfendertig,' zei hij. 'Maar dat verkopen ze niet, dus zesendertig.' Ineens voelde ik mijzelf met mijn maatje vierendertig heel gelukkig. Ik nam tevreden een hap van mijn broodje vlees.

<strong>Tikkeltje homo</strong>
Omdat hij zo sterk was, besloot ik dat ook te zijn. Ik ging met hem mee om een broek voor hem te zoeken, ook al was het een tikkeltje homo. Eigenlijk vond ik dat we tijdens het uitzoeken van een prima passende broek, het best naar ons zin mochten hebben. Als het normaal wordt gevonden dat vrouwen met elkaar de stad aflopen, mogen mannen dat ook zonder dat er meteen van ze wordt gedacht dat ze homo zijn. Een prima standpunt, vonden wij, alleen vonden wij het veel leuker om er ontzettend homo bij te doen.

'Wat vind je van deze?' vroeg hij. 'Béééééldig, vind je niet?'

<strong>Passen
</strong>'Je moet hem toch even aantrekken. Als je er een lekker kontje in hebt mag je hem daarna weer heel snel uittrekken,' zei ik.<strong></strong>

<strong></strong>'Ik pas hier nooit broeken,' zei hij, waarbij hij even uit zijn rol viel. 'Deze maat past me, dat weet ik, want alles wat ik hier koop in deze maat, dat past, dat hoef ik niet uit te proberen.' Hij zei het heel erg stellig, maar ik hoefde alleen maar op die ene speciale manier naar hem te kijken, om hem aan het twijfelen te krijgen. 'Verdomme,' zei hij en hij liep naar de pashokjes. Niet veel later kwam hij naar buiten. Hoe de broek hem stond had ik niet gezien, want hij hield hem alweer in zijn handen. 'Ik zei het toch,' zei hij. 'Deze past prima.'

'Afrekenen dan,' zei ik.

<strong>Kassajuffrouw</strong>
We stonden zij aan zij bij de kassa. De kassajuffrouw keek ons één voor één aan. Ze was een erg strenge juffrouw, zo één die over haar brilletje heen keek. Mijn mond ging al open. Ik wilde het donders graag zeggen: 'Wij zijn geen stelletje hoor, we deden alsof.'

'Precies,' zei mijn collega, want in mijn verwarring had ik het toch hardop gezegd.

'Jammer,' zei de dame. 'Ik vond jullie juist zo leuk bij elkaar passen.'

<small>Foto: Gettyimages.nl</small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Samen kijken naar de sterren</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/14/kinderen-astronomie-sterren-hobby-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/14/kinderen-astronomie-sterren-hobby-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 14 Jan 2012 17:05:34 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[astronomie]]></category>
		<category><![CDATA[hobby]]></category>
		<category><![CDATA[planeten]]></category>
		<category><![CDATA[sterren]]></category>
		<category><![CDATA[sterrenkijken]]></category>
		<category><![CDATA[universum]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34713</guid>
		<description><![CDATA['Papa, mag ik nog even naar de sterren kijken, voordat we naar binnen gaan,' vraagt mijn zoon. Ik ben nog in de schuur bezig met het wegzetten van de fietsen. Als ze op hun plek staan ga ik naar buiten en ik kijk naar de lucht, die opvallend helder is en veel van haar schoonheid laat zien.<!--more-->

<strong>Plejaden</strong>
Ik hurk naast Wessel neer. 'Zie je daar die drie sterren, die heel dicht bij elkaar staan,' vraag ik en ik wijs net zo lang totdat ik zie dat hij in de juiste richting kijkt. 'Dat is de riem van Orion. Dat is een sterrenbeeld, het stelt een jager voor.' Daarna wijs ik naar een andere plek. 'Als je heel goed kijkt zie je daar een heleboel sterretjes bij elkaar. Dat zijn de Plejaden. Dat is een groepje van jonge sterren. Zie je ze?'

'Die vijf sterren daar staan in de vorm van een letter die jij heel goed kent. Het is het sterrenbeeld Casiopea. De sterren vormen samen de letter 'W', zoals in jouw en mijn naam,' zeg ik. Mocht Myrthe ooit interesse tonen in de sterren, dan vertel ik gewoon dat het de letter 'M', is. Zo kunnen allebei onze kinderen de beginletter van hun naam opzoeken in de nachtelijke hemel.

<strong>Fascinerend</strong>
Ik was niet veel ouder dan mijn zoon, toen ik ook interesse begon te krijgen in het universum. Het is geen comfortabele hobby, want in de zomer stellen de nachten weinig voor. Je moet echt de kou trotseren als je de mooiste hemelobjecten wil zien. Nog altijd vind ik het fascinerend. Het licht van de sterren heeft er een reis opzitten van vele jaren. Wat wij zien is een afdruk van het verleden. We zien licht dat er al was voordat we werden geboren.

Mijn zoon weet daar allemaal nog niets vanaf, maar toch vindt hij het mooi. Hij wijst naar het meest heldere puntje en zegt dat het de grootste ster is die hij kan zien. 'Dat is geen ster,' zeg ik. 'Dat is een planeet, waarschijnlijk Jupiter. Dat is een bol van gas, die nog veel groter is dan de Aarde. Het is een reus van een planeet, waar het altijd stormt. Er is een wervelwind die je vanaf de Aarde kunt zien en die al jaren woedt.'

'Hoe zie jij dan dat het geen ster is, papa?' vraagt mijn zoon.

'Meestal zijn de meest heldere puntjes licht die je op Aarde kunt zien andere planeten die om de zon heen draaien. Niet alle planeten kunnen we goed zien, maar Venus en Jupiter zijn beter te zien met het blote oog, dan welke ster dan ook.'

<strong>Explosies</strong>
We kijken een moment in stilte omhoog. Mijn zoon ziet waarschijnlijk rustgevende stipjes in het duister. Ik zie stormen, explosies, werelden waar het klimaat zo agressief is dat de mens er niet kan bestaan. Elke ster die wij zien kan al vergaan zijn, geëxplodeerd tot een nevel, waaruit weer nieuwe werelden kunnen ontstaan. Wij zijn allemaal gemaakt van het stof dat voortkomt uit stervende sterren. Dat zal ik hem ooit allemaal vertellen.

'Ik vind het heel mooi,' zegt mijn zoon. 'Maar nu wil ik naar binnen, want ik wil niet te lang in de kou staan met mijn blote ogen.'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/davedehetre/" target="_blank">davedehetre</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>&#8216;Papa, mag ik nog even naar de sterren kijken, voordat we naar binnen gaan,&#8217; vraagt mijn zoon. Ik ben nog in de schuur bezig met het wegzetten van de fietsen. Als ze op hun plek staan ga ik naar buiten en ik kijk naar de lucht, die opvallend helder is en veel van haar schoonheid laat zien.<span id="more-34713"></span></p>
<p><strong>Plejaden</strong><br />
Ik hurk naast Wessel neer. &#8216;Zie je daar die drie sterren, die heel dicht bij elkaar staan,&#8217; vraag ik en ik wijs net zo lang totdat ik zie dat hij in de juiste richting kijkt. &#8216;Dat is de riem van Orion. Dat is een sterrenbeeld, het stelt een jager voor.&#8217; Daarna wijs ik naar een andere plek. &#8216;Als je heel goed kijkt zie je daar een heleboel sterretjes bij elkaar. Dat zijn de Plejaden. Dat is een groepje van jonge sterren. Zie je ze?&#8217;</p>
<p>&#8216;Die vijf sterren daar staan in de vorm van een letter die jij heel goed kent. Het is het sterrenbeeld Casiopea. De sterren vormen samen de letter &#8216;W&#8217;, zoals in jouw en mijn naam,&#8217; zeg ik. Mocht Myrthe ooit interesse tonen in de sterren, dan vertel ik gewoon dat het de letter &#8216;M&#8217;, is. Zo kunnen allebei onze kinderen de beginletter van hun naam opzoeken in de nachtelijke hemel.</p>
<p><strong>Fascinerend</strong><br />
Ik was niet veel ouder dan mijn zoon, toen ik ook interesse begon te krijgen in het universum. Het is geen comfortabele hobby, want in de zomer stellen de nachten weinig voor. Je moet echt de kou trotseren als je de mooiste hemelobjecten wil zien. Nog altijd vind ik het fascinerend. Het licht van de sterren heeft er een reis opzitten van vele jaren. Wat wij zien is een afdruk van het verleden. We zien licht dat er al was voordat we werden geboren.</p>
<p>Mijn zoon weet daar allemaal nog niets vanaf, maar toch vindt hij het mooi. Hij wijst naar het meest heldere puntje en zegt dat het de grootste ster is die hij kan zien. &#8216;Dat is geen ster,&#8217; zeg ik. &#8216;Dat is een planeet, waarschijnlijk Jupiter. Dat is een bol van gas, die nog veel groter is dan de Aarde. Het is een reus van een planeet, waar het altijd stormt. Er is een wervelwind die je vanaf de Aarde kunt zien en die al jaren woedt.&#8217;</p>
<p>&#8216;Hoe zie jij dan dat het geen ster is, papa?&#8217; vraagt mijn zoon.</p>
<p>&#8216;Meestal zijn de meest heldere puntjes licht die je op Aarde kunt zien andere planeten die om de zon heen draaien. Niet alle planeten kunnen we goed zien, maar Venus en Jupiter zijn beter te zien met het blote oog, dan welke ster dan ook.&#8217;</p>
<p><strong>Explosies</strong><br />
We kijken een moment in stilte omhoog. Mijn zoon ziet waarschijnlijk rustgevende stipjes in het duister. Ik zie stormen, explosies, werelden waar het klimaat zo agressief is dat de mens er niet kan bestaan. Elke ster die wij zien kan al vergaan zijn, geëxplodeerd tot een nevel, waaruit weer nieuwe werelden kunnen ontstaan. Wij zijn allemaal gemaakt van het stof dat voortkomt uit stervende sterren. Dat zal ik hem ooit allemaal vertellen.</p>
<p>&#8216;Ik vind het heel mooi,&#8217; zegt mijn zoon. &#8216;Maar nu wil ik naar binnen, want ik wil niet te lang in de kou staan met mijn blote ogen.&#8217;</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/davedehetre/" target="_blank">davedehetre</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/14/kinderen-astronomie-sterren-hobby-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>5</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/plejade_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA['Papa, mag ik nog even naar de sterren kijken, voordat we naar binnen gaan,' vraagt mijn zoon. Ik ben nog in de schuur bezig met het wegzetten van de fietsen. Als ze op hun plek staan ga ik naar buiten en ik kijk naar de lucht, die opvallend helder is en veel van haar schoonheid laat zien.<!--more-->

<strong>Plejaden</strong>
Ik hurk naast Wessel neer. 'Zie je daar die drie sterren, die heel dicht bij elkaar staan,' vraag ik en ik wijs net zo lang totdat ik zie dat hij in de juiste richting kijkt. 'Dat is de riem van Orion. Dat is een sterrenbeeld, het stelt een jager voor.' Daarna wijs ik naar een andere plek. 'Als je heel goed kijkt zie je daar een heleboel sterretjes bij elkaar. Dat zijn de Plejaden. Dat is een groepje van jonge sterren. Zie je ze?'

'Die vijf sterren daar staan in de vorm van een letter die jij heel goed kent. Het is het sterrenbeeld Casiopea. De sterren vormen samen de letter 'W', zoals in jouw en mijn naam,' zeg ik. Mocht Myrthe ooit interesse tonen in de sterren, dan vertel ik gewoon dat het de letter 'M', is. Zo kunnen allebei onze kinderen de beginletter van hun naam opzoeken in de nachtelijke hemel.

<strong>Fascinerend</strong>
Ik was niet veel ouder dan mijn zoon, toen ik ook interesse begon te krijgen in het universum. Het is geen comfortabele hobby, want in de zomer stellen de nachten weinig voor. Je moet echt de kou trotseren als je de mooiste hemelobjecten wil zien. Nog altijd vind ik het fascinerend. Het licht van de sterren heeft er een reis opzitten van vele jaren. Wat wij zien is een afdruk van het verleden. We zien licht dat er al was voordat we werden geboren.

Mijn zoon weet daar allemaal nog niets vanaf, maar toch vindt hij het mooi. Hij wijst naar het meest heldere puntje en zegt dat het de grootste ster is die hij kan zien. 'Dat is geen ster,' zeg ik. 'Dat is een planeet, waarschijnlijk Jupiter. Dat is een bol van gas, die nog veel groter is dan de Aarde. Het is een reus van een planeet, waar het altijd stormt. Er is een wervelwind die je vanaf de Aarde kunt zien en die al jaren woedt.'

'Hoe zie jij dan dat het geen ster is, papa?' vraagt mijn zoon.

'Meestal zijn de meest heldere puntjes licht die je op Aarde kunt zien andere planeten die om de zon heen draaien. Niet alle planeten kunnen we goed zien, maar Venus en Jupiter zijn beter te zien met het blote oog, dan welke ster dan ook.'

<strong>Explosies</strong>
We kijken een moment in stilte omhoog. Mijn zoon ziet waarschijnlijk rustgevende stipjes in het duister. Ik zie stormen, explosies, werelden waar het klimaat zo agressief is dat de mens er niet kan bestaan. Elke ster die wij zien kan al vergaan zijn, geëxplodeerd tot een nevel, waaruit weer nieuwe werelden kunnen ontstaan. Wij zijn allemaal gemaakt van het stof dat voortkomt uit stervende sterren. Dat zal ik hem ooit allemaal vertellen.

'Ik vind het heel mooi,' zegt mijn zoon. 'Maar nu wil ik naar binnen, want ik wil niet te lang in de kou staan met mijn blote ogen.'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/davedehetre/" target="_blank">davedehetre</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Restaurantblunders</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/12/sushi-restaurant-blunders-ongeluk-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/12/sushi-restaurant-blunders-ongeluk-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 12 Jan 2012 11:34:28 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Eten & drinken]]></category>
		<category><![CDATA[Humor]]></category>
		<category><![CDATA[Uitgaan]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[blunder]]></category>
		<category><![CDATA[ongeluk]]></category>
		<category><![CDATA[restaurant]]></category>
		<category><![CDATA[sushi]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34675</guid>
		<description><![CDATA[Er gingen mails over en weer tussen mij en een vriendin. We probeerden af te stemmen waar wij met onze partners ergens zouden gaan eten. Ik deed een voorstel: sushi. Dat vond zij geen optie.<!--more--> Zij en haar man staan niet graag voor verrassingen, daarnaast bestaat er heel wat eetbaars op de wereld dat zij absoluut niet eten. De Griek of de Mexicaan moest het worden. We besloten dat het wel zo fair was om de meest lastige onder alle eters te laten beslissen. Dus zij stuurde een mail naar haar man.

<strong>Klont</strong>
'Hij wil sushi,' stond er in de mail die ik daarna ontving. Dus het werd Sushi in Breda. Daarom liepen mijn vrouw en ik twee dagen later naar restaurant Ume, waar we werden opgewacht door onze vrienden. We kwamen ietwat te laat, omdat we eerst nog moesten worden bedaard door onze oppas van zestien jaar oud, die ons ervan verzekerde dat alles heus wel goed zou komen als wij op stap zouden gaan. 'Hebben jullie al een ronde gehad,' vroeg ik en ik wees op de klont wasabi, waar al flink wat van weg was.

'We hebben alleen van het voorgerecht gesnoept,' zei onze vriendin. 'Dat is pittig spul joh.'

Ik wees naar het schaaltje waarop gember lag en een halve dot wasabi. 'Dat is geen voorgerecht hoor. Dat hoor je bij de sushi te eten.'

<strong>Heerlijkheden</strong>
We namen één voor één de kaart ter hand en bestelden wat we wilden eten. Heerlijk vind ik dat, kiezen uit allemaal kleine hapjes. Zodra de kaart is ingevuld, komen ze steeds weer schaaltjes brengen met allerlei heerlijkheden erop. Zo houd je het wel een hele avond vol. Lekker keuvelen en onderwijl hapjes eten.

'Wat heb je daar bij je hand gedaan,' vroeg onze vriendin.

'Van mijn fiets gevallen,' verklaarde ik. 'Dat stuur van mij is verstelbaar. Als je een klepje openmaakt kan het hele mechaniek bewegen. Dat hoort alleen niet te gebeuren als ik aan het fietsen ben en zeker niet wanneer ik van een schuine helling afrijd. Maar dat gebeurde dus wel. Dus ik dook over mijn stuur heen, verloor mijn evenwicht en wist daarbij nog net de reling vast te pakken.'

<strong>Schade</strong>
De schade liep ik vooral op aan mijn linkerhand, aan twee vingers waarvan de knokkels nu open liggen. Het doet alleen pijn als ik de letters x, s, w, c, d, e en de getallen 2 en 3 typ. Gelukkig zitten die allemaal maar 680 keer in deze blog.

'En ik heb een flinke kras op mijn been,' zei ik en ik illustreerde hoe groot, door mijn been op te tillen en er met duim en vinger op aan te geven hoe groot de schade daar was.

'Pfoe. Je overdrijft,' zei mijn vrouw vrij hard, want ze was zeker van haar zaak. 'Zo groot is 'ie niet hoor.'

'Echt wel,' zei ik verontwaardigd en daardoor ook iets te hard. Ineens leken we wel zo'n stel dat hardop ruzie maakt in een restaurant. 'Jij weet heus wel hoe groot hij is,' zei ik.

Mijn vrouw stak haar hand voor zich uit. Met duim en wijsvinger beeldde zij de grootte uit, zo'n drie tot vier centimeter. 'Echt, hij is maar zo groot.'

Pas daarna kregen we door dat er mensen naar ons zaten te kijken.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/zoeshuttleworth/" target="_blank">ZoeShuttleworth</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Er gingen mails over en weer tussen mij en een vriendin. We probeerden af te stemmen waar wij met onze partners ergens zouden gaan eten. Ik deed een voorstel: sushi. Dat vond zij geen optie.<span id="more-34675"></span> Zij en haar man staan niet graag voor verrassingen, daarnaast bestaat er heel wat eetbaars op de wereld dat zij absoluut niet eten. De Griek of de Mexicaan moest het worden. We besloten dat het wel zo fair was om de meest lastige onder alle eters te laten beslissen. Dus zij stuurde een mail naar haar man.</p>
<p><strong>Klont</strong><br />
&#8216;Hij wil sushi,&#8217; stond er in de mail die ik daarna ontving. Dus het werd Sushi in Breda. Daarom liepen mijn vrouw en ik twee dagen later naar restaurant Ume, waar we werden opgewacht door onze vrienden. We kwamen ietwat te laat, omdat we eerst nog moesten worden bedaard door onze oppas van zestien jaar oud, die ons ervan verzekerde dat alles heus wel goed zou komen als wij op stap zouden gaan. &#8216;Hebben jullie al een ronde gehad,&#8217; vroeg ik en ik wees op de klont wasabi, waar al flink wat van weg was.</p>
<p>&#8216;We hebben alleen van het voorgerecht gesnoept,&#8217; zei onze vriendin. &#8216;Dat is pittig spul joh.&#8217;</p>
<p>Ik wees naar het schaaltje waarop gember lag en een halve dot wasabi. &#8216;Dat is geen voorgerecht hoor. Dat hoor je bij de sushi te eten.&#8217;</p>
<p><strong>Heerlijkheden</strong><br />
We namen één voor één de kaart ter hand en bestelden wat we wilden eten. Heerlijk vind ik dat, kiezen uit allemaal kleine hapjes. Zodra de kaart is ingevuld, komen ze steeds weer schaaltjes brengen met allerlei heerlijkheden erop. Zo houd je het wel een hele avond vol. Lekker keuvelen en onderwijl hapjes eten.</p>
<p>&#8216;Wat heb je daar bij je hand gedaan,&#8217; vroeg onze vriendin.</p>
<p>&#8216;Van mijn fiets gevallen,&#8217; verklaarde ik. &#8216;Dat stuur van mij is verstelbaar. Als je een klepje openmaakt kan het hele mechaniek bewegen. Dat hoort alleen niet te gebeuren als ik aan het fietsen ben en zeker niet wanneer ik van een schuine helling afrijd. Maar dat gebeurde dus wel. Dus ik dook over mijn stuur heen, verloor mijn evenwicht en wist daarbij nog net de reling vast te pakken.&#8217;</p>
<p><strong>Schade</strong><br />
De schade liep ik vooral op aan mijn linkerhand, aan twee vingers waarvan de knokkels nu open liggen. Het doet alleen pijn als ik de letters x, s, w, c, d, e en de getallen 2 en 3 typ. Gelukkig zitten die allemaal maar 680 keer in deze blog.</p>
<p>&#8216;En ik heb een flinke kras op mijn been,&#8217; zei ik en ik illustreerde hoe groot, door mijn been op te tillen en er met duim en vinger op aan te geven hoe groot de schade daar was.</p>
<p>&#8216;Pfoe. Je overdrijft,&#8217; zei mijn vrouw vrij hard, want ze was zeker van haar zaak. &#8216;Zo groot is &#8216;ie niet hoor.&#8217;</p>
<p>&#8216;Echt wel,&#8217; zei ik verontwaardigd en daardoor ook iets te hard. Ineens leken we wel zo&#8217;n stel dat hardop ruzie maakt in een restaurant. &#8216;Jij weet heus wel hoe groot hij is,&#8217; zei ik.</p>
<p>Mijn vrouw stak haar hand voor zich uit. Met duim en wijsvinger beeldde zij de grootte uit, zo&#8217;n drie tot vier centimeter. &#8216;Echt, hij is maar zo groot.&#8217;</p>
<p>Pas daarna kregen we door dat er mensen naar ons zaten te kijken.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/zoeshuttleworth/" target="_blank">ZoeShuttleworth</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/12/sushi-restaurant-blunders-ongeluk-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/sushi2_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Er gingen mails over en weer tussen mij en een vriendin. We probeerden af te stemmen waar wij met onze partners ergens zouden gaan eten. Ik deed een voorstel: sushi. Dat vond zij geen optie.<!--more--> Zij en haar man staan niet graag voor verrassingen, daarnaast bestaat er heel wat eetbaars op de wereld dat zij absoluut niet eten. De Griek of de Mexicaan moest het worden. We besloten dat het wel zo fair was om de meest lastige onder alle eters te laten beslissen. Dus zij stuurde een mail naar haar man.

<strong>Klont</strong>
'Hij wil sushi,' stond er in de mail die ik daarna ontving. Dus het werd Sushi in Breda. Daarom liepen mijn vrouw en ik twee dagen later naar restaurant Ume, waar we werden opgewacht door onze vrienden. We kwamen ietwat te laat, omdat we eerst nog moesten worden bedaard door onze oppas van zestien jaar oud, die ons ervan verzekerde dat alles heus wel goed zou komen als wij op stap zouden gaan. 'Hebben jullie al een ronde gehad,' vroeg ik en ik wees op de klont wasabi, waar al flink wat van weg was.

'We hebben alleen van het voorgerecht gesnoept,' zei onze vriendin. 'Dat is pittig spul joh.'

Ik wees naar het schaaltje waarop gember lag en een halve dot wasabi. 'Dat is geen voorgerecht hoor. Dat hoor je bij de sushi te eten.'

<strong>Heerlijkheden</strong>
We namen één voor één de kaart ter hand en bestelden wat we wilden eten. Heerlijk vind ik dat, kiezen uit allemaal kleine hapjes. Zodra de kaart is ingevuld, komen ze steeds weer schaaltjes brengen met allerlei heerlijkheden erop. Zo houd je het wel een hele avond vol. Lekker keuvelen en onderwijl hapjes eten.

'Wat heb je daar bij je hand gedaan,' vroeg onze vriendin.

'Van mijn fiets gevallen,' verklaarde ik. 'Dat stuur van mij is verstelbaar. Als je een klepje openmaakt kan het hele mechaniek bewegen. Dat hoort alleen niet te gebeuren als ik aan het fietsen ben en zeker niet wanneer ik van een schuine helling afrijd. Maar dat gebeurde dus wel. Dus ik dook over mijn stuur heen, verloor mijn evenwicht en wist daarbij nog net de reling vast te pakken.'

<strong>Schade</strong>
De schade liep ik vooral op aan mijn linkerhand, aan twee vingers waarvan de knokkels nu open liggen. Het doet alleen pijn als ik de letters x, s, w, c, d, e en de getallen 2 en 3 typ. Gelukkig zitten die allemaal maar 680 keer in deze blog.

'En ik heb een flinke kras op mijn been,' zei ik en ik illustreerde hoe groot, door mijn been op te tillen en er met duim en vinger op aan te geven hoe groot de schade daar was.

'Pfoe. Je overdrijft,' zei mijn vrouw vrij hard, want ze was zeker van haar zaak. 'Zo groot is 'ie niet hoor.'

'Echt wel,' zei ik verontwaardigd en daardoor ook iets te hard. Ineens leken we wel zo'n stel dat hardop ruzie maakt in een restaurant. 'Jij weet heus wel hoe groot hij is,' zei ik.

Mijn vrouw stak haar hand voor zich uit. Met duim en wijsvinger beeldde zij de grootte uit, zo'n drie tot vier centimeter. 'Echt, hij is maar zo groot.'

Pas daarna kregen we door dat er mensen naar ons zaten te kijken.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/zoeshuttleworth/" target="_blank">ZoeShuttleworth</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Wie de broek past</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/10/kleding-kopen-mannen-broek-schoenen-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/10/kleding-kopen-mannen-broek-schoenen-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 10 Jan 2012 12:59:58 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Humor]]></category>
		<category><![CDATA[Shoppen]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[mannen]]></category>
		<category><![CDATA[schoenen]]></category>
		<category><![CDATA[spijkerbroek]]></category>
		<category><![CDATA[winkelen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34612</guid>
		<description><![CDATA[Al een paar maanden was ik ze meer dan beu. Die schoenen. Van die halfhoge mannenlaarsjes. Een collega zei laatst nog dat ik van die gave schoenen had<!--more-->, met zo’n versleten uitstraling, alsof ik een cowboy was die net de woestijn door was gelopen. Zo had ik ze niet gekocht. Ze begonnen ook smerig te ruiken. Ik moest echt nieuwe. Maar het salaris van die maand was niet afgestemd op mijn behoefte aan nieuw schoeisel, er waren namelijk al schoenen gekocht voor de kinderen.

<strong>Versleten</strong>
Elke maand was er wel iets waar het geld aan op ging. Die schoenen raakten nog meer versleten. En er kwam een gat in mijn broek. ‘Wordt het niet eens tijd dat jij een fatsoenlijke broek koopt en een paar nieuwe schoenen,’ zei mijn vrouw.

‘Ja, ik ben het helemaal met je eens. Zal ik morgen naar de winkel gaan?’

‘Misschien kun je toch beter nog twee weekjes wachten,’ klonk het dan even later. 'Er is al genoeg geld opgegaan aan kleren deze maand.' Dat waren dan broeken voor de kinderen, of dat leuke nieuwe truitje van mijn vrouw.

<strong>Uitverkoop</strong>
Maar het is eindelijk januari, de maand van de grote uitverkoop! Op mijn versleten zolen en met een gat in mijn broek waar de punt van mijn sleutel telkens doorheen kwam piepen, liep ik de schoenenwinkel binnen. Bij de mannenschoenen trof ik allemaal laarsjes aan. Ik was ze eigenlijk al beu. Ik zocht een paar uit dat goed paste en rekende af. ‘Zo, kan ik weer een jaar vooruit,’ zei ik. De kassajuffrouw en twee vrouwen die achter me stonden, schoten in de lach. Ik was serieus, maar voor vrouwen is zo’n uitspraak blijkbaar erg grappig.

<strong>Korte beentjes</strong>
Daarna ging ik op jacht naar nieuwe spijkerbroeken. Dat was een hele onderneming, want vind maar eens broeken in mijn maat. Of er zijn heel veel mannen met dezelfde maat als ik die steeds eerder bij de broeken zijn dan ik, of ik heb gewoonweg een uniek lichaam. Ik heb maat 34 / 32 (beetje buik, beetje been). Ik moet altijd stapels broeken doorspitten voordat ik er één vind die past. Hingen broeken maar gesorteerd op maat. Dan hoefde je niet lang te zoeken naar broeken die passen. Nu zoek ik een leuke broek uit om daarna te ontdekken dat er geen enkele tussen hangt die mij past.

<strong>Supermarkt</strong>
'Dat ziet eruit als een nieuwe broek,' zei de man die gisteren achter mij stond in de rij bij de supermarkt. Ik knikte en zag dat zijn vrouw hem een stoot gaf met haar elleboog. 'Staat je leuk hoor,' zei ze, waarna ze naar me glimlachte.

'Dank je.'

'Maat vierendertig, tweeëndertig zeker,' zei de man.

'Ja. Korte beentjes hè,' zei ik, terwijl ik probeerde mijn buik in te houden. 'Knap dat je dat ziet.'

'Ik kan het lezen.'

Kort daarna liep ik de supermarkt uit met een zak broodjes, een blik knakworsten en een plakkerig strookje doorzichtig plastic met daarop een rij getallen, dat ik even daarvoor van mijn broek had afgetrokken.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/derekgavey/" target="_blank">Derek Gavey</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Al een paar maanden was ik ze meer dan beu. Die schoenen. Van die halfhoge mannenlaarsjes. Een collega zei laatst nog dat ik van die gave schoenen had<span id="more-34612"></span>, met zo’n versleten uitstraling, alsof ik een cowboy was die net de woestijn door was gelopen. Zo had ik ze niet gekocht. Ze begonnen ook smerig te ruiken. Ik moest echt nieuwe. Maar het salaris van die maand was niet afgestemd op mijn behoefte aan nieuw schoeisel, er waren namelijk al schoenen gekocht voor de kinderen.</p>
<p><strong>Versleten</strong><br />
Elke maand was er wel iets waar het geld aan op ging. Die schoenen raakten nog meer versleten. En er kwam een gat in mijn broek. ‘Wordt het niet eens tijd dat jij een fatsoenlijke broek koopt en een paar nieuwe schoenen,’ zei mijn vrouw.</p>
<p>‘Ja, ik ben het helemaal met je eens. Zal ik morgen naar de winkel gaan?’</p>
<p>‘Misschien kun je toch beter nog twee weekjes wachten,’ klonk het dan even later. &#8216;Er is al genoeg geld opgegaan aan kleren deze maand.&#8217; Dat waren dan broeken voor de kinderen, of dat leuke nieuwe truitje van mijn vrouw.</p>
<p><strong>Uitverkoop</strong><br />
Maar het is eindelijk januari, de maand van de grote uitverkoop! Op mijn versleten zolen en met een gat in mijn broek waar de punt van mijn sleutel telkens doorheen kwam piepen, liep ik de schoenenwinkel binnen. Bij de mannenschoenen trof ik allemaal laarsjes aan. Ik was ze eigenlijk al beu. Ik zocht een paar uit dat goed paste en rekende af. ‘Zo, kan ik weer een jaar vooruit,’ zei ik. De kassajuffrouw en twee vrouwen die achter me stonden, schoten in de lach. Ik was serieus, maar voor vrouwen is zo’n uitspraak blijkbaar erg grappig.</p>
<p><strong>Korte beentjes</strong><br />
Daarna ging ik op jacht naar nieuwe spijkerbroeken. Dat was een hele onderneming, want vind maar eens broeken in mijn maat. Of er zijn heel veel mannen met dezelfde maat als ik die steeds eerder bij de broeken zijn dan ik, of ik heb gewoonweg een uniek lichaam. Ik heb maat 34 / 32 (beetje buik, beetje been). Ik moet altijd stapels broeken doorspitten voordat ik er één vind die past. Hingen broeken maar gesorteerd op maat. Dan hoefde je niet lang te zoeken naar broeken die passen. Nu zoek ik een leuke broek uit om daarna te ontdekken dat er geen enkele tussen hangt die mij past.</p>
<p><strong>Supermarkt</strong><br />
&#8216;Dat ziet eruit als een nieuwe broek,&#8217; zei de man die gisteren achter mij stond in de rij bij de supermarkt. Ik knikte en zag dat zijn vrouw hem een stoot gaf met haar elleboog. &#8216;Staat je leuk hoor,&#8217; zei ze, waarna ze naar me glimlachte.</p>
<p>&#8216;Dank je.&#8217;</p>
<p>&#8216;Maat vierendertig, tweeëndertig zeker,&#8217; zei de man.</p>
<p>&#8216;Ja. Korte beentjes hè,&#8217; zei ik, terwijl ik probeerde mijn buik in te houden. &#8216;Knap dat je dat ziet.&#8217;</p>
<p>&#8216;Ik kan het lezen.&#8217;</p>
<p>Kort daarna liep ik de supermarkt uit met een zak broodjes, een blik knakworsten en een plakkerig strookje doorzichtig plastic met daarop een rij getallen, dat ik even daarvoor van mijn broek had afgetrokken.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/derekgavey/" target="_blank">Derek Gavey</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/10/kleding-kopen-mannen-broek-schoenen-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>12</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/buik_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Al een paar maanden was ik ze meer dan beu. Die schoenen. Van die halfhoge mannenlaarsjes. Een collega zei laatst nog dat ik van die gave schoenen had<!--more-->, met zo’n versleten uitstraling, alsof ik een cowboy was die net de woestijn door was gelopen. Zo had ik ze niet gekocht. Ze begonnen ook smerig te ruiken. Ik moest echt nieuwe. Maar het salaris van die maand was niet afgestemd op mijn behoefte aan nieuw schoeisel, er waren namelijk al schoenen gekocht voor de kinderen.

<strong>Versleten</strong>
Elke maand was er wel iets waar het geld aan op ging. Die schoenen raakten nog meer versleten. En er kwam een gat in mijn broek. ‘Wordt het niet eens tijd dat jij een fatsoenlijke broek koopt en een paar nieuwe schoenen,’ zei mijn vrouw.

‘Ja, ik ben het helemaal met je eens. Zal ik morgen naar de winkel gaan?’

‘Misschien kun je toch beter nog twee weekjes wachten,’ klonk het dan even later. 'Er is al genoeg geld opgegaan aan kleren deze maand.' Dat waren dan broeken voor de kinderen, of dat leuke nieuwe truitje van mijn vrouw.

<strong>Uitverkoop</strong>
Maar het is eindelijk januari, de maand van de grote uitverkoop! Op mijn versleten zolen en met een gat in mijn broek waar de punt van mijn sleutel telkens doorheen kwam piepen, liep ik de schoenenwinkel binnen. Bij de mannenschoenen trof ik allemaal laarsjes aan. Ik was ze eigenlijk al beu. Ik zocht een paar uit dat goed paste en rekende af. ‘Zo, kan ik weer een jaar vooruit,’ zei ik. De kassajuffrouw en twee vrouwen die achter me stonden, schoten in de lach. Ik was serieus, maar voor vrouwen is zo’n uitspraak blijkbaar erg grappig.

<strong>Korte beentjes</strong>
Daarna ging ik op jacht naar nieuwe spijkerbroeken. Dat was een hele onderneming, want vind maar eens broeken in mijn maat. Of er zijn heel veel mannen met dezelfde maat als ik die steeds eerder bij de broeken zijn dan ik, of ik heb gewoonweg een uniek lichaam. Ik heb maat 34 / 32 (beetje buik, beetje been). Ik moet altijd stapels broeken doorspitten voordat ik er één vind die past. Hingen broeken maar gesorteerd op maat. Dan hoefde je niet lang te zoeken naar broeken die passen. Nu zoek ik een leuke broek uit om daarna te ontdekken dat er geen enkele tussen hangt die mij past.

<strong>Supermarkt</strong>
'Dat ziet eruit als een nieuwe broek,' zei de man die gisteren achter mij stond in de rij bij de supermarkt. Ik knikte en zag dat zijn vrouw hem een stoot gaf met haar elleboog. 'Staat je leuk hoor,' zei ze, waarna ze naar me glimlachte.

'Dank je.'

'Maat vierendertig, tweeëndertig zeker,' zei de man.

'Ja. Korte beentjes hè,' zei ik, terwijl ik probeerde mijn buik in te houden. 'Knap dat je dat ziet.'

'Ik kan het lezen.'

Kort daarna liep ik de supermarkt uit met een zak broodjes, een blik knakworsten en een plakkerig strookje doorzichtig plastic met daarop een rij getallen, dat ik even daarvoor van mijn broek had afgetrokken.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/derekgavey/" target="_blank">Derek Gavey</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Vieze mannetjes</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/07/vieze-mannetjes-gelukkig-nieuwjaar-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/07/vieze-mannetjes-gelukkig-nieuwjaar-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 07 Jan 2012 17:05:12 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Werk]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[collega's]]></category>
		<category><![CDATA[handen wassen]]></category>
		<category><![CDATA[nieuwjaar]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34610</guid>
		<description><![CDATA[Er komt een collega ons kantoor binnenlopen. Hij werkt op een andere afdeling, maar is op zoek naar iemand die bij mijn op de kamer werkt. Die is er alleen niet. 'Nu ik hier toch ben kan ik net zo goed iedereen even langsgaan,' zegt hij<!--more--> en omdat ik het dichtst bij de deur zit steekt hij zijn hand naar mij uit. 'Gelukkig nieuwjaar,' zegt hij.

<strong>Handen wassen</strong>
Ik schud zijn hand met tegenzin en volg hem terwijl hij al mijn collega's stuk voor stuk afwerkt. Wanneer hij weer weg is sta ik op. 'Ik ben even weg, ik ga mijn handen wassen.'

'Waarom ging je nou je handen wassen,' vraagt een collega nadat ik weer plaats heb genomen achter mijn bureau.

'Die man kom ik zo nu en dan tegen bij de toiletten en ik heb hem na het plassen nog geen enkele keer zijn handen zien wassen,' zeg ik. Ik zie allemaal hoofden opkijken van hun monitor. Ze hebben me gehoord.

<strong>Irritant</strong>
‘Zeg, heb ik jou eigenlijk al een gelukkig Nieuwjaar gewenst,’ zegt een collega en hij loopt naar me toe. Hij heeft me al lang zijn gelukswensen overgebracht, dat weten we allebei, maar hij blijft met uitgestoken hand voor me staan, met zijn vingers vlak voor mijn gezicht. Dat is hoogst irritant, dus ik schud zijn hand om van hem af te zijn.

‘Zo, kun je weer je handen gaan wassen,' zegt hij, 'want mijn hand heeft hij ook vastgepakt.' Met die opmerking heeft hij de lachers op zijn hand. Hij loopt naar de deur. 'Maar hij heeft ook de klink vastgepakt. Die is ook vies. Wat nu? Nu kun je niet meer weg,' zegt hij. Zal ik hem maar voor je openhouden? Of wacht!' Hij pakt een stuk van zijn trui vast en poetst de klink zuiver tot hilariteit van de collega's.

<strong>Bah</strong>
Ik smeer mijn hand af aan mijn broek en onderdruk de neiging om te gaan. Maar na vijf minuten houd ik het niet meer. Steeds weer zie ik in mijn gedachten een toilet opengaan, waaruit die man tevoorschijn om daarna weg te lopen zonder zijn handen te wassen. Bah.

Als ik het idee heb dat iedereen weer aan het werk is, sta ik toch maar op. Terwijl ik terugloop naar de toiletten, zie ik haar staan: de vrouw die al mijn collega's kennen omdat ze de knapste is van de verdieping, misschien wel van het hele gebouw. Ze draagt vandaag een rokje en een strak truitje. Zo te zien is het haar eerste dag terug op het werk na de jaarwisseling, want ze wordt omringd door haar eigen collega's. Voordat ik bij haar ben komt er een man uit een kantoor lopen. Hij steekt zijn hand naar haar uit en daarna kussen ze elkaar op de wangen. Ik kan achter hem aansluiten, maar ik ken haar alleen van het hallo-zeggen en durf het niet.

<strong>Blondine</strong>
'Zeker weer je handen gaan wassen,' klinkt het als ik terug ben bij mijn werkplek.

<strong></strong>'Ja, maar voordat je me uitlacht. Ik heb net die leuke blondine een gelukkig nieuwjaar kunnen wensen. Ze stond toevallig ook op de gang.'

Het blijft even stil. Daarna zie ik een collega opstaan. Al snel volgen er twee zijn voorbeeld. 'Ik geloof dat ik ook maar even mijn handen ga wassen,' zegt er één en dan lopen ze en masse ons kantoor uit.

Vieze mannetjes.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/buddawiggi/" target="_blank">buddawiggi</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Er komt een collega ons kantoor binnenlopen. Hij werkt op een andere afdeling, maar is op zoek naar iemand die bij mijn op de kamer werkt. Die is er alleen niet. &#8216;Nu ik hier toch ben kan ik net zo goed iedereen even langsgaan,&#8217; zegt hij<span id="more-34610"></span> en omdat ik het dichtst bij de deur zit steekt hij zijn hand naar mij uit. &#8216;Gelukkig nieuwjaar,&#8217; zegt hij.</p>
<p><strong>Handen wassen</strong><br />
Ik schud zijn hand met tegenzin en volg hem terwijl hij al mijn collega&#8217;s stuk voor stuk afwerkt. Wanneer hij weer weg is sta ik op. &#8216;Ik ben even weg, ik ga mijn handen wassen.&#8217;</p>
<p>&#8216;Waarom ging je nou je handen wassen,&#8217; vraagt een collega nadat ik weer plaats heb genomen achter mijn bureau.</p>
<p>&#8216;Die man kom ik zo nu en dan tegen bij de toiletten en ik heb hem na het plassen nog geen enkele keer zijn handen zien wassen,&#8217; zeg ik. Ik zie allemaal hoofden opkijken van hun monitor. Ze hebben me gehoord.</p>
<p><strong>Irritant</strong><br />
‘Zeg, heb ik jou eigenlijk al een gelukkig Nieuwjaar gewenst,’ zegt een collega en hij loopt naar me toe. Hij heeft me al lang zijn gelukswensen overgebracht, dat weten we allebei, maar hij blijft met uitgestoken hand voor me staan, met zijn vingers vlak voor mijn gezicht. Dat is hoogst irritant, dus ik schud zijn hand om van hem af te zijn.</p>
<p>‘Zo, kun je weer je handen gaan wassen,&#8217; zegt hij, &#8216;want mijn hand heeft hij ook vastgepakt.&#8217; Met die opmerking heeft hij de lachers op zijn hand. Hij loopt naar de deur. &#8216;Maar hij heeft ook de klink vastgepakt. Die is ook vies. Wat nu? Nu kun je niet meer weg,&#8217; zegt hij. Zal ik hem maar voor je openhouden? Of wacht!&#8217; Hij pakt een stuk van zijn trui vast en poetst de klink zuiver tot hilariteit van de collega&#8217;s.</p>
<p><strong>Bah</strong><br />
Ik smeer mijn hand af aan mijn broek en onderdruk de neiging om te gaan. Maar na vijf minuten houd ik het niet meer. Steeds weer zie ik in mijn gedachten een toilet opengaan, waaruit die man tevoorschijn om daarna weg te lopen zonder zijn handen te wassen. Bah.</p>
<p>Als ik het idee heb dat iedereen weer aan het werk is, sta ik toch maar op. Terwijl ik terugloop naar de toiletten, zie ik haar staan: de vrouw die al mijn collega&#8217;s kennen omdat ze de knapste is van de verdieping, misschien wel van het hele gebouw. Ze draagt vandaag een rokje en een strak truitje. Zo te zien is het haar eerste dag terug op het werk na de jaarwisseling, want ze wordt omringd door haar eigen collega&#8217;s. Voordat ik bij haar ben komt er een man uit een kantoor lopen. Hij steekt zijn hand naar haar uit en daarna kussen ze elkaar op de wangen. Ik kan achter hem aansluiten, maar ik ken haar alleen van het hallo-zeggen en durf het niet.</p>
<p><strong>Blondine</strong><br />
&#8216;Zeker weer je handen gaan wassen,&#8217; klinkt het als ik terug ben bij mijn werkplek.</p>
<p><strong></strong>&#8216;Ja, maar voordat je me uitlacht. Ik heb net die leuke blondine een gelukkig nieuwjaar kunnen wensen. Ze stond toevallig ook op de gang.&#8217;</p>
<p>Het blijft even stil. Daarna zie ik een collega opstaan. Al snel volgen er twee zijn voorbeeld. &#8216;Ik geloof dat ik ook maar even mijn handen ga wassen,&#8217; zegt er één en dan lopen ze en masse ons kantoor uit.</p>
<p>Vieze mannetjes.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/buddawiggi/" target="_blank">buddawiggi</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/07/vieze-mannetjes-gelukkig-nieuwjaar-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>8</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/handshake_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Er komt een collega ons kantoor binnenlopen. Hij werkt op een andere afdeling, maar is op zoek naar iemand die bij mijn op de kamer werkt. Die is er alleen niet. 'Nu ik hier toch ben kan ik net zo goed iedereen even langsgaan,' zegt hij<!--more--> en omdat ik het dichtst bij de deur zit steekt hij zijn hand naar mij uit. 'Gelukkig nieuwjaar,' zegt hij.

<strong>Handen wassen</strong>
Ik schud zijn hand met tegenzin en volg hem terwijl hij al mijn collega's stuk voor stuk afwerkt. Wanneer hij weer weg is sta ik op. 'Ik ben even weg, ik ga mijn handen wassen.'

'Waarom ging je nou je handen wassen,' vraagt een collega nadat ik weer plaats heb genomen achter mijn bureau.

'Die man kom ik zo nu en dan tegen bij de toiletten en ik heb hem na het plassen nog geen enkele keer zijn handen zien wassen,' zeg ik. Ik zie allemaal hoofden opkijken van hun monitor. Ze hebben me gehoord.

<strong>Irritant</strong>
‘Zeg, heb ik jou eigenlijk al een gelukkig Nieuwjaar gewenst,’ zegt een collega en hij loopt naar me toe. Hij heeft me al lang zijn gelukswensen overgebracht, dat weten we allebei, maar hij blijft met uitgestoken hand voor me staan, met zijn vingers vlak voor mijn gezicht. Dat is hoogst irritant, dus ik schud zijn hand om van hem af te zijn.

‘Zo, kun je weer je handen gaan wassen,' zegt hij, 'want mijn hand heeft hij ook vastgepakt.' Met die opmerking heeft hij de lachers op zijn hand. Hij loopt naar de deur. 'Maar hij heeft ook de klink vastgepakt. Die is ook vies. Wat nu? Nu kun je niet meer weg,' zegt hij. Zal ik hem maar voor je openhouden? Of wacht!' Hij pakt een stuk van zijn trui vast en poetst de klink zuiver tot hilariteit van de collega's.

<strong>Bah</strong>
Ik smeer mijn hand af aan mijn broek en onderdruk de neiging om te gaan. Maar na vijf minuten houd ik het niet meer. Steeds weer zie ik in mijn gedachten een toilet opengaan, waaruit die man tevoorschijn om daarna weg te lopen zonder zijn handen te wassen. Bah.

Als ik het idee heb dat iedereen weer aan het werk is, sta ik toch maar op. Terwijl ik terugloop naar de toiletten, zie ik haar staan: de vrouw die al mijn collega's kennen omdat ze de knapste is van de verdieping, misschien wel van het hele gebouw. Ze draagt vandaag een rokje en een strak truitje. Zo te zien is het haar eerste dag terug op het werk na de jaarwisseling, want ze wordt omringd door haar eigen collega's. Voordat ik bij haar ben komt er een man uit een kantoor lopen. Hij steekt zijn hand naar haar uit en daarna kussen ze elkaar op de wangen. Ik kan achter hem aansluiten, maar ik ken haar alleen van het hallo-zeggen en durf het niet.

<strong>Blondine</strong>
'Zeker weer je handen gaan wassen,' klinkt het als ik terug ben bij mijn werkplek.

<strong></strong>'Ja, maar voordat je me uitlacht. Ik heb net die leuke blondine een gelukkig nieuwjaar kunnen wensen. Ze stond toevallig ook op de gang.'

Het blijft even stil. Daarna zie ik een collega opstaan. Al snel volgen er twee zijn voorbeeld. 'Ik geloof dat ik ook maar even mijn handen ga wassen,' zegt er één en dan lopen ze en masse ons kantoor uit.

Vieze mannetjes.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/buddawiggi/" target="_blank">buddawiggi</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>De Playboy</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/05/playboy-tijdschrift-cadeau-seks-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/05/playboy-tijdschrift-cadeau-seks-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 05 Jan 2012 11:34:46 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Relatie]]></category>
		<category><![CDATA[Seks]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[borsten]]></category>
		<category><![CDATA[playboy]]></category>
		<category><![CDATA[tieten]]></category>
		<category><![CDATA[tijdschrift]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34563</guid>
		<description><![CDATA[Er zat een envelop bij de post met mijn naam erop. Ik maakte hem open en trof een doosje aan met daarop de tekst. 'Bladcadeau'. Een cadeau-abonnement op een blad naar keuze. In het doosje zat een boekje met daarin een overzicht van de tijdschriften waaruit ik kon kiezen.<!--more--> Het was een dik boekje met heel veel titels om uit te kiezen. Ik bladerde het door. Wat moest ik kiezen? Het was me niet meteen duidelijk.

'De Playboy,' zei mijn vrouw met fonkelende ogen.

<strong>Benzinepomp</strong>
De Playboy, hét magazine voor mannen. Er stond een heel klein plaatje van het tijdschrift in het boekje, een sterk verkleinde afbeelding van een dame met borsten die ik achter mijn pink kon verbergen. Ik heb het tijdschrift nooit durven kopen. Zoiets gooi je niet even tussen de boodschappen op de lopende band in de supermarkt. Melk. Brood. Tieten. Het past er niet echt tussen. Als ik het tijdschrift zou kopen, zou ik het in een benzinepomp halen in een uithoek van het land.

<strong>Gelukkig</strong>
Het is niet dat ik niets om blote vrouwen geef. Juist wel. Ik kijk er graag naar. Sinds bewezen is dat mannen gelukkiger worden wanneer ze sporadisch een blote, vrouwelijke borstpartij zien, probeer ik toch wel met enige regelmaat wat aan mijn geluk te doen. Maar als ik blote tieten wil zien heb ik daar geen tijdschrift voor nodig. Het aanbod is gewoonweg erg beperkt in zo'n blad. Op het Internet daarentegen is het aanbod duizelingwekkend groot. Misschien zijn er in de digitale wereld zelfs meer borsten te vinden dan dat er in werkelijkheid echt zijn.

<strong>Google</strong>
Als je zo graag borsten wilt zien, dan Google je die toch? Dan kun je meteen borsten van je eigen gading zoeken. De Playboy hoeft mannen niet meer voor te schrijven hoe borsten eruit horen te zien. Daarom denk ik ook dat er nog maar weinig mannen zijn die de Playboy ook echt kopen voor de blootreportages. Misschien nog wel als er een bekende vrouw in staat waarvan de foto's voor de afwisseling nog niet zijn uitgelekt op het Internet. Ik denk echt dat mannen die nu een abonnement nemen op de Playboy dat ook echt doen vanwege de interessante interviews.

'Dus jij vindt het goed als ik de Playboy kies,' zei ik.

<strong>Kiezen</strong>
'Het is jouw cadeau. Jij moet maar zelf kiezen,' antwoordde ze. Dat klonk ineens heel wat minder enthousiast. Ook de fonkeling was weg uit haar ogen, misschien omdat ik het nu zelf als serieuze optie presenteerde. Was het soms haar opzet geweest om een reactie bij mij uit te lokken over de Playboy, bij voorkeur een reactie die haar goed zou bevallen. Wilde zij dat ik de Playboy zou verguizen: 'Dat is toch niets voor mij. Ik geef daar niet om hoor, al dat bloot, dat heb ik allemaal al een keer gezien. Ik heb jou, als jij je uitkleed vind ik dat al bloot genoeg.'

<strong>Ondeugend</strong>
Ik bladerde nog eens rustig door het boekje heen. 'Misschien dat ik dan toch maar voor de Playboy ga,' zei ik. Mijn vrouw liet haar Viva op schoot zakken en keek naar mij. Ik keek terug met de hoop dat mijn ogen iets van ondeugende pret uitstraalden. Daarna ging ik tegenover haar op de bank zitten met de laptop op schoot, om op de website van bladcadeau mijn definitieve keuze te maken: 'Disney XD Junior', de kinderen gaan dat helemaal geweldig vinden.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/tonythemisfit/" target="_blank">Tony the Misfit</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Er zat een envelop bij de post met mijn naam erop. Ik maakte hem open en trof een doosje aan met daarop de tekst. &#8216;Bladcadeau&#8217;. Een cadeau-abonnement op een blad naar keuze. In het doosje zat een boekje met daarin een overzicht van de tijdschriften waaruit ik kon kiezen.<span id="more-34563"></span> Het was een dik boekje met heel veel titels om uit te kiezen. Ik bladerde het door. Wat moest ik kiezen? Het was me niet meteen duidelijk.</p>
<p>&#8216;De Playboy,&#8217; zei mijn vrouw met fonkelende ogen.</p>
<p><strong>Benzinepomp</strong><br />
De Playboy, hét magazine voor mannen. Er stond een heel klein plaatje van het tijdschrift in het boekje, een sterk verkleinde afbeelding van een dame met borsten die ik achter mijn pink kon verbergen. Ik heb het tijdschrift nooit durven kopen. Zoiets gooi je niet even tussen de boodschappen op de lopende band in de supermarkt. Melk. Brood. Tieten. Het past er niet echt tussen. Als ik het tijdschrift zou kopen, zou ik het in een benzinepomp halen in een uithoek van het land.</p>
<p><strong>Gelukkig</strong><br />
Het is niet dat ik niets om blote vrouwen geef. Juist wel. Ik kijk er graag naar. Sinds bewezen is dat mannen gelukkiger worden wanneer ze sporadisch een blote, vrouwelijke borstpartij zien, probeer ik toch wel met enige regelmaat wat aan mijn geluk te doen. Maar als ik blote tieten wil zien heb ik daar geen tijdschrift voor nodig. Het aanbod is gewoonweg erg beperkt in zo&#8217;n blad. Op het Internet daarentegen is het aanbod duizelingwekkend groot. Misschien zijn er in de digitale wereld zelfs meer borsten te vinden dan dat er in werkelijkheid echt zijn.</p>
<p><strong>Google</strong><br />
Als je zo graag borsten wilt zien, dan Google je die toch? Dan kun je meteen borsten van je eigen gading zoeken. De Playboy hoeft mannen niet meer voor te schrijven hoe borsten eruit horen te zien. Daarom denk ik ook dat er nog maar weinig mannen zijn die de Playboy ook echt kopen voor de blootreportages. Misschien nog wel als er een bekende vrouw in staat waarvan de foto&#8217;s voor de afwisseling nog niet zijn uitgelekt op het Internet. Ik denk echt dat mannen die nu een abonnement nemen op de Playboy dat ook echt doen vanwege de interessante interviews.</p>
<p>&#8216;Dus jij vindt het goed als ik de Playboy kies,&#8217; zei ik.</p>
<p><strong>Kiezen</strong><br />
&#8216;Het is jouw cadeau. Jij moet maar zelf kiezen,&#8217; antwoordde ze. Dat klonk ineens heel wat minder enthousiast. Ook de fonkeling was weg uit haar ogen, misschien omdat ik het nu zelf als serieuze optie presenteerde. Was het soms haar opzet geweest om een reactie bij mij uit te lokken over de Playboy, bij voorkeur een reactie die haar goed zou bevallen. Wilde zij dat ik de Playboy zou verguizen: &#8216;Dat is toch niets voor mij. Ik geef daar niet om hoor, al dat bloot, dat heb ik allemaal al een keer gezien. Ik heb jou, als jij je uitkleed vind ik dat al bloot genoeg.&#8217;</p>
<p><strong>Ondeugend</strong><br />
Ik bladerde nog eens rustig door het boekje heen. &#8216;Misschien dat ik dan toch maar voor de Playboy ga,&#8217; zei ik. Mijn vrouw liet haar Viva op schoot zakken en keek naar mij. Ik keek terug met de hoop dat mijn ogen iets van ondeugende pret uitstraalden. Daarna ging ik tegenover haar op de bank zitten met de laptop op schoot, om op de website van bladcadeau mijn definitieve keuze te maken: &#8216;Disney XD Junior&#8217;, de kinderen gaan dat helemaal geweldig vinden.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/tonythemisfit/" target="_blank">Tony the Misfit</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/05/playboy-tijdschrift-cadeau-seks-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>12</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/playboy_1353.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Er zat een envelop bij de post met mijn naam erop. Ik maakte hem open en trof een doosje aan met daarop de tekst. 'Bladcadeau'. Een cadeau-abonnement op een blad naar keuze. In het doosje zat een boekje met daarin een overzicht van de tijdschriften waaruit ik kon kiezen.<!--more--> Het was een dik boekje met heel veel titels om uit te kiezen. Ik bladerde het door. Wat moest ik kiezen? Het was me niet meteen duidelijk.

'De Playboy,' zei mijn vrouw met fonkelende ogen.

<strong>Benzinepomp</strong>
De Playboy, hét magazine voor mannen. Er stond een heel klein plaatje van het tijdschrift in het boekje, een sterk verkleinde afbeelding van een dame met borsten die ik achter mijn pink kon verbergen. Ik heb het tijdschrift nooit durven kopen. Zoiets gooi je niet even tussen de boodschappen op de lopende band in de supermarkt. Melk. Brood. Tieten. Het past er niet echt tussen. Als ik het tijdschrift zou kopen, zou ik het in een benzinepomp halen in een uithoek van het land.

<strong>Gelukkig</strong>
Het is niet dat ik niets om blote vrouwen geef. Juist wel. Ik kijk er graag naar. Sinds bewezen is dat mannen gelukkiger worden wanneer ze sporadisch een blote, vrouwelijke borstpartij zien, probeer ik toch wel met enige regelmaat wat aan mijn geluk te doen. Maar als ik blote tieten wil zien heb ik daar geen tijdschrift voor nodig. Het aanbod is gewoonweg erg beperkt in zo'n blad. Op het Internet daarentegen is het aanbod duizelingwekkend groot. Misschien zijn er in de digitale wereld zelfs meer borsten te vinden dan dat er in werkelijkheid echt zijn.

<strong>Google</strong>
Als je zo graag borsten wilt zien, dan Google je die toch? Dan kun je meteen borsten van je eigen gading zoeken. De Playboy hoeft mannen niet meer voor te schrijven hoe borsten eruit horen te zien. Daarom denk ik ook dat er nog maar weinig mannen zijn die de Playboy ook echt kopen voor de blootreportages. Misschien nog wel als er een bekende vrouw in staat waarvan de foto's voor de afwisseling nog niet zijn uitgelekt op het Internet. Ik denk echt dat mannen die nu een abonnement nemen op de Playboy dat ook echt doen vanwege de interessante interviews.

'Dus jij vindt het goed als ik de Playboy kies,' zei ik.

<strong>Kiezen</strong>
'Het is jouw cadeau. Jij moet maar zelf kiezen,' antwoordde ze. Dat klonk ineens heel wat minder enthousiast. Ook de fonkeling was weg uit haar ogen, misschien omdat ik het nu zelf als serieuze optie presenteerde. Was het soms haar opzet geweest om een reactie bij mij uit te lokken over de Playboy, bij voorkeur een reactie die haar goed zou bevallen. Wilde zij dat ik de Playboy zou verguizen: 'Dat is toch niets voor mij. Ik geef daar niet om hoor, al dat bloot, dat heb ik allemaal al een keer gezien. Ik heb jou, als jij je uitkleed vind ik dat al bloot genoeg.'

<strong>Ondeugend</strong>
Ik bladerde nog eens rustig door het boekje heen. 'Misschien dat ik dan toch maar voor de Playboy ga,' zei ik. Mijn vrouw liet haar Viva op schoot zakken en keek naar mij. Ik keek terug met de hoop dat mijn ogen iets van ondeugende pret uitstraalden. Daarna ging ik tegenover haar op de bank zitten met de laptop op schoot, om op de website van bladcadeau mijn definitieve keuze te maken: 'Disney XD Junior', de kinderen gaan dat helemaal geweldig vinden.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/tonythemisfit/" target="_blank">Tony the Misfit</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Stamppot en vieze praatjes</title>
		<link>http://www.viva.nl/2012/01/03/stamppot-vieze-praatjes-kinderen-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2012/01/03/stamppot-vieze-praatjes-kinderen-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 03 Jan 2012 12:59:14 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Eten & drinken]]></category>
		<category><![CDATA[Humor]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Seks]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[boerenkool]]></category>
		<category><![CDATA[lul]]></category>
		<category><![CDATA[piemel]]></category>
		<category><![CDATA[rookworst]]></category>
		<category><![CDATA[stamppot]]></category>
		<category><![CDATA[vieze praatjes]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>
		<category><![CDATA[wernerblog]]></category>
		<category><![CDATA[worst]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34527</guid>
		<description><![CDATA[Er stond boerenkoolstamppot met worst op het menu. We gingen aan tafel zitten. De magnetron piepte en daar kwam een bord uit met daarop twee dampende rookworsten.<!--more--> 'Kijk, twee heerlijk, dikke, sappige worsten,' zei mijn vrouw.

'Jij houdt wel van een lekkere, dikke worst hè,' zei ik.

'Ik ook,' riep Myrthe.

'Wij ook,' verbeterde mijn zoon haar.

<strong>Hoofdletter U</strong>
Ik zette mijn mes in de worst en sneed een stompje af voor Wessel. Om het synchroon te houden en zodoende gezeur te voorkomen, sneed ik aan de andere zijde een net zo groot stompje af voor Myrthe. Van de hoofdletter U maakte ik zodoende een kleine letter u. We geven ze niet meteen de hele worst, want dan eten ze alleen maar het vlees op. De rest van de worst moeten ze verdienen. Voor elke twee hapjes stamppot krijgen ze dan een dikke plak.

'Dat is net de letter u,' zei mijn dochter, die met haar vijf jaar steeds meer letters van het alfabet kent. 'De kleine letter u en de grote letter u.'

Er lag nog één worst onaangeroerd op het bord. Die was voor mijn vrouw en mijzelf, dus die mocht keurig door de helft. Ik sneed de worst doormidden en maakte er zo weer heel andere letters van.

<strong>Hakken en Plakken</strong>
'Dat is net de letter L,' zei mijn dochter. Voor de grap legde ik de twee lange stukken worst aan weerszijden van het restje dat er nog lag voor de kinderen. Maar onze vijfjarige dochter blijkt al een beetje te kunnen hakken en plakken. 'l... u... l...,' las ze. 'Lul!'

Wessel keek op van zijn bord. 'Lul?'

'Wat zeg je nou?' zei ik tegen Wessel. 'Mag je dat zeggen?'

'Ja! Lul!' riep mijn dochter. 'Lul! Lul! Lul!'

'Dat is een ander woord voor piemel. Hier in dit gezin noemen wij dat piemel.'

'Ja, maar daar staat lul,' zei mijn zoon en hij begon te grinniken.

<strong>Vies woord</strong>
'Lul is een beetje een vies woord,' zei ik. 'Zeg dan maar piemel.'

'Piemul! Piemul! Piemul!' riep mijn dochter.

'Maar niet te vaak,' zei ik.

'Piemul! Piemul! Piemul!' riep mijn dochter.

'Eet je stamppot nou maar op,' bromde ik. 'Voor elke twee hapjes die je eet krijg je een stukje worst.'

'Een lekkere, dikke, sappige worst,' zei mijn vrouw, waarmee ze meteen duidelijk maakte dat de kinderen die tafelmanieren dus niet van mij hebben. Dat u het weet.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/roolrool/" target="_blank">roolrool</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Er stond boerenkoolstamppot met worst op het menu. We gingen aan tafel zitten. De magnetron piepte en daar kwam een bord uit met daarop twee dampende rookworsten.<span id="more-34527"></span> &#8216;Kijk, twee heerlijk, dikke, sappige worsten,&#8217; zei mijn vrouw.</p>
<p>&#8216;Jij houdt wel van een lekkere, dikke worst hè,&#8217; zei ik.</p>
<p>&#8216;Ik ook,&#8217; riep Myrthe.</p>
<p>&#8216;Wij ook,&#8217; verbeterde mijn zoon haar.</p>
<p><strong>Hoofdletter U</strong><br />
Ik zette mijn mes in de worst en sneed een stompje af voor Wessel. Om het synchroon te houden en zodoende gezeur te voorkomen, sneed ik aan de andere zijde een net zo groot stompje af voor Myrthe. Van de hoofdletter U maakte ik zodoende een kleine letter u. We geven ze niet meteen de hele worst, want dan eten ze alleen maar het vlees op. De rest van de worst moeten ze verdienen. Voor elke twee hapjes stamppot krijgen ze dan een dikke plak.</p>
<p>&#8216;Dat is net de letter u,&#8217; zei mijn dochter, die met haar vijf jaar steeds meer letters van het alfabet kent. &#8216;De kleine letter u en de grote letter u.&#8217;</p>
<p>Er lag nog één worst onaangeroerd op het bord. Die was voor mijn vrouw en mijzelf, dus die mocht keurig door de helft. Ik sneed de worst doormidden en maakte er zo weer heel andere letters van.</p>
<p><strong>Hakken en Plakken</strong><br />
&#8216;Dat is net de letter L,&#8217; zei mijn dochter. Voor de grap legde ik de twee lange stukken worst aan weerszijden van het restje dat er nog lag voor de kinderen. Maar onze vijfjarige dochter blijkt al een beetje te kunnen hakken en plakken. &#8216;l&#8230; u&#8230; l&#8230;,&#8217; las ze. &#8216;Lul!&#8217;</p>
<p>Wessel keek op van zijn bord. &#8216;Lul?&#8217;</p>
<p>&#8216;Wat zeg je nou?&#8217; zei ik tegen Wessel. &#8216;Mag je dat zeggen?&#8217;</p>
<p>&#8216;Ja! Lul!&#8217; riep mijn dochter. &#8216;Lul! Lul! Lul!&#8217;</p>
<p>&#8216;Dat is een ander woord voor piemel. Hier in dit gezin noemen wij dat piemel.&#8217;</p>
<p>&#8216;Ja, maar daar staat lul,&#8217; zei mijn zoon en hij begon te grinniken.</p>
<p><strong>Vies woord</strong><br />
&#8216;Lul is een beetje een vies woord,&#8217; zei ik. &#8216;Zeg dan maar piemel.&#8217;</p>
<p>&#8216;Piemul! Piemul! Piemul!&#8217; riep mijn dochter.</p>
<p>&#8216;Maar niet te vaak,&#8217; zei ik.</p>
<p>&#8216;Piemul! Piemul! Piemul!&#8217; riep mijn dochter.</p>
<p>&#8216;Eet je stamppot nou maar op,&#8217; bromde ik. &#8216;Voor elke twee hapjes die je eet krijg je een stukje worst.&#8217;</p>
<p>&#8216;Een lekkere, dikke, sappige worst,&#8217; zei mijn vrouw, waarmee ze meteen duidelijk maakte dat de kinderen die tafelmanieren dus niet van mij hebben. Dat u het weet.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/roolrool/" target="_blank">roolrool</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2012/01/03/stamppot-vieze-praatjes-kinderen-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>13</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2012/01/stamppot_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Er stond boerenkoolstamppot met worst op het menu. We gingen aan tafel zitten. De magnetron piepte en daar kwam een bord uit met daarop twee dampende rookworsten.<!--more--> 'Kijk, twee heerlijk, dikke, sappige worsten,' zei mijn vrouw.

'Jij houdt wel van een lekkere, dikke worst hè,' zei ik.

'Ik ook,' riep Myrthe.

'Wij ook,' verbeterde mijn zoon haar.

<strong>Hoofdletter U</strong>
Ik zette mijn mes in de worst en sneed een stompje af voor Wessel. Om het synchroon te houden en zodoende gezeur te voorkomen, sneed ik aan de andere zijde een net zo groot stompje af voor Myrthe. Van de hoofdletter U maakte ik zodoende een kleine letter u. We geven ze niet meteen de hele worst, want dan eten ze alleen maar het vlees op. De rest van de worst moeten ze verdienen. Voor elke twee hapjes stamppot krijgen ze dan een dikke plak.

'Dat is net de letter u,' zei mijn dochter, die met haar vijf jaar steeds meer letters van het alfabet kent. 'De kleine letter u en de grote letter u.'

Er lag nog één worst onaangeroerd op het bord. Die was voor mijn vrouw en mijzelf, dus die mocht keurig door de helft. Ik sneed de worst doormidden en maakte er zo weer heel andere letters van.

<strong>Hakken en Plakken</strong>
'Dat is net de letter L,' zei mijn dochter. Voor de grap legde ik de twee lange stukken worst aan weerszijden van het restje dat er nog lag voor de kinderen. Maar onze vijfjarige dochter blijkt al een beetje te kunnen hakken en plakken. 'l... u... l...,' las ze. 'Lul!'

Wessel keek op van zijn bord. 'Lul?'

'Wat zeg je nou?' zei ik tegen Wessel. 'Mag je dat zeggen?'

'Ja! Lul!' riep mijn dochter. 'Lul! Lul! Lul!'

'Dat is een ander woord voor piemel. Hier in dit gezin noemen wij dat piemel.'

'Ja, maar daar staat lul,' zei mijn zoon en hij begon te grinniken.

<strong>Vies woord</strong>
'Lul is een beetje een vies woord,' zei ik. 'Zeg dan maar piemel.'

'Piemul! Piemul! Piemul!' riep mijn dochter.

'Maar niet te vaak,' zei ik.

'Piemul! Piemul! Piemul!' riep mijn dochter.

'Eet je stamppot nou maar op,' bromde ik. 'Voor elke twee hapjes die je eet krijg je een stukje worst.'

'Een lekkere, dikke, sappige worst,' zei mijn vrouw, waarmee ze meteen duidelijk maakte dat de kinderen die tafelmanieren dus niet van mij hebben. Dat u het weet.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/roolrool/" target="_blank">roolrool</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Ons Zeilmeisje</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/31/zeilmeisje-laura-dekker-finish-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/31/zeilmeisje-laura-dekker-finish-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 31 Dec 2011 17:05:12 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Reizen]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[aankomst]]></category>
		<category><![CDATA[guppy]]></category>
		<category><![CDATA[laura dekker]]></category>
		<category><![CDATA[onthaal]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>
		<category><![CDATA[zeilmeisje]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34490</guid>
		<description><![CDATA[Het is augustus 2009 als Laura Dekker aankondigt een zeiltocht rondom de wereld te willen maken, in haar uppie in de Guppy.<!--more--> Haar ouders gaven toestemming voor de reis, maar dit is Nederland, het land van het opgeheven vingertje. Een leerplichtambtenaar vond het nodig om aan te kloppen bij de kinderbescherming. Vanaf dat moment verschenen er veel artikelen in de media over het zeilmeisje. De heersende mening was dat Laura een verwend kind was en dat ze eerst maar eens haar school af moest maken, zoals elk ander kind in Nederland.

<strong>Zij zou varen</strong>
Het is een jaar later wanneer de dan veertienjarige Laura Dekker zonder veel ophef vertrekt vanuit Gibraltar. Het is stil aan de kade. Ze wordt alleen uitgezwaaid door haar manager en haar vader, die laten weten dat Laura straalde bij vertrek. De pers zelf was er niet bij. Het zeilmeisje had het even helemaal gehad met de Nederlandse media. Dat gevoel bleek wederzijds te zijn. Het is alsof Nederland blij was dat ze ging varen: eindelijk twee jaar verlost van Laura Dekker. Jong of niet jong, kind of geen kind, Laura zou varen! Al was het tot in de eeuwigheid. Zij zou varen!

<strong>Jonge God</strong>
Wat gebeurde er sindsdien? Heeft ze averij opgelopen? Is ze gezonken? Heeft ze een land gevonden waar men vriendelijker tegen haar doet dan hier? Wellicht heeft ze een liefje opgedaan in één of andere haven. Zo gaat dat hè, met zestienjarige bakvisjes. Ze botsen op tegen het gebronsde lijf van een jonge God met een trapje van buikspieren van schaamhaar tot borsthaar en ze zijn verkocht. Laura's moeder was waarschijnlijk juist blij dat ze ging zeilen, omdat ze op open zee juist veilig zou zijn voor al die ranzige puberjongens.

<strong>Passaatwind</strong>
Niets van dat alles, Laura zeilt nog steeds. Ze heeft in haar reis om de wereld alle lengtegraden al gehad en vertrok op 13 december vanuit Kaapstad voor de oversteek over de Atlantische oceaan. Met nog drieduizend mijl en met de passaatwind in de rug is ze op weg naar de finish: het eiland Sint Maarten. Op zoek naar informatie stuit ik wel op schokkende koppen: 'Laura gewond na klap van golf'. Gelukkig bleken de verwondingen mee te vallen. Laura laat weten dat de bloedsporen die ze heeft gemaakt in haar schuit haar lievelingskleur hebben. Bovendien passen ze goed bij haar boot. Daar spreekt een ware zeebonk.

<strong>Groots onthaal</strong>
Nog ongeveer een maand en dan zal Laura hebben bewezen dat een zeiltalent van zeventien jaar de wereld rond kan zeilen. Hoe je het ook wendt of keert, dat is een opmerkelijke prestatie. Hoe gaan we daar dan op reageren in Nederland? Tonen we dan ineens weer wel interesse? Sturen we de koningin naar Sint Maarten, of premier Rutte? Sturen we cameraploegen, zenden we de aankomst van Guppy live uit op televisie? Of zal de vaderlandse pers niet komen opdagen op de kade? Wat vind jij? Heeft Laura met haar prestatie een groots onthaal verdiend of niet?

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/sbh/" target="_blank">Steve-h</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Het is augustus 2009 als Laura Dekker aankondigt een zeiltocht rondom de wereld te willen maken, in haar uppie in de Guppy.<span id="more-34490"></span> Haar ouders gaven toestemming voor de reis, maar dit is Nederland, het land van het opgeheven vingertje. Een leerplichtambtenaar vond het nodig om aan te kloppen bij de kinderbescherming. Vanaf dat moment verschenen er veel artikelen in de media over het zeilmeisje. De heersende mening was dat Laura een verwend kind was en dat ze eerst maar eens haar school af moest maken, zoals elk ander kind in Nederland.</p>
<p><strong>Zij zou varen</strong><br />
Het is een jaar later wanneer de dan veertienjarige Laura Dekker zonder veel ophef vertrekt vanuit Gibraltar. Het is stil aan de kade. Ze wordt alleen uitgezwaaid door haar manager en haar vader, die laten weten dat Laura straalde bij vertrek. De pers zelf was er niet bij. Het zeilmeisje had het even helemaal gehad met de Nederlandse media. Dat gevoel bleek wederzijds te zijn. Het is alsof Nederland blij was dat ze ging varen: eindelijk twee jaar verlost van Laura Dekker. Jong of niet jong, kind of geen kind, Laura zou varen! Al was het tot in de eeuwigheid. Zij zou varen!</p>
<p><strong>Jonge God</strong><br />
Wat gebeurde er sindsdien? Heeft ze averij opgelopen? Is ze gezonken? Heeft ze een land gevonden waar men vriendelijker tegen haar doet dan hier? Wellicht heeft ze een liefje opgedaan in één of andere haven. Zo gaat dat hè, met zestienjarige bakvisjes. Ze botsen op tegen het gebronsde lijf van een jonge God met een trapje van buikspieren van schaamhaar tot borsthaar en ze zijn verkocht. Laura&#8217;s moeder was waarschijnlijk juist blij dat ze ging zeilen, omdat ze op open zee juist veilig zou zijn voor al die ranzige puberjongens.</p>
<p><strong>Passaatwind</strong><br />
Niets van dat alles, Laura zeilt nog steeds. Ze heeft in haar reis om de wereld alle lengtegraden al gehad en vertrok op 13 december vanuit Kaapstad voor de oversteek over de Atlantische oceaan. Met nog drieduizend mijl en met de passaatwind in de rug is ze op weg naar de finish: het eiland Sint Maarten. Op zoek naar informatie stuit ik wel op schokkende koppen: &#8216;Laura gewond na klap van golf&#8217;. Gelukkig bleken de verwondingen mee te vallen. Laura laat weten dat de bloedsporen die ze heeft gemaakt in haar schuit haar lievelingskleur hebben. Bovendien passen ze goed bij haar boot. Daar spreekt een ware zeebonk.</p>
<p><strong>Groots onthaal</strong><br />
Nog ongeveer een maand en dan zal Laura hebben bewezen dat een zeiltalent van zeventien jaar de wereld rond kan zeilen. Hoe je het ook wendt of keert, dat is een opmerkelijke prestatie. Hoe gaan we daar dan op reageren in Nederland? Tonen we dan ineens weer wel interesse? Sturen we de koningin naar Sint Maarten, of premier Rutte? Sturen we cameraploegen, zenden we de aankomst van Guppy live uit op televisie? Of zal de vaderlandse pers niet komen opdagen op de kade? Wat vind jij? Heeft Laura met haar prestatie een groots onthaal verdiend of niet?</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/sbh/" target="_blank">Steve-h</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/31/zeilmeisje-laura-dekker-finish-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>27</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/zeilboot_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Het is augustus 2009 als Laura Dekker aankondigt een zeiltocht rondom de wereld te willen maken, in haar uppie in de Guppy.<!--more--> Haar ouders gaven toestemming voor de reis, maar dit is Nederland, het land van het opgeheven vingertje. Een leerplichtambtenaar vond het nodig om aan te kloppen bij de kinderbescherming. Vanaf dat moment verschenen er veel artikelen in de media over het zeilmeisje. De heersende mening was dat Laura een verwend kind was en dat ze eerst maar eens haar school af moest maken, zoals elk ander kind in Nederland.

<strong>Zij zou varen</strong>
Het is een jaar later wanneer de dan veertienjarige Laura Dekker zonder veel ophef vertrekt vanuit Gibraltar. Het is stil aan de kade. Ze wordt alleen uitgezwaaid door haar manager en haar vader, die laten weten dat Laura straalde bij vertrek. De pers zelf was er niet bij. Het zeilmeisje had het even helemaal gehad met de Nederlandse media. Dat gevoel bleek wederzijds te zijn. Het is alsof Nederland blij was dat ze ging varen: eindelijk twee jaar verlost van Laura Dekker. Jong of niet jong, kind of geen kind, Laura zou varen! Al was het tot in de eeuwigheid. Zij zou varen!

<strong>Jonge God</strong>
Wat gebeurde er sindsdien? Heeft ze averij opgelopen? Is ze gezonken? Heeft ze een land gevonden waar men vriendelijker tegen haar doet dan hier? Wellicht heeft ze een liefje opgedaan in één of andere haven. Zo gaat dat hè, met zestienjarige bakvisjes. Ze botsen op tegen het gebronsde lijf van een jonge God met een trapje van buikspieren van schaamhaar tot borsthaar en ze zijn verkocht. Laura's moeder was waarschijnlijk juist blij dat ze ging zeilen, omdat ze op open zee juist veilig zou zijn voor al die ranzige puberjongens.

<strong>Passaatwind</strong>
Niets van dat alles, Laura zeilt nog steeds. Ze heeft in haar reis om de wereld alle lengtegraden al gehad en vertrok op 13 december vanuit Kaapstad voor de oversteek over de Atlantische oceaan. Met nog drieduizend mijl en met de passaatwind in de rug is ze op weg naar de finish: het eiland Sint Maarten. Op zoek naar informatie stuit ik wel op schokkende koppen: 'Laura gewond na klap van golf'. Gelukkig bleken de verwondingen mee te vallen. Laura laat weten dat de bloedsporen die ze heeft gemaakt in haar schuit haar lievelingskleur hebben. Bovendien passen ze goed bij haar boot. Daar spreekt een ware zeebonk.

<strong>Groots onthaal</strong>
Nog ongeveer een maand en dan zal Laura hebben bewezen dat een zeiltalent van zeventien jaar de wereld rond kan zeilen. Hoe je het ook wendt of keert, dat is een opmerkelijke prestatie. Hoe gaan we daar dan op reageren in Nederland? Tonen we dan ineens weer wel interesse? Sturen we de koningin naar Sint Maarten, of premier Rutte? Sturen we cameraploegen, zenden we de aankomst van Guppy live uit op televisie? Of zal de vaderlandse pers niet komen opdagen op de kade? Wat vind jij? Heeft Laura met haar prestatie een groots onthaal verdiend of niet?

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/sbh/" target="_blank">Steve-h</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Een jaar van sprookjes en rampen</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/29/jaaroverzicht-2011-sprookjes-rampen-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/29/jaaroverzicht-2011-sprookjes-rampen-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 29 Dec 2011 11:34:06 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[2011]]></category>
		<category><![CDATA[club van 27]]></category>
		<category><![CDATA[economische crisis]]></category>
		<category><![CDATA[jaaroverzicht]]></category>
		<category><![CDATA[japan]]></category>
		<category><![CDATA[oslo]]></category>
		<category><![CDATA[sprookjeshuwelijk]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>
		<category><![CDATA[wernerblog]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34465</guid>
		<description><![CDATA[Er zijn mensen die geloven dat in 2012 de wereld zal vergaan. Ik geloof er niet in, maar als het waar zou zijn, dan kan 2011 worden gezien als de generale repetitie.<!--more--> Wat was het een smerig jaar zeg, een jaar van crisis en rampspoed. Vooral de Japanners kregen er flink van langs. Een aardbeving, een tsunami en de meltdown van de kernenergiecentrale Fukushima. Geen ramp bleef ze bespaard.

<strong>Rampenoefening</strong>
In Oslo werd er een grootschalige rampenoefening gehouden. In het doemscenario ging men uit van een aanslag, waarbij één of meerdere personen veel dodelijke slachtoffers zou maken. Die oefening eindigde op 22 juli om 15.00 uur. Precies 26 minuten later pleegde Anders Behring Breivik een bomaanslag in Oslo, waarna hij naar het eiland Utøya ging waar hij een gruwelijk bloedbad aanrichtte.

<strong>Club van 27</strong>
Er zijn dit jaar weer veel mensen te betreuren die veel te jong zijn overleden. Amy Winehouse kon worden toegevoegd aan de <a title="Populaire verzamelnaam voor artiesten die op hun 27e zijn gestorven" href="http://nl.wikipedia.org/wiki/27_club" target="_blank">club van 27</a>, de verzamelnaam voor bekende artiesten die op hun 27e zijn gestorven, zoals Jim Morrison, Kurt Cobain en Janis Joplin. Floor van der Wal, de Nederlandse comédienne overleed op 26 jarige leeftijd nadat zij werd aangereden. Verschrikkelijk om te zien was de val van haar leeftijdsgenoot Wouter Weylandt, de wielrenner die tijdens de Ronde van Italië met zijn fietspedaal achter een muurtje bleef hangen en de val niet overleefde.

<strong>The Dead Terrorist
</strong>Er waren doden waar in ons land minder om werd getreurd. Osama Bin Laden legde het loodje en zorgde er zo voor dat <a title="De op één na bekendste dode terrorist" href="http://youtu.be/1uwOL4rB-go" target="_blank">Achmed the Dead Terrorist</a> niet langer de meest bekende dode terrorist is en op 20 oktober werd de excentrieke leider van Libië vermoord: Qadhafi, Kadhafi, Kaddafi, Khaddafi, Khadaffi, Gaddafi, Gadaffi of Gathafi.

<strong>Zeven miljard mensen</strong>
In 2011 werd in de Filipijnse hoofdstad Manilla de zeven miljardste bewoner van de aarde geboren, het meisje Danica May Camacho. Nog maar twaalf jaar geleden werd de zes miljardste aardbewoner geboren: Adnan Mevic uit Bosnië. Zijn 48-jarige vader lijdt aan kanker. Het gezin leeft in armoe en moet rond zien te komen met 350 euro in de maand. Ze kregen van de Verenigde Naties een zilveren gedenkplaat, maar die betekent weinig voor ze: 'Een zilveren gedenkplaat kun je niet eten.'

<strong>Failliet</strong>
Een andere illustratie van de economische malaise was het faillissement van UB40. In 1978 besloot een groep werkeloze vrienden uit Birmingham een band op te richten. De naam ontleenden ze aan het formulier voor een werkloosheidsuitkering. Ze hadden verschillende grote hits en begonnen een eigen platenlabel, waarmee ze zodanig ernstig in de financiële problemen kwamen dat op 17 oktober van dit jaar het faillissement werd uitgesproken, waarmee de cirkel weer rond was.

<strong>Sprookjeshuwelijk</strong>
Van de slechte economie was even niets te merken tijdens de voltrekking van het huwelijk van William en Kate. Drie maanden later vierde de prins van Monaco feest omdat hij trouwde met zijn breedgeschouderde Charlene (en brede schouders heeft ze wel nodig met zo'n echtgenoot). Duitsland wilde ook een sprookjeshuwelijk en het land dat al bijna honderd jaar geen keizer meer heeft werd één dag lang weer een keizerrijk. De vijfendertig jarige opvolger van de laatste keizer is Georg Friedrich. Hij trouwde dit jaar met Sophie van Isenburg en het huwelijk werd <a title="Georg Friedrich en Sophie van Isenburg" href="http://www.ibtimes.com/articles/204951/20110828/royal-wedding-germany-prince-georg-princess-sophie-friedrich-ferdinand-isenburg-wedding-pictures.htm" target="_blank">keizerlijk gevierd</a>.

Wie had aan het begin van het jaar kunnen bedenken dat dit allemaal zou gaan gebeuren? Ik niet. Voor ons ligt 2012, een jaar vol verrassingen. Ik hoop dat er voor jou enkele mooie tussen zullen zitten.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/gsfc/" target="_blank">NASA Goddard Photo and Video</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Er zijn mensen die geloven dat in 2012 de wereld zal vergaan. Ik geloof er niet in, maar als het waar zou zijn, dan kan 2011 worden gezien als de generale repetitie.<span id="more-34465"></span> Wat was het een smerig jaar zeg, een jaar van crisis en rampspoed. Vooral de Japanners kregen er flink van langs. Een aardbeving, een tsunami en de meltdown van de kernenergiecentrale Fukushima. Geen ramp bleef ze bespaard.</p>
<p><strong>Rampenoefening</strong><br />
In Oslo werd er een grootschalige rampenoefening gehouden. In het doemscenario ging men uit van een aanslag, waarbij één of meerdere personen veel dodelijke slachtoffers zou maken. Die oefening eindigde op 22 juli om 15.00 uur. Precies 26 minuten later pleegde Anders Behring Breivik een bomaanslag in Oslo, waarna hij naar het eiland Utøya ging waar hij een gruwelijk bloedbad aanrichtte.</p>
<p><strong>Club van 27</strong><br />
Er zijn dit jaar weer veel mensen te betreuren die veel te jong zijn overleden. Amy Winehouse kon worden toegevoegd aan de <a title="Populaire verzamelnaam voor artiesten die op hun 27e zijn gestorven" href="http://nl.wikipedia.org/wiki/27_club" target="_blank">club van 27</a>, de verzamelnaam voor bekende artiesten die op hun 27e zijn gestorven, zoals Jim Morrison, Kurt Cobain en Janis Joplin. Floor van der Wal, de Nederlandse comédienne overleed op 26 jarige leeftijd nadat zij werd aangereden. Verschrikkelijk om te zien was de val van haar leeftijdsgenoot Wouter Weylandt, de wielrenner die tijdens de Ronde van Italië met zijn fietspedaal achter een muurtje bleef hangen en de val niet overleefde.</p>
<p><strong>The Dead Terrorist<br />
</strong>Er waren doden waar in ons land minder om werd getreurd. Osama Bin Laden legde het loodje en zorgde er zo voor dat <a title="De op één na bekendste dode terrorist" href="http://youtu.be/1uwOL4rB-go" target="_blank">Achmed the Dead Terrorist</a> niet langer de meest bekende dode terrorist is en op 20 oktober werd de excentrieke leider van Libië vermoord: Qadhafi, Kadhafi, Kaddafi, Khaddafi, Khadaffi, Gaddafi, Gadaffi of Gathafi.</p>
<p><strong>Zeven miljard mensen</strong><br />
In 2011 werd in de Filipijnse hoofdstad Manilla de zeven miljardste bewoner van de aarde geboren, het meisje Danica May Camacho. Nog maar twaalf jaar geleden werd de zes miljardste aardbewoner geboren: Adnan Mevic uit Bosnië. Zijn 48-jarige vader lijdt aan kanker. Het gezin leeft in armoe en moet rond zien te komen met 350 euro in de maand. Ze kregen van de Verenigde Naties een zilveren gedenkplaat, maar die betekent weinig voor ze: &#8216;Een zilveren gedenkplaat kun je niet eten.&#8217;</p>
<p><strong>Failliet</strong><br />
Een andere illustratie van de economische malaise was het faillissement van UB40. In 1978 besloot een groep werkeloze vrienden uit Birmingham een band op te richten. De naam ontleenden ze aan het formulier voor een werkloosheidsuitkering. Ze hadden verschillende grote hits en begonnen een eigen platenlabel, waarmee ze zodanig ernstig in de financiële problemen kwamen dat op 17 oktober van dit jaar het faillissement werd uitgesproken, waarmee de cirkel weer rond was.</p>
<p><strong>Sprookjeshuwelijk</strong><br />
Van de slechte economie was even niets te merken tijdens de voltrekking van het huwelijk van William en Kate. Drie maanden later vierde de prins van Monaco feest omdat hij trouwde met zijn breedgeschouderde Charlene (en brede schouders heeft ze wel nodig met zo&#8217;n echtgenoot). Duitsland wilde ook een sprookjeshuwelijk en het land dat al bijna honderd jaar geen keizer meer heeft werd één dag lang weer een keizerrijk. De vijfendertig jarige opvolger van de laatste keizer is Georg Friedrich. Hij trouwde dit jaar met Sophie van Isenburg en het huwelijk werd <a title="Georg Friedrich en Sophie van Isenburg" href="http://www.ibtimes.com/articles/204951/20110828/royal-wedding-germany-prince-georg-princess-sophie-friedrich-ferdinand-isenburg-wedding-pictures.htm" target="_blank">keizerlijk gevierd</a>.</p>
<p>Wie had aan het begin van het jaar kunnen bedenken dat dit allemaal zou gaan gebeuren? Ik niet. Voor ons ligt 2012, een jaar vol verrassingen. Ik hoop dat er voor jou enkele mooie tussen zullen zitten.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/gsfc/" target="_blank">NASA Goddard Photo and Video</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/29/jaaroverzicht-2011-sprookjes-rampen-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/aarde_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Er zijn mensen die geloven dat in 2012 de wereld zal vergaan. Ik geloof er niet in, maar als het waar zou zijn, dan kan 2011 worden gezien als de generale repetitie.<!--more--> Wat was het een smerig jaar zeg, een jaar van crisis en rampspoed. Vooral de Japanners kregen er flink van langs. Een aardbeving, een tsunami en de meltdown van de kernenergiecentrale Fukushima. Geen ramp bleef ze bespaard.

<strong>Rampenoefening</strong>
In Oslo werd er een grootschalige rampenoefening gehouden. In het doemscenario ging men uit van een aanslag, waarbij één of meerdere personen veel dodelijke slachtoffers zou maken. Die oefening eindigde op 22 juli om 15.00 uur. Precies 26 minuten later pleegde Anders Behring Breivik een bomaanslag in Oslo, waarna hij naar het eiland Utøya ging waar hij een gruwelijk bloedbad aanrichtte.

<strong>Club van 27</strong>
Er zijn dit jaar weer veel mensen te betreuren die veel te jong zijn overleden. Amy Winehouse kon worden toegevoegd aan de <a title="Populaire verzamelnaam voor artiesten die op hun 27e zijn gestorven" href="http://nl.wikipedia.org/wiki/27_club" target="_blank">club van 27</a>, de verzamelnaam voor bekende artiesten die op hun 27e zijn gestorven, zoals Jim Morrison, Kurt Cobain en Janis Joplin. Floor van der Wal, de Nederlandse comédienne overleed op 26 jarige leeftijd nadat zij werd aangereden. Verschrikkelijk om te zien was de val van haar leeftijdsgenoot Wouter Weylandt, de wielrenner die tijdens de Ronde van Italië met zijn fietspedaal achter een muurtje bleef hangen en de val niet overleefde.

<strong>The Dead Terrorist
</strong>Er waren doden waar in ons land minder om werd getreurd. Osama Bin Laden legde het loodje en zorgde er zo voor dat <a title="De op één na bekendste dode terrorist" href="http://youtu.be/1uwOL4rB-go" target="_blank">Achmed the Dead Terrorist</a> niet langer de meest bekende dode terrorist is en op 20 oktober werd de excentrieke leider van Libië vermoord: Qadhafi, Kadhafi, Kaddafi, Khaddafi, Khadaffi, Gaddafi, Gadaffi of Gathafi.

<strong>Zeven miljard mensen</strong>
In 2011 werd in de Filipijnse hoofdstad Manilla de zeven miljardste bewoner van de aarde geboren, het meisje Danica May Camacho. Nog maar twaalf jaar geleden werd de zes miljardste aardbewoner geboren: Adnan Mevic uit Bosnië. Zijn 48-jarige vader lijdt aan kanker. Het gezin leeft in armoe en moet rond zien te komen met 350 euro in de maand. Ze kregen van de Verenigde Naties een zilveren gedenkplaat, maar die betekent weinig voor ze: 'Een zilveren gedenkplaat kun je niet eten.'

<strong>Failliet</strong>
Een andere illustratie van de economische malaise was het faillissement van UB40. In 1978 besloot een groep werkeloze vrienden uit Birmingham een band op te richten. De naam ontleenden ze aan het formulier voor een werkloosheidsuitkering. Ze hadden verschillende grote hits en begonnen een eigen platenlabel, waarmee ze zodanig ernstig in de financiële problemen kwamen dat op 17 oktober van dit jaar het faillissement werd uitgesproken, waarmee de cirkel weer rond was.

<strong>Sprookjeshuwelijk</strong>
Van de slechte economie was even niets te merken tijdens de voltrekking van het huwelijk van William en Kate. Drie maanden later vierde de prins van Monaco feest omdat hij trouwde met zijn breedgeschouderde Charlene (en brede schouders heeft ze wel nodig met zo'n echtgenoot). Duitsland wilde ook een sprookjeshuwelijk en het land dat al bijna honderd jaar geen keizer meer heeft werd één dag lang weer een keizerrijk. De vijfendertig jarige opvolger van de laatste keizer is Georg Friedrich. Hij trouwde dit jaar met Sophie van Isenburg en het huwelijk werd <a title="Georg Friedrich en Sophie van Isenburg" href="http://www.ibtimes.com/articles/204951/20110828/royal-wedding-germany-prince-georg-princess-sophie-friedrich-ferdinand-isenburg-wedding-pictures.htm" target="_blank">keizerlijk gevierd</a>.

Wie had aan het begin van het jaar kunnen bedenken dat dit allemaal zou gaan gebeuren? Ik niet. Voor ons ligt 2012, een jaar vol verrassingen. Ik hoop dat er voor jou enkele mooie tussen zullen zitten.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/gsfc/" target="_blank">NASA Goddard Photo and Video</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Grapjespapa</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/27/grapjespapa-humor-kinderen-school-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/27/grapjespapa-humor-kinderen-school-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 27 Dec 2011 12:59:51 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Humor]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[grapjesmama]]></category>
		<category><![CDATA[grapjespapa]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>
		<category><![CDATA[wernerblog]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34418</guid>
		<description><![CDATA[Op de school van mijn kinderen sta ik bekend als de grapjespapa. Dat is niet iets waar ik over wil opscheppen. Veel liever was ik ‘die lieve papa’ of ‘die leuke papa’, maar op één of andere manier mocht het niet zo zijn.<!--more--> Of het komt door het zingen van liedjes tijdens het lopen van de vierdaagse, of omdat ik zo vrolijk meedeed tijdens kindercarnaval op school, ik heb geen idee. Maar wanneer ik verschijn op school, zie ik de kinderen verwachtingsvol opkijken en wordt er al gegrinnikt voordat ik ook maar iets heb gezegd.

<strong>Recalcitrant</strong>
Het probleem met al die eigenwijze kinderen is dat ze niet zo eenvoudig van hun standpunt zijn af te brengen. Ze verwachten dat ik altijd met een grap kom, daardoor voel ik soms de druk om te presteren. Daar word ik een tikkeltje recalcitrant van. Het stomme is dat kinderen dat nou net leuk vinden. Ik kan wel heel hard ‘Ik ben geen grapjespapa,’ roepen, of ‘Je mag niet lachen,’ maar dan gaan ze alleen nog maar harder lachen. Er zit niets anders op dan dat ik erin meega.

<strong></strong>Soms heb ik echt geen zin in heel dat grapjesgedoe, als ik chagrijnig ben, of wanneer er van me verwacht wordt dat ik serieus ben. Zoals die keer dat ik had aangeboden om te rijden. De kinderen moesten naar een museum worden vervoerd. Ik kreeg een groepje mee dat bestond uit mijn dochter met twee van haar schoolvriendinnen. ‘Dit is mijn papa en hij maakt altijd grapjes,’ zei mijn dochter trots. Haar vriendinnetjes begonnen al te grinniken.

<strong>Krachttermen</strong>
‘Nee hoor, vandaag maak ik geen grapjes,’ zei ik, want wanneer ik in een auto rijd ben ik echt niet grappig. Dan ben ik bezig met het verkeer en heb ik voortdurend de behoefte om erg vervelende opmerkingen te maken over andere automobilisten, een behoefte waar ik meestal aan toegeef. In het bijzijn van het stel kleuters moest ik uitkijken met het uiten van krachttermen. Dus werd het geen ‘oetlul’ of ‘stomme zak’, maar ‘vierkante pannenkoek’ of ‘piranha zonder zwemdiploma’. En lol dat ze hadden.

<strong></strong>Grapjespapa, hoe komen ze erop? Het is niet zo dat mijn kinderen die term zelf hebben bedacht. Ze zijn het van mij gewend dat ik me gedraag zoals ik mij gedraag. Zo heel bijzonder vinden ze het niet. Nu ze zien hoe klasgenootjes erop reageren, is het opeens een gimmick geworden. Toch zijn er heel soms kinderen die nauwelijks reageren, wat ik ook doe, die stuurs blijven kijken ondanks dat andere kinderen lachen. De allereerste keer dat ik er zo één ontmoette, dacht ik te maken te hebben met een humorloos kind. Maar ik had het mis.

<strong>Immuun</strong>
Het meisje reageerde precies op mij zoals mijn eigen kinderen doen als ik me thuis gedraag als een pias. ‘Papa, doe nou eens normaal.’ Waarom was ze immuun voor een grapjespapa? Het antwoord kreeg ik toen ik haar moeder ontmoette: een vrouw met een prachtige stralenkrans van lachrimpeltjes rondom haar fonkelende ogen, een grapjesmama. ‘Erg hè,’ zei ze tegen me, toen we het erover hadden dat onze eigen kinderen onze humor maar aanstellerij vonden. ‘Misschien moeten we ophouden met het maken van grapjes.’

‘Goed idee,’ zei haar dochter.

‘Ik maakte maar een grapje,’ zei de vrouw aarzelend en ze keek me aan met een zweem van triestheid in haar ogen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/pinksherbet/" target="_blank">Pink Sherbet Photography</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Op de school van mijn kinderen sta ik bekend als de grapjespapa. Dat is niet iets waar ik over wil opscheppen. Veel liever was ik ‘die lieve papa’ of ‘die leuke papa’, maar op één of andere manier mocht het niet zo zijn.<span id="more-34418"></span> Of het komt door het zingen van liedjes tijdens het lopen van de vierdaagse, of omdat ik zo vrolijk meedeed tijdens kindercarnaval op school, ik heb geen idee. Maar wanneer ik verschijn op school, zie ik de kinderen verwachtingsvol opkijken en wordt er al gegrinnikt voordat ik ook maar iets heb gezegd.</p>
<p><strong>Recalcitrant</strong><br />
Het probleem met al die eigenwijze kinderen is dat ze niet zo eenvoudig van hun standpunt zijn af te brengen. Ze verwachten dat ik altijd met een grap kom, daardoor voel ik soms de druk om te presteren. Daar word ik een tikkeltje recalcitrant van. Het stomme is dat kinderen dat nou net leuk vinden. Ik kan wel heel hard ‘Ik ben geen grapjespapa,’ roepen, of ‘Je mag niet lachen,’ maar dan gaan ze alleen nog maar harder lachen. Er zit niets anders op dan dat ik erin meega.</p>
<p><strong></strong>Soms heb ik echt geen zin in heel dat grapjesgedoe, als ik chagrijnig ben, of wanneer er van me verwacht wordt dat ik serieus ben. Zoals die keer dat ik had aangeboden om te rijden. De kinderen moesten naar een museum worden vervoerd. Ik kreeg een groepje mee dat bestond uit mijn dochter met twee van haar schoolvriendinnen. ‘Dit is mijn papa en hij maakt altijd grapjes,’ zei mijn dochter trots. Haar vriendinnetjes begonnen al te grinniken.</p>
<p><strong>Krachttermen</strong><br />
‘Nee hoor, vandaag maak ik geen grapjes,’ zei ik, want wanneer ik in een auto rijd ben ik echt niet grappig. Dan ben ik bezig met het verkeer en heb ik voortdurend de behoefte om erg vervelende opmerkingen te maken over andere automobilisten, een behoefte waar ik meestal aan toegeef. In het bijzijn van het stel kleuters moest ik uitkijken met het uiten van krachttermen. Dus werd het geen ‘oetlul’ of ‘stomme zak’, maar ‘vierkante pannenkoek’ of ‘piranha zonder zwemdiploma’. En lol dat ze hadden.</p>
<p><strong></strong>Grapjespapa, hoe komen ze erop? Het is niet zo dat mijn kinderen die term zelf hebben bedacht. Ze zijn het van mij gewend dat ik me gedraag zoals ik mij gedraag. Zo heel bijzonder vinden ze het niet. Nu ze zien hoe klasgenootjes erop reageren, is het opeens een gimmick geworden. Toch zijn er heel soms kinderen die nauwelijks reageren, wat ik ook doe, die stuurs blijven kijken ondanks dat andere kinderen lachen. De allereerste keer dat ik er zo één ontmoette, dacht ik te maken te hebben met een humorloos kind. Maar ik had het mis.</p>
<p><strong>Immuun</strong><br />
Het meisje reageerde precies op mij zoals mijn eigen kinderen doen als ik me thuis gedraag als een pias. ‘Papa, doe nou eens normaal.’ Waarom was ze immuun voor een grapjespapa? Het antwoord kreeg ik toen ik haar moeder ontmoette: een vrouw met een prachtige stralenkrans van lachrimpeltjes rondom haar fonkelende ogen, een grapjesmama. ‘Erg hè,’ zei ze tegen me, toen we het erover hadden dat onze eigen kinderen onze humor maar aanstellerij vonden. ‘Misschien moeten we ophouden met het maken van grapjes.’</p>
<p>‘Goed idee,’ zei haar dochter.</p>
<p>‘Ik maakte maar een grapje,’ zei de vrouw aarzelend en ze keek me aan met een zweem van triestheid in haar ogen.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/pinksherbet/" target="_blank">Pink Sherbet Photography</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/27/grapjespapa-humor-kinderen-school-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/lach2_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Op de school van mijn kinderen sta ik bekend als de grapjespapa. Dat is niet iets waar ik over wil opscheppen. Veel liever was ik ‘die lieve papa’ of ‘die leuke papa’, maar op één of andere manier mocht het niet zo zijn.<!--more--> Of het komt door het zingen van liedjes tijdens het lopen van de vierdaagse, of omdat ik zo vrolijk meedeed tijdens kindercarnaval op school, ik heb geen idee. Maar wanneer ik verschijn op school, zie ik de kinderen verwachtingsvol opkijken en wordt er al gegrinnikt voordat ik ook maar iets heb gezegd.

<strong>Recalcitrant</strong>
Het probleem met al die eigenwijze kinderen is dat ze niet zo eenvoudig van hun standpunt zijn af te brengen. Ze verwachten dat ik altijd met een grap kom, daardoor voel ik soms de druk om te presteren. Daar word ik een tikkeltje recalcitrant van. Het stomme is dat kinderen dat nou net leuk vinden. Ik kan wel heel hard ‘Ik ben geen grapjespapa,’ roepen, of ‘Je mag niet lachen,’ maar dan gaan ze alleen nog maar harder lachen. Er zit niets anders op dan dat ik erin meega.

<strong></strong>Soms heb ik echt geen zin in heel dat grapjesgedoe, als ik chagrijnig ben, of wanneer er van me verwacht wordt dat ik serieus ben. Zoals die keer dat ik had aangeboden om te rijden. De kinderen moesten naar een museum worden vervoerd. Ik kreeg een groepje mee dat bestond uit mijn dochter met twee van haar schoolvriendinnen. ‘Dit is mijn papa en hij maakt altijd grapjes,’ zei mijn dochter trots. Haar vriendinnetjes begonnen al te grinniken.

<strong>Krachttermen</strong>
‘Nee hoor, vandaag maak ik geen grapjes,’ zei ik, want wanneer ik in een auto rijd ben ik echt niet grappig. Dan ben ik bezig met het verkeer en heb ik voortdurend de behoefte om erg vervelende opmerkingen te maken over andere automobilisten, een behoefte waar ik meestal aan toegeef. In het bijzijn van het stel kleuters moest ik uitkijken met het uiten van krachttermen. Dus werd het geen ‘oetlul’ of ‘stomme zak’, maar ‘vierkante pannenkoek’ of ‘piranha zonder zwemdiploma’. En lol dat ze hadden.

<strong></strong>Grapjespapa, hoe komen ze erop? Het is niet zo dat mijn kinderen die term zelf hebben bedacht. Ze zijn het van mij gewend dat ik me gedraag zoals ik mij gedraag. Zo heel bijzonder vinden ze het niet. Nu ze zien hoe klasgenootjes erop reageren, is het opeens een gimmick geworden. Toch zijn er heel soms kinderen die nauwelijks reageren, wat ik ook doe, die stuurs blijven kijken ondanks dat andere kinderen lachen. De allereerste keer dat ik er zo één ontmoette, dacht ik te maken te hebben met een humorloos kind. Maar ik had het mis.

<strong>Immuun</strong>
Het meisje reageerde precies op mij zoals mijn eigen kinderen doen als ik me thuis gedraag als een pias. ‘Papa, doe nou eens normaal.’ Waarom was ze immuun voor een grapjespapa? Het antwoord kreeg ik toen ik haar moeder ontmoette: een vrouw met een prachtige stralenkrans van lachrimpeltjes rondom haar fonkelende ogen, een grapjesmama. ‘Erg hè,’ zei ze tegen me, toen we het erover hadden dat onze eigen kinderen onze humor maar aanstellerij vonden. ‘Misschien moeten we ophouden met het maken van grapjes.’

‘Goed idee,’ zei haar dochter.

‘Ik maakte maar een grapje,’ zei de vrouw aarzelend en ze keek me aan met een zweem van triestheid in haar ogen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/pinksherbet/" target="_blank">Pink Sherbet Photography</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Een gewelddadige kerst</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/24/judo-kinderen-sport-kerst-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/24/judo-kinderen-sport-kerst-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 24 Dec 2011 17:05:19 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Sport]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[judo]]></category>
		<category><![CDATA[kerst]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>
		<category><![CDATA[wernerblog]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34402</guid>
		<description><![CDATA[De laatste judoles van het jaar was het kerstjudo. Alle kinderen mochten een vriendje of een vader of moeder meenemen naar de dojo. De keuze van Wessel viel op Myrthe. Ze kreeg een judopak aan en mocht een kleur band uitzoeken. Het werd de bruine band.<!--more--> Vijf jaar oud en ze zag eruit alsof ze iedereen kon vloeren. Ondanks de flitsende start van de judocarrière van mijn dochter, liep het af met tranen. Ze vond het maar eng.

<strong>Huilbui</strong>
Binnen twee minuten stond ons andere kind huilend bij de deur van de dojo. 'Nu ben ik de enige die niemand heeft om mee te judoën,' zei hij door de tranen heen.

'Dan ga jij toch,' zei één van de kijkende moeders tegen mij. Daar bracht ik tegenin dat er geen pak meer hing in mijn maat. 'Maakt niet uit. Je kunt ook gewoon zo gaan.' Tegen zoveel overredingskracht was ik niet opgewassen. Dus in mijn spijkerbroek en fleecetrui betrad ik even later de sfeervolle dojo, waar het enige licht afkomstig was van flikkerende kerstverlichting.

<strong>Brilalarm</strong>
Nu had mijn zoon eindelijk iemand om mee te judoën, kregen we de opdracht om een andere partner op de zoeken. Het leek mij het beste om iemand van mijn eigen lengte te pakken, dus kwam ik tegenover een andere vader te staan. We kenden elkaar niet. Hij zag er wel sympathiek uit, maar ik moest hem dus plat op de mat krijgen. 'Wacht even, ik ga mijn bril in veiligheid brengen.'

Ik liep naar de mat en zag Wessel plat op de mat liggen. Naast hem waren twee fanatieke vaders bezig. De dikste van de twee droeg een judopak dat zijn buik niet goed kon bedekken. Ik zag een blauwige tatoeage op zijn haarloze witte borst. De dikke rolde over de andere vader heen en kwam bovenop het hoofd van mijn zoon terecht. 'Ga van hem af. Mijn kind ligt onder je,' riep ik en ik trok met al mijn kracht aan het revers van het judopak.

<strong>Fanatiek</strong>
Wessel kwam huilend onder de man uit. Ik nam hem mee naar de zijkant van de dojo. Ondertussen had ik het er helemaal mee gehad. 'Zullen we maar naar huis gaan,' zei ik. 'Het is veel te druk. Zo gebeuren er nog ongelukken.' Maar Wessel wilde niet naar huis. Het was kerstjudo. Hij wilde blijven.

Gelukkig zagen de leraren ook in dat het geen goed plan was om die fanatieke vaders los te laten tussen alle kinderen. Daarom mochten de kinderen aan de kant gaan zitten met een pakje drinken. De vaders en een enkele moeder mochten wedstrijdjes doen. We moesten rondlopen en bij het seintje moesten we de dichtstbijzijnde persoon vastgrijpen en overmeesteren.

<strong>Revanche</strong>
We liepen rond. Ik hield de dikke man in het vizier, want ik wilde revanche op hem nemen vanwege het pletten van het hoofd van mijn zoon. Maar het lukte me niet om op tijd bij hem te zijn. Het sein werd gegeven. Ik pakte een vader vast. Het was een gevaarlijke, eentje die niets afwist van judo, want hij greep met zijn handen naar mijn benen en dat mag niet. Voor een judoka is iemand die bukt al half op weg naar de mat. Ik trok hem verder omlaag en zette hem vast met een houdgreep.

Opnieuw liepen we rond. Het seintje kwam en daar stond hij: de dikke man. Een prima moment voor muziek van Enrico Morricone, of 'Jingle Bells'. Ik greep hem vast en wilde hem vloeren, maar hij stond erg vast op zijn benen. Hij trok en duwde. Ik gaf mee, liet hem komen. Hij haakte zijn been om de mijne heen, maar ik stapte er overheen en hervond mijn balans. En toen kwam hij naar voren. Ik ging mee in zijn beweging en zette mijn been voor de zijne. Daar ging hij. Ik viel bovenop hem.

<strong>Ribben</strong>
'Au! Pas op, ik heb last van mijn ribben,' zei hij. Maar ik was nog niet klaar met hem. Hij moest nog in een houdgreep. Ik klemde zijn hoofd in mijn arm en trok met mijn linkerhand zijn rechterarm strak over mijn borst. Met mijn rug duwde ik hem tegen de grond. 'Mijn ribben, mijn ribben,' zei hij en hij tikte af op mijn rug.

'Oh ja, sorry,' zei ik en ik liet hem los.

De les was voorbij. We liepen naar de uitgang. Ik voelde een hand op mijn schouder. Het was de dikke man. 'Goed gedaan,' zei hij. 'Misschien moet je ook hier op judo komen. We kunnen nog wel iemand gebruiken.'

'Ik zal erover nadenken,' zei ik. 'Fijne kerstdagen hè, en sterkte met die ribben.'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/parrhesiastes/" target="_blank">parhessiastes</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>De laatste judoles van het jaar was het kerstjudo. Alle kinderen mochten een vriendje of een vader of moeder meenemen naar de dojo. De keuze van Wessel viel op Myrthe. Ze kreeg een judopak aan en mocht een kleur band uitzoeken. Het werd de bruine band.<span id="more-34402"></span> Vijf jaar oud en ze zag eruit alsof ze iedereen kon vloeren. Ondanks de flitsende start van de judocarrière van mijn dochter, liep het af met tranen. Ze vond het maar eng.</p>
<p><strong>Huilbui</strong><br />
Binnen twee minuten stond ons andere kind huilend bij de deur van de dojo. &#8216;Nu ben ik de enige die niemand heeft om mee te judoën,&#8217; zei hij door de tranen heen.</p>
<p>&#8216;Dan ga jij toch,&#8217; zei één van de kijkende moeders tegen mij. Daar bracht ik tegenin dat er geen pak meer hing in mijn maat. &#8216;Maakt niet uit. Je kunt ook gewoon zo gaan.&#8217; Tegen zoveel overredingskracht was ik niet opgewassen. Dus in mijn spijkerbroek en fleecetrui betrad ik even later de sfeervolle dojo, waar het enige licht afkomstig was van flikkerende kerstverlichting.</p>
<p><strong>Brilalarm</strong><br />
Nu had mijn zoon eindelijk iemand om mee te judoën, kregen we de opdracht om een andere partner op de zoeken. Het leek mij het beste om iemand van mijn eigen lengte te pakken, dus kwam ik tegenover een andere vader te staan. We kenden elkaar niet. Hij zag er wel sympathiek uit, maar ik moest hem dus plat op de mat krijgen. &#8216;Wacht even, ik ga mijn bril in veiligheid brengen.&#8217;</p>
<p>Ik liep naar de mat en zag Wessel plat op de mat liggen. Naast hem waren twee fanatieke vaders bezig. De dikste van de twee droeg een judopak dat zijn buik niet goed kon bedekken. Ik zag een blauwige tatoeage op zijn haarloze witte borst. De dikke rolde over de andere vader heen en kwam bovenop het hoofd van mijn zoon terecht. &#8216;Ga van hem af. Mijn kind ligt onder je,&#8217; riep ik en ik trok met al mijn kracht aan het revers van het judopak.</p>
<p><strong>Fanatiek</strong><br />
Wessel kwam huilend onder de man uit. Ik nam hem mee naar de zijkant van de dojo. Ondertussen had ik het er helemaal mee gehad. &#8216;Zullen we maar naar huis gaan,&#8217; zei ik. &#8216;Het is veel te druk. Zo gebeuren er nog ongelukken.&#8217; Maar Wessel wilde niet naar huis. Het was kerstjudo. Hij wilde blijven.</p>
<p>Gelukkig zagen de leraren ook in dat het geen goed plan was om die fanatieke vaders los te laten tussen alle kinderen. Daarom mochten de kinderen aan de kant gaan zitten met een pakje drinken. De vaders en een enkele moeder mochten wedstrijdjes doen. We moesten rondlopen en bij het seintje moesten we de dichtstbijzijnde persoon vastgrijpen en overmeesteren.</p>
<p><strong>Revanche</strong><br />
We liepen rond. Ik hield de dikke man in het vizier, want ik wilde revanche op hem nemen vanwege het pletten van het hoofd van mijn zoon. Maar het lukte me niet om op tijd bij hem te zijn. Het sein werd gegeven. Ik pakte een vader vast. Het was een gevaarlijke, eentje die niets afwist van judo, want hij greep met zijn handen naar mijn benen en dat mag niet. Voor een judoka is iemand die bukt al half op weg naar de mat. Ik trok hem verder omlaag en zette hem vast met een houdgreep.</p>
<p>Opnieuw liepen we rond. Het seintje kwam en daar stond hij: de dikke man. Een prima moment voor muziek van Enrico Morricone, of &#8216;Jingle Bells&#8217;. Ik greep hem vast en wilde hem vloeren, maar hij stond erg vast op zijn benen. Hij trok en duwde. Ik gaf mee, liet hem komen. Hij haakte zijn been om de mijne heen, maar ik stapte er overheen en hervond mijn balans. En toen kwam hij naar voren. Ik ging mee in zijn beweging en zette mijn been voor de zijne. Daar ging hij. Ik viel bovenop hem.</p>
<p><strong>Ribben</strong><br />
&#8216;Au! Pas op, ik heb last van mijn ribben,&#8217; zei hij. Maar ik was nog niet klaar met hem. Hij moest nog in een houdgreep. Ik klemde zijn hoofd in mijn arm en trok met mijn linkerhand zijn rechterarm strak over mijn borst. Met mijn rug duwde ik hem tegen de grond. &#8216;Mijn ribben, mijn ribben,&#8217; zei hij en hij tikte af op mijn rug.</p>
<p>&#8216;Oh ja, sorry,&#8217; zei ik en ik liet hem los.</p>
<p>De les was voorbij. We liepen naar de uitgang. Ik voelde een hand op mijn schouder. Het was de dikke man. &#8216;Goed gedaan,&#8217; zei hij. &#8216;Misschien moet je ook hier op judo komen. We kunnen nog wel iemand gebruiken.&#8217;</p>
<p>&#8216;Ik zal erover nadenken,&#8217; zei ik. &#8216;Fijne kerstdagen hè, en sterkte met die ribben.&#8217;</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/parrhesiastes/" target="_blank">parhessiastes</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/24/judo-kinderen-sport-kerst-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/judo_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[De laatste judoles van het jaar was het kerstjudo. Alle kinderen mochten een vriendje of een vader of moeder meenemen naar de dojo. De keuze van Wessel viel op Myrthe. Ze kreeg een judopak aan en mocht een kleur band uitzoeken. Het werd de bruine band.<!--more--> Vijf jaar oud en ze zag eruit alsof ze iedereen kon vloeren. Ondanks de flitsende start van de judocarrière van mijn dochter, liep het af met tranen. Ze vond het maar eng.

<strong>Huilbui</strong>
Binnen twee minuten stond ons andere kind huilend bij de deur van de dojo. 'Nu ben ik de enige die niemand heeft om mee te judoën,' zei hij door de tranen heen.

'Dan ga jij toch,' zei één van de kijkende moeders tegen mij. Daar bracht ik tegenin dat er geen pak meer hing in mijn maat. 'Maakt niet uit. Je kunt ook gewoon zo gaan.' Tegen zoveel overredingskracht was ik niet opgewassen. Dus in mijn spijkerbroek en fleecetrui betrad ik even later de sfeervolle dojo, waar het enige licht afkomstig was van flikkerende kerstverlichting.

<strong>Brilalarm</strong>
Nu had mijn zoon eindelijk iemand om mee te judoën, kregen we de opdracht om een andere partner op de zoeken. Het leek mij het beste om iemand van mijn eigen lengte te pakken, dus kwam ik tegenover een andere vader te staan. We kenden elkaar niet. Hij zag er wel sympathiek uit, maar ik moest hem dus plat op de mat krijgen. 'Wacht even, ik ga mijn bril in veiligheid brengen.'

Ik liep naar de mat en zag Wessel plat op de mat liggen. Naast hem waren twee fanatieke vaders bezig. De dikste van de twee droeg een judopak dat zijn buik niet goed kon bedekken. Ik zag een blauwige tatoeage op zijn haarloze witte borst. De dikke rolde over de andere vader heen en kwam bovenop het hoofd van mijn zoon terecht. 'Ga van hem af. Mijn kind ligt onder je,' riep ik en ik trok met al mijn kracht aan het revers van het judopak.

<strong>Fanatiek</strong>
Wessel kwam huilend onder de man uit. Ik nam hem mee naar de zijkant van de dojo. Ondertussen had ik het er helemaal mee gehad. 'Zullen we maar naar huis gaan,' zei ik. 'Het is veel te druk. Zo gebeuren er nog ongelukken.' Maar Wessel wilde niet naar huis. Het was kerstjudo. Hij wilde blijven.

Gelukkig zagen de leraren ook in dat het geen goed plan was om die fanatieke vaders los te laten tussen alle kinderen. Daarom mochten de kinderen aan de kant gaan zitten met een pakje drinken. De vaders en een enkele moeder mochten wedstrijdjes doen. We moesten rondlopen en bij het seintje moesten we de dichtstbijzijnde persoon vastgrijpen en overmeesteren.

<strong>Revanche</strong>
We liepen rond. Ik hield de dikke man in het vizier, want ik wilde revanche op hem nemen vanwege het pletten van het hoofd van mijn zoon. Maar het lukte me niet om op tijd bij hem te zijn. Het sein werd gegeven. Ik pakte een vader vast. Het was een gevaarlijke, eentje die niets afwist van judo, want hij greep met zijn handen naar mijn benen en dat mag niet. Voor een judoka is iemand die bukt al half op weg naar de mat. Ik trok hem verder omlaag en zette hem vast met een houdgreep.

Opnieuw liepen we rond. Het seintje kwam en daar stond hij: de dikke man. Een prima moment voor muziek van Enrico Morricone, of 'Jingle Bells'. Ik greep hem vast en wilde hem vloeren, maar hij stond erg vast op zijn benen. Hij trok en duwde. Ik gaf mee, liet hem komen. Hij haakte zijn been om de mijne heen, maar ik stapte er overheen en hervond mijn balans. En toen kwam hij naar voren. Ik ging mee in zijn beweging en zette mijn been voor de zijne. Daar ging hij. Ik viel bovenop hem.

<strong>Ribben</strong>
'Au! Pas op, ik heb last van mijn ribben,' zei hij. Maar ik was nog niet klaar met hem. Hij moest nog in een houdgreep. Ik klemde zijn hoofd in mijn arm en trok met mijn linkerhand zijn rechterarm strak over mijn borst. Met mijn rug duwde ik hem tegen de grond. 'Mijn ribben, mijn ribben,' zei hij en hij tikte af op mijn rug.

'Oh ja, sorry,' zei ik en ik liet hem los.

De les was voorbij. We liepen naar de uitgang. Ik voelde een hand op mijn schouder. Het was de dikke man. 'Goed gedaan,' zei hij. 'Misschien moet je ook hier op judo komen. We kunnen nog wel iemand gebruiken.'

'Ik zal erover nadenken,' zei ik. 'Fijne kerstdagen hè, en sterkte met die ribben.'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/parrhesiastes/" target="_blank">parhessiastes</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Lief slapend geluk</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/22/lief-slapend-geluk-kinderen-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/22/lief-slapend-geluk-kinderen-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 22 Dec 2011 11:34:21 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[avond]]></category>
		<category><![CDATA[geluk]]></category>
		<category><![CDATA[lief]]></category>
		<category><![CDATA[nacht]]></category>
		<category><![CDATA[slapen]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34284</guid>
		<description><![CDATA[Opblijven, je kunt onze kinderen niet blijer maken als wanneer ze voorbij hun bedtijd wakker mogen blijven. Ze houden het alleen niet lang vol. Een halfuur, hoogstens een uur, daarna gaan ze stuk. Kapot! Dan smeken ze om naar bed te mogen.<!--more--> Bovendien worden ze chagrijnig. Niets is meer goed, overal moeten ze om janken. Tandenpoetsen en pyjama's aantrekken is dan allemaal te veel. Het liefst zouden ze in hun kleren, met schoenen aan en ongepoetste tanden op bed worden gelegd.

<strong>Snelweg</strong>
Onze kinderen slapen gewoon graag. Ze hebben nooit problemen gehad met naar bed gaan. Ik ken de verhalen van ouders die nachtenlang wakker werden gehouden; die na middernacht nog de snelweg op moesten omdat hun nakomelingen alleen maar wilden slapen in een rijdende auto. Hier niets daarvan. Naar bed en oogjes toe. Dat ze niet op kunnen blijven is soms wel jammer. Dat ze kleine duiveltjes worden zodra het bedtijd is geweest is niet leuk, maar ik zou het niet anders willen, want wat is het toch fijn dat ze zo goed slapen en wat zijn ze toch lief wanneer ze slapen.

<strong>Routine</strong>
De dag mooier afsluiten kan bijna niet: voordat ik ga slapen ga ik even kijken op de kamertjes. Even kijken hoe ze erbij liggen en of ze het nog wel doen. Eerst ga ik kijken bij mijn zoon. Na zijn geboorte ben ik met de routine begonnen, daarom is zijn slaapkamer de eerste die ik bezoek. Met mijn mobiel als zaklamp sluip ik naar binnen. Ik houd mijn adem in en loer naar het gezichtje van mijn zoon. Ik moet gewoon even zien of er nog lucht in- en uitgaat. Soms pest ik door te porren, of door het licht in z'n gezicht te schijnen zodat hij zijn oogjes nog wat meer dichtknijpt. Een teken van leven wil ik zien.

<strong>Aureool van knuffels</strong>
Wessel slaapt met zijn hoofd opzij, met zijn rug naar de muur toe zodat ik hem altijd goed kan zien. Hij slaapt heel diep en maakt haast geen geluid. Omdat hij het al snel te warm heeft, trapt hij het dekbed van zich af. Dat leg ik dan weer eventjes goed. Kleine zus Myrthe rolt zich altijd helemaal op. Ze ligt dan met haar voorhoofd tegen de muur aan. Rondom haar hoofd heeft ze een aureool van knuffels. Ze slaapt heel licht. Soms lijkt ze mijn aanwezigheid op te merken. Ze begint dan wat te draaien en te kreunen, maar echt wakker wordt ze niet. Als ik haar ronde gezichtje boven het dekbed uit zie steken kan ik zo trots zijn op dat prachtige meisje dat daar ligt.

<strong>Puberale fratsen</strong>
Zolang ze geen puberale fratsen uithalen in hun slaapkamer, of langer wakker blijven dan ik, zal ik ze blijven opzoeken. Even een aai over de bol als ze onrustig dromen. 'Lekker slapen,' tegen ze zeggen, omdat ik geloof dat ze lekkerder gaan slapen wanneer je dat tegen ze zegt. Nog eventjes kijken naar die lieve gezichtjes, zo lief dat ik ze wakker zou willen knuffelen. Maar slapend geluk, dat verstoor je niet.

<strong>Natte pluk haar</strong>
Dachten onze kinderen daar ook maar zo over. Maar nee. Ze maken ons wakker door op het matras te springen. Ze wringen hun lijfjes tussen ons in en duwen dan net zo lang met hun ruggetjes tegen onze warme lijven, totdat wij naast ons bed staan. Slapend geluk moet je niet verstoren! Begrijpen ze dat dan niet? Kunnen ze niet gewoon naar ons kijken terwijl we slapen? Ze mogen heus wel gniffelen om die natte pluk haar die op het voorhoofd van mama zit geplakt, of om de extra rimpels in mijn gezicht omdat ik de vouwen erin heb geslapen. Dat ze heel even kijken en dan weer stilletjes weggaan, terwijl ze het volgende fluisteren: 'Wat zijn ze toch lief hè, als ze slapen.'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/sallypics/" target="_blank">My aim is true</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Opblijven, je kunt onze kinderen niet blijer maken als wanneer ze voorbij hun bedtijd wakker mogen blijven. Ze houden het alleen niet lang vol. Een halfuur, hoogstens een uur, daarna gaan ze stuk. Kapot! Dan smeken ze om naar bed te mogen.<span id="more-34284"></span> Bovendien worden ze chagrijnig. Niets is meer goed, overal moeten ze om janken. Tandenpoetsen en pyjama&#8217;s aantrekken is dan allemaal te veel. Het liefst zouden ze in hun kleren, met schoenen aan en ongepoetste tanden op bed worden gelegd.</p>
<p><strong>Snelweg</strong><br />
Onze kinderen slapen gewoon graag. Ze hebben nooit problemen gehad met naar bed gaan. Ik ken de verhalen van ouders die nachtenlang wakker werden gehouden; die na middernacht nog de snelweg op moesten omdat hun nakomelingen alleen maar wilden slapen in een rijdende auto. Hier niets daarvan. Naar bed en oogjes toe. Dat ze niet op kunnen blijven is soms wel jammer. Dat ze kleine duiveltjes worden zodra het bedtijd is geweest is niet leuk, maar ik zou het niet anders willen, want wat is het toch fijn dat ze zo goed slapen en wat zijn ze toch lief wanneer ze slapen.</p>
<p><strong>Routine</strong><br />
De dag mooier afsluiten kan bijna niet: voordat ik ga slapen ga ik even kijken op de kamertjes. Even kijken hoe ze erbij liggen en of ze het nog wel doen. Eerst ga ik kijken bij mijn zoon. Na zijn geboorte ben ik met de routine begonnen, daarom is zijn slaapkamer de eerste die ik bezoek. Met mijn mobiel als zaklamp sluip ik naar binnen. Ik houd mijn adem in en loer naar het gezichtje van mijn zoon. Ik moet gewoon even zien of er nog lucht in- en uitgaat. Soms pest ik door te porren, of door het licht in z&#8217;n gezicht te schijnen zodat hij zijn oogjes nog wat meer dichtknijpt. Een teken van leven wil ik zien.</p>
<p><strong>Aureool van knuffels</strong><br />
Wessel slaapt met zijn hoofd opzij, met zijn rug naar de muur toe zodat ik hem altijd goed kan zien. Hij slaapt heel diep en maakt haast geen geluid. Omdat hij het al snel te warm heeft, trapt hij het dekbed van zich af. Dat leg ik dan weer eventjes goed. Kleine zus Myrthe rolt zich altijd helemaal op. Ze ligt dan met haar voorhoofd tegen de muur aan. Rondom haar hoofd heeft ze een aureool van knuffels. Ze slaapt heel licht. Soms lijkt ze mijn aanwezigheid op te merken. Ze begint dan wat te draaien en te kreunen, maar echt wakker wordt ze niet. Als ik haar ronde gezichtje boven het dekbed uit zie steken kan ik zo trots zijn op dat prachtige meisje dat daar ligt.</p>
<p><strong>Puberale fratsen</strong><br />
Zolang ze geen puberale fratsen uithalen in hun slaapkamer, of langer wakker blijven dan ik, zal ik ze blijven opzoeken. Even een aai over de bol als ze onrustig dromen. &#8216;Lekker slapen,&#8217; tegen ze zeggen, omdat ik geloof dat ze lekkerder gaan slapen wanneer je dat tegen ze zegt. Nog eventjes kijken naar die lieve gezichtjes, zo lief dat ik ze wakker zou willen knuffelen. Maar slapend geluk, dat verstoor je niet.</p>
<p><strong>Natte pluk haar</strong><br />
Dachten onze kinderen daar ook maar zo over. Maar nee. Ze maken ons wakker door op het matras te springen. Ze wringen hun lijfjes tussen ons in en duwen dan net zo lang met hun ruggetjes tegen onze warme lijven, totdat wij naast ons bed staan. Slapend geluk moet je niet verstoren! Begrijpen ze dat dan niet? Kunnen ze niet gewoon naar ons kijken terwijl we slapen? Ze mogen heus wel gniffelen om die natte pluk haar die op het voorhoofd van mama zit geplakt, of om de extra rimpels in mijn gezicht omdat ik de vouwen erin heb geslapen. Dat ze heel even kijken en dan weer stilletjes weggaan, terwijl ze het volgende fluisteren: &#8216;Wat zijn ze toch lief hè, als ze slapen.&#8217;</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/sallypics/" target="_blank">My aim is true</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/22/lief-slapend-geluk-kinderen-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>16</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/slaap_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Opblijven, je kunt onze kinderen niet blijer maken als wanneer ze voorbij hun bedtijd wakker mogen blijven. Ze houden het alleen niet lang vol. Een halfuur, hoogstens een uur, daarna gaan ze stuk. Kapot! Dan smeken ze om naar bed te mogen.<!--more--> Bovendien worden ze chagrijnig. Niets is meer goed, overal moeten ze om janken. Tandenpoetsen en pyjama's aantrekken is dan allemaal te veel. Het liefst zouden ze in hun kleren, met schoenen aan en ongepoetste tanden op bed worden gelegd.

<strong>Snelweg</strong>
Onze kinderen slapen gewoon graag. Ze hebben nooit problemen gehad met naar bed gaan. Ik ken de verhalen van ouders die nachtenlang wakker werden gehouden; die na middernacht nog de snelweg op moesten omdat hun nakomelingen alleen maar wilden slapen in een rijdende auto. Hier niets daarvan. Naar bed en oogjes toe. Dat ze niet op kunnen blijven is soms wel jammer. Dat ze kleine duiveltjes worden zodra het bedtijd is geweest is niet leuk, maar ik zou het niet anders willen, want wat is het toch fijn dat ze zo goed slapen en wat zijn ze toch lief wanneer ze slapen.

<strong>Routine</strong>
De dag mooier afsluiten kan bijna niet: voordat ik ga slapen ga ik even kijken op de kamertjes. Even kijken hoe ze erbij liggen en of ze het nog wel doen. Eerst ga ik kijken bij mijn zoon. Na zijn geboorte ben ik met de routine begonnen, daarom is zijn slaapkamer de eerste die ik bezoek. Met mijn mobiel als zaklamp sluip ik naar binnen. Ik houd mijn adem in en loer naar het gezichtje van mijn zoon. Ik moet gewoon even zien of er nog lucht in- en uitgaat. Soms pest ik door te porren, of door het licht in z'n gezicht te schijnen zodat hij zijn oogjes nog wat meer dichtknijpt. Een teken van leven wil ik zien.

<strong>Aureool van knuffels</strong>
Wessel slaapt met zijn hoofd opzij, met zijn rug naar de muur toe zodat ik hem altijd goed kan zien. Hij slaapt heel diep en maakt haast geen geluid. Omdat hij het al snel te warm heeft, trapt hij het dekbed van zich af. Dat leg ik dan weer eventjes goed. Kleine zus Myrthe rolt zich altijd helemaal op. Ze ligt dan met haar voorhoofd tegen de muur aan. Rondom haar hoofd heeft ze een aureool van knuffels. Ze slaapt heel licht. Soms lijkt ze mijn aanwezigheid op te merken. Ze begint dan wat te draaien en te kreunen, maar echt wakker wordt ze niet. Als ik haar ronde gezichtje boven het dekbed uit zie steken kan ik zo trots zijn op dat prachtige meisje dat daar ligt.

<strong>Puberale fratsen</strong>
Zolang ze geen puberale fratsen uithalen in hun slaapkamer, of langer wakker blijven dan ik, zal ik ze blijven opzoeken. Even een aai over de bol als ze onrustig dromen. 'Lekker slapen,' tegen ze zeggen, omdat ik geloof dat ze lekkerder gaan slapen wanneer je dat tegen ze zegt. Nog eventjes kijken naar die lieve gezichtjes, zo lief dat ik ze wakker zou willen knuffelen. Maar slapend geluk, dat verstoor je niet.

<strong>Natte pluk haar</strong>
Dachten onze kinderen daar ook maar zo over. Maar nee. Ze maken ons wakker door op het matras te springen. Ze wringen hun lijfjes tussen ons in en duwen dan net zo lang met hun ruggetjes tegen onze warme lijven, totdat wij naast ons bed staan. Slapend geluk moet je niet verstoren! Begrijpen ze dat dan niet? Kunnen ze niet gewoon naar ons kijken terwijl we slapen? Ze mogen heus wel gniffelen om die natte pluk haar die op het voorhoofd van mama zit geplakt, of om de extra rimpels in mijn gezicht omdat ik de vouwen erin heb geslapen. Dat ze heel even kijken en dan weer stilletjes weggaan, terwijl ze het volgende fluisteren: 'Wat zijn ze toch lief hè, als ze slapen.'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/sallypics/" target="_blank">My aim is true</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>De zonnewende</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/20/zonnewende-winter-lente-tijd-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/20/zonnewende-winter-lente-tijd-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 20 Dec 2011 14:02:08 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[lente]]></category>
		<category><![CDATA[midwinter]]></category>
		<category><![CDATA[midzomer]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>
		<category><![CDATA[wernerblog]]></category>
		<category><![CDATA[zon]]></category>
		<category><![CDATA[zonnewende]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34287</guid>
		<description><![CDATA[Op het moment dat je dit leest heb je ten opzichte van de polen van onze aarde een snelheid van 1.000 kilometer per uur. Dat komt omdat wij in ons landje elke dag 25.000 kilometer moeten afleggen, voordat we een rondje rond de as van de aarde hebben gedraaid.<!--more--> Tel daarbij op dat de complete planeet ook nog eens 30 kilometer per seconde moet afleggen om in een jaar tijd een rondje rondom de zon te maken. Je zit dit nu heel stil te lezen, maar eigenlijk zoef je dus met een razende snelheid door het universum heen en dat zonder duizelig te worden!

<strong>Steenbokskeerkring</strong>
Alles tolt en draait, maar donderdag om 05:30 uur is er heel even een moment waarop er vanuit ons gezien iets stilstaat: de zon. Die grote vuurbol in de lucht, de ster waaraan we ons leven te danken hebben, staat dan recht boven de Steenbokskeerkring. Om half zes in de ochtend zal de aarde zijn meest zuidelijke kant naar de zon toekeren. Dat is het moment van de zonnewende, het verschijnsel dat we niet langer lijdzaam hoeven toe te zien hoe de nacht steeds meer de overhand krijgt op de dag. Vanaf dan keert het licht weer terug.

<strong>Akelige haan</strong>
Dat is dan wel zo, maar onze avonden zijn alweer aan het lengen sinds vijftien december. Dat wil niet zeggen dat de dagen langer worden, want in de ochtend blijft de nacht er nog meer minuten bij pakken. Daar heb ik geen moeite mee. Of de zon zich een minuut eerder of later laat zien in de ochtend laat me koud, daar word ik toch niet wakker van. Daarnaast blijft die akelige rothaan van de achterburen dan ook langer slapen. In de avonden wil ik juist licht. Het is heerlijk om na werktijd buiten te komen en nog even te kunnen genieten van de warmte van de zon en het licht op je gezicht.

<strong>Tijdziek
</strong>Ik vier de zonnewende. Het is het moment waarop we weer terugkeren naar het licht, wanneer we weer op weg gaan naar de lente. Maar eigenlijk is het gek, want er komt nog een lange, koude winter aan. Wat dat betreft is het net zo onnozel als mijn vroeg opspelende melancholie tijdens midzomernacht, omdat vanaf dan de dagen korter worden. Juist dan begint de zomer! Maar toch, ik kan er niets aan doen. Het is de tijd die dat met mij doet. Op deze rondsuizende bol word ik niet duizelig omdat we zo snel bewegen door de ruimte. Het is juist de snelheid waarmee we door de tijd suizen die me soms doet tollen.

<strong>Tijdbedrog</strong>
We worden bedrogen door de tijd. Herinner jij je nog de zomers van je jeugd en hoe lang ze leken te duren? Je bent jong, de toekomst lijkt reusachtig. Met het verstrijken van de jaren, stelt één jaar ineens niet zo heel veel voor. In de herfst worden de dagen bovendien korter, daarom lijkt de tijd veel sneller te gaan. De winter lijkt dan juist weer heel traag voorbij te gaan, maar dat is niet zo. In de winter worden de dagen steeds langer en is het alsof de tijd juist langzamer gaat.

Het fascineert me dat het wisselen van de seizoenen zo'n impact heeft op mijn gemoed en op mijn gevoel van tijdsbesef. Daarom sta ik even stil bij het moment waarop de zon even stil staat. Het licht keert vanaf nu terug naar een wereld vol kale, doodse bomen, maar niet getreurd, de lente komt eraan, elke dag een beetje sneller.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/vicwj/" target="_blank">VicWJ</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Op het moment dat je dit leest heb je ten opzichte van de polen van onze aarde een snelheid van 1.000 kilometer per uur. Dat komt omdat wij in ons landje elke dag 25.000 kilometer moeten afleggen, voordat we een rondje rond de as van de aarde hebben gedraaid.<span id="more-34287"></span> Tel daarbij op dat de complete planeet ook nog eens 30 kilometer per seconde moet afleggen om in een jaar tijd een rondje rondom de zon te maken. Je zit dit nu heel stil te lezen, maar eigenlijk zoef je dus met een razende snelheid door het universum heen en dat zonder duizelig te worden!</p>
<p><strong>Steenbokskeerkring</strong><br />
Alles tolt en draait, maar donderdag om 05:30 uur is er heel even een moment waarop er vanuit ons gezien iets stilstaat: de zon. Die grote vuurbol in de lucht, de ster waaraan we ons leven te danken hebben, staat dan recht boven de Steenbokskeerkring. Om half zes in de ochtend zal de aarde zijn meest zuidelijke kant naar de zon toekeren. Dat is het moment van de zonnewende, het verschijnsel dat we niet langer lijdzaam hoeven toe te zien hoe de nacht steeds meer de overhand krijgt op de dag. Vanaf dan keert het licht weer terug.</p>
<p><strong>Akelige haan</strong><br />
Dat is dan wel zo, maar onze avonden zijn alweer aan het lengen sinds vijftien december. Dat wil niet zeggen dat de dagen langer worden, want in de ochtend blijft de nacht er nog meer minuten bij pakken. Daar heb ik geen moeite mee. Of de zon zich een minuut eerder of later laat zien in de ochtend laat me koud, daar word ik toch niet wakker van. Daarnaast blijft die akelige rothaan van de achterburen dan ook langer slapen. In de avonden wil ik juist licht. Het is heerlijk om na werktijd buiten te komen en nog even te kunnen genieten van de warmte van de zon en het licht op je gezicht.</p>
<p><strong>Tijdziek<br />
</strong>Ik vier de zonnewende. Het is het moment waarop we weer terugkeren naar het licht, wanneer we weer op weg gaan naar de lente. Maar eigenlijk is het gek, want er komt nog een lange, koude winter aan. Wat dat betreft is het net zo onnozel als mijn vroeg opspelende melancholie tijdens midzomernacht, omdat vanaf dan de dagen korter worden. Juist dan begint de zomer! Maar toch, ik kan er niets aan doen. Het is de tijd die dat met mij doet. Op deze rondsuizende bol word ik niet duizelig omdat we zo snel bewegen door de ruimte. Het is juist de snelheid waarmee we door de tijd suizen die me soms doet tollen.</p>
<p><strong>Tijdbedrog</strong><br />
We worden bedrogen door de tijd. Herinner jij je nog de zomers van je jeugd en hoe lang ze leken te duren? Je bent jong, de toekomst lijkt reusachtig. Met het verstrijken van de jaren, stelt één jaar ineens niet zo heel veel voor. In de herfst worden de dagen bovendien korter, daarom lijkt de tijd veel sneller te gaan. De winter lijkt dan juist weer heel traag voorbij te gaan, maar dat is niet zo. In de winter worden de dagen steeds langer en is het alsof de tijd juist langzamer gaat.</p>
<p>Het fascineert me dat het wisselen van de seizoenen zo&#8217;n impact heeft op mijn gemoed en op mijn gevoel van tijdsbesef. Daarom sta ik even stil bij het moment waarop de zon even stil staat. Het licht keert vanaf nu terug naar een wereld vol kale, doodse bomen, maar niet getreurd, de lente komt eraan, elke dag een beetje sneller.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/vicwj/" target="_blank">VicWJ</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/20/zonnewende-winter-lente-tijd-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/stonehenge_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Op het moment dat je dit leest heb je ten opzichte van de polen van onze aarde een snelheid van 1.000 kilometer per uur. Dat komt omdat wij in ons landje elke dag 25.000 kilometer moeten afleggen, voordat we een rondje rond de as van de aarde hebben gedraaid.<!--more--> Tel daarbij op dat de complete planeet ook nog eens 30 kilometer per seconde moet afleggen om in een jaar tijd een rondje rondom de zon te maken. Je zit dit nu heel stil te lezen, maar eigenlijk zoef je dus met een razende snelheid door het universum heen en dat zonder duizelig te worden!

<strong>Steenbokskeerkring</strong>
Alles tolt en draait, maar donderdag om 05:30 uur is er heel even een moment waarop er vanuit ons gezien iets stilstaat: de zon. Die grote vuurbol in de lucht, de ster waaraan we ons leven te danken hebben, staat dan recht boven de Steenbokskeerkring. Om half zes in de ochtend zal de aarde zijn meest zuidelijke kant naar de zon toekeren. Dat is het moment van de zonnewende, het verschijnsel dat we niet langer lijdzaam hoeven toe te zien hoe de nacht steeds meer de overhand krijgt op de dag. Vanaf dan keert het licht weer terug.

<strong>Akelige haan</strong>
Dat is dan wel zo, maar onze avonden zijn alweer aan het lengen sinds vijftien december. Dat wil niet zeggen dat de dagen langer worden, want in de ochtend blijft de nacht er nog meer minuten bij pakken. Daar heb ik geen moeite mee. Of de zon zich een minuut eerder of later laat zien in de ochtend laat me koud, daar word ik toch niet wakker van. Daarnaast blijft die akelige rothaan van de achterburen dan ook langer slapen. In de avonden wil ik juist licht. Het is heerlijk om na werktijd buiten te komen en nog even te kunnen genieten van de warmte van de zon en het licht op je gezicht.

<strong>Tijdziek
</strong>Ik vier de zonnewende. Het is het moment waarop we weer terugkeren naar het licht, wanneer we weer op weg gaan naar de lente. Maar eigenlijk is het gek, want er komt nog een lange, koude winter aan. Wat dat betreft is het net zo onnozel als mijn vroeg opspelende melancholie tijdens midzomernacht, omdat vanaf dan de dagen korter worden. Juist dan begint de zomer! Maar toch, ik kan er niets aan doen. Het is de tijd die dat met mij doet. Op deze rondsuizende bol word ik niet duizelig omdat we zo snel bewegen door de ruimte. Het is juist de snelheid waarmee we door de tijd suizen die me soms doet tollen.

<strong>Tijdbedrog</strong>
We worden bedrogen door de tijd. Herinner jij je nog de zomers van je jeugd en hoe lang ze leken te duren? Je bent jong, de toekomst lijkt reusachtig. Met het verstrijken van de jaren, stelt één jaar ineens niet zo heel veel voor. In de herfst worden de dagen bovendien korter, daarom lijkt de tijd veel sneller te gaan. De winter lijkt dan juist weer heel traag voorbij te gaan, maar dat is niet zo. In de winter worden de dagen steeds langer en is het alsof de tijd juist langzamer gaat.

Het fascineert me dat het wisselen van de seizoenen zo'n impact heeft op mijn gemoed en op mijn gevoel van tijdsbesef. Daarom sta ik even stil bij het moment waarop de zon even stil staat. Het licht keert vanaf nu terug naar een wereld vol kale, doodse bomen, maar niet getreurd, de lente komt eraan, elke dag een beetje sneller.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/vicwj/" target="_blank">VicWJ</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Onze twee binnenhuisarchitecten</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/17/binnenhuisarchitecten-kinderen-thuis-wernerblog/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/17/binnenhuisarchitecten-kinderen-thuis-wernerblog/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 17 Dec 2011 17:05:39 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[binnenhuisarchitect]]></category>
		<category><![CDATA[inboedel]]></category>
		<category><![CDATA[knutselen]]></category>
		<category><![CDATA[martijn krabbé]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34264</guid>
		<description><![CDATA[Zeven jaar terug en de periode daarvoor, die ik mij nog maar nauwelijks kan herinneren, woonden wij in een huis dat van ons was. Ons huis!<!--more--> De inhoud was een mengelmoesje van de inboedel van het oude appartement van mijn vrouw en de spullen die ik had verzameld in mijn HAT woninkje. Het paste allemaal wonderbaarlijk goed bij elkaar. Mijn stoelen in totale coherentie met haar bank, mijn televisiemeubel gebroederlijk naast haar salontafel.

<strong>Old English</strong>
Onze huisstijl is Old English cottages. Althans, dat stond in een bijschrift onder een plaatje in een woongids dat me erg aan onze inboedel deed denken. Niet te strak, lekker gezellig met veel grenenhout, kussens en stof op de meubels, nergens leer. Een rommeltje was het wel zo nu en dan, maar eenmaal per week opruimen volstond. Het papier werd gesorteerd in drie stapels: weggooien, papieren archief en leesbak. Het leven was ordelijk, overzichtelijk, maar toch gezellig. Totdat de kinderen kwamen.

<strong>Martijn Krabbé</strong>
Het zijn schatten hoor, maar het zijn ook twee binnenhuisarchitecten van het meest rampzalige soort. Onder alle modificaties die ze hier in huis hebben uitgevoerd zou je de stem van Martijn Krabbé moeten bedenken, die met licht sarcasme vertelt dat het allemaal toch wel heel erg is. 'Toch prachtig wat ze met de huiskamer hebben gedaan, het doet denken aan een speelgoedwinkel. Zo moet het er thuis bij Bart Smit uitzien. Je waant je in een vestiging van de Intertoys, alleen de kassa bij de ingang ontbreekt.'

<strong>Museum in de keuken</strong>
'De keuken, het is dat er pannen staan en een fornuis, maar het is net een museum. Zie nou eens wat een mooie verzameling half afgemaakte tekeningen! Witte vellen met een mooie kras blauw erop, zonde van het regenwoud, maar prachtig abstract. Daar zien we portretten van de ouders als stokpoppetjes, wat zien ze er toch mooi slank uit. Aan de kleurplaten te zien zijn het echt kinderen die de grenzen van wat mag durven te verkennen, want zie eens hoe fanatiek ze buiten de lijntjes kleuren.' We waren zo blij met onze leuke tegeltjes in de kleur rood, met af en toe een verloren zwart exemplaar ertussen. Er hangt nu een behang van tekeningen overheen.

<strong>Hoepel op!</strong>
Het nieuwste dat ze hebben bedacht is versiering voor de deuren van hun slaapkamers. Het zijn prachtige houten paneeldeuren. Ze waren van het soort groenachtig blauw dat mijn vrouw blauwachtig groen noemt. We hebben ze weggedaan naar een bedrijf dat dat soort met verf verpestte deuren in een badje van chemicaliën doet, waarin alle verf oplost. Ze zijn geschuurd, er zit een mooie vernislaag op en nu dus een hele berg papier, vastgezet met plakband. Ze staan vol waarschuwingen, precies één per vel: 'Hoepel op! Wat is het wachtwoord? Privé. Niet storen. Alleen binnenkomen als er feest is!'

Hoepel op? Wiens huis denken ze eigenlijk dat dit is? Mijn zoon gaf me het antwoord op die vraag door mij een keer de volgende vraag te stellen: 'Zeg papa, als ik straks ga trouwen, waar gaan jullie dan wonen?'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/pinksherbet/" target="_blank">Pink Sherbet Photography</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Zeven jaar terug en de periode daarvoor, die ik mij nog maar nauwelijks kan herinneren, woonden wij in een huis dat van ons was. Ons huis!<span id="more-34264"></span> De inhoud was een mengelmoesje van de inboedel van het oude appartement van mijn vrouw en de spullen die ik had verzameld in mijn HAT woninkje. Het paste allemaal wonderbaarlijk goed bij elkaar. Mijn stoelen in totale coherentie met haar bank, mijn televisiemeubel gebroederlijk naast haar salontafel.</p>
<p><strong>Old English</strong><br />
Onze huisstijl is Old English cottages. Althans, dat stond in een bijschrift onder een plaatje in een woongids dat me erg aan onze inboedel deed denken. Niet te strak, lekker gezellig met veel grenenhout, kussens en stof op de meubels, nergens leer. Een rommeltje was het wel zo nu en dan, maar eenmaal per week opruimen volstond. Het papier werd gesorteerd in drie stapels: weggooien, papieren archief en leesbak. Het leven was ordelijk, overzichtelijk, maar toch gezellig. Totdat de kinderen kwamen.</p>
<p><strong>Martijn Krabbé</strong><br />
Het zijn schatten hoor, maar het zijn ook twee binnenhuisarchitecten van het meest rampzalige soort. Onder alle modificaties die ze hier in huis hebben uitgevoerd zou je de stem van Martijn Krabbé moeten bedenken, die met licht sarcasme vertelt dat het allemaal toch wel heel erg is. &#8216;Toch prachtig wat ze met de huiskamer hebben gedaan, het doet denken aan een speelgoedwinkel. Zo moet het er thuis bij Bart Smit uitzien. Je waant je in een vestiging van de Intertoys, alleen de kassa bij de ingang ontbreekt.&#8217;</p>
<p><strong>Museum in de keuken</strong><br />
&#8216;De keuken, het is dat er pannen staan en een fornuis, maar het is net een museum. Zie nou eens wat een mooie verzameling half afgemaakte tekeningen! Witte vellen met een mooie kras blauw erop, zonde van het regenwoud, maar prachtig abstract. Daar zien we portretten van de ouders als stokpoppetjes, wat zien ze er toch mooi slank uit. Aan de kleurplaten te zien zijn het echt kinderen die de grenzen van wat mag durven te verkennen, want zie eens hoe fanatiek ze buiten de lijntjes kleuren.&#8217; We waren zo blij met onze leuke tegeltjes in de kleur rood, met af en toe een verloren zwart exemplaar ertussen. Er hangt nu een behang van tekeningen overheen.</p>
<p><strong>Hoepel op!</strong><br />
Het nieuwste dat ze hebben bedacht is versiering voor de deuren van hun slaapkamers. Het zijn prachtige houten paneeldeuren. Ze waren van het soort groenachtig blauw dat mijn vrouw blauwachtig groen noemt. We hebben ze weggedaan naar een bedrijf dat dat soort met verf verpestte deuren in een badje van chemicaliën doet, waarin alle verf oplost. Ze zijn geschuurd, er zit een mooie vernislaag op en nu dus een hele berg papier, vastgezet met plakband. Ze staan vol waarschuwingen, precies één per vel: &#8216;Hoepel op! Wat is het wachtwoord? Privé. Niet storen. Alleen binnenkomen als er feest is!&#8217;</p>
<p>Hoepel op? Wiens huis denken ze eigenlijk dat dit is? Mijn zoon gaf me het antwoord op die vraag door mij een keer de volgende vraag te stellen: &#8216;Zeg papa, als ik straks ga trouwen, waar gaan jullie dan wonen?&#8217;</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/pinksherbet/" target="_blank">Pink Sherbet Photography</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/17/binnenhuisarchitecten-kinderen-thuis-wernerblog/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>5</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/tekenen_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Zeven jaar terug en de periode daarvoor, die ik mij nog maar nauwelijks kan herinneren, woonden wij in een huis dat van ons was. Ons huis!<!--more--> De inhoud was een mengelmoesje van de inboedel van het oude appartement van mijn vrouw en de spullen die ik had verzameld in mijn HAT woninkje. Het paste allemaal wonderbaarlijk goed bij elkaar. Mijn stoelen in totale coherentie met haar bank, mijn televisiemeubel gebroederlijk naast haar salontafel.

<strong>Old English</strong>
Onze huisstijl is Old English cottages. Althans, dat stond in een bijschrift onder een plaatje in een woongids dat me erg aan onze inboedel deed denken. Niet te strak, lekker gezellig met veel grenenhout, kussens en stof op de meubels, nergens leer. Een rommeltje was het wel zo nu en dan, maar eenmaal per week opruimen volstond. Het papier werd gesorteerd in drie stapels: weggooien, papieren archief en leesbak. Het leven was ordelijk, overzichtelijk, maar toch gezellig. Totdat de kinderen kwamen.

<strong>Martijn Krabbé</strong>
Het zijn schatten hoor, maar het zijn ook twee binnenhuisarchitecten van het meest rampzalige soort. Onder alle modificaties die ze hier in huis hebben uitgevoerd zou je de stem van Martijn Krabbé moeten bedenken, die met licht sarcasme vertelt dat het allemaal toch wel heel erg is. 'Toch prachtig wat ze met de huiskamer hebben gedaan, het doet denken aan een speelgoedwinkel. Zo moet het er thuis bij Bart Smit uitzien. Je waant je in een vestiging van de Intertoys, alleen de kassa bij de ingang ontbreekt.'

<strong>Museum in de keuken</strong>
'De keuken, het is dat er pannen staan en een fornuis, maar het is net een museum. Zie nou eens wat een mooie verzameling half afgemaakte tekeningen! Witte vellen met een mooie kras blauw erop, zonde van het regenwoud, maar prachtig abstract. Daar zien we portretten van de ouders als stokpoppetjes, wat zien ze er toch mooi slank uit. Aan de kleurplaten te zien zijn het echt kinderen die de grenzen van wat mag durven te verkennen, want zie eens hoe fanatiek ze buiten de lijntjes kleuren.' We waren zo blij met onze leuke tegeltjes in de kleur rood, met af en toe een verloren zwart exemplaar ertussen. Er hangt nu een behang van tekeningen overheen.

<strong>Hoepel op!</strong>
Het nieuwste dat ze hebben bedacht is versiering voor de deuren van hun slaapkamers. Het zijn prachtige houten paneeldeuren. Ze waren van het soort groenachtig blauw dat mijn vrouw blauwachtig groen noemt. We hebben ze weggedaan naar een bedrijf dat dat soort met verf verpestte deuren in een badje van chemicaliën doet, waarin alle verf oplost. Ze zijn geschuurd, er zit een mooie vernislaag op en nu dus een hele berg papier, vastgezet met plakband. Ze staan vol waarschuwingen, precies één per vel: 'Hoepel op! Wat is het wachtwoord? Privé. Niet storen. Alleen binnenkomen als er feest is!'

Hoepel op? Wiens huis denken ze eigenlijk dat dit is? Mijn zoon gaf me het antwoord op die vraag door mij een keer de volgende vraag te stellen: 'Zeg papa, als ik straks ga trouwen, waar gaan jullie dan wonen?'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/pinksherbet/" target="_blank">Pink Sherbet Photography</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Eerste judoles</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/15/sport-judo-kinderen-supporter-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/15/sport-judo-kinderen-supporter-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 15 Dec 2011 11:34:50 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Sport]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[dojo]]></category>
		<category><![CDATA[judo]]></category>
		<category><![CDATA[judoles]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34177</guid>
		<description><![CDATA[Gisteren stond ik na ruim twintig jaar weer in de dojo waar ik vroeger les in judo kreeg.<!--more--> Veel was hetzelfde gebleven, zelfs de leraar. Zijn krullen waren alleen wat grijzer geworden en zijn buik wat dikker. Hij zat bij een barretje te wachten op de pupillen. Wessel mocht al meteen meedoen. Hadden we gedacht aan een joggingbroek? Ik keek naar mijn vrouw die van tevoren had gebeld of er plek was voor een nieuwe judoka. Ze keek heel schuldbewust.

<strong>Judopak</strong>
'Niet erg,' zei de mevrouw die achter het barretje stond. 'We hebben nog wel iets voor hem liggen.' Ze ging wat kleding bij elkaar zoeken en ik schoof Wessel voor mij uit naar het kleedhok. Even later kwam onze judoka tevoorschijn in een wit judopak. Hij kreeg de witte band omgeknoopt en mocht naar de judomat toe. Meteen holde hij met de andere kinderen mee. Het waren vooral jongetjes. De twee meisjes vormden een erg stoere minderheid.

<strong>Supporter</strong>
Wij mochten blijven kijken als we dat wilden, als supporter van ons eigen kind. Daar had ik niet op gerekend. We hebben onze zoon op Judo gedaan omdat we hopen hem daarmee wat robuuster te maken, zodat zijn lijf niet langer zal reageren als een kegel wanneer andere kinderen tegen hem op botsen. Voordat het zover is verwachten we dat hij eerst heel wat keren omver gekegeld zal worden op de veilige, zachte mat van de dojo. Het is niet dat we de meest geweldige sportprestaties van hem verwachten.

<strong>Kruiwagen
</strong>De kinderen begonnen met het opwarmen van de spieren. Eén van de oefeningen die ze deden was lopen met een kruiwagen. Wessel moest de kruiwagen zijn, maar hij zakte telkens door zijn armen heen. De jongen die hem vasthield dacht het creatief op te lossen door dan maar een trekkar van Wessel te maken. Hij sjorde Wessel aan zijn broekspijpen totdat ze samen de andere kant van de dojo bereikten. De broek kwam los. Wessel stond in zijn onderbroek. Hij wilde zijn broek optrekken, maar moest ook terug rennen. Hij twijfelde nog even wat eerst te doen en begon maar te rennen, waarbij hij over zijn broek struikelde. Zijn eerste judoles en mijn zoon wordt gevloerd door zijn eigen broek.

<strong>Beenworp</strong>
Daarna begon de echte les. Er werd een beenworp voorgedaan. Daarna mochten ze die gaan oefenen op elkaar. Wessel kreeg één van de meisjes als tegenstander. Ook een beginneling. Ze pakten elkaar wat onwennig vast en begonnen aan elkaar te sjorren. Wessel probeerde de beenworp die hem was voorgedaan door de leraar. Hij maakte de pasjes tot aan het moment waarop de tegenstander moest vallen. Het meisje bleef gewoon staan. Wessel herhaalde de pasjes twee tot drie keer. Ik moest onwillekeurig aan dansles denken. Na een aantal pogingen ging het meisje er maar bij liggen.

Na drie kwartier les was het mijn zoon nog niet echt gelukt om iemand te vloeren. 'Niet erg,' zei één van de aanwezige moeders. 'Het is pas zijn eerste les. Hij wordt vanzelf wel wat fanatieker.'

<strong>Aanleg</strong>
Dat wilde ik graag geloven, maar ik stond mij toch ernstig af te vragen of mijn zoon eigenlijk wel aanleg had voor deze sport. Dat zachtaardige mannetje, een lieverd die liever knuffelt dan vecht. Hij was bezig met een spel waarbij de kinderen als vierpotige spinnen zo snel mogelijk van de ene naar de andere kant van de dojo moesten hobbelen. De snelste jongetjes renden alweer terug. Wessel was nog niet halverwege. Eén jongetje struikelde over Wessels uitgestoken been heen en ging onderuit. Op het gezicht van onze zoon verscheen een triomfantelijke grijns.

Misschien komt het allemaal toch wel goed.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/stefanschmitz/" target="_blank">s.schmitz</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Gisteren stond ik na ruim twintig jaar weer in de dojo waar ik vroeger les in judo kreeg.<span id="more-34177"></span> Veel was hetzelfde gebleven, zelfs de leraar. Zijn krullen waren alleen wat grijzer geworden en zijn buik wat dikker. Hij zat bij een barretje te wachten op de pupillen. Wessel mocht al meteen meedoen. Hadden we gedacht aan een joggingbroek? Ik keek naar mijn vrouw die van tevoren had gebeld of er plek was voor een nieuwe judoka. Ze keek heel schuldbewust.</p>
<p><strong>Judopak</strong><br />
&#8216;Niet erg,&#8217; zei de mevrouw die achter het barretje stond. &#8216;We hebben nog wel iets voor hem liggen.&#8217; Ze ging wat kleding bij elkaar zoeken en ik schoof Wessel voor mij uit naar het kleedhok. Even later kwam onze judoka tevoorschijn in een wit judopak. Hij kreeg de witte band omgeknoopt en mocht naar de judomat toe. Meteen holde hij met de andere kinderen mee. Het waren vooral jongetjes. De twee meisjes vormden een erg stoere minderheid.</p>
<p><strong>Supporter</strong><br />
Wij mochten blijven kijken als we dat wilden, als supporter van ons eigen kind. Daar had ik niet op gerekend. We hebben onze zoon op Judo gedaan omdat we hopen hem daarmee wat robuuster te maken, zodat zijn lijf niet langer zal reageren als een kegel wanneer andere kinderen tegen hem op botsen. Voordat het zover is verwachten we dat hij eerst heel wat keren omver gekegeld zal worden op de veilige, zachte mat van de dojo. Het is niet dat we de meest geweldige sportprestaties van hem verwachten.</p>
<p><strong>Kruiwagen<br />
</strong>De kinderen begonnen met het opwarmen van de spieren. Eén van de oefeningen die ze deden was lopen met een kruiwagen. Wessel moest de kruiwagen zijn, maar hij zakte telkens door zijn armen heen. De jongen die hem vasthield dacht het creatief op te lossen door dan maar een trekkar van Wessel te maken. Hij sjorde Wessel aan zijn broekspijpen totdat ze samen de andere kant van de dojo bereikten. De broek kwam los. Wessel stond in zijn onderbroek. Hij wilde zijn broek optrekken, maar moest ook terug rennen. Hij twijfelde nog even wat eerst te doen en begon maar te rennen, waarbij hij over zijn broek struikelde. Zijn eerste judoles en mijn zoon wordt gevloerd door zijn eigen broek.</p>
<p><strong>Beenworp</strong><br />
Daarna begon de echte les. Er werd een beenworp voorgedaan. Daarna mochten ze die gaan oefenen op elkaar. Wessel kreeg één van de meisjes als tegenstander. Ook een beginneling. Ze pakten elkaar wat onwennig vast en begonnen aan elkaar te sjorren. Wessel probeerde de beenworp die hem was voorgedaan door de leraar. Hij maakte de pasjes tot aan het moment waarop de tegenstander moest vallen. Het meisje bleef gewoon staan. Wessel herhaalde de pasjes twee tot drie keer. Ik moest onwillekeurig aan dansles denken. Na een aantal pogingen ging het meisje er maar bij liggen.</p>
<p>Na drie kwartier les was het mijn zoon nog niet echt gelukt om iemand te vloeren. &#8216;Niet erg,&#8217; zei één van de aanwezige moeders. &#8216;Het is pas zijn eerste les. Hij wordt vanzelf wel wat fanatieker.&#8217;</p>
<p><strong>Aanleg</strong><br />
Dat wilde ik graag geloven, maar ik stond mij toch ernstig af te vragen of mijn zoon eigenlijk wel aanleg had voor deze sport. Dat zachtaardige mannetje, een lieverd die liever knuffelt dan vecht. Hij was bezig met een spel waarbij de kinderen als vierpotige spinnen zo snel mogelijk van de ene naar de andere kant van de dojo moesten hobbelen. De snelste jongetjes renden alweer terug. Wessel was nog niet halverwege. Eén jongetje struikelde over Wessels uitgestoken been heen en ging onderuit. Op het gezicht van onze zoon verscheen een triomfantelijke grijns.</p>
<p>Misschien komt het allemaal toch wel goed.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/stefanschmitz/" target="_blank">s.schmitz</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/15/sport-judo-kinderen-supporter-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/judo2_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Gisteren stond ik na ruim twintig jaar weer in de dojo waar ik vroeger les in judo kreeg.<!--more--> Veel was hetzelfde gebleven, zelfs de leraar. Zijn krullen waren alleen wat grijzer geworden en zijn buik wat dikker. Hij zat bij een barretje te wachten op de pupillen. Wessel mocht al meteen meedoen. Hadden we gedacht aan een joggingbroek? Ik keek naar mijn vrouw die van tevoren had gebeld of er plek was voor een nieuwe judoka. Ze keek heel schuldbewust.

<strong>Judopak</strong>
'Niet erg,' zei de mevrouw die achter het barretje stond. 'We hebben nog wel iets voor hem liggen.' Ze ging wat kleding bij elkaar zoeken en ik schoof Wessel voor mij uit naar het kleedhok. Even later kwam onze judoka tevoorschijn in een wit judopak. Hij kreeg de witte band omgeknoopt en mocht naar de judomat toe. Meteen holde hij met de andere kinderen mee. Het waren vooral jongetjes. De twee meisjes vormden een erg stoere minderheid.

<strong>Supporter</strong>
Wij mochten blijven kijken als we dat wilden, als supporter van ons eigen kind. Daar had ik niet op gerekend. We hebben onze zoon op Judo gedaan omdat we hopen hem daarmee wat robuuster te maken, zodat zijn lijf niet langer zal reageren als een kegel wanneer andere kinderen tegen hem op botsen. Voordat het zover is verwachten we dat hij eerst heel wat keren omver gekegeld zal worden op de veilige, zachte mat van de dojo. Het is niet dat we de meest geweldige sportprestaties van hem verwachten.

<strong>Kruiwagen
</strong>De kinderen begonnen met het opwarmen van de spieren. Eén van de oefeningen die ze deden was lopen met een kruiwagen. Wessel moest de kruiwagen zijn, maar hij zakte telkens door zijn armen heen. De jongen die hem vasthield dacht het creatief op te lossen door dan maar een trekkar van Wessel te maken. Hij sjorde Wessel aan zijn broekspijpen totdat ze samen de andere kant van de dojo bereikten. De broek kwam los. Wessel stond in zijn onderbroek. Hij wilde zijn broek optrekken, maar moest ook terug rennen. Hij twijfelde nog even wat eerst te doen en begon maar te rennen, waarbij hij over zijn broek struikelde. Zijn eerste judoles en mijn zoon wordt gevloerd door zijn eigen broek.

<strong>Beenworp</strong>
Daarna begon de echte les. Er werd een beenworp voorgedaan. Daarna mochten ze die gaan oefenen op elkaar. Wessel kreeg één van de meisjes als tegenstander. Ook een beginneling. Ze pakten elkaar wat onwennig vast en begonnen aan elkaar te sjorren. Wessel probeerde de beenworp die hem was voorgedaan door de leraar. Hij maakte de pasjes tot aan het moment waarop de tegenstander moest vallen. Het meisje bleef gewoon staan. Wessel herhaalde de pasjes twee tot drie keer. Ik moest onwillekeurig aan dansles denken. Na een aantal pogingen ging het meisje er maar bij liggen.

Na drie kwartier les was het mijn zoon nog niet echt gelukt om iemand te vloeren. 'Niet erg,' zei één van de aanwezige moeders. 'Het is pas zijn eerste les. Hij wordt vanzelf wel wat fanatieker.'

<strong>Aanleg</strong>
Dat wilde ik graag geloven, maar ik stond mij toch ernstig af te vragen of mijn zoon eigenlijk wel aanleg had voor deze sport. Dat zachtaardige mannetje, een lieverd die liever knuffelt dan vecht. Hij was bezig met een spel waarbij de kinderen als vierpotige spinnen zo snel mogelijk van de ene naar de andere kant van de dojo moesten hobbelen. De snelste jongetjes renden alweer terug. Wessel was nog niet halverwege. Eén jongetje struikelde over Wessels uitgestoken been heen en ging onderuit. Op het gezicht van onze zoon verscheen een triomfantelijke grijns.

Misschien komt het allemaal toch wel goed.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/stefanschmitz/" target="_blank">s.schmitz</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>De groene fee</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/13/groene-fee-absint-absinterklaas-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/13/groene-fee-absint-absinterklaas-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 13 Dec 2011 12:59:08 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Eten & drinken]]></category>
		<category><![CDATA[Uitgaan]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[absint]]></category>
		<category><![CDATA[absinterklaas]]></category>
		<category><![CDATA[drank]]></category>
		<category><![CDATA[drinken]]></category>
		<category><![CDATA[groene fee]]></category>
		<category><![CDATA[hallucineren]]></category>
		<category><![CDATA[jack nouws]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34179</guid>
		<description><![CDATA[Gisteravond bevond ik mij in het zaaltje achter theatercafé De Bastaard in Utrecht voor een ontmoeting met de groene fee.<!--more--> Gastheer en schrijver Jack Nouws organiseerde voor het tiende jaar Absinterklaas, een avond waarop mensen die niet bang zijn voor een experiment kunnen genieten van literatuur, beeldende kunst en muziek, onder het genot van absint, het drankje dat in de negentiende eeuw populair was onder kunstenaars omdat het een psychoactieve werking zou hebben.

<strong>Kleur</strong>
Ik was aan de rand van het zaaltje gaan zitten en leunde met mijn zij tegen de muur. Boven mij hing een kelk met een bosje rode rozen erin. Rood, dat was ook de kleur van het licht in de zaal. Groen was de kleur van de drank. De absint kwam uit flessen die door vrienden uit diverse uiteinden van Europa waren meegenomen. Jack had het een keer aangedurfd om zelf absint te brouwen, maar aan het gejouw van een aantal terugkerende gasten te horen was het niet echt geslaagd. 'Het bocht was echt bitter, niet te zuipen gewoon,' hoorde ik iemand zeggen. 'Dat was het jaar dat hij ook in absint gemarineerde kippenpootjes had, die waren ook al zo vies.'

<strong>Flamberen</strong>
De absint kwam dit keer gewoon uit de fles. Vooral de variant met een alcoholpercentage van zeventig procent vond gretig aftrek. Er werden lepels uitgedeeld en glazen die kort daarna werden gevuld met een scheut absint. Dat moest je dan mengen met het water dat in karaffen op de tafeltjes stond, maar niet voordat je er wat suiker aan had toegevoegd. Voor het mooiste effect moest je het klontje op het lepeltje leggen, het dippen in de drank om het daarna aan te steken. De suiker flambeerde in een blauwe vlam boven de groene absint, in lepeltjes die het rode theaterlicht weerspiegelden. Alleen de sfeer al had een geestverruimende uitwerking op mij.

<strong>Hallucineren</strong>
Naast mij zaten meisjes die nog nooit absint hadden gedronken. Zij waren er wat giechelig onder en durfden niet zo goed. Zelf had ik het al eerder gedronken tijdens een verregende vakantie in Spanje. In de supermarkt zag ik een fles absint staan tussen de flessen Amaretto, rum en Malibu. Ik herkende de naam van de verhalen over kunstenaars die na het drinken van het spul gingen hallucineren. Het verbaasde me dat het vrijelijk verkrijgbaar was. Ik zocht op het web en ontdekte dat absint vanaf 2005 ook in Nederland weer verkocht mag worden, omdat de hallucinogene werking er niet meer is.

<strong>Kippenpootjes</strong>
De eerste vier keer dat Jack Nouws zijn Absinterklaas organiseerde werd de absint nog gedronken in een sfeer van illegaliteit. Dat zal zeker sfeerverhogend hebben gewerkt. Dat effect is weg. Zodra de blauwe vlam is gedoofd en het suikerklontje is opgelost in het groene plasje, is het drinken van absint niet zo heel bijzonder meer. Daarentegen vind ik het wel lekker. Het smaakt naar anijs en valt te vergelijken met ouzo.

Om dan toch wat spanning in de avond te injecteren zocht Jack Nouws revanche met zijn in absint gemarineerde kippenpoten. Wie het aandurfde mocht <a title="Met dank aan @remment" href="http://instagr.am/p/Yn29G/">groen uitgeslagen stukjes kip</a> eten. Ik heb geen groene fee gezien, maar terwijl ik mijn tanden in de kippenpoot zette, had ik toch even de illusie dat ik hallucineerde.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/spacepleb/" target="_blank">spacepleb's</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Gisteravond bevond ik mij in het zaaltje achter theatercafé De Bastaard in Utrecht voor een ontmoeting met de groene fee.<span id="more-34179"></span> Gastheer en schrijver Jack Nouws organiseerde voor het tiende jaar Absinterklaas, een avond waarop mensen die niet bang zijn voor een experiment kunnen genieten van literatuur, beeldende kunst en muziek, onder het genot van absint, het drankje dat in de negentiende eeuw populair was onder kunstenaars omdat het een psychoactieve werking zou hebben.</p>
<p><strong>Kleur</strong><br />
Ik was aan de rand van het zaaltje gaan zitten en leunde met mijn zij tegen de muur. Boven mij hing een kelk met een bosje rode rozen erin. Rood, dat was ook de kleur van het licht in de zaal. Groen was de kleur van de drank. De absint kwam uit flessen die door vrienden uit diverse uiteinden van Europa waren meegenomen. Jack had het een keer aangedurfd om zelf absint te brouwen, maar aan het gejouw van een aantal terugkerende gasten te horen was het niet echt geslaagd. &#8216;Het bocht was echt bitter, niet te zuipen gewoon,&#8217; hoorde ik iemand zeggen. &#8216;Dat was het jaar dat hij ook in absint gemarineerde kippenpootjes had, die waren ook al zo vies.&#8217;</p>
<p><strong>Flamberen</strong><br />
De absint kwam dit keer gewoon uit de fles. Vooral de variant met een alcoholpercentage van zeventig procent vond gretig aftrek. Er werden lepels uitgedeeld en glazen die kort daarna werden gevuld met een scheut absint. Dat moest je dan mengen met het water dat in karaffen op de tafeltjes stond, maar niet voordat je er wat suiker aan had toegevoegd. Voor het mooiste effect moest je het klontje op het lepeltje leggen, het dippen in de drank om het daarna aan te steken. De suiker flambeerde in een blauwe vlam boven de groene absint, in lepeltjes die het rode theaterlicht weerspiegelden. Alleen de sfeer al had een geestverruimende uitwerking op mij.</p>
<p><strong>Hallucineren</strong><br />
Naast mij zaten meisjes die nog nooit absint hadden gedronken. Zij waren er wat giechelig onder en durfden niet zo goed. Zelf had ik het al eerder gedronken tijdens een verregende vakantie in Spanje. In de supermarkt zag ik een fles absint staan tussen de flessen Amaretto, rum en Malibu. Ik herkende de naam van de verhalen over kunstenaars die na het drinken van het spul gingen hallucineren. Het verbaasde me dat het vrijelijk verkrijgbaar was. Ik zocht op het web en ontdekte dat absint vanaf 2005 ook in Nederland weer verkocht mag worden, omdat de hallucinogene werking er niet meer is.</p>
<p><strong>Kippenpootjes</strong><br />
De eerste vier keer dat Jack Nouws zijn Absinterklaas organiseerde werd de absint nog gedronken in een sfeer van illegaliteit. Dat zal zeker sfeerverhogend hebben gewerkt. Dat effect is weg. Zodra de blauwe vlam is gedoofd en het suikerklontje is opgelost in het groene plasje, is het drinken van absint niet zo heel bijzonder meer. Daarentegen vind ik het wel lekker. Het smaakt naar anijs en valt te vergelijken met ouzo.</p>
<p>Om dan toch wat spanning in de avond te injecteren zocht Jack Nouws revanche met zijn in absint gemarineerde kippenpoten. Wie het aandurfde mocht <a title="Met dank aan @remment" href="http://instagr.am/p/Yn29G/">groen uitgeslagen stukjes kip</a> eten. Ik heb geen groene fee gezien, maar terwijl ik mijn tanden in de kippenpoot zette, had ik toch even de illusie dat ik hallucineerde.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/spacepleb/" target="_blank">spacepleb&#8217;s</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/13/groene-fee-absint-absinterklaas-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/absint_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Gisteravond bevond ik mij in het zaaltje achter theatercafé De Bastaard in Utrecht voor een ontmoeting met de groene fee.<!--more--> Gastheer en schrijver Jack Nouws organiseerde voor het tiende jaar Absinterklaas, een avond waarop mensen die niet bang zijn voor een experiment kunnen genieten van literatuur, beeldende kunst en muziek, onder het genot van absint, het drankje dat in de negentiende eeuw populair was onder kunstenaars omdat het een psychoactieve werking zou hebben.

<strong>Kleur</strong>
Ik was aan de rand van het zaaltje gaan zitten en leunde met mijn zij tegen de muur. Boven mij hing een kelk met een bosje rode rozen erin. Rood, dat was ook de kleur van het licht in de zaal. Groen was de kleur van de drank. De absint kwam uit flessen die door vrienden uit diverse uiteinden van Europa waren meegenomen. Jack had het een keer aangedurfd om zelf absint te brouwen, maar aan het gejouw van een aantal terugkerende gasten te horen was het niet echt geslaagd. 'Het bocht was echt bitter, niet te zuipen gewoon,' hoorde ik iemand zeggen. 'Dat was het jaar dat hij ook in absint gemarineerde kippenpootjes had, die waren ook al zo vies.'

<strong>Flamberen</strong>
De absint kwam dit keer gewoon uit de fles. Vooral de variant met een alcoholpercentage van zeventig procent vond gretig aftrek. Er werden lepels uitgedeeld en glazen die kort daarna werden gevuld met een scheut absint. Dat moest je dan mengen met het water dat in karaffen op de tafeltjes stond, maar niet voordat je er wat suiker aan had toegevoegd. Voor het mooiste effect moest je het klontje op het lepeltje leggen, het dippen in de drank om het daarna aan te steken. De suiker flambeerde in een blauwe vlam boven de groene absint, in lepeltjes die het rode theaterlicht weerspiegelden. Alleen de sfeer al had een geestverruimende uitwerking op mij.

<strong>Hallucineren</strong>
Naast mij zaten meisjes die nog nooit absint hadden gedronken. Zij waren er wat giechelig onder en durfden niet zo goed. Zelf had ik het al eerder gedronken tijdens een verregende vakantie in Spanje. In de supermarkt zag ik een fles absint staan tussen de flessen Amaretto, rum en Malibu. Ik herkende de naam van de verhalen over kunstenaars die na het drinken van het spul gingen hallucineren. Het verbaasde me dat het vrijelijk verkrijgbaar was. Ik zocht op het web en ontdekte dat absint vanaf 2005 ook in Nederland weer verkocht mag worden, omdat de hallucinogene werking er niet meer is.

<strong>Kippenpootjes</strong>
De eerste vier keer dat Jack Nouws zijn Absinterklaas organiseerde werd de absint nog gedronken in een sfeer van illegaliteit. Dat zal zeker sfeerverhogend hebben gewerkt. Dat effect is weg. Zodra de blauwe vlam is gedoofd en het suikerklontje is opgelost in het groene plasje, is het drinken van absint niet zo heel bijzonder meer. Daarentegen vind ik het wel lekker. Het smaakt naar anijs en valt te vergelijken met ouzo.

Om dan toch wat spanning in de avond te injecteren zocht Jack Nouws revanche met zijn in absint gemarineerde kippenpoten. Wie het aandurfde mocht <a title="Met dank aan @remment" href="http://instagr.am/p/Yn29G/">groen uitgeslagen stukjes kip</a> eten. Ik heb geen groene fee gezien, maar terwijl ik mijn tanden in de kippenpoot zette, had ik toch even de illusie dat ik hallucineerde.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/spacepleb/" target="_blank">spacepleb's</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Ranja op de vloer</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/10/ranja-vloer-kinderen-pech-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/10/ranja-vloer-kinderen-pech-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 10 Dec 2011 17:05:05 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Algemeen]]></category>
		<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[pech]]></category>
		<category><![CDATA[plak]]></category>
		<category><![CDATA[ranja]]></category>
		<category><![CDATA[schoonmaken]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34145</guid>
		<description><![CDATA[Waarom gebeuren dat soort dingen altijd wanneer ik niet veel kan hebben! Een beker omver! Wessel die even niet oplet en hups, met zijn elleboog, de ranja zo over de tafel uitstort.<!--more--> Een waterval van oranje plak die naar beneden valt op de keukentegels. Spetters overal. Precies op het moment dat ik mijn avondeten wil aanvallen. Waarom!? En altijd op momenten dat het me niet uitkomt. Alsof zoiets mij ooit uitkomt! Wessel schrikt van me, omdat ik heel hard vloek.

<strong>Even dimmen, jongen</strong>
Mijn vrouw kijkt naar mij en uit de manier waarop ze kijkt maak ik twee dingen op. Eén heeft te maken met mijn luie bui, terwijl zij heeft staan koken: 'Jij ruimt die rommel op.' En twee heeft te maken met de manier waarop ik uitval: 'Even dimmen, jongen. Pak Wessel eens niet zo hard aan.' Het is een ongelukje. Maar waarom moet er zowat iedere dag zo'n ongelukje gebeuren bij ons? Kunnen ze niet eens wat beter uitkijken met die bekers? Ik kook, maar gebruik mijn woede dan maar om de boel schoon te boenen.

<strong>Rode plas</strong>
Het is een dag later. De kinderen hebben visite. Het buurjongetje speelt mee. Ze zitten boven op de kamer van Wessel met de gordijnen dicht en de discolamp aan. Ik zit beneden weer eens lui te wezen, als mijn vrouw binnenkomt van het boodschappen doen. 'Hebben de kinderen al drinken gehad?' vraagt ze. Ik kan dat alleen ontkennend beantwoorden, maar besluit dan maar meteen drie bekers met ranja te vullen. Ik pak ze van bovenaf vast en loop naar de huiskamer. Daar glipt één van de bekers los. De ranja verspreidt zich in een grote, rode plas op de grond.

<strong>Boos</strong>
Ik loop naar de keuken om een dweil te halen. 'Gisteren was je nog heel boos op Wessel omdat hij een beker liet vallen,' zegt mijn vrouw.

'Ik ben ook heel boos op mijzelf nu,' mopper ik. 'Maar ik kan mijn eigen troep opruimen, dus ik heb er alleen mijzelf mee.'

'Gisteren heb ik de hele vloer nog gedweild,' zegt mijn vrouw.

<strong>Allesreiniger</strong>
'Nu ben ik nog bozer op mijzelf,' brom ik. Ik laat warm water stromen, gooi er een dopje allesreiniger in en even later zit ik op mijn knieën in de huiskamer de rode plakzooi te bestrijden. Daarna gooi ik een droge dweil in het nat. Met mijn voet poets ik de vloer schoon. Dan zie ik nog een beker met ranja, die bijna helemaal vol is. Die stond er nog. Oude ranja. Ik pak de beker op en zet dan mijn voet weer op de dweil, die wegglijdt, samen met mijn been.

Ik val niet. De beker met ranja wel.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/horiavarlan/" target="_blank">Horia Varlan</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Waarom gebeuren dat soort dingen altijd wanneer ik niet veel kan hebben! Een beker omver! Wessel die even niet oplet en hups, met zijn elleboog, de ranja zo over de tafel uitstort.<span id="more-34145"></span> Een waterval van oranje plak die naar beneden valt op de keukentegels. Spetters overal. Precies op het moment dat ik mijn avondeten wil aanvallen. Waarom!? En altijd op momenten dat het me niet uitkomt. Alsof zoiets mij ooit uitkomt! Wessel schrikt van me, omdat ik heel hard vloek.</p>
<p><strong>Even dimmen, jongen</strong><br />
Mijn vrouw kijkt naar mij en uit de manier waarop ze kijkt maak ik twee dingen op. Eén heeft te maken met mijn luie bui, terwijl zij heeft staan koken: &#8216;Jij ruimt die rommel op.&#8217; En twee heeft te maken met de manier waarop ik uitval: &#8216;Even dimmen, jongen. Pak Wessel eens niet zo hard aan.&#8217; Het is een ongelukje. Maar waarom moet er zowat iedere dag zo&#8217;n ongelukje gebeuren bij ons? Kunnen ze niet eens wat beter uitkijken met die bekers? Ik kook, maar gebruik mijn woede dan maar om de boel schoon te boenen.</p>
<p><strong>Rode plas</strong><br />
Het is een dag later. De kinderen hebben visite. Het buurjongetje speelt mee. Ze zitten boven op de kamer van Wessel met de gordijnen dicht en de discolamp aan. Ik zit beneden weer eens lui te wezen, als mijn vrouw binnenkomt van het boodschappen doen. &#8216;Hebben de kinderen al drinken gehad?&#8217; vraagt ze. Ik kan dat alleen ontkennend beantwoorden, maar besluit dan maar meteen drie bekers met ranja te vullen. Ik pak ze van bovenaf vast en loop naar de huiskamer. Daar glipt één van de bekers los. De ranja verspreidt zich in een grote, rode plas op de grond.</p>
<p><strong>Boos</strong><br />
Ik loop naar de keuken om een dweil te halen. &#8216;Gisteren was je nog heel boos op Wessel omdat hij een beker liet vallen,&#8217; zegt mijn vrouw.</p>
<p>&#8216;Ik ben ook heel boos op mijzelf nu,&#8217; mopper ik. &#8216;Maar ik kan mijn eigen troep opruimen, dus ik heb er alleen mijzelf mee.&#8217;</p>
<p>&#8216;Gisteren heb ik de hele vloer nog gedweild,&#8217; zegt mijn vrouw.</p>
<p><strong>Allesreiniger</strong><br />
&#8216;Nu ben ik nog bozer op mijzelf,&#8217; brom ik. Ik laat warm water stromen, gooi er een dopje allesreiniger in en even later zit ik op mijn knieën in de huiskamer de rode plakzooi te bestrijden. Daarna gooi ik een droge dweil in het nat. Met mijn voet poets ik de vloer schoon. Dan zie ik nog een beker met ranja, die bijna helemaal vol is. Die stond er nog. Oude ranja. Ik pak de beker op en zet dan mijn voet weer op de dweil, die wegglijdt, samen met mijn been.</p>
<p>Ik val niet. De beker met ranja wel.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/horiavarlan/" target="_blank">Horia Varlan</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/10/ranja-vloer-kinderen-pech-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/rietjes_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Waarom gebeuren dat soort dingen altijd wanneer ik niet veel kan hebben! Een beker omver! Wessel die even niet oplet en hups, met zijn elleboog, de ranja zo over de tafel uitstort.<!--more--> Een waterval van oranje plak die naar beneden valt op de keukentegels. Spetters overal. Precies op het moment dat ik mijn avondeten wil aanvallen. Waarom!? En altijd op momenten dat het me niet uitkomt. Alsof zoiets mij ooit uitkomt! Wessel schrikt van me, omdat ik heel hard vloek.

<strong>Even dimmen, jongen</strong>
Mijn vrouw kijkt naar mij en uit de manier waarop ze kijkt maak ik twee dingen op. Eén heeft te maken met mijn luie bui, terwijl zij heeft staan koken: 'Jij ruimt die rommel op.' En twee heeft te maken met de manier waarop ik uitval: 'Even dimmen, jongen. Pak Wessel eens niet zo hard aan.' Het is een ongelukje. Maar waarom moet er zowat iedere dag zo'n ongelukje gebeuren bij ons? Kunnen ze niet eens wat beter uitkijken met die bekers? Ik kook, maar gebruik mijn woede dan maar om de boel schoon te boenen.

<strong>Rode plas</strong>
Het is een dag later. De kinderen hebben visite. Het buurjongetje speelt mee. Ze zitten boven op de kamer van Wessel met de gordijnen dicht en de discolamp aan. Ik zit beneden weer eens lui te wezen, als mijn vrouw binnenkomt van het boodschappen doen. 'Hebben de kinderen al drinken gehad?' vraagt ze. Ik kan dat alleen ontkennend beantwoorden, maar besluit dan maar meteen drie bekers met ranja te vullen. Ik pak ze van bovenaf vast en loop naar de huiskamer. Daar glipt één van de bekers los. De ranja verspreidt zich in een grote, rode plas op de grond.

<strong>Boos</strong>
Ik loop naar de keuken om een dweil te halen. 'Gisteren was je nog heel boos op Wessel omdat hij een beker liet vallen,' zegt mijn vrouw.

'Ik ben ook heel boos op mijzelf nu,' mopper ik. 'Maar ik kan mijn eigen troep opruimen, dus ik heb er alleen mijzelf mee.'

'Gisteren heb ik de hele vloer nog gedweild,' zegt mijn vrouw.

<strong>Allesreiniger</strong>
'Nu ben ik nog bozer op mijzelf,' brom ik. Ik laat warm water stromen, gooi er een dopje allesreiniger in en even later zit ik op mijn knieën in de huiskamer de rode plakzooi te bestrijden. Daarna gooi ik een droge dweil in het nat. Met mijn voet poets ik de vloer schoon. Dan zie ik nog een beker met ranja, die bijna helemaal vol is. Die stond er nog. Oude ranja. Ik pak de beker op en zet dan mijn voet weer op de dweil, die wegglijdt, samen met mijn been.

Ik val niet. De beker met ranja wel.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/horiavarlan/" target="_blank">Horia Varlan</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Een boom vol herinneringen</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/08/kerstboom-jeugdherinneringen-kerstversiering-melancholie-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/08/kerstboom-jeugdherinneringen-kerstversiering-melancholie-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 08 Dec 2011 11:34:47 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Algemeen]]></category>
		<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[jeugdherinneringen]]></category>
		<category><![CDATA[jeugdsentiment]]></category>
		<category><![CDATA[kerstbal]]></category>
		<category><![CDATA[kerstboom]]></category>
		<category><![CDATA[kerstversiering]]></category>
		<category><![CDATA[melancholie]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34082</guid>
		<description><![CDATA[Als ik van school naar huis wandelde, dacht ik maar aan één ding: zou hij er al staan?<!--more--> Elke dag was ik vol hoop dat het eindelijk zover was. Kwam ik aan bij huis, dan liep ik de voordeur voorbij om eerst via het raam naar binnen te loeren. Maar nee, steeds opnieuw werd ik teleurgesteld. Eerst vroeg mijn moeder nog aan mij wat er mis was, zodra ze mijn droevige toet zag na het openen van de voordeur. Na een paar dagen wist ze het wel. 'Hou nou alsjeblieft eens een keer op over die kerstboom. Het is echt nog lang geen kerst.'

<strong>Karma</strong>
Voor mijn gevoel stond overal al een boom. Het was alsof ik achter elk raam lampjes zag fonkelen. Waarom moest dat bij mij thuis nou altijd zo lang duren? We hoefden van mij echt niet de eersten van de straat te zijn met een kerstboom, als we maar zeker niet de aller laatsten waren. Maar ook de volgende dag stond er geen kerstboom. Af en toe probeerde ik een andere aanpak, liep ik alvast met afhangende schouders naar huis om het lot te paaien, als ik niet te gretig was zou karma mij zeker verrassen met een kerstboom. Maar het mocht niet baten. Het bleef nog dagenlang donker in onze huiskamer.

<strong>Kerstvakantie</strong>
Mijn moeder probeerde de toelating van kerstsfeer in ons huis tot het uiterste uit te stellen, maar op de laatste dag school voor de kerstvakantie stond hij er dan eindelijk. Ze wist natuurlijk ook wel dat het geen doen was om die kerstboom te versieren met een enthousiast rond stuiterende zoon in huis. Als ik dan de lampjes zag fonkelen achter de glasgordijnen was ik niet meer te houden. Ik belde wel twintig keer aan, luid roepend: 'De kerstboom! De kerstboom!' Hup naar binnen, naar die boom toe. En dan was het ook wel over hoor. Het blijft natuurlijk gewoon een boom met lampjes erin. Je kunt er niet echt mee spelen.

<strong>Kersthoedjes</strong>
Iedereen die opgegroeid is met zo'n boom in huis tijdens kerst heeft daar toch mooie herinneringen aan? Ik wel. Alle versiering die wij hadden kan ik mij nog herinneren. De kerstster in de kleuren goud en rood, met een lamp erin, zodat er via allerlei kleine gaatjes straaltjes licht naar buiten schenen. De glanzende metaalkleurige ster, die ik zelfs opgevouwen al mooi vond, maar die dan als een waaier kon worden uitgevouwen. Alleen al het knisperende geluid daarvan vond ik mooi. En de kersthoedjes! Ik heb ooit uit een vel papier feesthoedjes geknipt voor alle figuren in de kerststal. Die hoedjes zijn jarenlang bewaard bij de kerstspullen. Ons kindje Jezus kreeg nooit koude oortjes.

<strong>Snoep</strong>
Vandaag kwam ik thuis van mijn werk en hij stond er: de kerstboom. De kinderen hadden meegeholpen met versieren. Er waren maar twee ballen gesneuveld. 'Hij gleed zo van het takje af,' zei mijn dochter. Niet erg. We hebben geen ornamenten uit onze jeugd in de boom hangen. Ik kan me voorstellen dat je geen kinderhandjes duldt in de buurt van de glasgeblazen erfstukken waar allerlei mooie herinneringen aan ophangen. Zelf hadden wij geen opvallende kerstballen of engeltjes. Wij hadden iets veel mooiers: snoep. Die traditie hebben we nu nog altijd. Onze kerstboom hangt vol eetbare kerstkransjes. Is de boom kaal geplunderd, dan versieren we hem gewoon weer opnieuw.

Terwijl ik blij als een kind naar onze mooie kerstboom sta te kijken, komt mijn kleine meid naast me staan. 'Dat hebben wij mooi gedaan hè,' zegt ze met haar kraakheldere stemmetje. Ik knik. 'Mogen we dan nu naar het kerstmanjournaal kijken?'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/shandilee/" target="_blank">Shandi-lee</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Als ik van school naar huis wandelde, dacht ik maar aan één ding: zou hij er al staan?<span id="more-34082"></span> Elke dag was ik vol hoop dat het eindelijk zover was. Kwam ik aan bij huis, dan liep ik de voordeur voorbij om eerst via het raam naar binnen te loeren. Maar nee, steeds opnieuw werd ik teleurgesteld. Eerst vroeg mijn moeder nog aan mij wat er mis was, zodra ze mijn droevige toet zag na het openen van de voordeur. Na een paar dagen wist ze het wel. &#8216;Hou nou alsjeblieft eens een keer op over die kerstboom. Het is echt nog lang geen kerst.&#8217;</p>
<p><strong>Karma</strong><br />
Voor mijn gevoel stond overal al een boom. Het was alsof ik achter elk raam lampjes zag fonkelen. Waarom moest dat bij mij thuis nou altijd zo lang duren? We hoefden van mij echt niet de eersten van de straat te zijn met een kerstboom, als we maar zeker niet de aller laatsten waren. Maar ook de volgende dag stond er geen kerstboom. Af en toe probeerde ik een andere aanpak, liep ik alvast met afhangende schouders naar huis om het lot te paaien, als ik niet te gretig was zou karma mij zeker verrassen met een kerstboom. Maar het mocht niet baten. Het bleef nog dagenlang donker in onze huiskamer.</p>
<p><strong>Kerstvakantie</strong><br />
Mijn moeder probeerde de toelating van kerstsfeer in ons huis tot het uiterste uit te stellen, maar op de laatste dag school voor de kerstvakantie stond hij er dan eindelijk. Ze wist natuurlijk ook wel dat het geen doen was om die kerstboom te versieren met een enthousiast rond stuiterende zoon in huis. Als ik dan de lampjes zag fonkelen achter de glasgordijnen was ik niet meer te houden. Ik belde wel twintig keer aan, luid roepend: &#8216;De kerstboom! De kerstboom!&#8217; Hup naar binnen, naar die boom toe. En dan was het ook wel over hoor. Het blijft natuurlijk gewoon een boom met lampjes erin. Je kunt er niet echt mee spelen.</p>
<p><strong>Kersthoedjes</strong><br />
Iedereen die opgegroeid is met zo&#8217;n boom in huis tijdens kerst heeft daar toch mooie herinneringen aan? Ik wel. Alle versiering die wij hadden kan ik mij nog herinneren. De kerstster in de kleuren goud en rood, met een lamp erin, zodat er via allerlei kleine gaatjes straaltjes licht naar buiten schenen. De glanzende metaalkleurige ster, die ik zelfs opgevouwen al mooi vond, maar die dan als een waaier kon worden uitgevouwen. Alleen al het knisperende geluid daarvan vond ik mooi. En de kersthoedjes! Ik heb ooit uit een vel papier feesthoedjes geknipt voor alle figuren in de kerststal. Die hoedjes zijn jarenlang bewaard bij de kerstspullen. Ons kindje Jezus kreeg nooit koude oortjes.</p>
<p><strong>Snoep</strong><br />
Vandaag kwam ik thuis van mijn werk en hij stond er: de kerstboom. De kinderen hadden meegeholpen met versieren. Er waren maar twee ballen gesneuveld. &#8216;Hij gleed zo van het takje af,&#8217; zei mijn dochter. Niet erg. We hebben geen ornamenten uit onze jeugd in de boom hangen. Ik kan me voorstellen dat je geen kinderhandjes duldt in de buurt van de glasgeblazen erfstukken waar allerlei mooie herinneringen aan ophangen. Zelf hadden wij geen opvallende kerstballen of engeltjes. Wij hadden iets veel mooiers: snoep. Die traditie hebben we nu nog altijd. Onze kerstboom hangt vol eetbare kerstkransjes. Is de boom kaal geplunderd, dan versieren we hem gewoon weer opnieuw.</p>
<p>Terwijl ik blij als een kind naar onze mooie kerstboom sta te kijken, komt mijn kleine meid naast me staan. &#8216;Dat hebben wij mooi gedaan hè,&#8217; zegt ze met haar kraakheldere stemmetje. Ik knik. &#8216;Mogen we dan nu naar het kerstmanjournaal kijken?&#8217;</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/shandilee/" target="_blank">Shandi-lee</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/08/kerstboom-jeugdherinneringen-kerstversiering-melancholie-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>5</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/kerstboom_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Als ik van school naar huis wandelde, dacht ik maar aan één ding: zou hij er al staan?<!--more--> Elke dag was ik vol hoop dat het eindelijk zover was. Kwam ik aan bij huis, dan liep ik de voordeur voorbij om eerst via het raam naar binnen te loeren. Maar nee, steeds opnieuw werd ik teleurgesteld. Eerst vroeg mijn moeder nog aan mij wat er mis was, zodra ze mijn droevige toet zag na het openen van de voordeur. Na een paar dagen wist ze het wel. 'Hou nou alsjeblieft eens een keer op over die kerstboom. Het is echt nog lang geen kerst.'

<strong>Karma</strong>
Voor mijn gevoel stond overal al een boom. Het was alsof ik achter elk raam lampjes zag fonkelen. Waarom moest dat bij mij thuis nou altijd zo lang duren? We hoefden van mij echt niet de eersten van de straat te zijn met een kerstboom, als we maar zeker niet de aller laatsten waren. Maar ook de volgende dag stond er geen kerstboom. Af en toe probeerde ik een andere aanpak, liep ik alvast met afhangende schouders naar huis om het lot te paaien, als ik niet te gretig was zou karma mij zeker verrassen met een kerstboom. Maar het mocht niet baten. Het bleef nog dagenlang donker in onze huiskamer.

<strong>Kerstvakantie</strong>
Mijn moeder probeerde de toelating van kerstsfeer in ons huis tot het uiterste uit te stellen, maar op de laatste dag school voor de kerstvakantie stond hij er dan eindelijk. Ze wist natuurlijk ook wel dat het geen doen was om die kerstboom te versieren met een enthousiast rond stuiterende zoon in huis. Als ik dan de lampjes zag fonkelen achter de glasgordijnen was ik niet meer te houden. Ik belde wel twintig keer aan, luid roepend: 'De kerstboom! De kerstboom!' Hup naar binnen, naar die boom toe. En dan was het ook wel over hoor. Het blijft natuurlijk gewoon een boom met lampjes erin. Je kunt er niet echt mee spelen.

<strong>Kersthoedjes</strong>
Iedereen die opgegroeid is met zo'n boom in huis tijdens kerst heeft daar toch mooie herinneringen aan? Ik wel. Alle versiering die wij hadden kan ik mij nog herinneren. De kerstster in de kleuren goud en rood, met een lamp erin, zodat er via allerlei kleine gaatjes straaltjes licht naar buiten schenen. De glanzende metaalkleurige ster, die ik zelfs opgevouwen al mooi vond, maar die dan als een waaier kon worden uitgevouwen. Alleen al het knisperende geluid daarvan vond ik mooi. En de kersthoedjes! Ik heb ooit uit een vel papier feesthoedjes geknipt voor alle figuren in de kerststal. Die hoedjes zijn jarenlang bewaard bij de kerstspullen. Ons kindje Jezus kreeg nooit koude oortjes.

<strong>Snoep</strong>
Vandaag kwam ik thuis van mijn werk en hij stond er: de kerstboom. De kinderen hadden meegeholpen met versieren. Er waren maar twee ballen gesneuveld. 'Hij gleed zo van het takje af,' zei mijn dochter. Niet erg. We hebben geen ornamenten uit onze jeugd in de boom hangen. Ik kan me voorstellen dat je geen kinderhandjes duldt in de buurt van de glasgeblazen erfstukken waar allerlei mooie herinneringen aan ophangen. Zelf hadden wij geen opvallende kerstballen of engeltjes. Wij hadden iets veel mooiers: snoep. Die traditie hebben we nu nog altijd. Onze kerstboom hangt vol eetbare kerstkransjes. Is de boom kaal geplunderd, dan versieren we hem gewoon weer opnieuw.

Terwijl ik blij als een kind naar onze mooie kerstboom sta te kijken, komt mijn kleine meid naast me staan. 'Dat hebben wij mooi gedaan hè,' zegt ze met haar kraakheldere stemmetje. Ik knik. 'Mogen we dan nu naar het kerstmanjournaal kijken?'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/shandilee/" target="_blank">Shandi-lee</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Slagroom en liefde</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/06/slagroom-liefde-verstandelijk-beperk-taalgevoel-taal-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/06/slagroom-liefde-verstandelijk-beperk-taalgevoel-taal-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 06 Dec 2011 12:59:38 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Eten & drinken]]></category>
		<category><![CDATA[Werk]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[gebak]]></category>
		<category><![CDATA[liefde]]></category>
		<category><![CDATA[slagroom]]></category>
		<category><![CDATA[taalgevoel]]></category>
		<category><![CDATA[verstandelijk beperkt]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34032</guid>
		<description><![CDATA['Het bestek zal blinken,' zegt ze meestal, de vrouw die het bestek van ons bedrijfsrestaurant poetst.<!--more--> Ze doet haar werk in de kantine en wrijft daar dagelijks driftig met een doek over de vorken. Voor die vrouw is er geen taak belangrijker dan het laten blinken van het eetgerei. Als ze klaar is glanst het metaal net als de spiegelende oppervlakten in de prenten van Escher.

<strong>Parels
</strong>Ze praat voortdurend. Wanneer ik haar tegenkom in de wandelgangen, loopt ze met haar hoofd omlaag te mompelen. Denkt ze dat er iemand is die wil luisteren, dan schroeft ze het volume wat bij en begint ze duidelijk articulerend te oreren, alsof ze een lerares is die voor de klas staat. Er komt ook altijd wat spuug mee naar buiten. Maar naast elke spetter die ze produceert, vuurt ze ook de meest prachtige oneliners op ons af. Het zijn vaak taalkundige parels.

<strong>Succes!</strong>
'Succes,' is haar vaste begroeting, vaak plakt ze er 'in het zakenleven' aan vast. Dan gaan haar donkere kraaloogjes fonkelen. Het nat staat al op de lippen. Er bruist een kinderlijk enthousiasme in haar op, maar haar lijf remt het af. Ze verstart, de spieren spannen zich aan, totdat alleen nog haar mond beweegt, op een manier die gewoon pijn moet doen. Haar hoofd houdt ze schuin, het zout-en-peper-kleurige haar hangt als verdorde franjes langs haar hoofd, de ogen draaien naar opzij en dan weer naar boven, maar ze kijkt je nooit aan. 'Succes!' Elke S spettert in je gezicht.

<strong>Oorlog!</strong>
Soms loopt ze driftig door de gang. Komt ze iemand tegen, dan steekt ze van wal, op boze toon. Dan maakt ze zich druk over de wereld. 'Nou, ik heb het wel gehoord hoor, dat wordt oorlog.' Dan begint ze te praten over Iran en dat er een inval wordt voorbereid door de Westerse landen. Even later vraag ik op onze afdeling of iemand het nieuws heeft gehoord over Iran en dat het er nogal heftig aan toe schijnt te gaan. Maar dan weet niemand waar ik het over heb.

<strong>Gebak</strong>
Van gebak wordt ze blij. 'Oeh,' zegt ze, wanneer ze me ziet lopen met een bordje waar ik net een taartpunt vanaf heb gegeten. Het is een liefdevolle kreet die diep uit haar buik komt en daarom ook heel hol klinkt. Haar ogen beginnen te fonkelen en te draaien in hun kassen. 'Zo lekker is dat hè! Echt heerlijk.' Ze wrijft in haar handen. 'Dat smaakt als liefde,' zegt ze, alsof ze de waarheid verpakt in een geheim.  'Slagroom smaakt als liefde.' Haar mond proeft de woorden, alsof ze de smaak van slagroom hebben aangenomen.

<strong>Zeepbellen</strong>
Ze is anders, het werkt niet allemaal naar behoren in haar hoofd, maar ondanks haar verstandelijke beperking zegt ze de mooiste dingen. Het is alsof ze met haar mond de woorden wil bevochtigen voordat ze vrijkomen in de lucht, alsof ze daar dan zichtbaar worden als zeepbellen. Ook al zegt ze telkens weer dezelfde dingen, ik kan er iedere keer weer van genieten. Vooral van de slagroom die smaakt als liefde. Prachtig.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/wies/" target="_blank">wieswies</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>&#8216;Het bestek zal blinken,&#8217; zegt ze meestal, de vrouw die het bestek van ons bedrijfsrestaurant poetst.<span id="more-34032"></span> Ze doet haar werk in de kantine en wrijft daar dagelijks driftig met een doek over de vorken. Voor die vrouw is er geen taak belangrijker dan het laten blinken van het eetgerei. Als ze klaar is glanst het metaal net als de spiegelende oppervlakten in de prenten van Escher.</p>
<p><strong>Parels<br />
</strong>Ze praat voortdurend. Wanneer ik haar tegenkom in de wandelgangen, loopt ze met haar hoofd omlaag te mompelen. Denkt ze dat er iemand is die wil luisteren, dan schroeft ze het volume wat bij en begint ze duidelijk articulerend te oreren, alsof ze een lerares is die voor de klas staat. Er komt ook altijd wat spuug mee naar buiten. Maar naast elke spetter die ze produceert, vuurt ze ook de meest prachtige oneliners op ons af. Het zijn vaak taalkundige parels.</p>
<p><strong>Succes!</strong><br />
&#8216;Succes,&#8217; is haar vaste begroeting, vaak plakt ze er &#8216;in het zakenleven&#8217; aan vast. Dan gaan haar donkere kraaloogjes fonkelen. Het nat staat al op de lippen. Er bruist een kinderlijk enthousiasme in haar op, maar haar lijf remt het af. Ze verstart, de spieren spannen zich aan, totdat alleen nog haar mond beweegt, op een manier die gewoon pijn moet doen. Haar hoofd houdt ze schuin, het zout-en-peper-kleurige haar hangt als verdorde franjes langs haar hoofd, de ogen draaien naar opzij en dan weer naar boven, maar ze kijkt je nooit aan. &#8216;Succes!&#8217; Elke S spettert in je gezicht.</p>
<p><strong>Oorlog!</strong><br />
Soms loopt ze driftig door de gang. Komt ze iemand tegen, dan steekt ze van wal, op boze toon. Dan maakt ze zich druk over de wereld. &#8216;Nou, ik heb het wel gehoord hoor, dat wordt oorlog.&#8217; Dan begint ze te praten over Iran en dat er een inval wordt voorbereid door de Westerse landen. Even later vraag ik op onze afdeling of iemand het nieuws heeft gehoord over Iran en dat het er nogal heftig aan toe schijnt te gaan. Maar dan weet niemand waar ik het over heb.</p>
<p><strong>Gebak</strong><br />
Van gebak wordt ze blij. &#8216;Oeh,&#8217; zegt ze, wanneer ze me ziet lopen met een bordje waar ik net een taartpunt vanaf heb gegeten. Het is een liefdevolle kreet die diep uit haar buik komt en daarom ook heel hol klinkt. Haar ogen beginnen te fonkelen en te draaien in hun kassen. &#8216;Zo lekker is dat hè! Echt heerlijk.&#8217; Ze wrijft in haar handen. &#8216;Dat smaakt als liefde,&#8217; zegt ze, alsof ze de waarheid verpakt in een geheim.  &#8216;Slagroom smaakt als liefde.&#8217; Haar mond proeft de woorden, alsof ze de smaak van slagroom hebben aangenomen.</p>
<p><strong>Zeepbellen</strong><br />
Ze is anders, het werkt niet allemaal naar behoren in haar hoofd, maar ondanks haar verstandelijke beperking zegt ze de mooiste dingen. Het is alsof ze met haar mond de woorden wil bevochtigen voordat ze vrijkomen in de lucht, alsof ze daar dan zichtbaar worden als zeepbellen. Ook al zegt ze telkens weer dezelfde dingen, ik kan er iedere keer weer van genieten. Vooral van de slagroom die smaakt als liefde. Prachtig.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/wies/" target="_blank">wieswies</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/06/slagroom-liefde-verstandelijk-beperk-taalgevoel-taal-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>10</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/slagroom_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA['Het bestek zal blinken,' zegt ze meestal, de vrouw die het bestek van ons bedrijfsrestaurant poetst.<!--more--> Ze doet haar werk in de kantine en wrijft daar dagelijks driftig met een doek over de vorken. Voor die vrouw is er geen taak belangrijker dan het laten blinken van het eetgerei. Als ze klaar is glanst het metaal net als de spiegelende oppervlakten in de prenten van Escher.

<strong>Parels
</strong>Ze praat voortdurend. Wanneer ik haar tegenkom in de wandelgangen, loopt ze met haar hoofd omlaag te mompelen. Denkt ze dat er iemand is die wil luisteren, dan schroeft ze het volume wat bij en begint ze duidelijk articulerend te oreren, alsof ze een lerares is die voor de klas staat. Er komt ook altijd wat spuug mee naar buiten. Maar naast elke spetter die ze produceert, vuurt ze ook de meest prachtige oneliners op ons af. Het zijn vaak taalkundige parels.

<strong>Succes!</strong>
'Succes,' is haar vaste begroeting, vaak plakt ze er 'in het zakenleven' aan vast. Dan gaan haar donkere kraaloogjes fonkelen. Het nat staat al op de lippen. Er bruist een kinderlijk enthousiasme in haar op, maar haar lijf remt het af. Ze verstart, de spieren spannen zich aan, totdat alleen nog haar mond beweegt, op een manier die gewoon pijn moet doen. Haar hoofd houdt ze schuin, het zout-en-peper-kleurige haar hangt als verdorde franjes langs haar hoofd, de ogen draaien naar opzij en dan weer naar boven, maar ze kijkt je nooit aan. 'Succes!' Elke S spettert in je gezicht.

<strong>Oorlog!</strong>
Soms loopt ze driftig door de gang. Komt ze iemand tegen, dan steekt ze van wal, op boze toon. Dan maakt ze zich druk over de wereld. 'Nou, ik heb het wel gehoord hoor, dat wordt oorlog.' Dan begint ze te praten over Iran en dat er een inval wordt voorbereid door de Westerse landen. Even later vraag ik op onze afdeling of iemand het nieuws heeft gehoord over Iran en dat het er nogal heftig aan toe schijnt te gaan. Maar dan weet niemand waar ik het over heb.

<strong>Gebak</strong>
Van gebak wordt ze blij. 'Oeh,' zegt ze, wanneer ze me ziet lopen met een bordje waar ik net een taartpunt vanaf heb gegeten. Het is een liefdevolle kreet die diep uit haar buik komt en daarom ook heel hol klinkt. Haar ogen beginnen te fonkelen en te draaien in hun kassen. 'Zo lekker is dat hè! Echt heerlijk.' Ze wrijft in haar handen. 'Dat smaakt als liefde,' zegt ze, alsof ze de waarheid verpakt in een geheim.  'Slagroom smaakt als liefde.' Haar mond proeft de woorden, alsof ze de smaak van slagroom hebben aangenomen.

<strong>Zeepbellen</strong>
Ze is anders, het werkt niet allemaal naar behoren in haar hoofd, maar ondanks haar verstandelijke beperking zegt ze de mooiste dingen. Het is alsof ze met haar mond de woorden wil bevochtigen voordat ze vrijkomen in de lucht, alsof ze daar dan zichtbaar worden als zeepbellen. Ook al zegt ze telkens weer dezelfde dingen, ik kan er iedere keer weer van genieten. Vooral van de slagroom die smaakt als liefde. Prachtig.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/wies/" target="_blank">wieswies</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Het huishouden volgens Werner</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/03/huishouden-schoonmaken-poetsen-stofzuigen-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/03/huishouden-schoonmaken-poetsen-stofzuigen-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 03 Dec 2011 17:05:34 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Humor]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werk]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[huishouden]]></category>
		<category><![CDATA[hulp in de huishouding]]></category>
		<category><![CDATA[poetsen]]></category>
		<category><![CDATA[poetsvrouw]]></category>
		<category><![CDATA[stoffen]]></category>
		<category><![CDATA[stofzuigen]]></category>
		<category><![CDATA[swiffer]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=34013</guid>
		<description><![CDATA[Mijn vrouw en ik hebben het huishouden onderling verdeeld. Zij doet de dingen die ik liever niet doe, zoals het toilet en de badkamer. Ik doe de dingen die zij niet leuk vindt<!--more-->, zoals strijken en stofzuigen. Alle andere dingen die we niet verdeeld hebben, doen we gewoon niet. De ramen lappen? Ze worden ook schoon van de regen.

<strong>Fysieke arbeid</strong>
Als de kinderen op vrijdag naar school zijn, wil ik mijn vrije ochtend nog wel eens inzetten voor het huishouden. Fysieke arbeid is goed voor me, zeker na vier dagen computeren. Als ik eenmaal bezig ben, ben ik niet meer te stoppen. Overal waar ik loop pak ik dingen op en die leg ik dan ergens anders weer neer. Dat noemt men opruimen: spullen verplaatsen naar plekken waar ze logischer liggen. Als ik daarmee klaar ben zien het aanrecht en de vensterbank er weer keurig uit. Het is dan wel een troep geworden in allerlei kasten, maar die kunnen dicht dus dat zie je niet.

<strong>Volume</strong>
Stofzuigen vind ik niet vervelend om te doen. Ik sleep dat ding de trap op naar boven en begin op zolder. Dan zet ik muziek op die goed past bij stofzuigen. Muziek om op te bewegen, iets met een stevige beat eronder. Het volume draai ik helemaal open, zodat de muziek het geluid van de stofzuiger overstemt. Het is voorgekomen dat ik al een kwartier bezig was met stofzuigen en dat ik toen pas merkte dat ik de aan-knop niet goed had ingedrukt en dat het apparaat helemaal niet aan stond.

<strong>Vachtje</strong>
Stoffen is nog zoiets wat ik meestal doe. Ik ben er niet goed in, maar het is volgens mij ook schier onmogelijk daarin uit te blinken. Het is alsof je wapperend met een Swiffer een geest achterna zit. Eigenlijk moet je alleen stoffen als de zon in huis schijnt, dan zie je alles liggen. Ik plan dat nooit goed. Bij mij gaat de zon altijd schijnen wanneer ik al klaar ben met stoffen. Dan zie ik precies waar ik gewerkt heb, want daar zitten strepen in het zachte vachtje van stof.

<strong>Stofnesten</strong>
Als mijn taken in het huishouden heb afgewerkt blijf ik zitten met het gevoel dat het in huis nog altijd vies is. Ik heb wat stukjes schoongemaakt, maar veel meer dan voordat ik ging werken ben ik mij ervan bewust dat er plekjes zijn waar we te weinig komen en waar de muf ruikende stofnesten nog op ons liggen te wachten. Hoekjes en gaten waar je geen stofdoek in durft te steken, omdat je bang bent dat er iets dood ligt te gaan, of dat er een wezentje woont dat in je vingers zal bijten.

<strong>Professionals</strong>
Het liefste zou ik het allemaal uit handen geven aan professionals. Gewoon de rond slingerende troep opruimen en het poetsen overlaten aan mensen die weten waar ze mee bezig zijn. Je haalt wel vreemden in je huis en ze doen het niet voor niets, het kost een paar centen. Dat zijn de argumenten waar mijn vrouw altijd mee komt, wanneer ik voorstel om een hulp in de huishouding te nemen. Toch stelde ik het onlangs weer eens voor: 'Is het geen idee om een hulp te nemen?'

'Hoezo?' antwoordde ze. 'Dat is toch niet nodig? Jij doet het hartstikke goed.'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/monkeysox/" target="_blank">monkeysox</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Mijn vrouw en ik hebben het huishouden onderling verdeeld. Zij doet de dingen die ik liever niet doe, zoals het toilet en de badkamer. Ik doe de dingen die zij niet leuk vindt<span id="more-34013"></span>, zoals strijken en stofzuigen. Alle andere dingen die we niet verdeeld hebben, doen we gewoon niet. De ramen lappen? Ze worden ook schoon van de regen.</p>
<p><strong>Fysieke arbeid</strong><br />
Als de kinderen op vrijdag naar school zijn, wil ik mijn vrije ochtend nog wel eens inzetten voor het huishouden. Fysieke arbeid is goed voor me, zeker na vier dagen computeren. Als ik eenmaal bezig ben, ben ik niet meer te stoppen. Overal waar ik loop pak ik dingen op en die leg ik dan ergens anders weer neer. Dat noemt men opruimen: spullen verplaatsen naar plekken waar ze logischer liggen. Als ik daarmee klaar ben zien het aanrecht en de vensterbank er weer keurig uit. Het is dan wel een troep geworden in allerlei kasten, maar die kunnen dicht dus dat zie je niet.</p>
<p><strong>Volume</strong><br />
Stofzuigen vind ik niet vervelend om te doen. Ik sleep dat ding de trap op naar boven en begin op zolder. Dan zet ik muziek op die goed past bij stofzuigen. Muziek om op te bewegen, iets met een stevige beat eronder. Het volume draai ik helemaal open, zodat de muziek het geluid van de stofzuiger overstemt. Het is voorgekomen dat ik al een kwartier bezig was met stofzuigen en dat ik toen pas merkte dat ik de aan-knop niet goed had ingedrukt en dat het apparaat helemaal niet aan stond.</p>
<p><strong>Vachtje</strong><br />
Stoffen is nog zoiets wat ik meestal doe. Ik ben er niet goed in, maar het is volgens mij ook schier onmogelijk daarin uit te blinken. Het is alsof je wapperend met een Swiffer een geest achterna zit. Eigenlijk moet je alleen stoffen als de zon in huis schijnt, dan zie je alles liggen. Ik plan dat nooit goed. Bij mij gaat de zon altijd schijnen wanneer ik al klaar ben met stoffen. Dan zie ik precies waar ik gewerkt heb, want daar zitten strepen in het zachte vachtje van stof.</p>
<p><strong>Stofnesten</strong><br />
Als mijn taken in het huishouden heb afgewerkt blijf ik zitten met het gevoel dat het in huis nog altijd vies is. Ik heb wat stukjes schoongemaakt, maar veel meer dan voordat ik ging werken ben ik mij ervan bewust dat er plekjes zijn waar we te weinig komen en waar de muf ruikende stofnesten nog op ons liggen te wachten. Hoekjes en gaten waar je geen stofdoek in durft te steken, omdat je bang bent dat er iets dood ligt te gaan, of dat er een wezentje woont dat in je vingers zal bijten.</p>
<p><strong>Professionals</strong><br />
Het liefste zou ik het allemaal uit handen geven aan professionals. Gewoon de rond slingerende troep opruimen en het poetsen overlaten aan mensen die weten waar ze mee bezig zijn. Je haalt wel vreemden in je huis en ze doen het niet voor niets, het kost een paar centen. Dat zijn de argumenten waar mijn vrouw altijd mee komt, wanneer ik voorstel om een hulp in de huishouding te nemen. Toch stelde ik het onlangs weer eens voor: &#8216;Is het geen idee om een hulp te nemen?&#8217;</p>
<p>&#8216;Hoezo?&#8217; antwoordde ze. &#8216;Dat is toch niet nodig? Jij doet het hartstikke goed.&#8217;</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/monkeysox/" target="_blank">monkeysox</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/03/huishouden-schoonmaken-poetsen-stofzuigen-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/stofzuiger_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Mijn vrouw en ik hebben het huishouden onderling verdeeld. Zij doet de dingen die ik liever niet doe, zoals het toilet en de badkamer. Ik doe de dingen die zij niet leuk vindt<!--more-->, zoals strijken en stofzuigen. Alle andere dingen die we niet verdeeld hebben, doen we gewoon niet. De ramen lappen? Ze worden ook schoon van de regen.

<strong>Fysieke arbeid</strong>
Als de kinderen op vrijdag naar school zijn, wil ik mijn vrije ochtend nog wel eens inzetten voor het huishouden. Fysieke arbeid is goed voor me, zeker na vier dagen computeren. Als ik eenmaal bezig ben, ben ik niet meer te stoppen. Overal waar ik loop pak ik dingen op en die leg ik dan ergens anders weer neer. Dat noemt men opruimen: spullen verplaatsen naar plekken waar ze logischer liggen. Als ik daarmee klaar ben zien het aanrecht en de vensterbank er weer keurig uit. Het is dan wel een troep geworden in allerlei kasten, maar die kunnen dicht dus dat zie je niet.

<strong>Volume</strong>
Stofzuigen vind ik niet vervelend om te doen. Ik sleep dat ding de trap op naar boven en begin op zolder. Dan zet ik muziek op die goed past bij stofzuigen. Muziek om op te bewegen, iets met een stevige beat eronder. Het volume draai ik helemaal open, zodat de muziek het geluid van de stofzuiger overstemt. Het is voorgekomen dat ik al een kwartier bezig was met stofzuigen en dat ik toen pas merkte dat ik de aan-knop niet goed had ingedrukt en dat het apparaat helemaal niet aan stond.

<strong>Vachtje</strong>
Stoffen is nog zoiets wat ik meestal doe. Ik ben er niet goed in, maar het is volgens mij ook schier onmogelijk daarin uit te blinken. Het is alsof je wapperend met een Swiffer een geest achterna zit. Eigenlijk moet je alleen stoffen als de zon in huis schijnt, dan zie je alles liggen. Ik plan dat nooit goed. Bij mij gaat de zon altijd schijnen wanneer ik al klaar ben met stoffen. Dan zie ik precies waar ik gewerkt heb, want daar zitten strepen in het zachte vachtje van stof.

<strong>Stofnesten</strong>
Als mijn taken in het huishouden heb afgewerkt blijf ik zitten met het gevoel dat het in huis nog altijd vies is. Ik heb wat stukjes schoongemaakt, maar veel meer dan voordat ik ging werken ben ik mij ervan bewust dat er plekjes zijn waar we te weinig komen en waar de muf ruikende stofnesten nog op ons liggen te wachten. Hoekjes en gaten waar je geen stofdoek in durft te steken, omdat je bang bent dat er iets dood ligt te gaan, of dat er een wezentje woont dat in je vingers zal bijten.

<strong>Professionals</strong>
Het liefste zou ik het allemaal uit handen geven aan professionals. Gewoon de rond slingerende troep opruimen en het poetsen overlaten aan mensen die weten waar ze mee bezig zijn. Je haalt wel vreemden in je huis en ze doen het niet voor niets, het kost een paar centen. Dat zijn de argumenten waar mijn vrouw altijd mee komt, wanneer ik voorstel om een hulp in de huishouding te nemen. Toch stelde ik het onlangs weer eens voor: 'Is het geen idee om een hulp te nemen?'

'Hoezo?' antwoordde ze. 'Dat is toch niet nodig? Jij doet het hartstikke goed.'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/monkeysox/" target="_blank">monkeysox</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Schoonmaaksters op het toilet</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/12/01/toilet-schoonmaaksters-werk-kantoor-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/12/01/toilet-schoonmaaksters-werk-kantoor-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 01 Dec 2011 12:15:27 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Werk]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[kantoor]]></category>
		<category><![CDATA[poepen]]></category>
		<category><![CDATA[schoonmaaksters]]></category>
		<category><![CDATA[schoonmakers]]></category>
		<category><![CDATA[toilet]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33974</guid>
		<description><![CDATA[Eén van mijn allereerste blogs hier op Viva.nl ging over het opnemen van de mobiele telefoon terwijl je op het toilet zit. <!--more-->Onder die blog verschenen verrassende reacties. Eén van de Vivaforummers die reageerden vond het niet kunnen dat ik ging poepen tijdens werktijd. Dat heb ik altijd wonderlijk gevonden. Het is toch normaal om naar het toilet te gaan, ook al duurt het de ene keer wat langer dan de andere keer?

<strong>Snauwen</strong>
Direct na de lunch begeef ik mij naar het toilet. Zodra ik ben begonnen hoor ik de schoonmaaksters binnenkomen. Onze schoonmaakploeg bestaat uit mensen die een fysieke of geestelijke beperkingen hebben. Het toilet wordt altijd gepoetst door twee dames. Een klein, tenger vrouwtje dat heel gehaaid is, en haar collega, die wat zwaarder van bouw is en waarbij alles heel langzaam gaat. Ze praten, nou ja, zeg maar snauwen, allebei in plat Tilburgs dialect, maar voor de leesbaarheid vertaal ik het even naar een taal die we allemaal kunnen begrijpen.

<strong>Vloek</strong>
Eén van de dames vloekt hardvochtig. ‘Die doen we niet!’ Het zal ongetwijfeld gaan over wat ze aantreft in één van de vijf toiletpotten. Ik zit in de laatste, die pakt iedereen voor de grote boodschap.
‘Het zit helemaal vastgeplakt,’ zegt ze. Als de ander niet antwoordt herhaalt ze het nog een paar keer: ‘Die doen we niet hoor.’
Uiteindelijk zegt haar collega dat ze wel even zal doortrekken. Vervolgens kan ik het gesprek tussen de twee een tijdje niet meer volgen omdat het toilet drie keer wordt doorgetrokken.

<strong>Netjes</strong>
Als het geluid is weggezakt hoor ik een van de vrouwen wauwelen: ‘Ik zie er netjes uit vandaag, vind je niet?’
De andere vrouw zegt: ‘Hier meisje, hij is doorgespoeld, hij doet het weer.’
‘Vind je ook dat ik er vandaag netjes uitzie?’
Weer wordt gezegd dat het toilet nu in orde is: ''Ik heb hem een paar keer doorgespoeld hoor.'
Geef alsjeblieft even aan dat je het verstaan hebt, denk ik, maar nee hoor: ‘Ik zie er netjes uit vandaag, hè?’
‘Het toilet is doorgespoeld.’ Uit de toon waarop het wordt uitgesproken blijkt dat ze vindt dat ze het vaak genoeg heeft gezegd.
Heel voorzichtig piept het andere stemmetje: ‘Leuk hè, wat ik vandaag aan heb?’

<strong>Zeep</strong>
Ik heb de grootste lol en maak aantekeningen op mijn mobiele telefoon. Dan hoor ik: ‘Die blijft er wel lang op zitten hè?’ Dat het over mij gaat is wel duidelijk. Ik stop mijn telefoon weg en ga snel verder met waarmee ik eigenlijk bezig was. Ondanks dat de communicatie tussen de twee even stokte toen het niet duidelijk was wie de rol van zender had en wie de ontvanger moest zijn, communiceren de dames wonderbaarlijk goed. Ze spreken gewoon letterlijk uit wat ze allemaal doen. ‘Even kijken of de zeep op is. Ja, de zeep is bijna op. Ik pak even nieuwe zeep, Annie.’

<strong>Stank</strong>
Dan ben ik klaar. Ik wil snel weg. Die dames zijn mondig genoeg om precies te zeggen hoe ze ergens over denken. Het laat zich gemakkelijk raden wat ze zullen vinden van mijn prestatie op het toilet, dat hoef ik niet te horen. Ik was mijn handen en verlaat de ruimte. Vlak voordat de deur dichtvalt, hoor ik: ‘Wat stinkt het toch, hè.'
Tegelijkertijd zegt de andere schoonmaakster dat ze de zeep heeft vervangen.
‘Maar wat een stank, hè?’
'In het apparaat zit weer zeep hoor.'
‘Het stinkt hier echt wel.’

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/tudor/" target="_blank">TheGiantVermin</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Eén van mijn allereerste blogs hier op Viva.nl ging over het opnemen van de mobiele telefoon terwijl je op het toilet zit. <span id="more-33974"></span>Onder die blog verschenen verrassende reacties. Eén van de Vivaforummers die reageerden vond het niet kunnen dat ik ging poepen tijdens werktijd. Dat heb ik altijd wonderlijk gevonden. Het is toch normaal om naar het toilet te gaan, ook al duurt het de ene keer wat langer dan de andere keer?</p>
<p><strong>Snauwen</strong><br />
Direct na de lunch begeef ik mij naar het toilet. Zodra ik ben begonnen hoor ik de schoonmaaksters binnenkomen. Onze schoonmaakploeg bestaat uit mensen die een fysieke of geestelijke beperkingen hebben. Het toilet wordt altijd gepoetst door twee dames. Een klein, tenger vrouwtje dat heel gehaaid is, en haar collega, die wat zwaarder van bouw is en waarbij alles heel langzaam gaat. Ze praten, nou ja, zeg maar snauwen, allebei in plat Tilburgs dialect, maar voor de leesbaarheid vertaal ik het even naar een taal die we allemaal kunnen begrijpen.</p>
<p><strong>Vloek</strong><br />
Eén van de dames vloekt hardvochtig. ‘Die doen we niet!’ Het zal ongetwijfeld gaan over wat ze aantreft in één van de vijf toiletpotten. Ik zit in de laatste, die pakt iedereen voor de grote boodschap.<br />
‘Het zit helemaal vastgeplakt,’ zegt ze. Als de ander niet antwoordt herhaalt ze het nog een paar keer: ‘Die doen we niet hoor.’<br />
Uiteindelijk zegt haar collega dat ze wel even zal doortrekken. Vervolgens kan ik het gesprek tussen de twee een tijdje niet meer volgen omdat het toilet drie keer wordt doorgetrokken.</p>
<p><strong>Netjes</strong><br />
Als het geluid is weggezakt hoor ik een van de vrouwen wauwelen: ‘Ik zie er netjes uit vandaag, vind je niet?’<br />
De andere vrouw zegt: ‘Hier meisje, hij is doorgespoeld, hij doet het weer.’<br />
‘Vind je ook dat ik er vandaag netjes uitzie?’<br />
Weer wordt gezegd dat het toilet nu in orde is: &#8221;Ik heb hem een paar keer doorgespoeld hoor.&#8217;<br />
Geef alsjeblieft even aan dat je het verstaan hebt, denk ik, maar nee hoor: ‘Ik zie er netjes uit vandaag, hè?’<br />
‘Het toilet is doorgespoeld.’ Uit de toon waarop het wordt uitgesproken blijkt dat ze vindt dat ze het vaak genoeg heeft gezegd.<br />
Heel voorzichtig piept het andere stemmetje: ‘Leuk hè, wat ik vandaag aan heb?’</p>
<p><strong>Zeep</strong><br />
Ik heb de grootste lol en maak aantekeningen op mijn mobiele telefoon. Dan hoor ik: ‘Die blijft er wel lang op zitten hè?’ Dat het over mij gaat is wel duidelijk. Ik stop mijn telefoon weg en ga snel verder met waarmee ik eigenlijk bezig was. Ondanks dat de communicatie tussen de twee even stokte toen het niet duidelijk was wie de rol van zender had en wie de ontvanger moest zijn, communiceren de dames wonderbaarlijk goed. Ze spreken gewoon letterlijk uit wat ze allemaal doen. ‘Even kijken of de zeep op is. Ja, de zeep is bijna op. Ik pak even nieuwe zeep, Annie.’</p>
<p><strong>Stank</strong><br />
Dan ben ik klaar. Ik wil snel weg. Die dames zijn mondig genoeg om precies te zeggen hoe ze ergens over denken. Het laat zich gemakkelijk raden wat ze zullen vinden van mijn prestatie op het toilet, dat hoef ik niet te horen. Ik was mijn handen en verlaat de ruimte. Vlak voordat de deur dichtvalt, hoor ik: ‘Wat stinkt het toch, hè.&#8217;<br />
Tegelijkertijd zegt de andere schoonmaakster dat ze de zeep heeft vervangen.<br />
‘Maar wat een stank, hè?’<br />
&#8216;In het apparaat zit weer zeep hoor.&#8217;<br />
‘Het stinkt hier echt wel.’</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/tudor/" target="_blank">TheGiantVermin</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/12/01/toilet-schoonmaaksters-werk-kantoor-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>11</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/12/toiletrol_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Eén van mijn allereerste blogs hier op Viva.nl ging over het opnemen van de mobiele telefoon terwijl je op het toilet zit. <!--more-->Onder die blog verschenen verrassende reacties. Eén van de Vivaforummers die reageerden vond het niet kunnen dat ik ging poepen tijdens werktijd. Dat heb ik altijd wonderlijk gevonden. Het is toch normaal om naar het toilet te gaan, ook al duurt het de ene keer wat langer dan de andere keer?

<strong>Snauwen</strong>
Direct na de lunch begeef ik mij naar het toilet. Zodra ik ben begonnen hoor ik de schoonmaaksters binnenkomen. Onze schoonmaakploeg bestaat uit mensen die een fysieke of geestelijke beperkingen hebben. Het toilet wordt altijd gepoetst door twee dames. Een klein, tenger vrouwtje dat heel gehaaid is, en haar collega, die wat zwaarder van bouw is en waarbij alles heel langzaam gaat. Ze praten, nou ja, zeg maar snauwen, allebei in plat Tilburgs dialect, maar voor de leesbaarheid vertaal ik het even naar een taal die we allemaal kunnen begrijpen.

<strong>Vloek</strong>
Eén van de dames vloekt hardvochtig. ‘Die doen we niet!’ Het zal ongetwijfeld gaan over wat ze aantreft in één van de vijf toiletpotten. Ik zit in de laatste, die pakt iedereen voor de grote boodschap.
‘Het zit helemaal vastgeplakt,’ zegt ze. Als de ander niet antwoordt herhaalt ze het nog een paar keer: ‘Die doen we niet hoor.’
Uiteindelijk zegt haar collega dat ze wel even zal doortrekken. Vervolgens kan ik het gesprek tussen de twee een tijdje niet meer volgen omdat het toilet drie keer wordt doorgetrokken.

<strong>Netjes</strong>
Als het geluid is weggezakt hoor ik een van de vrouwen wauwelen: ‘Ik zie er netjes uit vandaag, vind je niet?’
De andere vrouw zegt: ‘Hier meisje, hij is doorgespoeld, hij doet het weer.’
‘Vind je ook dat ik er vandaag netjes uitzie?’
Weer wordt gezegd dat het toilet nu in orde is: ''Ik heb hem een paar keer doorgespoeld hoor.'
Geef alsjeblieft even aan dat je het verstaan hebt, denk ik, maar nee hoor: ‘Ik zie er netjes uit vandaag, hè?’
‘Het toilet is doorgespoeld.’ Uit de toon waarop het wordt uitgesproken blijkt dat ze vindt dat ze het vaak genoeg heeft gezegd.
Heel voorzichtig piept het andere stemmetje: ‘Leuk hè, wat ik vandaag aan heb?’

<strong>Zeep</strong>
Ik heb de grootste lol en maak aantekeningen op mijn mobiele telefoon. Dan hoor ik: ‘Die blijft er wel lang op zitten hè?’ Dat het over mij gaat is wel duidelijk. Ik stop mijn telefoon weg en ga snel verder met waarmee ik eigenlijk bezig was. Ondanks dat de communicatie tussen de twee even stokte toen het niet duidelijk was wie de rol van zender had en wie de ontvanger moest zijn, communiceren de dames wonderbaarlijk goed. Ze spreken gewoon letterlijk uit wat ze allemaal doen. ‘Even kijken of de zeep op is. Ja, de zeep is bijna op. Ik pak even nieuwe zeep, Annie.’

<strong>Stank</strong>
Dan ben ik klaar. Ik wil snel weg. Die dames zijn mondig genoeg om precies te zeggen hoe ze ergens over denken. Het laat zich gemakkelijk raden wat ze zullen vinden van mijn prestatie op het toilet, dat hoef ik niet te horen. Ik was mijn handen en verlaat de ruimte. Vlak voordat de deur dichtvalt, hoor ik: ‘Wat stinkt het toch, hè.'
Tegelijkertijd zegt de andere schoonmaakster dat ze de zeep heeft vervangen.
‘Maar wat een stank, hè?’
'In het apparaat zit weer zeep hoor.'
‘Het stinkt hier echt wel.’

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/tudor/" target="_blank">TheGiantVermin</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Een kwestie van geloven</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/29/sinterklaas-geloof-bezoek-nep-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/29/sinterklaas-geloof-bezoek-nep-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 29 Nov 2011 12:59:07 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Humor]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[buurtvereniging]]></category>
		<category><![CDATA[geloof]]></category>
		<category><![CDATA[geloven]]></category>
		<category><![CDATA[goedheiligman]]></category>
		<category><![CDATA[Sinterklaas]]></category>
		<category><![CDATA[Werk]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33937</guid>
		<description><![CDATA[Wanneer je een kind hebt van zeven is het misschien niet zo slim om Sinterklaas in drie dagen tijd vier keer te bezoeken. Maar wij deden het toch.<!--more-->

<strong>Mijter</strong>
De Sint die ons op vrijdagavond bezoekt is een kleine man. Dat hij kleiner is dan zijn pieten zien alleen wij. De kinderen zijn zelf nog te klein om dat te kunnen merken. We kennen deze Sint goed, we zien hem elk jaar. Hij is helemaal verslaafd aan het feest van Sinterklaas en richt zelfs zijn huis in als het huis van de Sint. Aan het begin van zijn bezoek houdt hij een betoog van wel vijf minuten over zijn mijter, want die stond tijdens de intocht in Dordrecht verkeerd om op zijn hoofd, althans: op het hoofd van onze nieuwe nationale Sinterklaas. Fanatiekelingen spraken er schande van!

<strong>Pyjama</strong>
Wanneer Wessel bij de Sint mag komen zingt hij het liedje van de Zwarte Piet die ging fietsen, maar hij plakt er een heel eigen einde aan vast, dat hij zelf heel vermakelijk vindt. In zijn versie besluit de Piet op de fiets naar Spanje af te reizen, waarbij hij de stoomboot inmaakt. Hetzelfde lied brengt Wessel opnieuw op zaterdagochtend, wanneer we aan mogen treden bij de Sint van het werk van mijn vrouw. Deze Sint gooit er wat mij betreft met de mijter naar, wanneer hij besluit zijn mantel uit te doen. Daar staat ineens een iele man in een witte pyjama. Het lijkt de kinderen niet te deren, maar het is geen porem. De Sint hoort gewoon zijn rode cape te dragen.

<strong>Dat weet je toch nog wel?</strong>
's Middags komt de Sint langs bij de buurtvereniging. Wanneer de goedheiligman vraagt of er een kindje wat wil zingen, springt Wessel op van de vloer. De Sint vraagt wat Wessel gaat zingen. 'Het liedje van de Piet die ging fietsen, maar dan met het andere einde dat veel grappiger is.' Sinterklaas reageert verbaasd. 'Een veel grappiger einde?' Waarop Wessel zegt: 'Ja, precies zoals gisteren en vanochtend. Dat weet je toch nog wel?' Wanneer de Sint de microfoon onder zijn neus duwt, begint hij te zingen. Naar het eind toe steeds haastiger. En dan komt bijna onverstaanbaar die riedel over de Piet die de boot inmaakt. Applaus. Onze zoon gaat weer zitten.

<strong>Wolk</strong>
De Sint zien we voor de vierde keer op mijn werk. Het is zondagochtend en deze goedheiligman waagt het zijn mijter af te zetten. Sinterklaas zonder mijter, dat ziet er niet uit, zeker omdat de Sint zijn haar niet heeft geborsteld. Het is alsof iemand een wolk op zijn gezicht heeft geplakt. Samen met tweehonderd anderen zien we dan ineens hoe Wessel het podium bestormt. Hij wil een liedje zingen. Alweer het liedje van de Zwarte Piet die ging fietsen, de grappige variant. Als hij klaar is krijgt hij een applaus van tweehonderd mensen. 'Geweldig,' zegt mijn collega die naast mij staat. 'Die jongen van jou is echt niet verlegen hè? Dat zie ik mijn kinderen nog niet zo snel doen.'

<strong>Twijfel</strong>
Wanneer ik 's avonds Wessel naar bed breng, vraagt hij aan mij of we dit weekend wel de echte Sinterklaas hebben gezien. 'Kindjes op school zeggen dat hij helemaal niet bestaat.' Ik denk terug aan die man in zijn witte pyjama, die zonder zijn cape eigenlijk niet echt meer leek op de goedheiligman. Dan denk ik terug aan de Sint die heel voorzichtig zijn mijter afdeed, waarna hij vol in zicht controleerde of die wolk nog recht op zijn hoofd zat geplakt. Het verbaast mij niet dat mijn zoon dat is opgevallen. 'Wat denk je zelf?' vraag ik dan maar.

<strong>Lied</strong>
'Ik vind het wel gek dat hij steeds maar weer vergeet dat ik een grappige versie ken van het liedje van de Piet die gaat fietsen. Ik heb het al vier keer gezongen en vandaag kende hij het nog steeds niet,' zegt Wessel en ik kan op dat moment alleen maar lachen om de bijzondere manier die hij heeft bedacht om te onderzoeken of de Sint wel daadwerkelijk echt is. Als ik weer beneden ben, schrijf ik op de computer een brief die ik wat later in zijn schoen stop: 'Wat een prachtig lied zong je voor mij, over die Piet die de stoomboot inmaakt. Ik deed net alsof ik het nog niet kende, zodat je het nog een keer zou zingen. Goed gedaan hoor Wessel! Liefs, de Sint.'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/rnw/" target="_blank">Radio Nederland Wereldomroep</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Wanneer je een kind hebt van zeven is het misschien niet zo slim om Sinterklaas in drie dagen tijd vier keer te bezoeken. Maar wij deden het toch.<span id="more-33937"></span></p>
<p><strong>Mijter</strong><br />
De Sint die ons op vrijdagavond bezoekt is een kleine man. Dat hij kleiner is dan zijn pieten zien alleen wij. De kinderen zijn zelf nog te klein om dat te kunnen merken. We kennen deze Sint goed, we zien hem elk jaar. Hij is helemaal verslaafd aan het feest van Sinterklaas en richt zelfs zijn huis in als het huis van de Sint. Aan het begin van zijn bezoek houdt hij een betoog van wel vijf minuten over zijn mijter, want die stond tijdens de intocht in Dordrecht verkeerd om op zijn hoofd, althans: op het hoofd van onze nieuwe nationale Sinterklaas. Fanatiekelingen spraken er schande van!</p>
<p><strong>Pyjama</strong><br />
Wanneer Wessel bij de Sint mag komen zingt hij het liedje van de Zwarte Piet die ging fietsen, maar hij plakt er een heel eigen einde aan vast, dat hij zelf heel vermakelijk vindt. In zijn versie besluit de Piet op de fiets naar Spanje af te reizen, waarbij hij de stoomboot inmaakt. Hetzelfde lied brengt Wessel opnieuw op zaterdagochtend, wanneer we aan mogen treden bij de Sint van het werk van mijn vrouw. Deze Sint gooit er wat mij betreft met de mijter naar, wanneer hij besluit zijn mantel uit te doen. Daar staat ineens een iele man in een witte pyjama. Het lijkt de kinderen niet te deren, maar het is geen porem. De Sint hoort gewoon zijn rode cape te dragen.</p>
<p><strong>Dat weet je toch nog wel?</strong><br />
&#8216;s Middags komt de Sint langs bij de buurtvereniging. Wanneer de goedheiligman vraagt of er een kindje wat wil zingen, springt Wessel op van de vloer. De Sint vraagt wat Wessel gaat zingen. &#8216;Het liedje van de Piet die ging fietsen, maar dan met het andere einde dat veel grappiger is.&#8217; Sinterklaas reageert verbaasd. &#8216;Een veel grappiger einde?&#8217; Waarop Wessel zegt: &#8216;Ja, precies zoals gisteren en vanochtend. Dat weet je toch nog wel?&#8217; Wanneer de Sint de microfoon onder zijn neus duwt, begint hij te zingen. Naar het eind toe steeds haastiger. En dan komt bijna onverstaanbaar die riedel over de Piet die de boot inmaakt. Applaus. Onze zoon gaat weer zitten.</p>
<p><strong>Wolk</strong><br />
De Sint zien we voor de vierde keer op mijn werk. Het is zondagochtend en deze goedheiligman waagt het zijn mijter af te zetten. Sinterklaas zonder mijter, dat ziet er niet uit, zeker omdat de Sint zijn haar niet heeft geborsteld. Het is alsof iemand een wolk op zijn gezicht heeft geplakt. Samen met tweehonderd anderen zien we dan ineens hoe Wessel het podium bestormt. Hij wil een liedje zingen. Alweer het liedje van de Zwarte Piet die ging fietsen, de grappige variant. Als hij klaar is krijgt hij een applaus van tweehonderd mensen. &#8216;Geweldig,&#8217; zegt mijn collega die naast mij staat. &#8216;Die jongen van jou is echt niet verlegen hè? Dat zie ik mijn kinderen nog niet zo snel doen.&#8217;</p>
<p><strong>Twijfel</strong><br />
Wanneer ik &#8216;s avonds Wessel naar bed breng, vraagt hij aan mij of we dit weekend wel de echte Sinterklaas hebben gezien. &#8216;Kindjes op school zeggen dat hij helemaal niet bestaat.&#8217; Ik denk terug aan die man in zijn witte pyjama, die zonder zijn cape eigenlijk niet echt meer leek op de goedheiligman. Dan denk ik terug aan de Sint die heel voorzichtig zijn mijter afdeed, waarna hij vol in zicht controleerde of die wolk nog recht op zijn hoofd zat geplakt. Het verbaast mij niet dat mijn zoon dat is opgevallen. &#8216;Wat denk je zelf?&#8217; vraag ik dan maar.</p>
<p><strong>Lied</strong><br />
&#8216;Ik vind het wel gek dat hij steeds maar weer vergeet dat ik een grappige versie ken van het liedje van de Piet die gaat fietsen. Ik heb het al vier keer gezongen en vandaag kende hij het nog steeds niet,&#8217; zegt Wessel en ik kan op dat moment alleen maar lachen om de bijzondere manier die hij heeft bedacht om te onderzoeken of de Sint wel daadwerkelijk echt is. Als ik weer beneden ben, schrijf ik op de computer een brief die ik wat later in zijn schoen stop: &#8216;Wat een prachtig lied zong je voor mij, over die Piet die de stoomboot inmaakt. Ik deed net alsof ik het nog niet kende, zodat je het nog een keer zou zingen. Goed gedaan hoor Wessel! Liefs, de Sint.&#8217;</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/rnw/" target="_blank">Radio Nederland Wereldomroep</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/29/sinterklaas-geloof-bezoek-nep-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>15</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/nepklaas_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Wanneer je een kind hebt van zeven is het misschien niet zo slim om Sinterklaas in drie dagen tijd vier keer te bezoeken. Maar wij deden het toch.<!--more-->

<strong>Mijter</strong>
De Sint die ons op vrijdagavond bezoekt is een kleine man. Dat hij kleiner is dan zijn pieten zien alleen wij. De kinderen zijn zelf nog te klein om dat te kunnen merken. We kennen deze Sint goed, we zien hem elk jaar. Hij is helemaal verslaafd aan het feest van Sinterklaas en richt zelfs zijn huis in als het huis van de Sint. Aan het begin van zijn bezoek houdt hij een betoog van wel vijf minuten over zijn mijter, want die stond tijdens de intocht in Dordrecht verkeerd om op zijn hoofd, althans: op het hoofd van onze nieuwe nationale Sinterklaas. Fanatiekelingen spraken er schande van!

<strong>Pyjama</strong>
Wanneer Wessel bij de Sint mag komen zingt hij het liedje van de Zwarte Piet die ging fietsen, maar hij plakt er een heel eigen einde aan vast, dat hij zelf heel vermakelijk vindt. In zijn versie besluit de Piet op de fiets naar Spanje af te reizen, waarbij hij de stoomboot inmaakt. Hetzelfde lied brengt Wessel opnieuw op zaterdagochtend, wanneer we aan mogen treden bij de Sint van het werk van mijn vrouw. Deze Sint gooit er wat mij betreft met de mijter naar, wanneer hij besluit zijn mantel uit te doen. Daar staat ineens een iele man in een witte pyjama. Het lijkt de kinderen niet te deren, maar het is geen porem. De Sint hoort gewoon zijn rode cape te dragen.

<strong>Dat weet je toch nog wel?</strong>
's Middags komt de Sint langs bij de buurtvereniging. Wanneer de goedheiligman vraagt of er een kindje wat wil zingen, springt Wessel op van de vloer. De Sint vraagt wat Wessel gaat zingen. 'Het liedje van de Piet die ging fietsen, maar dan met het andere einde dat veel grappiger is.' Sinterklaas reageert verbaasd. 'Een veel grappiger einde?' Waarop Wessel zegt: 'Ja, precies zoals gisteren en vanochtend. Dat weet je toch nog wel?' Wanneer de Sint de microfoon onder zijn neus duwt, begint hij te zingen. Naar het eind toe steeds haastiger. En dan komt bijna onverstaanbaar die riedel over de Piet die de boot inmaakt. Applaus. Onze zoon gaat weer zitten.

<strong>Wolk</strong>
De Sint zien we voor de vierde keer op mijn werk. Het is zondagochtend en deze goedheiligman waagt het zijn mijter af te zetten. Sinterklaas zonder mijter, dat ziet er niet uit, zeker omdat de Sint zijn haar niet heeft geborsteld. Het is alsof iemand een wolk op zijn gezicht heeft geplakt. Samen met tweehonderd anderen zien we dan ineens hoe Wessel het podium bestormt. Hij wil een liedje zingen. Alweer het liedje van de Zwarte Piet die ging fietsen, de grappige variant. Als hij klaar is krijgt hij een applaus van tweehonderd mensen. 'Geweldig,' zegt mijn collega die naast mij staat. 'Die jongen van jou is echt niet verlegen hè? Dat zie ik mijn kinderen nog niet zo snel doen.'

<strong>Twijfel</strong>
Wanneer ik 's avonds Wessel naar bed breng, vraagt hij aan mij of we dit weekend wel de echte Sinterklaas hebben gezien. 'Kindjes op school zeggen dat hij helemaal niet bestaat.' Ik denk terug aan die man in zijn witte pyjama, die zonder zijn cape eigenlijk niet echt meer leek op de goedheiligman. Dan denk ik terug aan de Sint die heel voorzichtig zijn mijter afdeed, waarna hij vol in zicht controleerde of die wolk nog recht op zijn hoofd zat geplakt. Het verbaast mij niet dat mijn zoon dat is opgevallen. 'Wat denk je zelf?' vraag ik dan maar.

<strong>Lied</strong>
'Ik vind het wel gek dat hij steeds maar weer vergeet dat ik een grappige versie ken van het liedje van de Piet die gaat fietsen. Ik heb het al vier keer gezongen en vandaag kende hij het nog steeds niet,' zegt Wessel en ik kan op dat moment alleen maar lachen om de bijzondere manier die hij heeft bedacht om te onderzoeken of de Sint wel daadwerkelijk echt is. Als ik weer beneden ben, schrijf ik op de computer een brief die ik wat later in zijn schoen stop: 'Wat een prachtig lied zong je voor mij, over die Piet die de stoomboot inmaakt. Ik deed net alsof ik het nog niet kende, zodat je het nog een keer zou zingen. Goed gedaan hoor Wessel! Liefs, de Sint.'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/rnw/" target="_blank">Radio Nederland Wereldomroep</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Sex voor de Buch</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/26/sex-voor-de-buch-twitter-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/26/sex-voor-de-buch-twitter-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 26 Nov 2011 17:05:29 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Seks]]></category>
		<category><![CDATA[tv]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[henny huisman]]></category>
		<category><![CDATA[honeymoonquiz]]></category>
		<category><![CDATA[menno buch]]></category>
		<category><![CDATA[sex voor de buch]]></category>
		<category><![CDATA[soundmixshow]]></category>
		<category><![CDATA[suprise show]]></category>
		<category><![CDATA[twitter]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33911</guid>
		<description><![CDATA[Dat er mensen zijn die Twitter stom vinden kan ik heel goed begrijpen. Zelf vind ik deze vorm van social media tegelijkertijd een vloek en een zegen.<!--more--> Twitter vind ik heel leuk wanneer je via een hashtag (een woord met een # ervoor) kunt meepraten over televisieprogramma's. Gisteren werd dat massaal gedaan tijdens #tvoh (The Voice of Holland), maar dat programma bekijk ik nooit. Het is toch altijd nog een beetje de Soundmixshow, daar keek ik vroeger ook niet naar, muziek vind ik leuk voor op de radio.

<strong>Suprise Show</strong>
Terwijl ik terugdacht aan de Soundmixshow, bedacht ik mij hoe leuk het zou zijn geweest als we Twitter of iets soortgelijks hadden gehad in die tijd. Stel je voor, dan hadden we de hashtag #DSS gehad voor de Suprise Show: 'Wat draagt die Henny Huisman toch weer een puik colbertje #DSS'. Als ik eraan denk hoor ik de eindtune alweer, ken je hem nog? 'Suprise! Suprise! Het onverwachte is de mooiste prijs, de verrassing bracht je zomaar van de wijs'. En zolang de gasten nog niet waren uitgehuild ging dat maar door, die riedel, en nu zit het in mijn brein gebakken.

<strong>Ron's Honeymoon Quiz</strong>
Nog zo'n zingende showhost: Ron Brandsteder. 'Want engelen bestaan niet, maar een bruidspaar zoals zij, zie je eenmaal in je leven en daar blijft het dan wel bij.' Goed, dat deuntje zit nu ook de rest van de avond in je hoofd. Als we in die tijd hadden kunnen Twitteren, was de hashtag #RHQ zeker trending topic geweest. Ron's Honeymoon Quiz. Weet je nog dat die bruidsparen in zo'n zwembad konden vallen? Dat was om de aandacht wat af te leiden van Ron zelf, aan het eind van de show was hij altijd nat van het zweet. Dat viel minder op wanneer de deelnemers zelf ook in doorweekte kleren naast hem stonden.

<strong>Bruinebonensoep
</strong>Maar het mooiste, het allermooiste zou het zijn geweest als we hadden kunnen Twitteren tijdens Sex voor de Buch met de hashtag #SVDB. Het is ongelooflijk dat zoiets ongeveer vijftien jaar geleden uit kon worden gezonden op de televisie, in het begin zelfs door een publieke omroep. Gewone mensen met een ongewone sekswens, kregen geld dat afkomstig was van de belastingbetaler, om die wens uit te laten komen. En dat werd dan uitgezonden op televisie. Zagen we een man met krulletjes in de microfoon mompelen dat het hem wel heel plezierig leek om met een vrouw in de bruinebonensoep te poedelen.

<strong>Vieze man</strong>
Dat waren mensen die een fantasie hadden. De wens werd werkelijkheid en zij stapten er blind in. Dat wat zo opwindend leek, bleek in werkelijkheid soms erg tegen te vallen. Die man met de bruinebonen zal van tevoren niet gedacht hebben aan de stank. Je zag hem zijn best doen op televisie, maar hij was echt niet opgewonden. Hij deed opgewonden. Wat een afgang en wat heb ik erom kunnen lachen. Seks als satire. De man leek zo te zijn weggelopen uit een pornoversie van Kooten en de Bie. De vieze man, ongecensureerd. Wat heb ik gelachen met die man die rond ging lopen met zijn piemel in een kijkdoos, of met die man die een imitatie deed van een rodeostier met een half opgeblazen opblaaspop bovenop zijn lijf.

Dat soort televisie, dat kan in deze tijd niet meer. Stel je voor dat zoiets nu werd uitgezonden en dat we er met zijn allen over konden twitteren: 'Nou, ik koop voorlopig geen courgettes meer #SVDB'. Courgettes wereldwijd als trending topic. Wat zou dat gaaf zijn.

<small>CC Foto: <a title="Menno Buch" href="http://youtu.be/sIAgebRHdK8" target="_blank">Still uit filmpje</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Dat er mensen zijn die Twitter stom vinden kan ik heel goed begrijpen. Zelf vind ik deze vorm van social media tegelijkertijd een vloek en een zegen.<span id="more-33911"></span> Twitter vind ik heel leuk wanneer je via een hashtag (een woord met een # ervoor) kunt meepraten over televisieprogramma&#8217;s. Gisteren werd dat massaal gedaan tijdens #tvoh (The Voice of Holland), maar dat programma bekijk ik nooit. Het is toch altijd nog een beetje de Soundmixshow, daar keek ik vroeger ook niet naar, muziek vind ik leuk voor op de radio.</p>
<p><strong>Suprise Show</strong><br />
Terwijl ik terugdacht aan de Soundmixshow, bedacht ik mij hoe leuk het zou zijn geweest als we Twitter of iets soortgelijks hadden gehad in die tijd. Stel je voor, dan hadden we de hashtag #DSS gehad voor de Suprise Show: &#8216;Wat draagt die Henny Huisman toch weer een puik colbertje #DSS&#8217;. Als ik eraan denk hoor ik de eindtune alweer, ken je hem nog? &#8216;Suprise! Suprise! Het onverwachte is de mooiste prijs, de verrassing bracht je zomaar van de wijs&#8217;. En zolang de gasten nog niet waren uitgehuild ging dat maar door, die riedel, en nu zit het in mijn brein gebakken.</p>
<p><strong>Ron&#8217;s Honeymoon Quiz</strong><br />
Nog zo&#8217;n zingende showhost: Ron Brandsteder. &#8216;Want engelen bestaan niet, maar een bruidspaar zoals zij, zie je eenmaal in je leven en daar blijft het dan wel bij.&#8217; Goed, dat deuntje zit nu ook de rest van de avond in je hoofd. Als we in die tijd hadden kunnen Twitteren, was de hashtag #RHQ zeker trending topic geweest. Ron&#8217;s Honeymoon Quiz. Weet je nog dat die bruidsparen in zo&#8217;n zwembad konden vallen? Dat was om de aandacht wat af te leiden van Ron zelf, aan het eind van de show was hij altijd nat van het zweet. Dat viel minder op wanneer de deelnemers zelf ook in doorweekte kleren naast hem stonden.</p>
<p><strong>Bruinebonensoep<br />
</strong>Maar het mooiste, het allermooiste zou het zijn geweest als we hadden kunnen Twitteren tijdens Sex voor de Buch met de hashtag #SVDB. Het is ongelooflijk dat zoiets ongeveer vijftien jaar geleden uit kon worden gezonden op de televisie, in het begin zelfs door een publieke omroep. Gewone mensen met een ongewone sekswens, kregen geld dat afkomstig was van de belastingbetaler, om die wens uit te laten komen. En dat werd dan uitgezonden op televisie. Zagen we een man met krulletjes in de microfoon mompelen dat het hem wel heel plezierig leek om met een vrouw in de bruinebonensoep te poedelen.</p>
<p><strong>Vieze man</strong><br />
Dat waren mensen die een fantasie hadden. De wens werd werkelijkheid en zij stapten er blind in. Dat wat zo opwindend leek, bleek in werkelijkheid soms erg tegen te vallen. Die man met de bruinebonen zal van tevoren niet gedacht hebben aan de stank. Je zag hem zijn best doen op televisie, maar hij was echt niet opgewonden. Hij deed opgewonden. Wat een afgang en wat heb ik erom kunnen lachen. Seks als satire. De man leek zo te zijn weggelopen uit een pornoversie van Kooten en de Bie. De vieze man, ongecensureerd. Wat heb ik gelachen met die man die rond ging lopen met zijn piemel in een kijkdoos, of met die man die een imitatie deed van een rodeostier met een half opgeblazen opblaaspop bovenop zijn lijf.</p>
<p>Dat soort televisie, dat kan in deze tijd niet meer. Stel je voor dat zoiets nu werd uitgezonden en dat we er met zijn allen over konden twitteren: &#8216;Nou, ik koop voorlopig geen courgettes meer #SVDB&#8217;. Courgettes wereldwijd als trending topic. Wat zou dat gaaf zijn.</p>
<p><small>CC Foto: <a title="Menno Buch" href="http://youtu.be/sIAgebRHdK8" target="_blank">Still uit filmpje</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/26/sex-voor-de-buch-twitter-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>11</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/mennobuch_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Dat er mensen zijn die Twitter stom vinden kan ik heel goed begrijpen. Zelf vind ik deze vorm van social media tegelijkertijd een vloek en een zegen.<!--more--> Twitter vind ik heel leuk wanneer je via een hashtag (een woord met een # ervoor) kunt meepraten over televisieprogramma's. Gisteren werd dat massaal gedaan tijdens #tvoh (The Voice of Holland), maar dat programma bekijk ik nooit. Het is toch altijd nog een beetje de Soundmixshow, daar keek ik vroeger ook niet naar, muziek vind ik leuk voor op de radio.

<strong>Suprise Show</strong>
Terwijl ik terugdacht aan de Soundmixshow, bedacht ik mij hoe leuk het zou zijn geweest als we Twitter of iets soortgelijks hadden gehad in die tijd. Stel je voor, dan hadden we de hashtag #DSS gehad voor de Suprise Show: 'Wat draagt die Henny Huisman toch weer een puik colbertje #DSS'. Als ik eraan denk hoor ik de eindtune alweer, ken je hem nog? 'Suprise! Suprise! Het onverwachte is de mooiste prijs, de verrassing bracht je zomaar van de wijs'. En zolang de gasten nog niet waren uitgehuild ging dat maar door, die riedel, en nu zit het in mijn brein gebakken.

<strong>Ron's Honeymoon Quiz</strong>
Nog zo'n zingende showhost: Ron Brandsteder. 'Want engelen bestaan niet, maar een bruidspaar zoals zij, zie je eenmaal in je leven en daar blijft het dan wel bij.' Goed, dat deuntje zit nu ook de rest van de avond in je hoofd. Als we in die tijd hadden kunnen Twitteren, was de hashtag #RHQ zeker trending topic geweest. Ron's Honeymoon Quiz. Weet je nog dat die bruidsparen in zo'n zwembad konden vallen? Dat was om de aandacht wat af te leiden van Ron zelf, aan het eind van de show was hij altijd nat van het zweet. Dat viel minder op wanneer de deelnemers zelf ook in doorweekte kleren naast hem stonden.

<strong>Bruinebonensoep
</strong>Maar het mooiste, het allermooiste zou het zijn geweest als we hadden kunnen Twitteren tijdens Sex voor de Buch met de hashtag #SVDB. Het is ongelooflijk dat zoiets ongeveer vijftien jaar geleden uit kon worden gezonden op de televisie, in het begin zelfs door een publieke omroep. Gewone mensen met een ongewone sekswens, kregen geld dat afkomstig was van de belastingbetaler, om die wens uit te laten komen. En dat werd dan uitgezonden op televisie. Zagen we een man met krulletjes in de microfoon mompelen dat het hem wel heel plezierig leek om met een vrouw in de bruinebonensoep te poedelen.

<strong>Vieze man</strong>
Dat waren mensen die een fantasie hadden. De wens werd werkelijkheid en zij stapten er blind in. Dat wat zo opwindend leek, bleek in werkelijkheid soms erg tegen te vallen. Die man met de bruinebonen zal van tevoren niet gedacht hebben aan de stank. Je zag hem zijn best doen op televisie, maar hij was echt niet opgewonden. Hij deed opgewonden. Wat een afgang en wat heb ik erom kunnen lachen. Seks als satire. De man leek zo te zijn weggelopen uit een pornoversie van Kooten en de Bie. De vieze man, ongecensureerd. Wat heb ik gelachen met die man die rond ging lopen met zijn piemel in een kijkdoos, of met die man die een imitatie deed van een rodeostier met een half opgeblazen opblaaspop bovenop zijn lijf.

Dat soort televisie, dat kan in deze tijd niet meer. Stel je voor dat zoiets nu werd uitgezonden en dat we er met zijn allen over konden twitteren: 'Nou, ik koop voorlopig geen courgettes meer #SVDB'. Courgettes wereldwijd als trending topic. Wat zou dat gaaf zijn.

<small>CC Foto: <a title="Menno Buch" href="http://youtu.be/sIAgebRHdK8" target="_blank">Still uit filmpje</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Wanneer elke seconde telt</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/24/meldkamer-ambulance-ongeval-alarmnummer-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/24/meldkamer-ambulance-ongeval-alarmnummer-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 24 Nov 2011 12:15:38 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Gezondheid]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[112]]></category>
		<category><![CDATA[ambulance]]></category>
		<category><![CDATA[brandweer]]></category>
		<category><![CDATA[meldkamer]]></category>
		<category><![CDATA[politie]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33859</guid>
		<description><![CDATA[Heb je weleens naar het alarmnummer 112 gebeld? Ik wel, twee keer. Ik toetste die drie getallen in met een trillende wijsvinger.<!--more--> De eerste keer belde ik nadat ik een aanrijding had gezien. Een jonge vrouw werd van haar fiets geworpen en kwam met een smak op het asfalt terecht. De tweede keer belde ik voor een oude vrouw die ten val was gekomen. Ze kon niet meer lopen en we besloten dat ze een ambulance nodig had. Later bleek dat ze haar bovenbeen had gebroken.

<strong>Bruggetje
</strong>Gisteren bevond ik mij tussen de mensen die de ontvangende kant vormen van het alarmnummer voor de regio waar ik woon. Dat was in het gebouw van de regionale politie in Tilburg. Na een informatief praatje van een uur waarin de werkzaamheden van de meldkamer werden uitgelegd, verzamelden we ons bij de ingang van de ruimte waar de mensen werken die de telefoon opnemen als het aan de andere kant van de lijn goed mis is. Wanneer elke seconde telt, zitten die mensen voor ons klaar.

Het gebouw van de politie bleek hol te zijn van binnen: de kantoren vormen de buitenste wand rondom een atrium. Het bruggetje verbindt de kantoren van de vierde verdieping met een ronde wand van glas waarachter zich de meldkamer bevindt. We verzamelden ons op dat bruggetje. De man die de rondleiding gaf zei dat we dicht bij elkaar moesten blijven en dat we vooral niet te veel mochten zeggen. Hij hield zijn beveiligingspas tegen een sensor en opende de deur.

<strong>Centralist</strong>
We betraden de ruimte en liepen langs het gedeelte dat wordt gebruikt door de brandweer. Verderop zaten politieagenten in uniform achter tientallen beeldschermen. De meeste oproepen die binnenkomen op 112 zijn voor de politie. We liepen om een opstelling van bureaus heen en kwamen zo bij het gedeelte van de ruimte waar de medewerkers van de ambulancedienst werken. Daar zaten drie dames. Ze waren alle drie in gesprek. Wij bleven achter ze staan en keken toe.

Ik weet van de keren dat ik belde dat de regie meteen werd overgenomen door de centralist. Voordat je kans krijgt om te zeggen wat er gaande is, breken zij je af om de vragen te stellen die voor hun werk het belangrijkste zijn. Het zijn heldere vragen: 'Wie bent u? Waar belt u vandaan? Wat is er aan de hand?' De antwoorden worden ingeklopt. De computer herkent automatisch wat er wordt ingetikt. Een postcode wordt door het systeem aangevuld met plaats en straatnaam. Als iemand belt via een vaste lijn staat het adres zelfs meteen op het scherm. Bij GSM toestellen werkt dat nog niet.

<strong>Intens</strong>
Het lijkt mij heel intens om telkens opnieuw noodlijdende mensen te woord te moeten staan, maar de dames zaten er gisteren eigenlijk heel ontspannen hun werk te doen. Een gebroken heup, een beklemming of een hartstilstand, het behoort allemaal tot hun dagelijkse werkzaamheden. We hoorden ze kalm de standaardvragen stellen. Met de informatie die de beller geeft, moeten ze beslissen of het nodig is om een ambulance te sturen. Soms wordt daarna de verbinding verbroken, soms assisteren ze iemand via de telefoon, bijvoorbeeld bij een poging tot reanimatie. Zo gaat dat door: acht uur per dag.

Het geeft een fijn gevoel dat ze er altijd voor ons zullen zitten. Klaar om de telefoon op te nemen wanneer wij met trillende vingers dat nummer toetsen dat eigenlijk niemand wil bellen: 112.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/lars_p/" target="_blank">Lars P.</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Heb je weleens naar het alarmnummer 112 gebeld? Ik wel, twee keer. Ik toetste die drie getallen in met een trillende wijsvinger.<span id="more-33859"></span> De eerste keer belde ik nadat ik een aanrijding had gezien. Een jonge vrouw werd van haar fiets geworpen en kwam met een smak op het asfalt terecht. De tweede keer belde ik voor een oude vrouw die ten val was gekomen. Ze kon niet meer lopen en we besloten dat ze een ambulance nodig had. Later bleek dat ze haar bovenbeen had gebroken.</p>
<p><strong>Bruggetje<br />
</strong>Gisteren bevond ik mij tussen de mensen die de ontvangende kant vormen van het alarmnummer voor de regio waar ik woon. Dat was in het gebouw van de regionale politie in Tilburg. Na een informatief praatje van een uur waarin de werkzaamheden van de meldkamer werden uitgelegd, verzamelden we ons bij de ingang van de ruimte waar de mensen werken die de telefoon opnemen als het aan de andere kant van de lijn goed mis is. Wanneer elke seconde telt, zitten die mensen voor ons klaar.</p>
<p>Het gebouw van de politie bleek hol te zijn van binnen: de kantoren vormen de buitenste wand rondom een atrium. Het bruggetje verbindt de kantoren van de vierde verdieping met een ronde wand van glas waarachter zich de meldkamer bevindt. We verzamelden ons op dat bruggetje. De man die de rondleiding gaf zei dat we dicht bij elkaar moesten blijven en dat we vooral niet te veel mochten zeggen. Hij hield zijn beveiligingspas tegen een sensor en opende de deur.</p>
<p><strong>Centralist</strong><br />
We betraden de ruimte en liepen langs het gedeelte dat wordt gebruikt door de brandweer. Verderop zaten politieagenten in uniform achter tientallen beeldschermen. De meeste oproepen die binnenkomen op 112 zijn voor de politie. We liepen om een opstelling van bureaus heen en kwamen zo bij het gedeelte van de ruimte waar de medewerkers van de ambulancedienst werken. Daar zaten drie dames. Ze waren alle drie in gesprek. Wij bleven achter ze staan en keken toe.</p>
<p>Ik weet van de keren dat ik belde dat de regie meteen werd overgenomen door de centralist. Voordat je kans krijgt om te zeggen wat er gaande is, breken zij je af om de vragen te stellen die voor hun werk het belangrijkste zijn. Het zijn heldere vragen: &#8216;Wie bent u? Waar belt u vandaan? Wat is er aan de hand?&#8217; De antwoorden worden ingeklopt. De computer herkent automatisch wat er wordt ingetikt. Een postcode wordt door het systeem aangevuld met plaats en straatnaam. Als iemand belt via een vaste lijn staat het adres zelfs meteen op het scherm. Bij GSM toestellen werkt dat nog niet.</p>
<p><strong>Intens</strong><br />
Het lijkt mij heel intens om telkens opnieuw noodlijdende mensen te woord te moeten staan, maar de dames zaten er gisteren eigenlijk heel ontspannen hun werk te doen. Een gebroken heup, een beklemming of een hartstilstand, het behoort allemaal tot hun dagelijkse werkzaamheden. We hoorden ze kalm de standaardvragen stellen. Met de informatie die de beller geeft, moeten ze beslissen of het nodig is om een ambulance te sturen. Soms wordt daarna de verbinding verbroken, soms assisteren ze iemand via de telefoon, bijvoorbeeld bij een poging tot reanimatie. Zo gaat dat door: acht uur per dag.</p>
<p>Het geeft een fijn gevoel dat ze er altijd voor ons zullen zitten. Klaar om de telefoon op te nemen wanneer wij met trillende vingers dat nummer toetsen dat eigenlijk niemand wil bellen: 112.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/lars_p/" target="_blank">Lars P.</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/24/meldkamer-ambulance-ongeval-alarmnummer-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>14</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/hartslag_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Heb je weleens naar het alarmnummer 112 gebeld? Ik wel, twee keer. Ik toetste die drie getallen in met een trillende wijsvinger.<!--more--> De eerste keer belde ik nadat ik een aanrijding had gezien. Een jonge vrouw werd van haar fiets geworpen en kwam met een smak op het asfalt terecht. De tweede keer belde ik voor een oude vrouw die ten val was gekomen. Ze kon niet meer lopen en we besloten dat ze een ambulance nodig had. Later bleek dat ze haar bovenbeen had gebroken.

<strong>Bruggetje
</strong>Gisteren bevond ik mij tussen de mensen die de ontvangende kant vormen van het alarmnummer voor de regio waar ik woon. Dat was in het gebouw van de regionale politie in Tilburg. Na een informatief praatje van een uur waarin de werkzaamheden van de meldkamer werden uitgelegd, verzamelden we ons bij de ingang van de ruimte waar de mensen werken die de telefoon opnemen als het aan de andere kant van de lijn goed mis is. Wanneer elke seconde telt, zitten die mensen voor ons klaar.

Het gebouw van de politie bleek hol te zijn van binnen: de kantoren vormen de buitenste wand rondom een atrium. Het bruggetje verbindt de kantoren van de vierde verdieping met een ronde wand van glas waarachter zich de meldkamer bevindt. We verzamelden ons op dat bruggetje. De man die de rondleiding gaf zei dat we dicht bij elkaar moesten blijven en dat we vooral niet te veel mochten zeggen. Hij hield zijn beveiligingspas tegen een sensor en opende de deur.

<strong>Centralist</strong>
We betraden de ruimte en liepen langs het gedeelte dat wordt gebruikt door de brandweer. Verderop zaten politieagenten in uniform achter tientallen beeldschermen. De meeste oproepen die binnenkomen op 112 zijn voor de politie. We liepen om een opstelling van bureaus heen en kwamen zo bij het gedeelte van de ruimte waar de medewerkers van de ambulancedienst werken. Daar zaten drie dames. Ze waren alle drie in gesprek. Wij bleven achter ze staan en keken toe.

Ik weet van de keren dat ik belde dat de regie meteen werd overgenomen door de centralist. Voordat je kans krijgt om te zeggen wat er gaande is, breken zij je af om de vragen te stellen die voor hun werk het belangrijkste zijn. Het zijn heldere vragen: 'Wie bent u? Waar belt u vandaan? Wat is er aan de hand?' De antwoorden worden ingeklopt. De computer herkent automatisch wat er wordt ingetikt. Een postcode wordt door het systeem aangevuld met plaats en straatnaam. Als iemand belt via een vaste lijn staat het adres zelfs meteen op het scherm. Bij GSM toestellen werkt dat nog niet.

<strong>Intens</strong>
Het lijkt mij heel intens om telkens opnieuw noodlijdende mensen te woord te moeten staan, maar de dames zaten er gisteren eigenlijk heel ontspannen hun werk te doen. Een gebroken heup, een beklemming of een hartstilstand, het behoort allemaal tot hun dagelijkse werkzaamheden. We hoorden ze kalm de standaardvragen stellen. Met de informatie die de beller geeft, moeten ze beslissen of het nodig is om een ambulance te sturen. Soms wordt daarna de verbinding verbroken, soms assisteren ze iemand via de telefoon, bijvoorbeeld bij een poging tot reanimatie. Zo gaat dat door: acht uur per dag.

Het geeft een fijn gevoel dat ze er altijd voor ons zullen zitten. Klaar om de telefoon op te nemen wanneer wij met trillende vingers dat nummer toetsen dat eigenlijk niemand wil bellen: 112.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/lars_p/" target="_blank">Lars P.</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Familie op de roltrap</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/22/familie-ruzie-kindermishandeling-moeder-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/22/familie-ruzie-kindermishandeling-moeder-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 22 Nov 2011 12:59:05 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Relatie]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[familieruzie]]></category>
		<category><![CDATA[familievete]]></category>
		<category><![CDATA[kindermishandeling]]></category>
		<category><![CDATA[mishandeling]]></category>
		<category><![CDATA[moeder]]></category>
		<category><![CDATA[oom]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33799</guid>
		<description><![CDATA[We laten de auto achter op de parkeerplaats die tevens fungeert als dak van het winkelcentrum en gaan met de roltrap naar beneden. Het ruikt heerlijk binnen.<!--more--> Helemaal beneden zie ik een kraampje. Een medewerker van de supermarkt staat hamburgers te braden in een geweldig grote braadpan.

<strong>Niersteen</strong>
Naast mij staat mijn moeder. Mijn vader ligt in het ziekenhuis. De niersteen die hem veel pijn bezorgt gaan ze donderdag operatief verwijderen. Omdat mijn moeder geen rijbewijs heeft, heb ik aangeboden om samen met haar de wekelijkse boodschappen te gaan doen. Wij zijn op weg naar de supermarkt, wanneer we mijn oom zien staan op de andere roltrap.

<strong>Roddels en achterklap</strong>
Mijn moeder wuift naar haar oudste broer, maar hij beantwoordt haar begroeting niet. Dat verwondert me nauwelijks. Hij toont al jaren weinig interesse in zijn vier zussen en zijn jongste broer. Hij komt niet op verjaardagen of trouwerijen. Alles wat we over hem weten, vernemen we via roddels en achterklap.

<strong></strong>Ik heb hem vaker gezien in ons dorp, maar hij reageert niet op mij. Volgens mij weet hij niet wie ik ben. Ik lijk dan ook totaal niet meer op de jongen van vroeger. Maar nu ziet hij mij staan naast zijn zus. Een logische conclusie zal zijn dat ik haar zoon ben, dat jochie met de blonde krullen dat ooit wel eens bij hem bleef logeren.

<strong>Klappen</strong>
Terwijl we dichter tot elkaar komen, omdat wij langzaam afdalen, terwijl hij opstijgt, weet ik niet goed wat ik moet doen. Hij reageerde niet op mijn moeders begroeting. Ik weet wat er over hem gezegd wordt. Het is een verwende man, het lievelingetje van zijn moeder. Mijn oma heb ik nooit gekend, maar ik weet dat ze het zijn zussen en jongste broer niet gemakkelijk heeft gemaakt. Mijn moeder was de oudste dochter en plaatste zichzelf altijd tussen haar moeder en de rest van het gezin. Zij ving de klappen op, mentaal en fysiek. Later heeft ze daar nooit veel waardering voor gekregen. Ze had haar werk te goed gedaan en haar zusjes en jongere broer zo goed verdedigd, dat zij niet konden geloven dat zij vroeger de klappen voor hen heeft opgevangen.

<strong>IJdel</strong>
Mijn oom deed daarentegen wat hij maar wilde, zijn moeder vond het allemaal goed. Zolang hij werd verwend keek hij ook niet om naar zijn broers en zussen. Nu hij oud is doet hij dat nog altijd niet. Eigenlijk begrijp ik niet goed waarom mijn moeder naar hem zwaait. Verdient hij het? Ik vind van niet. Daarom weet ik mijzelf geen houding te geven op die roltrap en dat terwijl het eigenlijk niet zozeer mijn eigen geschiedenis is.

Pas als hij heel dichtbij is zie ik dat mijn oom mijn moeder eindelijk herkent. Ze wuift nog eens. Hij knikt naar haar en kijkt in het passeren nog even naar mij. Dan is het moment alweer voorbij. Mijn moeder vraagt zich hardop af waarom hij pas laat op haar aanwezigheid reageerde. Ik zeg dat hij misschien een bril nodig heeft, maar dat hij te ijdel is om er een te dragen.

<strong>Mijn vader</strong>
'Het is goed dat je vader er niet bij is,' zegt mijn moeder wanneer we beneden zijn. Wat had mijn vader dan anders had gedaan dan ik? Had hij mijn oom straal genegeerd? Had hij hem vuil aangekeken? 'Waarom is het goed dat hij er niet bij is?' vraag ik.

'Je vader had de verleiding zeker niet kunnen weerstaan om hier een hamburger te kopen,' zegt ze.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/kapten/" target="_blank">Björn Söderqvist</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>We laten de auto achter op de parkeerplaats die tevens fungeert als dak van het winkelcentrum en gaan met de roltrap naar beneden. Het ruikt heerlijk binnen.<span id="more-33799"></span> Helemaal beneden zie ik een kraampje. Een medewerker van de supermarkt staat hamburgers te braden in een geweldig grote braadpan.</p>
<p><strong>Niersteen</strong><br />
Naast mij staat mijn moeder. Mijn vader ligt in het ziekenhuis. De niersteen die hem veel pijn bezorgt gaan ze donderdag operatief verwijderen. Omdat mijn moeder geen rijbewijs heeft, heb ik aangeboden om samen met haar de wekelijkse boodschappen te gaan doen. Wij zijn op weg naar de supermarkt, wanneer we mijn oom zien staan op de andere roltrap.</p>
<p><strong>Roddels en achterklap</strong><br />
Mijn moeder wuift naar haar oudste broer, maar hij beantwoordt haar begroeting niet. Dat verwondert me nauwelijks. Hij toont al jaren weinig interesse in zijn vier zussen en zijn jongste broer. Hij komt niet op verjaardagen of trouwerijen. Alles wat we over hem weten, vernemen we via roddels en achterklap.</p>
<p><strong></strong>Ik heb hem vaker gezien in ons dorp, maar hij reageert niet op mij. Volgens mij weet hij niet wie ik ben. Ik lijk dan ook totaal niet meer op de jongen van vroeger. Maar nu ziet hij mij staan naast zijn zus. Een logische conclusie zal zijn dat ik haar zoon ben, dat jochie met de blonde krullen dat ooit wel eens bij hem bleef logeren.</p>
<p><strong>Klappen</strong><br />
Terwijl we dichter tot elkaar komen, omdat wij langzaam afdalen, terwijl hij opstijgt, weet ik niet goed wat ik moet doen. Hij reageerde niet op mijn moeders begroeting. Ik weet wat er over hem gezegd wordt. Het is een verwende man, het lievelingetje van zijn moeder. Mijn oma heb ik nooit gekend, maar ik weet dat ze het zijn zussen en jongste broer niet gemakkelijk heeft gemaakt. Mijn moeder was de oudste dochter en plaatste zichzelf altijd tussen haar moeder en de rest van het gezin. Zij ving de klappen op, mentaal en fysiek. Later heeft ze daar nooit veel waardering voor gekregen. Ze had haar werk te goed gedaan en haar zusjes en jongere broer zo goed verdedigd, dat zij niet konden geloven dat zij vroeger de klappen voor hen heeft opgevangen.</p>
<p><strong>IJdel</strong><br />
Mijn oom deed daarentegen wat hij maar wilde, zijn moeder vond het allemaal goed. Zolang hij werd verwend keek hij ook niet om naar zijn broers en zussen. Nu hij oud is doet hij dat nog altijd niet. Eigenlijk begrijp ik niet goed waarom mijn moeder naar hem zwaait. Verdient hij het? Ik vind van niet. Daarom weet ik mijzelf geen houding te geven op die roltrap en dat terwijl het eigenlijk niet zozeer mijn eigen geschiedenis is.</p>
<p>Pas als hij heel dichtbij is zie ik dat mijn oom mijn moeder eindelijk herkent. Ze wuift nog eens. Hij knikt naar haar en kijkt in het passeren nog even naar mij. Dan is het moment alweer voorbij. Mijn moeder vraagt zich hardop af waarom hij pas laat op haar aanwezigheid reageerde. Ik zeg dat hij misschien een bril nodig heeft, maar dat hij te ijdel is om er een te dragen.</p>
<p><strong>Mijn vader</strong><br />
&#8216;Het is goed dat je vader er niet bij is,&#8217; zegt mijn moeder wanneer we beneden zijn. Wat had mijn vader dan anders had gedaan dan ik? Had hij mijn oom straal genegeerd? Had hij hem vuil aangekeken? &#8216;Waarom is het goed dat hij er niet bij is?&#8217; vraag ik.</p>
<p>&#8216;Je vader had de verleiding zeker niet kunnen weerstaan om hier een hamburger te kopen,&#8217; zegt ze.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/kapten/" target="_blank">Björn Söderqvist</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/22/familie-ruzie-kindermishandeling-moeder-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>8</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/roltrap_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[We laten de auto achter op de parkeerplaats die tevens fungeert als dak van het winkelcentrum en gaan met de roltrap naar beneden. Het ruikt heerlijk binnen.<!--more--> Helemaal beneden zie ik een kraampje. Een medewerker van de supermarkt staat hamburgers te braden in een geweldig grote braadpan.

<strong>Niersteen</strong>
Naast mij staat mijn moeder. Mijn vader ligt in het ziekenhuis. De niersteen die hem veel pijn bezorgt gaan ze donderdag operatief verwijderen. Omdat mijn moeder geen rijbewijs heeft, heb ik aangeboden om samen met haar de wekelijkse boodschappen te gaan doen. Wij zijn op weg naar de supermarkt, wanneer we mijn oom zien staan op de andere roltrap.

<strong>Roddels en achterklap</strong>
Mijn moeder wuift naar haar oudste broer, maar hij beantwoordt haar begroeting niet. Dat verwondert me nauwelijks. Hij toont al jaren weinig interesse in zijn vier zussen en zijn jongste broer. Hij komt niet op verjaardagen of trouwerijen. Alles wat we over hem weten, vernemen we via roddels en achterklap.

<strong></strong>Ik heb hem vaker gezien in ons dorp, maar hij reageert niet op mij. Volgens mij weet hij niet wie ik ben. Ik lijk dan ook totaal niet meer op de jongen van vroeger. Maar nu ziet hij mij staan naast zijn zus. Een logische conclusie zal zijn dat ik haar zoon ben, dat jochie met de blonde krullen dat ooit wel eens bij hem bleef logeren.

<strong>Klappen</strong>
Terwijl we dichter tot elkaar komen, omdat wij langzaam afdalen, terwijl hij opstijgt, weet ik niet goed wat ik moet doen. Hij reageerde niet op mijn moeders begroeting. Ik weet wat er over hem gezegd wordt. Het is een verwende man, het lievelingetje van zijn moeder. Mijn oma heb ik nooit gekend, maar ik weet dat ze het zijn zussen en jongste broer niet gemakkelijk heeft gemaakt. Mijn moeder was de oudste dochter en plaatste zichzelf altijd tussen haar moeder en de rest van het gezin. Zij ving de klappen op, mentaal en fysiek. Later heeft ze daar nooit veel waardering voor gekregen. Ze had haar werk te goed gedaan en haar zusjes en jongere broer zo goed verdedigd, dat zij niet konden geloven dat zij vroeger de klappen voor hen heeft opgevangen.

<strong>IJdel</strong>
Mijn oom deed daarentegen wat hij maar wilde, zijn moeder vond het allemaal goed. Zolang hij werd verwend keek hij ook niet om naar zijn broers en zussen. Nu hij oud is doet hij dat nog altijd niet. Eigenlijk begrijp ik niet goed waarom mijn moeder naar hem zwaait. Verdient hij het? Ik vind van niet. Daarom weet ik mijzelf geen houding te geven op die roltrap en dat terwijl het eigenlijk niet zozeer mijn eigen geschiedenis is.

Pas als hij heel dichtbij is zie ik dat mijn oom mijn moeder eindelijk herkent. Ze wuift nog eens. Hij knikt naar haar en kijkt in het passeren nog even naar mij. Dan is het moment alweer voorbij. Mijn moeder vraagt zich hardop af waarom hij pas laat op haar aanwezigheid reageerde. Ik zeg dat hij misschien een bril nodig heeft, maar dat hij te ijdel is om er een te dragen.

<strong>Mijn vader</strong>
'Het is goed dat je vader er niet bij is,' zegt mijn moeder wanneer we beneden zijn. Wat had mijn vader dan anders had gedaan dan ik? Had hij mijn oom straal genegeerd? Had hij hem vuil aangekeken? 'Waarom is het goed dat hij er niet bij is?' vraag ik.

'Je vader had de verleiding zeker niet kunnen weerstaan om hier een hamburger te kopen,' zegt ze.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/kapten/" target="_blank">Björn Söderqvist</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Doo-bee-doo-bee-doo-bah!</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/19/phineas-ferb-doofenschmirtz-agent-perry-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/19/phineas-ferb-doofenschmirtz-agent-perry-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 19 Nov 2011 17:05:30 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[tv]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[agent p]]></category>
		<category><![CDATA[doofenschmirtz]]></category>
		<category><![CDATA[ferb]]></category>
		<category><![CDATA[perry]]></category>
		<category><![CDATA[phineas]]></category>
		<category><![CDATA[phineas and ferb]]></category>
		<category><![CDATA[televisie]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>
		<category><![CDATA[vogelbekdier]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33765</guid>
		<description><![CDATA[Bijna dagelijks horen we dat deuntje door de boxen van onze computer schallen. 'Doo-bee-doo-bee-doo-bah!' Wessel zoekt het op. Het is een filmpje op Youtube over het vogelbekdier Perry.<!--more--> Wanneer het liedje begint staat onze zoon meteen op om mee te zingen. Hij kent de tekst van buiten, maar dat vind ik ook wel logisch, want hij bekijkt dat filmpje tot vervelens toe. Het is inmiddels zo ver dat ik het ook al kan meezingen. Tijdens het avondeten kan het zomaar gebeuren dat ik het begin te zingen: 'Doo-bee-doo-bee-doo-bah, doo-bee-doo-bee-doo-bah!'. Dan vult Wessel mij aan: '<a title="Perry, het vogelbekdier" href="http://youtu.be/Q_67IlEA_6Q" target="_blank">Perry! Hij is geheim agent</a>, een vogelbekdier in actie!'

<strong>Agent P.</strong>
Een aantal van jullie zal dit lezen en denken: 'Werner, leg het eens uit, wat is hier aan de hand?' Voor een niet te bevatten hoeveelheid lezers zal dat niet gelden, die weten precies waar ik het over heb, die zitten nu ook met dat deuntje in hun hoofd. Het muziekje hoort bij Agent P., het huisdier van het tekenfilmduo Phineas en Ferb dat eigenlijk Perry heet. Maar Perry is ook een geheim agent. Elke aflevering gaat hij de confrontatie aan met de boosaardige Dr. Heinz Doofenshmirtz. Iedereen die de serie kent zit nu te gniffelen, alle anderen kijken daarentegen precies zoals ik in het begin ook keek bij terwijl mijn zoon mij vertelde over zijn favoriete tekenfilmhelden: 'Ja, nou en? Boeien!'

<strong>Tuinkabouter</strong>
Inmiddels ben ik helemaal om: ik ben fan. Dat komt vooral door <a title="Compilatie van Doofenschmirtz zijn beste momenten" href="http://youtu.be/j78uLHJkoco" target="_blank">Dr. Doofenshmirtz</a>. Hij is de slechterik, maar daar kan hij ook niets aan doen, het komt door zijn opvoeding. Zijn ouders hebben hem bijvoorbeeld tijdenlang aangekleed als <a title="Bewegen Sie Nicht!" href="http://youtu.be/wGBnnelBzKs" target="_blank">tuinkabouter</a> in de voortuin gezet. Ze namen allebei niet eens de moeite om aanwezig te zijn bij zijn geboorte. Geef toe: daar word je wel slecht van. Om wraak te nemen op alles en iedereen, bouwt hij elke aflevering een vreemdsoortig apparaat. Alle machines hebben een naam die eindigt op 'inator'. Dat is een terugkerende grap in ons gezin geworden: om elk apparaat, verzonnen of bestaand, met een dik aangezet Duits accent een 'inator' te noemen. Zoals de troepopzuiginator (stofzuiger) of de frietopwarminator (frituurpan).

<strong>Eekhoorn in je broek</strong>
Dat gaat ongeveer zo. Ik met Duits accent: 'Ik stop dit wel in onze bestekschoonpoetsinator (vaatwasser)!' Waarop Myrthe roept: 'Jij bent niet Doktor Doofenshmirtz!' Waarop ik begin te zingen: 'Doo-bee-doo-bee-doo-bah! Myrthe, ze is geheim agent, een kleine meid in actie.' Dan wordt Myrthe boos en neemt Wessel het voor haar op: 'Nééhéé, dat is het liedje van Perry.' Vervolgens zingt hij het gehele thema, waar Myrthe dan al helemaal geen zin meer in heeft, waarop ik weer tegen haar begin te zingen: 'Zeg, waarom stel jij je aan?' Wessel begint dan automatisch te zingen dat Myrthe een eekhoorn in haar broek heeft. Dat is ook een liedje van Phineas and Ferb: '<a title="Eekhoorn in mijn broek" href="http://youtu.be/mbL5cIF7HwM" target="_blank">Eekhoorn in je broek</a>.' De eerste keer dat ik dat liedje hoorde vond ik het toch wel een erg merkwaardige tekst.

<strong>Dwars door de tweede dimensie</strong>
Maar goed. Morgen is het grote moment voor alle Phineas and Ferb fans! Dan zitten ze om negen uur in de ochtend voor de televisie. De film die eigenlijk in de zomer al in de bioscopen had moeten draaien, wordt dan gewoon op televisie uitgezonden door Disney XD: 'Phineas and Ferb dwars door de tweede dimensie'. Wessel heeft het er al maanden over. Elk voorstukje dat hij van de film op YouTube kon vinden heeft hij bekeken. Reken maar dat die kleine jongen voor de televisie zal zitten. Ik laat mijn uitslaapochtendje voor wat het is en schuif lekker aan. Phineas and Ferb zijn vet gaaf, vooral vanwege die gekke Dr. Doofenshmirtz.

'Doo-bee-doo-bee-doo-bah!'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/lorenjavier/" target="_blank">Loren Javier</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Bijna dagelijks horen we dat deuntje door de boxen van onze computer schallen. &#8216;Doo-bee-doo-bee-doo-bah!&#8217; Wessel zoekt het op. Het is een filmpje op Youtube over het vogelbekdier Perry.<span id="more-33765"></span> Wanneer het liedje begint staat onze zoon meteen op om mee te zingen. Hij kent de tekst van buiten, maar dat vind ik ook wel logisch, want hij bekijkt dat filmpje tot vervelens toe. Het is inmiddels zo ver dat ik het ook al kan meezingen. Tijdens het avondeten kan het zomaar gebeuren dat ik het begin te zingen: &#8216;Doo-bee-doo-bee-doo-bah, doo-bee-doo-bee-doo-bah!&#8217;. Dan vult Wessel mij aan: &#8216;<a title="Perry, het vogelbekdier" href="http://youtu.be/Q_67IlEA_6Q" target="_blank">Perry! Hij is geheim agent</a>, een vogelbekdier in actie!&#8217;</p>
<p><strong>Agent P.</strong><br />
Een aantal van jullie zal dit lezen en denken: &#8216;Werner, leg het eens uit, wat is hier aan de hand?&#8217; Voor een niet te bevatten hoeveelheid lezers zal dat niet gelden, die weten precies waar ik het over heb, die zitten nu ook met dat deuntje in hun hoofd. Het muziekje hoort bij Agent P., het huisdier van het tekenfilmduo Phineas en Ferb dat eigenlijk Perry heet. Maar Perry is ook een geheim agent. Elke aflevering gaat hij de confrontatie aan met de boosaardige Dr. Heinz Doofenshmirtz. Iedereen die de serie kent zit nu te gniffelen, alle anderen kijken daarentegen precies zoals ik in het begin ook keek bij terwijl mijn zoon mij vertelde over zijn favoriete tekenfilmhelden: &#8216;Ja, nou en? Boeien!&#8217;</p>
<p><strong>Tuinkabouter</strong><br />
Inmiddels ben ik helemaal om: ik ben fan. Dat komt vooral door <a title="Compilatie van Doofenschmirtz zijn beste momenten" href="http://youtu.be/j78uLHJkoco" target="_blank">Dr. Doofenshmirtz</a>. Hij is de slechterik, maar daar kan hij ook niets aan doen, het komt door zijn opvoeding. Zijn ouders hebben hem bijvoorbeeld tijdenlang aangekleed als <a title="Bewegen Sie Nicht!" href="http://youtu.be/wGBnnelBzKs" target="_blank">tuinkabouter</a> in de voortuin gezet. Ze namen allebei niet eens de moeite om aanwezig te zijn bij zijn geboorte. Geef toe: daar word je wel slecht van. Om wraak te nemen op alles en iedereen, bouwt hij elke aflevering een vreemdsoortig apparaat. Alle machines hebben een naam die eindigt op &#8216;inator&#8217;. Dat is een terugkerende grap in ons gezin geworden: om elk apparaat, verzonnen of bestaand, met een dik aangezet Duits accent een &#8216;inator&#8217; te noemen. Zoals de troepopzuiginator (stofzuiger) of de frietopwarminator (frituurpan).</p>
<p><strong>Eekhoorn in je broek</strong><br />
Dat gaat ongeveer zo. Ik met Duits accent: &#8216;Ik stop dit wel in onze bestekschoonpoetsinator (vaatwasser)!&#8217; Waarop Myrthe roept: &#8216;Jij bent niet Doktor Doofenshmirtz!&#8217; Waarop ik begin te zingen: &#8216;Doo-bee-doo-bee-doo-bah! Myrthe, ze is geheim agent, een kleine meid in actie.&#8217; Dan wordt Myrthe boos en neemt Wessel het voor haar op: &#8216;Nééhéé, dat is het liedje van Perry.&#8217; Vervolgens zingt hij het gehele thema, waar Myrthe dan al helemaal geen zin meer in heeft, waarop ik weer tegen haar begin te zingen: &#8216;Zeg, waarom stel jij je aan?&#8217; Wessel begint dan automatisch te zingen dat Myrthe een eekhoorn in haar broek heeft. Dat is ook een liedje van Phineas and Ferb: &#8216;<a title="Eekhoorn in mijn broek" href="http://youtu.be/mbL5cIF7HwM" target="_blank">Eekhoorn in je broek</a>.&#8217; De eerste keer dat ik dat liedje hoorde vond ik het toch wel een erg merkwaardige tekst.</p>
<p><strong>Dwars door de tweede dimensie</strong><br />
Maar goed. Morgen is het grote moment voor alle Phineas and Ferb fans! Dan zitten ze om negen uur in de ochtend voor de televisie. De film die eigenlijk in de zomer al in de bioscopen had moeten draaien, wordt dan gewoon op televisie uitgezonden door Disney XD: &#8216;Phineas and Ferb dwars door de tweede dimensie&#8217;. Wessel heeft het er al maanden over. Elk voorstukje dat hij van de film op YouTube kon vinden heeft hij bekeken. Reken maar dat die kleine jongen voor de televisie zal zitten. Ik laat mijn uitslaapochtendje voor wat het is en schuif lekker aan. Phineas and Ferb zijn vet gaaf, vooral vanwege die gekke Dr. Doofenshmirtz.</p>
<p>&#8216;Doo-bee-doo-bee-doo-bah!&#8217;</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/lorenjavier/" target="_blank">Loren Javier</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/19/phineas-ferb-doofenschmirtz-agent-perry-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>10</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/doofenschmirtz_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Bijna dagelijks horen we dat deuntje door de boxen van onze computer schallen. 'Doo-bee-doo-bee-doo-bah!' Wessel zoekt het op. Het is een filmpje op Youtube over het vogelbekdier Perry.<!--more--> Wanneer het liedje begint staat onze zoon meteen op om mee te zingen. Hij kent de tekst van buiten, maar dat vind ik ook wel logisch, want hij bekijkt dat filmpje tot vervelens toe. Het is inmiddels zo ver dat ik het ook al kan meezingen. Tijdens het avondeten kan het zomaar gebeuren dat ik het begin te zingen: 'Doo-bee-doo-bee-doo-bah, doo-bee-doo-bee-doo-bah!'. Dan vult Wessel mij aan: '<a title="Perry, het vogelbekdier" href="http://youtu.be/Q_67IlEA_6Q" target="_blank">Perry! Hij is geheim agent</a>, een vogelbekdier in actie!'

<strong>Agent P.</strong>
Een aantal van jullie zal dit lezen en denken: 'Werner, leg het eens uit, wat is hier aan de hand?' Voor een niet te bevatten hoeveelheid lezers zal dat niet gelden, die weten precies waar ik het over heb, die zitten nu ook met dat deuntje in hun hoofd. Het muziekje hoort bij Agent P., het huisdier van het tekenfilmduo Phineas en Ferb dat eigenlijk Perry heet. Maar Perry is ook een geheim agent. Elke aflevering gaat hij de confrontatie aan met de boosaardige Dr. Heinz Doofenshmirtz. Iedereen die de serie kent zit nu te gniffelen, alle anderen kijken daarentegen precies zoals ik in het begin ook keek bij terwijl mijn zoon mij vertelde over zijn favoriete tekenfilmhelden: 'Ja, nou en? Boeien!'

<strong>Tuinkabouter</strong>
Inmiddels ben ik helemaal om: ik ben fan. Dat komt vooral door <a title="Compilatie van Doofenschmirtz zijn beste momenten" href="http://youtu.be/j78uLHJkoco" target="_blank">Dr. Doofenshmirtz</a>. Hij is de slechterik, maar daar kan hij ook niets aan doen, het komt door zijn opvoeding. Zijn ouders hebben hem bijvoorbeeld tijdenlang aangekleed als <a title="Bewegen Sie Nicht!" href="http://youtu.be/wGBnnelBzKs" target="_blank">tuinkabouter</a> in de voortuin gezet. Ze namen allebei niet eens de moeite om aanwezig te zijn bij zijn geboorte. Geef toe: daar word je wel slecht van. Om wraak te nemen op alles en iedereen, bouwt hij elke aflevering een vreemdsoortig apparaat. Alle machines hebben een naam die eindigt op 'inator'. Dat is een terugkerende grap in ons gezin geworden: om elk apparaat, verzonnen of bestaand, met een dik aangezet Duits accent een 'inator' te noemen. Zoals de troepopzuiginator (stofzuiger) of de frietopwarminator (frituurpan).

<strong>Eekhoorn in je broek</strong>
Dat gaat ongeveer zo. Ik met Duits accent: 'Ik stop dit wel in onze bestekschoonpoetsinator (vaatwasser)!' Waarop Myrthe roept: 'Jij bent niet Doktor Doofenshmirtz!' Waarop ik begin te zingen: 'Doo-bee-doo-bee-doo-bah! Myrthe, ze is geheim agent, een kleine meid in actie.' Dan wordt Myrthe boos en neemt Wessel het voor haar op: 'Nééhéé, dat is het liedje van Perry.' Vervolgens zingt hij het gehele thema, waar Myrthe dan al helemaal geen zin meer in heeft, waarop ik weer tegen haar begin te zingen: 'Zeg, waarom stel jij je aan?' Wessel begint dan automatisch te zingen dat Myrthe een eekhoorn in haar broek heeft. Dat is ook een liedje van Phineas and Ferb: '<a title="Eekhoorn in mijn broek" href="http://youtu.be/mbL5cIF7HwM" target="_blank">Eekhoorn in je broek</a>.' De eerste keer dat ik dat liedje hoorde vond ik het toch wel een erg merkwaardige tekst.

<strong>Dwars door de tweede dimensie</strong>
Maar goed. Morgen is het grote moment voor alle Phineas and Ferb fans! Dan zitten ze om negen uur in de ochtend voor de televisie. De film die eigenlijk in de zomer al in de bioscopen had moeten draaien, wordt dan gewoon op televisie uitgezonden door Disney XD: 'Phineas and Ferb dwars door de tweede dimensie'. Wessel heeft het er al maanden over. Elk voorstukje dat hij van de film op YouTube kon vinden heeft hij bekeken. Reken maar dat die kleine jongen voor de televisie zal zitten. Ik laat mijn uitslaapochtendje voor wat het is en schuif lekker aan. Phineas and Ferb zijn vet gaaf, vooral vanwege die gekke Dr. Doofenshmirtz.

'Doo-bee-doo-bee-doo-bah!'

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/lorenjavier/" target="_blank">Loren Javier</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Contouren op het asfalt</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/17/ongeluk-slachtoffer-aanrijding-sporenonderzoek-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/17/ongeluk-slachtoffer-aanrijding-sporenonderzoek-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 17 Nov 2011 13:15:02 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[aanrijding]]></category>
		<category><![CDATA[boxtel]]></category>
		<category><![CDATA[studente]]></category>
		<category><![CDATA[tilburg]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33672</guid>
		<description><![CDATA[Een studente uit Boxtel is overleden nadat ze in het centrum van Tilburg werd aangereden. Ze stak over op haar fiets en werd geramd door een auto.<!--more--> Er wordt gezegd dat de negentienjarige automobilist veel te hard reed. Ik hoorde vandaag praten over een apparaat langs de weg dat de snelheid meet, en dat er jongeren zijn die proberen met een zo hoog mogelijke snelheid langs dat kastje te rijden. Er wordt zoveel gezegd, zeker nadat er zo schokkend een eind is gekomen aan het leven van een jonge vrouw, tweeëntwintig was ze.

<strong>Machteloos</strong>
Ik las woensdagochtend tijdens mijn ontbijt over het dramatische ongeval op de website van <a title="Omroep Brabant" href="http://www.omroepbrabant.nl/?news/1648471193/Fietsster+doodgereden+op+Stadhuisplein+Tilburg.aspx" target="_blank">Omroep Brabant</a>, vlak voordat ik op de fiets zou stappen. Op de foto zag ik de verlichting van de schouwburg. Rechts op het plaatje stond de kerk als een donkere vlek met een oranje waas er omheen. In het midden zag ik twee gele ambulances en een drietal politiewagens, die als een soort van cordon sanitaire rondom het lichaam stonden, dat dan ook niet zichtbaar was voor de man die de foto afdrukte. Wel zag ik mensen in uniform. Ze stonden er machteloos bij.

<strong>Lijnen op het asfalt</strong>
Op de plek waar het meisje werd doodgereden fiets ik dagelijks, zo ook vanochtend. Bijna aan het eind van mijn rit, reed ik langs de schouwburg. Ik keek over mijn rechterschouder en zag de verlichte ramen, zoals ze op de foto stonden, maar nu levensecht. Ineens was alles wat ik zag het decor van dat vreselijke ongeluk. In de verte zag ik glinsteringen op de weg: glassplinters, minuscule brokstukken die elk een herinnering vormden aan het moment waarop ze werd geraakt. Maar wat mij het meest schokte waren gele strepen op het asfalt, de omlijning van dat gesneuvelde lichaam, afgebeeld op een manier die je kent uit misdaadfilms.

<strong>Strafrechtelijk onderzoek</strong>
Natuurlijk moest alles worden onderzocht. De weg werd afgezet. Rondom de plek van het ongeval werden hekken geplaatst, met zwarte doeken. Binnen die beschermde zone werden merktekens geplaatst op het asfalt. De afstand tussen het begin en het eind van het remspoor werd bepaald. Alle gegevens die nodig waren om het ongeluk te reconstrueren werden verzameld. Allemaal noodzakelijke gegevens voor het strafrechtelijk onderzoek. Als het ongeluk werd veroorzaakt door onverantwoord rijgedrag, dan moet dat worden bestraft. Maar was het nou echt nodig om het wegdek zo achter te laten?

<strong>Bloemen</strong>
Vanmiddag reed ik weer langs die plek en ik zag bloemen aan de kant van de weg. De bossen waren met touw aan een lantaarnpaal vastgebonden. Ik zag mensen stilstaan op de hoek van de weg. Een meisje met roodomrande ogen stapte voor mijn fiets, ik kon haar net ontwijken. Ze liep naar het asfalt, waarop de gele lijnen nog altijd zichtbaar waren. Hoe onmenselijk wreed moet het zijn om daar te staan als kennis of familie van die vrouw. Om te zien waar ze heeft gelegen, terwijl de auto's voorbij blijven komen en er telkens weer wielen rollen over het contour van gele lijnen.

Het is om ziek van te worden en dat terwijl ik dat meisje nooit heb gekend. Het besef dat alles onverbiddelijk doorgaat, terwijl het leven eigenlijk stil zou moeten blijven staan.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/samfelder/" target="_blank">Sam Felder</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Een studente uit Boxtel is overleden nadat ze in het centrum van Tilburg werd aangereden. Ze stak over op haar fiets en werd geramd door een auto.<span id="more-33672"></span> Er wordt gezegd dat de negentienjarige automobilist veel te hard reed. Ik hoorde vandaag praten over een apparaat langs de weg dat de snelheid meet, en dat er jongeren zijn die proberen met een zo hoog mogelijke snelheid langs dat kastje te rijden. Er wordt zoveel gezegd, zeker nadat er zo schokkend een eind is gekomen aan het leven van een jonge vrouw, tweeëntwintig was ze.</p>
<p><strong>Machteloos</strong><br />
Ik las woensdagochtend tijdens mijn ontbijt over het dramatische ongeval op de website van <a title="Omroep Brabant" href="http://www.omroepbrabant.nl/?news/1648471193/Fietsster+doodgereden+op+Stadhuisplein+Tilburg.aspx" target="_blank">Omroep Brabant</a>, vlak voordat ik op de fiets zou stappen. Op de foto zag ik de verlichting van de schouwburg. Rechts op het plaatje stond de kerk als een donkere vlek met een oranje waas er omheen. In het midden zag ik twee gele ambulances en een drietal politiewagens, die als een soort van cordon sanitaire rondom het lichaam stonden, dat dan ook niet zichtbaar was voor de man die de foto afdrukte. Wel zag ik mensen in uniform. Ze stonden er machteloos bij.</p>
<p><strong>Lijnen op het asfalt</strong><br />
Op de plek waar het meisje werd doodgereden fiets ik dagelijks, zo ook vanochtend. Bijna aan het eind van mijn rit, reed ik langs de schouwburg. Ik keek over mijn rechterschouder en zag de verlichte ramen, zoals ze op de foto stonden, maar nu levensecht. Ineens was alles wat ik zag het decor van dat vreselijke ongeluk. In de verte zag ik glinsteringen op de weg: glassplinters, minuscule brokstukken die elk een herinnering vormden aan het moment waarop ze werd geraakt. Maar wat mij het meest schokte waren gele strepen op het asfalt, de omlijning van dat gesneuvelde lichaam, afgebeeld op een manier die je kent uit misdaadfilms.</p>
<p><strong>Strafrechtelijk onderzoek</strong><br />
Natuurlijk moest alles worden onderzocht. De weg werd afgezet. Rondom de plek van het ongeval werden hekken geplaatst, met zwarte doeken. Binnen die beschermde zone werden merktekens geplaatst op het asfalt. De afstand tussen het begin en het eind van het remspoor werd bepaald. Alle gegevens die nodig waren om het ongeluk te reconstrueren werden verzameld. Allemaal noodzakelijke gegevens voor het strafrechtelijk onderzoek. Als het ongeluk werd veroorzaakt door onverantwoord rijgedrag, dan moet dat worden bestraft. Maar was het nou echt nodig om het wegdek zo achter te laten?</p>
<p><strong>Bloemen</strong><br />
Vanmiddag reed ik weer langs die plek en ik zag bloemen aan de kant van de weg. De bossen waren met touw aan een lantaarnpaal vastgebonden. Ik zag mensen stilstaan op de hoek van de weg. Een meisje met roodomrande ogen stapte voor mijn fiets, ik kon haar net ontwijken. Ze liep naar het asfalt, waarop de gele lijnen nog altijd zichtbaar waren. Hoe onmenselijk wreed moet het zijn om daar te staan als kennis of familie van die vrouw. Om te zien waar ze heeft gelegen, terwijl de auto&#8217;s voorbij blijven komen en er telkens weer wielen rollen over het contour van gele lijnen.</p>
<p>Het is om ziek van te worden en dat terwijl ik dat meisje nooit heb gekend. Het besef dat alles onverbiddelijk doorgaat, terwijl het leven eigenlijk stil zou moeten blijven staan.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/samfelder/" target="_blank">Sam Felder</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/17/ongeluk-slachtoffer-aanrijding-sporenonderzoek-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/asfaltbloem_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Een studente uit Boxtel is overleden nadat ze in het centrum van Tilburg werd aangereden. Ze stak over op haar fiets en werd geramd door een auto.<!--more--> Er wordt gezegd dat de negentienjarige automobilist veel te hard reed. Ik hoorde vandaag praten over een apparaat langs de weg dat de snelheid meet, en dat er jongeren zijn die proberen met een zo hoog mogelijke snelheid langs dat kastje te rijden. Er wordt zoveel gezegd, zeker nadat er zo schokkend een eind is gekomen aan het leven van een jonge vrouw, tweeëntwintig was ze.

<strong>Machteloos</strong>
Ik las woensdagochtend tijdens mijn ontbijt over het dramatische ongeval op de website van <a title="Omroep Brabant" href="http://www.omroepbrabant.nl/?news/1648471193/Fietsster+doodgereden+op+Stadhuisplein+Tilburg.aspx" target="_blank">Omroep Brabant</a>, vlak voordat ik op de fiets zou stappen. Op de foto zag ik de verlichting van de schouwburg. Rechts op het plaatje stond de kerk als een donkere vlek met een oranje waas er omheen. In het midden zag ik twee gele ambulances en een drietal politiewagens, die als een soort van cordon sanitaire rondom het lichaam stonden, dat dan ook niet zichtbaar was voor de man die de foto afdrukte. Wel zag ik mensen in uniform. Ze stonden er machteloos bij.

<strong>Lijnen op het asfalt</strong>
Op de plek waar het meisje werd doodgereden fiets ik dagelijks, zo ook vanochtend. Bijna aan het eind van mijn rit, reed ik langs de schouwburg. Ik keek over mijn rechterschouder en zag de verlichte ramen, zoals ze op de foto stonden, maar nu levensecht. Ineens was alles wat ik zag het decor van dat vreselijke ongeluk. In de verte zag ik glinsteringen op de weg: glassplinters, minuscule brokstukken die elk een herinnering vormden aan het moment waarop ze werd geraakt. Maar wat mij het meest schokte waren gele strepen op het asfalt, de omlijning van dat gesneuvelde lichaam, afgebeeld op een manier die je kent uit misdaadfilms.

<strong>Strafrechtelijk onderzoek</strong>
Natuurlijk moest alles worden onderzocht. De weg werd afgezet. Rondom de plek van het ongeval werden hekken geplaatst, met zwarte doeken. Binnen die beschermde zone werden merktekens geplaatst op het asfalt. De afstand tussen het begin en het eind van het remspoor werd bepaald. Alle gegevens die nodig waren om het ongeluk te reconstrueren werden verzameld. Allemaal noodzakelijke gegevens voor het strafrechtelijk onderzoek. Als het ongeluk werd veroorzaakt door onverantwoord rijgedrag, dan moet dat worden bestraft. Maar was het nou echt nodig om het wegdek zo achter te laten?

<strong>Bloemen</strong>
Vanmiddag reed ik weer langs die plek en ik zag bloemen aan de kant van de weg. De bossen waren met touw aan een lantaarnpaal vastgebonden. Ik zag mensen stilstaan op de hoek van de weg. Een meisje met roodomrande ogen stapte voor mijn fiets, ik kon haar net ontwijken. Ze liep naar het asfalt, waarop de gele lijnen nog altijd zichtbaar waren. Hoe onmenselijk wreed moet het zijn om daar te staan als kennis of familie van die vrouw. Om te zien waar ze heeft gelegen, terwijl de auto's voorbij blijven komen en er telkens weer wielen rollen over het contour van gele lijnen.

Het is om ziek van te worden en dat terwijl ik dat meisje nooit heb gekend. Het besef dat alles onverbiddelijk doorgaat, terwijl het leven eigenlijk stil zou moeten blijven staan.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/samfelder/" target="_blank">Sam Felder</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Niet zomaar een griepje</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/15/kanker-ziek-chemo-vriend-jongen-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/15/kanker-ziek-chemo-vriend-jongen-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 15 Nov 2011 12:59:16 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Gezondheid]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[botkanker]]></category>
		<category><![CDATA[daniel den hoed]]></category>
		<category><![CDATA[kanker]]></category>
		<category><![CDATA[oncologie]]></category>
		<category><![CDATA[scouting]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>
		<category><![CDATA[vriend]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33633</guid>
		<description><![CDATA[Drie jaar geleden zat ik rond deze tijd in de auto van vriendin R. Zij stuurde ons langs de zuidkant van Rotterdam, op weg naar oncologisch centrum Daniel den Hoed.<!--more--> Het was vroeg in de avond; de zon was al onder en ik keek naar de lichtjes van de stad. Achter me zaten de zus van de patiënt en haar vriend op de achterbank. Met zijn vieren gingen we Martijn opzoeken, de jongste van de beverleiding, een echt scoutingkind dat ik in de twaalf jaar dat ik leiding gaf had zien opgroeien van zevenjarige stuiterbal tot negentienjarige gigant.

<strong>Zenuwen</strong>
Chauffeur R. reed het parkeerterrein op tegen de rijrichting in. 'Geeft niets, dat komt door de spanning,' zei ik en ik vroeg me af hoeveel mensen hier al eerder brokken maakten met hun auto, omdat ze nerveus waren voor een bezoek aan een doodziek persoon. Zelf was ik ook gespannen. Wat moet je zeggen tegen een jongen die in een gevecht is verwikkeld met de dood? Opnieuw zuchtte ik de spanning van me af, wetende dat het toch niet ging helpen. De dor geworden herfstbladeren kraakten kapot onder mijn schoenen. We liepen de helling op naar de ingang van het ziekenhuis. Het kostte me zowel mentaal als fysiek moeite om boven te komen.

<strong>Gevaarsymbool</strong>
Martijns zus wist al waar zijn kamer was. Zij liep aan kop. Ik keek in een kamer waarvan de deur openstond en zag twee verpleegsters bezig met het opruimen van beddengoed. Ze droegen beschermende kleding en stopten het gebruikte op het plastic van de zakken stond een geel gevaarsymbool. Hier kregen mensen chemotherapie, vloeibare troep. Het zweet van de patiënten kroop als een gif in de bedden. Ik wilde niets meer aanraken. Alles hier was besmet met die vreselijke, mensonterende ziekte.

<strong>Stafhok</strong>
We liepen de kamer van Martijn binnen en ineens was elke gedachte aan de dood weg. Hij zag er niet ziek uit. Het was alsof zijn ziekte maar een tijdelijke grap was, die hij zelf ook niet serieus kon nemen. We hadden lol en maakten grappen. Om de andere patiënt in zijn kamer wat rust te gunnen, namen we Martijn mee naar de koffiekamer, die we omdoopten tot ons nieuwe stafhok. Ik probeerde de boekenkast die vol stond met kinderboeken over kanker te negeren, alsook de rijdende paal met het infuus. In een hoek stond een hometrainer en daar focuste ik mij op. Nooit gedacht dat ik een hometrainer ooit nog zou zien als symbool van de overwinning van het leven op de dood.

<strong>Paracetamol</strong>
Nauwelijks twee maanden daarvoor zaten we ook zo bij elkaar, in de huiskamer van vriendin R. We zaten te vergaderen voor onze speltak bij Scouting. Martijn zei die avond dat hij zich al een tijdje niet lekker voelde. Hij had last van pijn op de borst. Een verkoudheid? Een griepje dat niet door wilde zetten? Het was vast en zeker iets dat je kon oplossen met het innemen van een paracetamol. De huisarts had ook niets ernstigs vermoed bij het horen van zijn klachten. Een jongen van die leeftijd met pijn op zijn borst. Ik had er een vervelend gevoel bij, maar hoe erg kon het zijn?

<strong>Botkanker</strong>
De pijn bleek afkomstig te zijn van zijn botten. Botkanker, het had zijn skelet op diverse plekken broos en breekbaar gemaakt. Zijn lijf was al zo kapot dat herstel niet meer mogelijk was. Daarover hoorde je niemand praten. Martijn ging het gevecht aan, een oneerlijke strijd die hij onmogelijk kon winnen. Drie dagen voordat hij twintig zou worden, kwam er een eind aan zijn leven. Wanneer ik aan hem denk, zie ik hem zoals hij was toen we voor het laatst zaten te vergaderen. Niemand van ons kon op dat moment vermoeden dat hij zo ziek kon worden als dat hij op dat moment al was.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/sbh/" target="_blank">Steve-h</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Drie jaar geleden zat ik rond deze tijd in de auto van vriendin R. Zij stuurde ons langs de zuidkant van Rotterdam, op weg naar oncologisch centrum Daniel den Hoed.<span id="more-33633"></span> Het was vroeg in de avond; de zon was al onder en ik keek naar de lichtjes van de stad. Achter me zaten de zus van de patiënt en haar vriend op de achterbank. Met zijn vieren gingen we Martijn opzoeken, de jongste van de beverleiding, een echt scoutingkind dat ik in de twaalf jaar dat ik leiding gaf had zien opgroeien van zevenjarige stuiterbal tot negentienjarige gigant.</p>
<p><strong>Zenuwen</strong><br />
Chauffeur R. reed het parkeerterrein op tegen de rijrichting in. &#8216;Geeft niets, dat komt door de spanning,&#8217; zei ik en ik vroeg me af hoeveel mensen hier al eerder brokken maakten met hun auto, omdat ze nerveus waren voor een bezoek aan een doodziek persoon. Zelf was ik ook gespannen. Wat moet je zeggen tegen een jongen die in een gevecht is verwikkeld met de dood? Opnieuw zuchtte ik de spanning van me af, wetende dat het toch niet ging helpen. De dor geworden herfstbladeren kraakten kapot onder mijn schoenen. We liepen de helling op naar de ingang van het ziekenhuis. Het kostte me zowel mentaal als fysiek moeite om boven te komen.</p>
<p><strong>Gevaarsymbool</strong><br />
Martijns zus wist al waar zijn kamer was. Zij liep aan kop. Ik keek in een kamer waarvan de deur openstond en zag twee verpleegsters bezig met het opruimen van beddengoed. Ze droegen beschermende kleding en stopten het gebruikte op het plastic van de zakken stond een geel gevaarsymbool. Hier kregen mensen chemotherapie, vloeibare troep. Het zweet van de patiënten kroop als een gif in de bedden. Ik wilde niets meer aanraken. Alles hier was besmet met die vreselijke, mensonterende ziekte.</p>
<p><strong>Stafhok</strong><br />
We liepen de kamer van Martijn binnen en ineens was elke gedachte aan de dood weg. Hij zag er niet ziek uit. Het was alsof zijn ziekte maar een tijdelijke grap was, die hij zelf ook niet serieus kon nemen. We hadden lol en maakten grappen. Om de andere patiënt in zijn kamer wat rust te gunnen, namen we Martijn mee naar de koffiekamer, die we omdoopten tot ons nieuwe stafhok. Ik probeerde de boekenkast die vol stond met kinderboeken over kanker te negeren, alsook de rijdende paal met het infuus. In een hoek stond een hometrainer en daar focuste ik mij op. Nooit gedacht dat ik een hometrainer ooit nog zou zien als symbool van de overwinning van het leven op de dood.</p>
<p><strong>Paracetamol</strong><br />
Nauwelijks twee maanden daarvoor zaten we ook zo bij elkaar, in de huiskamer van vriendin R. We zaten te vergaderen voor onze speltak bij Scouting. Martijn zei die avond dat hij zich al een tijdje niet lekker voelde. Hij had last van pijn op de borst. Een verkoudheid? Een griepje dat niet door wilde zetten? Het was vast en zeker iets dat je kon oplossen met het innemen van een paracetamol. De huisarts had ook niets ernstigs vermoed bij het horen van zijn klachten. Een jongen van die leeftijd met pijn op zijn borst. Ik had er een vervelend gevoel bij, maar hoe erg kon het zijn?</p>
<p><strong>Botkanker</strong><br />
De pijn bleek afkomstig te zijn van zijn botten. Botkanker, het had zijn skelet op diverse plekken broos en breekbaar gemaakt. Zijn lijf was al zo kapot dat herstel niet meer mogelijk was. Daarover hoorde je niemand praten. Martijn ging het gevecht aan, een oneerlijke strijd die hij onmogelijk kon winnen. Drie dagen voordat hij twintig zou worden, kwam er een eind aan zijn leven. Wanneer ik aan hem denk, zie ik hem zoals hij was toen we voor het laatst zaten te vergaderen. Niemand van ons kon op dat moment vermoeden dat hij zo ziek kon worden als dat hij op dat moment al was.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/sbh/" target="_blank">Steve-h</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/15/kanker-ziek-chemo-vriend-jongen-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>9</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/blaadje_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Drie jaar geleden zat ik rond deze tijd in de auto van vriendin R. Zij stuurde ons langs de zuidkant van Rotterdam, op weg naar oncologisch centrum Daniel den Hoed.<!--more--> Het was vroeg in de avond; de zon was al onder en ik keek naar de lichtjes van de stad. Achter me zaten de zus van de patiënt en haar vriend op de achterbank. Met zijn vieren gingen we Martijn opzoeken, de jongste van de beverleiding, een echt scoutingkind dat ik in de twaalf jaar dat ik leiding gaf had zien opgroeien van zevenjarige stuiterbal tot negentienjarige gigant.

<strong>Zenuwen</strong>
Chauffeur R. reed het parkeerterrein op tegen de rijrichting in. 'Geeft niets, dat komt door de spanning,' zei ik en ik vroeg me af hoeveel mensen hier al eerder brokken maakten met hun auto, omdat ze nerveus waren voor een bezoek aan een doodziek persoon. Zelf was ik ook gespannen. Wat moet je zeggen tegen een jongen die in een gevecht is verwikkeld met de dood? Opnieuw zuchtte ik de spanning van me af, wetende dat het toch niet ging helpen. De dor geworden herfstbladeren kraakten kapot onder mijn schoenen. We liepen de helling op naar de ingang van het ziekenhuis. Het kostte me zowel mentaal als fysiek moeite om boven te komen.

<strong>Gevaarsymbool</strong>
Martijns zus wist al waar zijn kamer was. Zij liep aan kop. Ik keek in een kamer waarvan de deur openstond en zag twee verpleegsters bezig met het opruimen van beddengoed. Ze droegen beschermende kleding en stopten het gebruikte op het plastic van de zakken stond een geel gevaarsymbool. Hier kregen mensen chemotherapie, vloeibare troep. Het zweet van de patiënten kroop als een gif in de bedden. Ik wilde niets meer aanraken. Alles hier was besmet met die vreselijke, mensonterende ziekte.

<strong>Stafhok</strong>
We liepen de kamer van Martijn binnen en ineens was elke gedachte aan de dood weg. Hij zag er niet ziek uit. Het was alsof zijn ziekte maar een tijdelijke grap was, die hij zelf ook niet serieus kon nemen. We hadden lol en maakten grappen. Om de andere patiënt in zijn kamer wat rust te gunnen, namen we Martijn mee naar de koffiekamer, die we omdoopten tot ons nieuwe stafhok. Ik probeerde de boekenkast die vol stond met kinderboeken over kanker te negeren, alsook de rijdende paal met het infuus. In een hoek stond een hometrainer en daar focuste ik mij op. Nooit gedacht dat ik een hometrainer ooit nog zou zien als symbool van de overwinning van het leven op de dood.

<strong>Paracetamol</strong>
Nauwelijks twee maanden daarvoor zaten we ook zo bij elkaar, in de huiskamer van vriendin R. We zaten te vergaderen voor onze speltak bij Scouting. Martijn zei die avond dat hij zich al een tijdje niet lekker voelde. Hij had last van pijn op de borst. Een verkoudheid? Een griepje dat niet door wilde zetten? Het was vast en zeker iets dat je kon oplossen met het innemen van een paracetamol. De huisarts had ook niets ernstigs vermoed bij het horen van zijn klachten. Een jongen van die leeftijd met pijn op zijn borst. Ik had er een vervelend gevoel bij, maar hoe erg kon het zijn?

<strong>Botkanker</strong>
De pijn bleek afkomstig te zijn van zijn botten. Botkanker, het had zijn skelet op diverse plekken broos en breekbaar gemaakt. Zijn lijf was al zo kapot dat herstel niet meer mogelijk was. Daarover hoorde je niemand praten. Martijn ging het gevecht aan, een oneerlijke strijd die hij onmogelijk kon winnen. Drie dagen voordat hij twintig zou worden, kwam er een eind aan zijn leven. Wanneer ik aan hem denk, zie ik hem zoals hij was toen we voor het laatst zaten te vergaderen. Niemand van ons kon op dat moment vermoeden dat hij zo ziek kon worden als dat hij op dat moment al was.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/sbh/" target="_blank">Steve-h</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Niet alle namen kunnen samen</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/12/namen-tweede-kind-naam-verzinnen-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/12/namen-tweede-kind-naam-verzinnen-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 12 Nov 2011 17:05:20 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[kindernaam]]></category>
		<category><![CDATA[kindernamen]]></category>
		<category><![CDATA[naam]]></category>
		<category><![CDATA[namen]]></category>
		<category><![CDATA[verzinnen]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33611</guid>
		<description><![CDATA[Een naam verzinnen voor je kind is een hele opgave.<!--more--> Wij hadden een lijstje met favorieten. Wanneer we een naam toevoegden aan het rijtje van vijf namen, keken we nog eens kritisch naar de andere namen en dan viel er gegarandeerd ook weer één af. Uiteindelijk bleven er bij de jongens twee namen over waaruit we konden kiezen. Als ons kind een meisje zou worden hadden we één naam beschikbaar. Het werd een jongen.

<strong>Ruben</strong>
Bij de naam Wessel had ik eigenlijk een blond kind in gedachten. De tweede jongensnaam was Ruben, dat vond ik beter passen bij een jongetje met donker haar. Ons zoontje bleek donkere haartjes te hebben, maar we waren ons al gaan hechten aan de naam Wessel, dus kreeg hij die naam. In het begin twijfelde ik nog of we hem niet beter Ruben hadden kunnen noemen, maar dat is het mooie van namen: de twijfel gaat weg, want het kind en de naam gaan steeds beter bij elkaar passen. Die twee krijg je nooit meer uit elkaar.

Maar dan komt er een tweede kind en begint het feestje van voor af aan. Opnieuw moet er een naam komen. Ik hoor wel eens van ouders dat ze bij de geboorte van een kind zowel de jongens- als de meisjesnaam afschrijven. Een eventuele tweede zal niet zo gaan heten, omdat ze  de naam nog altijd associëren met de zwangerschap van het eerste kind. Daar hadden wij geen last van. Onze favoriete meisjesnaam bleef gewoon in de running. Dat vonden we wel gemakkelijk: het verzinnen van een naam voor baby twee was zo vijftig procent eenvoudiger.

<strong>Stijlbreuk</strong>
Wanneer je op zoek gaat naar een naam voor je tweede kindje zijn er ineens zaken waar je rekening mee moet houden. Het uitzoeken van een naam is niet zo vrijblijvend meer als dat het was bij het eerste kind. Onlangs kregen wij een kaartje van Bart, het jongere broertje van Mitchell. Dat vind ik twee namen die niet zo goed bij elkaar passen. Je kunt een kindje moeilijk Anne of Eva noemen, wanneer het een zusje heeft dat Ashley of Whitney heet. In het geval van Bart en Mitchell had het een duidelijke reden: de moeder is gescheiden en haar nieuwe vriend is de vader van Bart. Blijkbaar heeft hij een heel andere smaak qua namen dan de vader van zijn stiefkind.

<strong>Henk en Ingrid</strong>
De nieuwe naam moet passen bij die van het oudere broertje of zusje, maar ook weer niet te veel. Wanneer je een Jip hebt, zul je dan het zusje Janneke noemen? Soms kun je er niets aan doen, bijvoorbeeld als zo'n associatie gemaakt wordt wanneer je kinderen al zo heten. Tegenwoordig zijn Henk en Ingrid geen populaire namen meer om aan een kind te geven, maar wat generaties geleden nog wel. Ineens was daar Geert Wilders, die het nodig vond om die namen te gebruiken voor het benoemen van de doorsnee Nederlanders. Er zullen heus mannen zijn die Henk heten en een zus hebben die Ingrid heet; sta je ineens te boek als getrouwd stel dat dagelijks de kranten haalt, wordt er van je verwacht dat je in een vinexwijk woont, dat je twee kinderen hebt en dat je op de PVV stemt. Niet grappig.

Zelfs als de namen goed bij elkaar passen zonder dat het gezapig klinkt, blijft het uitkijken. Zo kun je maar beter niet de naam Stijn als jongensnaam kiezen als je al een jongen hebt die Frank heet. De namen passen prima bij elkaar, behalve als je ze kort achter elkaar roept, bijvoorbeeld als de kinderen moeten komen eten. Toch jammer, als je er dan pas achter komt dat niet alle namen samen kunnen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/notsogoodphotography/" target="_blank">notsogoodphotography</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Een naam verzinnen voor je kind is een hele opgave.<span id="more-33611"></span> Wij hadden een lijstje met favorieten. Wanneer we een naam toevoegden aan het rijtje van vijf namen, keken we nog eens kritisch naar de andere namen en dan viel er gegarandeerd ook weer één af. Uiteindelijk bleven er bij de jongens twee namen over waaruit we konden kiezen. Als ons kind een meisje zou worden hadden we één naam beschikbaar. Het werd een jongen.</p>
<p><strong>Ruben</strong><br />
Bij de naam Wessel had ik eigenlijk een blond kind in gedachten. De tweede jongensnaam was Ruben, dat vond ik beter passen bij een jongetje met donker haar. Ons zoontje bleek donkere haartjes te hebben, maar we waren ons al gaan hechten aan de naam Wessel, dus kreeg hij die naam. In het begin twijfelde ik nog of we hem niet beter Ruben hadden kunnen noemen, maar dat is het mooie van namen: de twijfel gaat weg, want het kind en de naam gaan steeds beter bij elkaar passen. Die twee krijg je nooit meer uit elkaar.</p>
<p>Maar dan komt er een tweede kind en begint het feestje van voor af aan. Opnieuw moet er een naam komen. Ik hoor wel eens van ouders dat ze bij de geboorte van een kind zowel de jongens- als de meisjesnaam afschrijven. Een eventuele tweede zal niet zo gaan heten, omdat ze  de naam nog altijd associëren met de zwangerschap van het eerste kind. Daar hadden wij geen last van. Onze favoriete meisjesnaam bleef gewoon in de running. Dat vonden we wel gemakkelijk: het verzinnen van een naam voor baby twee was zo vijftig procent eenvoudiger.</p>
<p><strong>Stijlbreuk</strong><br />
Wanneer je op zoek gaat naar een naam voor je tweede kindje zijn er ineens zaken waar je rekening mee moet houden. Het uitzoeken van een naam is niet zo vrijblijvend meer als dat het was bij het eerste kind. Onlangs kregen wij een kaartje van Bart, het jongere broertje van Mitchell. Dat vind ik twee namen die niet zo goed bij elkaar passen. Je kunt een kindje moeilijk Anne of Eva noemen, wanneer het een zusje heeft dat Ashley of Whitney heet. In het geval van Bart en Mitchell had het een duidelijke reden: de moeder is gescheiden en haar nieuwe vriend is de vader van Bart. Blijkbaar heeft hij een heel andere smaak qua namen dan de vader van zijn stiefkind.</p>
<p><strong>Henk en Ingrid</strong><br />
De nieuwe naam moet passen bij die van het oudere broertje of zusje, maar ook weer niet te veel. Wanneer je een Jip hebt, zul je dan het zusje Janneke noemen? Soms kun je er niets aan doen, bijvoorbeeld als zo&#8217;n associatie gemaakt wordt wanneer je kinderen al zo heten. Tegenwoordig zijn Henk en Ingrid geen populaire namen meer om aan een kind te geven, maar wat generaties geleden nog wel. Ineens was daar Geert Wilders, die het nodig vond om die namen te gebruiken voor het benoemen van de doorsnee Nederlanders. Er zullen heus mannen zijn die Henk heten en een zus hebben die Ingrid heet; sta je ineens te boek als getrouwd stel dat dagelijks de kranten haalt, wordt er van je verwacht dat je in een vinexwijk woont, dat je twee kinderen hebt en dat je op de PVV stemt. Niet grappig.</p>
<p>Zelfs als de namen goed bij elkaar passen zonder dat het gezapig klinkt, blijft het uitkijken. Zo kun je maar beter niet de naam Stijn als jongensnaam kiezen als je al een jongen hebt die Frank heet. De namen passen prima bij elkaar, behalve als je ze kort achter elkaar roept, bijvoorbeeld als de kinderen moeten komen eten. Toch jammer, als je er dan pas achter komt dat niet alle namen samen kunnen.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/notsogoodphotography/" target="_blank">notsogoodphotography</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/12/namen-tweede-kind-naam-verzinnen-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>37</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/kind_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Een naam verzinnen voor je kind is een hele opgave.<!--more--> Wij hadden een lijstje met favorieten. Wanneer we een naam toevoegden aan het rijtje van vijf namen, keken we nog eens kritisch naar de andere namen en dan viel er gegarandeerd ook weer één af. Uiteindelijk bleven er bij de jongens twee namen over waaruit we konden kiezen. Als ons kind een meisje zou worden hadden we één naam beschikbaar. Het werd een jongen.

<strong>Ruben</strong>
Bij de naam Wessel had ik eigenlijk een blond kind in gedachten. De tweede jongensnaam was Ruben, dat vond ik beter passen bij een jongetje met donker haar. Ons zoontje bleek donkere haartjes te hebben, maar we waren ons al gaan hechten aan de naam Wessel, dus kreeg hij die naam. In het begin twijfelde ik nog of we hem niet beter Ruben hadden kunnen noemen, maar dat is het mooie van namen: de twijfel gaat weg, want het kind en de naam gaan steeds beter bij elkaar passen. Die twee krijg je nooit meer uit elkaar.

Maar dan komt er een tweede kind en begint het feestje van voor af aan. Opnieuw moet er een naam komen. Ik hoor wel eens van ouders dat ze bij de geboorte van een kind zowel de jongens- als de meisjesnaam afschrijven. Een eventuele tweede zal niet zo gaan heten, omdat ze  de naam nog altijd associëren met de zwangerschap van het eerste kind. Daar hadden wij geen last van. Onze favoriete meisjesnaam bleef gewoon in de running. Dat vonden we wel gemakkelijk: het verzinnen van een naam voor baby twee was zo vijftig procent eenvoudiger.

<strong>Stijlbreuk</strong>
Wanneer je op zoek gaat naar een naam voor je tweede kindje zijn er ineens zaken waar je rekening mee moet houden. Het uitzoeken van een naam is niet zo vrijblijvend meer als dat het was bij het eerste kind. Onlangs kregen wij een kaartje van Bart, het jongere broertje van Mitchell. Dat vind ik twee namen die niet zo goed bij elkaar passen. Je kunt een kindje moeilijk Anne of Eva noemen, wanneer het een zusje heeft dat Ashley of Whitney heet. In het geval van Bart en Mitchell had het een duidelijke reden: de moeder is gescheiden en haar nieuwe vriend is de vader van Bart. Blijkbaar heeft hij een heel andere smaak qua namen dan de vader van zijn stiefkind.

<strong>Henk en Ingrid</strong>
De nieuwe naam moet passen bij die van het oudere broertje of zusje, maar ook weer niet te veel. Wanneer je een Jip hebt, zul je dan het zusje Janneke noemen? Soms kun je er niets aan doen, bijvoorbeeld als zo'n associatie gemaakt wordt wanneer je kinderen al zo heten. Tegenwoordig zijn Henk en Ingrid geen populaire namen meer om aan een kind te geven, maar wat generaties geleden nog wel. Ineens was daar Geert Wilders, die het nodig vond om die namen te gebruiken voor het benoemen van de doorsnee Nederlanders. Er zullen heus mannen zijn die Henk heten en een zus hebben die Ingrid heet; sta je ineens te boek als getrouwd stel dat dagelijks de kranten haalt, wordt er van je verwacht dat je in een vinexwijk woont, dat je twee kinderen hebt en dat je op de PVV stemt. Niet grappig.

Zelfs als de namen goed bij elkaar passen zonder dat het gezapig klinkt, blijft het uitkijken. Zo kun je maar beter niet de naam Stijn als jongensnaam kiezen als je al een jongen hebt die Frank heet. De namen passen prima bij elkaar, behalve als je ze kort achter elkaar roept, bijvoorbeeld als de kinderen moeten komen eten. Toch jammer, als je er dan pas achter komt dat niet alle namen samen kunnen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/notsogoodphotography/" target="_blank">notsogoodphotography</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Kinderarbeid</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/10/kinderarbeid-kinderen-herfst-herfstbladeren-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/10/kinderarbeid-kinderen-herfst-herfstbladeren-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 10 Nov 2011 12:15:08 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[helpen]]></category>
		<category><![CDATA[herfst]]></category>
		<category><![CDATA[herfstbladeren]]></category>
		<category><![CDATA[kind]]></category>
		<category><![CDATA[tuinieren]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33505</guid>
		<description><![CDATA[‘Goed!’ Wanneer ik dat roep weet ik dat mijn tweetal kinderen naar mij luistert. Ze kijken niet op, maar hun frequentie staat nu op mij afgestemd.<!--more--> Ze weten dat er nu wat gaat komen, maar wat? ‘Wie wil mij helpen bij het opvegen van de herfstblaadjes in de tuin?’

<strong>Nintendo</strong>
Zoals verwacht springt Myrthe op. ‘Ik,’ roept ze enthousiast. Ze is een behulpzaam meisje. Haar twee jaar oudere broer zit bij de bank, met zijn knieën op de grond en zijn bovenlijf over de bank gebogen. Hij is druk bezig met zijn Nintendo en heeft geen tijd voor blaadjes. Dat mag. Eén behulpzaam kind is genoeg. Ik heb toch niet meer bezems.

We gaan naar buiten. Het is lekker warm. Wie had gedacht dat november betere dagen zou kennen dan de slechtste van de zomer? We gaan zonder jas naar buiten en halen de bezem uit de schuur. Ik pak de grashark om het droge blad uit het gras te kammen. We moeten er snel bij zijn. Als het gaat regenen vergaan de blaadjes in een pulpachtige massa, als het droog blijft verpulveren ze.

<strong>Bladkorf</strong>
Wanneer er een hoopje ligt pak ik een vuilniszak. Mijn vijfjarige assistente veegt de blaadjes op een blik en deponeert ze in de zak. Dat gaat heel goed. Als de zak vol is en de tuin redelijk opgeruimd, lopen we samen naar de hoek van de straat, waar we de herfstrotzooi kwijt kunnen in een bladkorf die daar door de gemeente is neergezet.

Dan verplaats ik de auto even naar de straat, zodat we onze oprit kunnen doen. Terwijl we bezig zijn, komt de buurvrouw kijken. Myrthe krijgt een compliment, omdat ze papa zo goed helpt. We praten wat als volwassenen onder elkaar, terwijl mijn dochter doorgaat met blaadjes vegen. Na vijf minuten besef ik dat we daar maar staan te kletsen, terwijl mijn kleine meid al het werk staat te doen.

<strong>Managementtruc</strong>
Het is een oude managementtruc. Samen met de werknemers beginnen en zodra je aan de slag bent, zorgen dat je weggeroepen wordt voor urgentere zaken. Het lijkt mijn dochter niet te deren. Ze vindt het pas vervelend wanneer ze klaar is en wij nog altijd staan te kletsen. Zij wil naar de bladkorf en dat kan alleen als ik meeloop, want ze is te klein om de blaadjes er zelf in te gooien.

Ze trekt een keer aan mijn arm, zoals je dat kunt verwachten van een kind. Ze zal zo wel beginnen met zeuren, maar nee, ze heeft iets gevonden waarmee ze zichzelf kan bezighouden. Met de vuilniszak vol blaadjes kan ze iets leuks: skippyballen. Wippend op de dikke zak hupt ze bij ons vandaan. In gedachten zie ik de naad van de plastic zak al scheuren.

<strong>Plof</strong>
‘Ik moet eigenlijk even…’ zeg ik tegen de buurvrouw, maar ze houdt niet op met praten. Pas als de plof klinkt zwijgt ze. We kijken allebei naar mijn dochter en zien haar zitten in een wolk van neerdwarrelende blaadjes, bij de voordeur van onze buurvrouw. De stoep ligt bezaaid met gekleurde herfstbladeren.

‘Ik zie het,’ zegt de buurvrouw. ‘Je moet hoognodig weer aan de slag.’ Ze glimlacht en loopt weg, in de richting van het winkelcentrum.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/flatworldsedge/" target="_blank">flatworldsedge</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>‘Goed!’ Wanneer ik dat roep weet ik dat mijn tweetal kinderen naar mij luistert. Ze kijken niet op, maar hun frequentie staat nu op mij afgestemd.<span id="more-33505"></span> Ze weten dat er nu wat gaat komen, maar wat? ‘Wie wil mij helpen bij het opvegen van de herfstblaadjes in de tuin?’</p>
<p><strong>Nintendo</strong><br />
Zoals verwacht springt Myrthe op. ‘Ik,’ roept ze enthousiast. Ze is een behulpzaam meisje. Haar twee jaar oudere broer zit bij de bank, met zijn knieën op de grond en zijn bovenlijf over de bank gebogen. Hij is druk bezig met zijn Nintendo en heeft geen tijd voor blaadjes. Dat mag. Eén behulpzaam kind is genoeg. Ik heb toch niet meer bezems.</p>
<p>We gaan naar buiten. Het is lekker warm. Wie had gedacht dat november betere dagen zou kennen dan de slechtste van de zomer? We gaan zonder jas naar buiten en halen de bezem uit de schuur. Ik pak de grashark om het droge blad uit het gras te kammen. We moeten er snel bij zijn. Als het gaat regenen vergaan de blaadjes in een pulpachtige massa, als het droog blijft verpulveren ze.</p>
<p><strong>Bladkorf</strong><br />
Wanneer er een hoopje ligt pak ik een vuilniszak. Mijn vijfjarige assistente veegt de blaadjes op een blik en deponeert ze in de zak. Dat gaat heel goed. Als de zak vol is en de tuin redelijk opgeruimd, lopen we samen naar de hoek van de straat, waar we de herfstrotzooi kwijt kunnen in een bladkorf die daar door de gemeente is neergezet.</p>
<p>Dan verplaats ik de auto even naar de straat, zodat we onze oprit kunnen doen. Terwijl we bezig zijn, komt de buurvrouw kijken. Myrthe krijgt een compliment, omdat ze papa zo goed helpt. We praten wat als volwassenen onder elkaar, terwijl mijn dochter doorgaat met blaadjes vegen. Na vijf minuten besef ik dat we daar maar staan te kletsen, terwijl mijn kleine meid al het werk staat te doen.</p>
<p><strong>Managementtruc</strong><br />
Het is een oude managementtruc. Samen met de werknemers beginnen en zodra je aan de slag bent, zorgen dat je weggeroepen wordt voor urgentere zaken. Het lijkt mijn dochter niet te deren. Ze vindt het pas vervelend wanneer ze klaar is en wij nog altijd staan te kletsen. Zij wil naar de bladkorf en dat kan alleen als ik meeloop, want ze is te klein om de blaadjes er zelf in te gooien.</p>
<p>Ze trekt een keer aan mijn arm, zoals je dat kunt verwachten van een kind. Ze zal zo wel beginnen met zeuren, maar nee, ze heeft iets gevonden waarmee ze zichzelf kan bezighouden. Met de vuilniszak vol blaadjes kan ze iets leuks: skippyballen. Wippend op de dikke zak hupt ze bij ons vandaan. In gedachten zie ik de naad van de plastic zak al scheuren.</p>
<p><strong>Plof</strong><br />
‘Ik moet eigenlijk even…’ zeg ik tegen de buurvrouw, maar ze houdt niet op met praten. Pas als de plof klinkt zwijgt ze. We kijken allebei naar mijn dochter en zien haar zitten in een wolk van neerdwarrelende blaadjes, bij de voordeur van onze buurvrouw. De stoep ligt bezaaid met gekleurde herfstbladeren.</p>
<p>‘Ik zie het,’ zegt de buurvrouw. ‘Je moet hoognodig weer aan de slag.’ Ze glimlacht en loopt weg, in de richting van het winkelcentrum.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/flatworldsedge/" target="_blank">flatworldsedge</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/10/kinderarbeid-kinderen-herfst-herfstbladeren-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>14</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/herfst2_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[‘Goed!’ Wanneer ik dat roep weet ik dat mijn tweetal kinderen naar mij luistert. Ze kijken niet op, maar hun frequentie staat nu op mij afgestemd.<!--more--> Ze weten dat er nu wat gaat komen, maar wat? ‘Wie wil mij helpen bij het opvegen van de herfstblaadjes in de tuin?’

<strong>Nintendo</strong>
Zoals verwacht springt Myrthe op. ‘Ik,’ roept ze enthousiast. Ze is een behulpzaam meisje. Haar twee jaar oudere broer zit bij de bank, met zijn knieën op de grond en zijn bovenlijf over de bank gebogen. Hij is druk bezig met zijn Nintendo en heeft geen tijd voor blaadjes. Dat mag. Eén behulpzaam kind is genoeg. Ik heb toch niet meer bezems.

We gaan naar buiten. Het is lekker warm. Wie had gedacht dat november betere dagen zou kennen dan de slechtste van de zomer? We gaan zonder jas naar buiten en halen de bezem uit de schuur. Ik pak de grashark om het droge blad uit het gras te kammen. We moeten er snel bij zijn. Als het gaat regenen vergaan de blaadjes in een pulpachtige massa, als het droog blijft verpulveren ze.

<strong>Bladkorf</strong>
Wanneer er een hoopje ligt pak ik een vuilniszak. Mijn vijfjarige assistente veegt de blaadjes op een blik en deponeert ze in de zak. Dat gaat heel goed. Als de zak vol is en de tuin redelijk opgeruimd, lopen we samen naar de hoek van de straat, waar we de herfstrotzooi kwijt kunnen in een bladkorf die daar door de gemeente is neergezet.

Dan verplaats ik de auto even naar de straat, zodat we onze oprit kunnen doen. Terwijl we bezig zijn, komt de buurvrouw kijken. Myrthe krijgt een compliment, omdat ze papa zo goed helpt. We praten wat als volwassenen onder elkaar, terwijl mijn dochter doorgaat met blaadjes vegen. Na vijf minuten besef ik dat we daar maar staan te kletsen, terwijl mijn kleine meid al het werk staat te doen.

<strong>Managementtruc</strong>
Het is een oude managementtruc. Samen met de werknemers beginnen en zodra je aan de slag bent, zorgen dat je weggeroepen wordt voor urgentere zaken. Het lijkt mijn dochter niet te deren. Ze vindt het pas vervelend wanneer ze klaar is en wij nog altijd staan te kletsen. Zij wil naar de bladkorf en dat kan alleen als ik meeloop, want ze is te klein om de blaadjes er zelf in te gooien.

Ze trekt een keer aan mijn arm, zoals je dat kunt verwachten van een kind. Ze zal zo wel beginnen met zeuren, maar nee, ze heeft iets gevonden waarmee ze zichzelf kan bezighouden. Met de vuilniszak vol blaadjes kan ze iets leuks: skippyballen. Wippend op de dikke zak hupt ze bij ons vandaan. In gedachten zie ik de naad van de plastic zak al scheuren.

<strong>Plof</strong>
‘Ik moet eigenlijk even…’ zeg ik tegen de buurvrouw, maar ze houdt niet op met praten. Pas als de plof klinkt zwijgt ze. We kijken allebei naar mijn dochter en zien haar zitten in een wolk van neerdwarrelende blaadjes, bij de voordeur van onze buurvrouw. De stoep ligt bezaaid met gekleurde herfstbladeren.

‘Ik zie het,’ zegt de buurvrouw. ‘Je moet hoognodig weer aan de slag.’ Ze glimlacht en loopt weg, in de richting van het winkelcentrum.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/flatworldsedge/" target="_blank">flatworldsedge</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Tentjes in de stad</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/08/occupy-beweging-tilburg-economie-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/08/occupy-beweging-tilburg-economie-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 08 Nov 2011 12:59:00 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<category><![CDATA[Werk]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[kamperen]]></category>
		<category><![CDATA[occupy]]></category>
		<category><![CDATA[occupy beweging]]></category>
		<category><![CDATA[protest]]></category>
		<category><![CDATA[recessie]]></category>
		<category><![CDATA[tilburg]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33507</guid>
		<description><![CDATA[Vanochtend reed ik er straal langs, zonder er iets van te zien. Misschien kwam het door de schutkleuren dat ik ze niet zag: de diverse koepeltentjes en de grote legertent van de demonstranten van Occupy.<!--more--> Ze hadden hun kamp opgesteld in het centrum van Tilburg. Ik zag het pas op de foto die een collega van mij op Twitter plaatste. Achter de tenten zag ik een gebouw dat ik heel goed ken: Het kantoorgebouw dat tegenover het onze staat.

<strong>Verwelkte plantjes</strong>
Daar moest ik het fijne van weten! Gelukkig heeft de occupy beweging van Tilburg een <a title="Occupy Tilburg" href="http://www.occupytilburg.nl/" target="_blank">website</a> en daarop stond informatie. Ze hadden op zaterdag hun intrek genomen op een stukje park naast het stadskantoor. Bij het veldje stonden toiletten. Je kon wel zeggen dat Gemeente Tilburg goed had gezorgd voor de demonstranten. Ook de marktlieden van de zaterdagmarkt steunden de betogers: ze kregen voedsel, maar ook plantjes in potjes. Die stonden een dag later al te verwelken. 'Ze zijn te lui om ze water te geven,' mopperde een collega. 'Werkschuw tuig.'

<strong>Kumbaya</strong>
Die verdere dag deden mijn collega's aan de westzijde van ons kantoorpand verslag van wat er gebeurde. Dat was niet veel. Het circus had een bescheiden aanvang rond negen uur, anderhalf uur nadat ik slaapdronken langs de tenten was gefietst. 'De eerste twee zijn nu net wakker.' Misschien waren het de enige twee. Verslaggevers hebben ontdekt dat veel van de tenten in de kampen van occupy 's nachts leeg blijven. Negentig procent van de mensen gaat gewoon lekker thuis in zijn eigen bedje slapen. Jammer, ik had er al meteen een romantisch beeld bij. Kampvuur  mocht natuurlijk niet, maar wel liedjes zingen, zoals: 'Kumbaya my Lord'.

<strong>Mopperen</strong>
Later op de dag ging ik even kijken, op afstand hoor, want er zou maar een linkmiegel staan met een fototoestel in zijn klauwen. Een foto van jou naast een tentenkamp is zo gemaakt en een dergelijke foto met mensen erop die interesse tonen in de beweging staat leuk op de website. Voor je het weet sta je te boek als occupy demonstrant en voor wat voor iemand word je dan uitgemaakt? Het beeld dat mijn collega's hadden van de mensen die gezellig kwamen kamperen was niet echt positief. Ze twijfelden er vooral aan of de betogers zelf wel actief waren in het arbeidsproces. Er werd vooral aangenomen dat ze daar op kosten van de belastingbetaler zaten te mopperen op de maatschappij.

<strong>Bank + Rente = Slaven maken</strong>
Ik ging het ze niet vragen. Ik ken mijn pappenheimers en had geen trek in een ellenlange discussie over economie of ecologie, of iets anders waar je oeverloos over kunt zwetsen. Ik probeerde wat wijzer te worden over de beweging door de protestleuzen te lezen die ze op stukken karton hadden geklad. 'Wij zijn tegen de massaconsumptiemaatschappij,' dat soort kreten. Het karton was van dozen afgescheurd die op hun beurt van massaconsumptiemaatschappijbedrijven afkomstig waren. Dat ze ook een beetje neo-hippies waren bleek wel uit de tekst op een ander bord: 'Toeter voor de liefde!'.

<strong>Koepeltentje</strong>
Wanneer dat soort leuzen de rebel in jou wakker maken, dan kun je je dus aansluiten bij zo'n beweging. Ze duiken momenteel op in diverse Nederlandse steden. Wanneer je bent opgewassen tegen de regen en kou van november, kun je naast een koepeltentje gaan zitten protesteren tegen de invloed van banken en multinationals op de democratie en het ontstaan van de huidige recessie. Dat schijnt namelijk te helpen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/benjamingunn/" target="_blank">Benjamin Gunn</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Vanochtend reed ik er straal langs, zonder er iets van te zien. Misschien kwam het door de schutkleuren dat ik ze niet zag: de diverse koepeltentjes en de grote legertent van de demonstranten van Occupy.<span id="more-33507"></span> Ze hadden hun kamp opgesteld in het centrum van Tilburg. Ik zag het pas op de foto die een collega van mij op Twitter plaatste. Achter de tenten zag ik een gebouw dat ik heel goed ken: Het kantoorgebouw dat tegenover het onze staat.</p>
<p><strong>Verwelkte plantjes</strong><br />
Daar moest ik het fijne van weten! Gelukkig heeft de occupy beweging van Tilburg een <a title="Occupy Tilburg" href="http://www.occupytilburg.nl/" target="_blank">website</a> en daarop stond informatie. Ze hadden op zaterdag hun intrek genomen op een stukje park naast het stadskantoor. Bij het veldje stonden toiletten. Je kon wel zeggen dat Gemeente Tilburg goed had gezorgd voor de demonstranten. Ook de marktlieden van de zaterdagmarkt steunden de betogers: ze kregen voedsel, maar ook plantjes in potjes. Die stonden een dag later al te verwelken. &#8216;Ze zijn te lui om ze water te geven,&#8217; mopperde een collega. &#8216;Werkschuw tuig.&#8217;</p>
<p><strong>Kumbaya</strong><br />
Die verdere dag deden mijn collega&#8217;s aan de westzijde van ons kantoorpand verslag van wat er gebeurde. Dat was niet veel. Het circus had een bescheiden aanvang rond negen uur, anderhalf uur nadat ik slaapdronken langs de tenten was gefietst. &#8216;De eerste twee zijn nu net wakker.&#8217; Misschien waren het de enige twee. Verslaggevers hebben ontdekt dat veel van de tenten in de kampen van occupy &#8216;s nachts leeg blijven. Negentig procent van de mensen gaat gewoon lekker thuis in zijn eigen bedje slapen. Jammer, ik had er al meteen een romantisch beeld bij. Kampvuur  mocht natuurlijk niet, maar wel liedjes zingen, zoals: &#8216;Kumbaya my Lord&#8217;.</p>
<p><strong>Mopperen</strong><br />
Later op de dag ging ik even kijken, op afstand hoor, want er zou maar een linkmiegel staan met een fototoestel in zijn klauwen. Een foto van jou naast een tentenkamp is zo gemaakt en een dergelijke foto met mensen erop die interesse tonen in de beweging staat leuk op de website. Voor je het weet sta je te boek als occupy demonstrant en voor wat voor iemand word je dan uitgemaakt? Het beeld dat mijn collega&#8217;s hadden van de mensen die gezellig kwamen kamperen was niet echt positief. Ze twijfelden er vooral aan of de betogers zelf wel actief waren in het arbeidsproces. Er werd vooral aangenomen dat ze daar op kosten van de belastingbetaler zaten te mopperen op de maatschappij.</p>
<p><strong>Bank + Rente = Slaven maken</strong><br />
Ik ging het ze niet vragen. Ik ken mijn pappenheimers en had geen trek in een ellenlange discussie over economie of ecologie, of iets anders waar je oeverloos over kunt zwetsen. Ik probeerde wat wijzer te worden over de beweging door de protestleuzen te lezen die ze op stukken karton hadden geklad. &#8216;Wij zijn tegen de massaconsumptiemaatschappij,&#8217; dat soort kreten. Het karton was van dozen afgescheurd die op hun beurt van massaconsumptiemaatschappijbedrijven afkomstig waren. Dat ze ook een beetje neo-hippies waren bleek wel uit de tekst op een ander bord: &#8216;Toeter voor de liefde!&#8217;.</p>
<p><strong>Koepeltentje</strong><br />
Wanneer dat soort leuzen de rebel in jou wakker maken, dan kun je je dus aansluiten bij zo&#8217;n beweging. Ze duiken momenteel op in diverse Nederlandse steden. Wanneer je bent opgewassen tegen de regen en kou van november, kun je naast een koepeltentje gaan zitten protesteren tegen de invloed van banken en multinationals op de democratie en het ontstaan van de huidige recessie. Dat schijnt namelijk te helpen.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/benjamingunn/" target="_blank">Benjamin Gunn</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/08/occupy-beweging-tilburg-economie-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/monopoly2_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Vanochtend reed ik er straal langs, zonder er iets van te zien. Misschien kwam het door de schutkleuren dat ik ze niet zag: de diverse koepeltentjes en de grote legertent van de demonstranten van Occupy.<!--more--> Ze hadden hun kamp opgesteld in het centrum van Tilburg. Ik zag het pas op de foto die een collega van mij op Twitter plaatste. Achter de tenten zag ik een gebouw dat ik heel goed ken: Het kantoorgebouw dat tegenover het onze staat.

<strong>Verwelkte plantjes</strong>
Daar moest ik het fijne van weten! Gelukkig heeft de occupy beweging van Tilburg een <a title="Occupy Tilburg" href="http://www.occupytilburg.nl/" target="_blank">website</a> en daarop stond informatie. Ze hadden op zaterdag hun intrek genomen op een stukje park naast het stadskantoor. Bij het veldje stonden toiletten. Je kon wel zeggen dat Gemeente Tilburg goed had gezorgd voor de demonstranten. Ook de marktlieden van de zaterdagmarkt steunden de betogers: ze kregen voedsel, maar ook plantjes in potjes. Die stonden een dag later al te verwelken. 'Ze zijn te lui om ze water te geven,' mopperde een collega. 'Werkschuw tuig.'

<strong>Kumbaya</strong>
Die verdere dag deden mijn collega's aan de westzijde van ons kantoorpand verslag van wat er gebeurde. Dat was niet veel. Het circus had een bescheiden aanvang rond negen uur, anderhalf uur nadat ik slaapdronken langs de tenten was gefietst. 'De eerste twee zijn nu net wakker.' Misschien waren het de enige twee. Verslaggevers hebben ontdekt dat veel van de tenten in de kampen van occupy 's nachts leeg blijven. Negentig procent van de mensen gaat gewoon lekker thuis in zijn eigen bedje slapen. Jammer, ik had er al meteen een romantisch beeld bij. Kampvuur  mocht natuurlijk niet, maar wel liedjes zingen, zoals: 'Kumbaya my Lord'.

<strong>Mopperen</strong>
Later op de dag ging ik even kijken, op afstand hoor, want er zou maar een linkmiegel staan met een fototoestel in zijn klauwen. Een foto van jou naast een tentenkamp is zo gemaakt en een dergelijke foto met mensen erop die interesse tonen in de beweging staat leuk op de website. Voor je het weet sta je te boek als occupy demonstrant en voor wat voor iemand word je dan uitgemaakt? Het beeld dat mijn collega's hadden van de mensen die gezellig kwamen kamperen was niet echt positief. Ze twijfelden er vooral aan of de betogers zelf wel actief waren in het arbeidsproces. Er werd vooral aangenomen dat ze daar op kosten van de belastingbetaler zaten te mopperen op de maatschappij.

<strong>Bank + Rente = Slaven maken</strong>
Ik ging het ze niet vragen. Ik ken mijn pappenheimers en had geen trek in een ellenlange discussie over economie of ecologie, of iets anders waar je oeverloos over kunt zwetsen. Ik probeerde wat wijzer te worden over de beweging door de protestleuzen te lezen die ze op stukken karton hadden geklad. 'Wij zijn tegen de massaconsumptiemaatschappij,' dat soort kreten. Het karton was van dozen afgescheurd die op hun beurt van massaconsumptiemaatschappijbedrijven afkomstig waren. Dat ze ook een beetje neo-hippies waren bleek wel uit de tekst op een ander bord: 'Toeter voor de liefde!'.

<strong>Koepeltentje</strong>
Wanneer dat soort leuzen de rebel in jou wakker maken, dan kun je je dus aansluiten bij zo'n beweging. Ze duiken momenteel op in diverse Nederlandse steden. Wanneer je bent opgewassen tegen de regen en kou van november, kun je naast een koepeltentje gaan zitten protesteren tegen de invloed van banken en multinationals op de democratie en het ontstaan van de huidige recessie. Dat schijnt namelijk te helpen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/benjamingunn/" target="_blank">Benjamin Gunn</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Parkeerstand</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/05/hybride-auto-knoppen-eigenwijs-man-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/05/hybride-auto-knoppen-eigenwijs-man-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 05 Nov 2011 17:05:12 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[auto]]></category>
		<category><![CDATA[hybride]]></category>
		<category><![CDATA[instructie]]></category>
		<category><![CDATA[nieuwe auto]]></category>
		<category><![CDATA[onhandig]]></category>
		<category><![CDATA[pech]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33435</guid>
		<description><![CDATA[Onze nieuwe auto heeft een uit- en aanknop. Dat vind ik geweldig, want ik ben een man die van knoppen houdt.<!--more--> Het is een hybride, dus hij rijdt zowel op een verbrandingsmotor als op een elektromotor. Dat bespaart brandstofkosten. Daarom hebben we hem gekocht: we wilden zuiniger gaan rijden. Er zat een dik boek met instructies bij, maar dat heb ik nog niet doorgenomen. Ik ben een man van de knoppen hè, zulke types lezen nooit instructieboekjes, die duwen gewoon ergens op.

<strong>D van Drive</strong>
Van mijn vader had ik begrepen dat hij de auto wel eens in parkeerstand zet, wanneer hij lange tijd voor een stoplicht moet wachten. Het is een automaat en als hij in D van Drive staat (ik moet dat altijd hardop uitspreken, omdat ik bang ben dat ik anders de verkeerde letter kies), gaat hij rijden, dan houd je hem alleen tegen door te remmen. Bij stoplichten rem ik dus. De laatste paar dagen wordt het steeds vroeger donker en daarom zag ik nu wat voor effect dat heeft op het zicht van de bestuurder die achter onze auto aanschuift. Ik keek in de achteruitkijkspiegel en zag een felrood gezicht, verlicht door de remlichten van onze auto.

<strong>Het oranje lichtje</strong>
Zelf vind ik het irritant, wanneer ik in felle, rode lampen moet kijken omdat de persoon voor me het niet kan laten om de rem in te drukken. Daarom probeerde ik gisteren de parkeerstand uit. Ik stopte voor de verkeerslichten bij een grote kruising, vlak bij het dorp waar ik woon en drukte op de P knop. Het oranje lichtje op de knop ging vrolijk branden. De verbrandingsmotor schakelde zich uit. De auto stond stil. Het werd groen. Ik schakelde de auto naar stand D van Drive, maar er gebeurde niets. De auto wilde niet gaan rijden. Ik herhaalde de handeling, hield de pook net iets langer vast, maar nee: de auto reed niet.

<strong>Hulpeloos</strong>
Inmiddels stond er niemand meer tussen mij en het verkeerslicht, iedereen was weggereden. Achter mij stonden legio auto's. Iemand had de claxon gevonden. Toet toet. Ik stak mijn handen in de lucht, als gebaar dat ik het ook niet wist en ik voelde me hulpeloos en steeds wanhopiger worden. Dat leek het oranje lampje niet te deren, dat ging niet uit, hoe ik ook op de knoppen drukte, het bleef oranje. Auto's begonnen mij rechts in te halen. Ik keek maar niet op, bang om boze gezichten te zien. Ineens stond alles weer stil. Het was opnieuw rood geworden.

<strong>CTRL-ALT-Delete</strong>
Wat te doen? Ik drukte de uitknop in en schakelde de auto opnieuw in. Hij wilde niet rijden. Waar zat de CTRL-ALT-Delete op dat ding!? Moest ik de claxon indrukken, de rem en dan de P knop? Ik wilde mijn vader al gaan bellen: 'Briljant idee van je pap, hier sta ik, met allemaal woedende automobilisten achter mij.' Ik besloot de auto helemaal uit te zetten en nu ook de starter (geen sleutel, een kastje dat ik ergens in een gat moet steken) uit het dashboard te halen. Daarna startte ik de auto zoals ik hem die ochtend ook had gestart. En ja hoor: hij begon te rijden!

<strong>Groen</strong>
Ik wuifde naar de persoon die naast mij stond. Geen idee wat het gebaar is van: 'hij doet het weer', maar de boodschap kwam over, zeker omdat de auto ook echt begon te rijden. Ik drukte de rem weer in en zag achter mij een gezicht rood oplichten. Het maakte niet uit hoe boos die automobilist naar mij keek: mijn auto reed weer. Het verkeerslicht ging op groen en ik gaf gas. De auto ronkte en reed weg. Het verkeer kwam op gang en ik kon er weer aan meedoen.

Thuis heb ik de handleiding mee uit de auto genomen. Vanaf nu druk ik geen knop meer in totdat ik het dikke boekwerk heb doorgespit.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/six27/" target="_blank">Beth and Christian</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Onze nieuwe auto heeft een uit- en aanknop. Dat vind ik geweldig, want ik ben een man die van knoppen houdt.<span id="more-33435"></span> Het is een hybride, dus hij rijdt zowel op een verbrandingsmotor als op een elektromotor. Dat bespaart brandstofkosten. Daarom hebben we hem gekocht: we wilden zuiniger gaan rijden. Er zat een dik boek met instructies bij, maar dat heb ik nog niet doorgenomen. Ik ben een man van de knoppen hè, zulke types lezen nooit instructieboekjes, die duwen gewoon ergens op.</p>
<p><strong>D van Drive</strong><br />
Van mijn vader had ik begrepen dat hij de auto wel eens in parkeerstand zet, wanneer hij lange tijd voor een stoplicht moet wachten. Het is een automaat en als hij in D van Drive staat (ik moet dat altijd hardop uitspreken, omdat ik bang ben dat ik anders de verkeerde letter kies), gaat hij rijden, dan houd je hem alleen tegen door te remmen. Bij stoplichten rem ik dus. De laatste paar dagen wordt het steeds vroeger donker en daarom zag ik nu wat voor effect dat heeft op het zicht van de bestuurder die achter onze auto aanschuift. Ik keek in de achteruitkijkspiegel en zag een felrood gezicht, verlicht door de remlichten van onze auto.</p>
<p><strong>Het oranje lichtje</strong><br />
Zelf vind ik het irritant, wanneer ik in felle, rode lampen moet kijken omdat de persoon voor me het niet kan laten om de rem in te drukken. Daarom probeerde ik gisteren de parkeerstand uit. Ik stopte voor de verkeerslichten bij een grote kruising, vlak bij het dorp waar ik woon en drukte op de P knop. Het oranje lichtje op de knop ging vrolijk branden. De verbrandingsmotor schakelde zich uit. De auto stond stil. Het werd groen. Ik schakelde de auto naar stand D van Drive, maar er gebeurde niets. De auto wilde niet gaan rijden. Ik herhaalde de handeling, hield de pook net iets langer vast, maar nee: de auto reed niet.</p>
<p><strong>Hulpeloos</strong><br />
Inmiddels stond er niemand meer tussen mij en het verkeerslicht, iedereen was weggereden. Achter mij stonden legio auto&#8217;s. Iemand had de claxon gevonden. Toet toet. Ik stak mijn handen in de lucht, als gebaar dat ik het ook niet wist en ik voelde me hulpeloos en steeds wanhopiger worden. Dat leek het oranje lampje niet te deren, dat ging niet uit, hoe ik ook op de knoppen drukte, het bleef oranje. Auto&#8217;s begonnen mij rechts in te halen. Ik keek maar niet op, bang om boze gezichten te zien. Ineens stond alles weer stil. Het was opnieuw rood geworden.</p>
<p><strong>CTRL-ALT-Delete</strong><br />
Wat te doen? Ik drukte de uitknop in en schakelde de auto opnieuw in. Hij wilde niet rijden. Waar zat de CTRL-ALT-Delete op dat ding!? Moest ik de claxon indrukken, de rem en dan de P knop? Ik wilde mijn vader al gaan bellen: &#8216;Briljant idee van je pap, hier sta ik, met allemaal woedende automobilisten achter mij.&#8217; Ik besloot de auto helemaal uit te zetten en nu ook de starter (geen sleutel, een kastje dat ik ergens in een gat moet steken) uit het dashboard te halen. Daarna startte ik de auto zoals ik hem die ochtend ook had gestart. En ja hoor: hij begon te rijden!</p>
<p><strong>Groen</strong><br />
Ik wuifde naar de persoon die naast mij stond. Geen idee wat het gebaar is van: &#8216;hij doet het weer&#8217;, maar de boodschap kwam over, zeker omdat de auto ook echt begon te rijden. Ik drukte de rem weer in en zag achter mij een gezicht rood oplichten. Het maakte niet uit hoe boos die automobilist naar mij keek: mijn auto reed weer. Het verkeerslicht ging op groen en ik gaf gas. De auto ronkte en reed weg. Het verkeer kwam op gang en ik kon er weer aan meedoen.</p>
<p>Thuis heb ik de handleiding mee uit de auto genomen. Vanaf nu druk ik geen knop meer in totdat ik het dikke boekwerk heb doorgespit.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/six27/" target="_blank">Beth and Christian</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/05/hybride-auto-knoppen-eigenwijs-man-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>15</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/priuspower_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Onze nieuwe auto heeft een uit- en aanknop. Dat vind ik geweldig, want ik ben een man die van knoppen houdt.<!--more--> Het is een hybride, dus hij rijdt zowel op een verbrandingsmotor als op een elektromotor. Dat bespaart brandstofkosten. Daarom hebben we hem gekocht: we wilden zuiniger gaan rijden. Er zat een dik boek met instructies bij, maar dat heb ik nog niet doorgenomen. Ik ben een man van de knoppen hè, zulke types lezen nooit instructieboekjes, die duwen gewoon ergens op.

<strong>D van Drive</strong>
Van mijn vader had ik begrepen dat hij de auto wel eens in parkeerstand zet, wanneer hij lange tijd voor een stoplicht moet wachten. Het is een automaat en als hij in D van Drive staat (ik moet dat altijd hardop uitspreken, omdat ik bang ben dat ik anders de verkeerde letter kies), gaat hij rijden, dan houd je hem alleen tegen door te remmen. Bij stoplichten rem ik dus. De laatste paar dagen wordt het steeds vroeger donker en daarom zag ik nu wat voor effect dat heeft op het zicht van de bestuurder die achter onze auto aanschuift. Ik keek in de achteruitkijkspiegel en zag een felrood gezicht, verlicht door de remlichten van onze auto.

<strong>Het oranje lichtje</strong>
Zelf vind ik het irritant, wanneer ik in felle, rode lampen moet kijken omdat de persoon voor me het niet kan laten om de rem in te drukken. Daarom probeerde ik gisteren de parkeerstand uit. Ik stopte voor de verkeerslichten bij een grote kruising, vlak bij het dorp waar ik woon en drukte op de P knop. Het oranje lichtje op de knop ging vrolijk branden. De verbrandingsmotor schakelde zich uit. De auto stond stil. Het werd groen. Ik schakelde de auto naar stand D van Drive, maar er gebeurde niets. De auto wilde niet gaan rijden. Ik herhaalde de handeling, hield de pook net iets langer vast, maar nee: de auto reed niet.

<strong>Hulpeloos</strong>
Inmiddels stond er niemand meer tussen mij en het verkeerslicht, iedereen was weggereden. Achter mij stonden legio auto's. Iemand had de claxon gevonden. Toet toet. Ik stak mijn handen in de lucht, als gebaar dat ik het ook niet wist en ik voelde me hulpeloos en steeds wanhopiger worden. Dat leek het oranje lampje niet te deren, dat ging niet uit, hoe ik ook op de knoppen drukte, het bleef oranje. Auto's begonnen mij rechts in te halen. Ik keek maar niet op, bang om boze gezichten te zien. Ineens stond alles weer stil. Het was opnieuw rood geworden.

<strong>CTRL-ALT-Delete</strong>
Wat te doen? Ik drukte de uitknop in en schakelde de auto opnieuw in. Hij wilde niet rijden. Waar zat de CTRL-ALT-Delete op dat ding!? Moest ik de claxon indrukken, de rem en dan de P knop? Ik wilde mijn vader al gaan bellen: 'Briljant idee van je pap, hier sta ik, met allemaal woedende automobilisten achter mij.' Ik besloot de auto helemaal uit te zetten en nu ook de starter (geen sleutel, een kastje dat ik ergens in een gat moet steken) uit het dashboard te halen. Daarna startte ik de auto zoals ik hem die ochtend ook had gestart. En ja hoor: hij begon te rijden!

<strong>Groen</strong>
Ik wuifde naar de persoon die naast mij stond. Geen idee wat het gebaar is van: 'hij doet het weer', maar de boodschap kwam over, zeker omdat de auto ook echt begon te rijden. Ik drukte de rem weer in en zag achter mij een gezicht rood oplichten. Het maakte niet uit hoe boos die automobilist naar mij keek: mijn auto reed weer. Het verkeerslicht ging op groen en ik gaf gas. De auto ronkte en reed weg. Het verkeer kwam op gang en ik kon er weer aan meedoen.

Thuis heb ik de handleiding mee uit de auto genomen. Vanaf nu druk ik geen knop meer in totdat ik het dikke boekwerk heb doorgespit.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/six27/" target="_blank">Beth and Christian</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Opgesodemieterd met die mijter</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/03/sinterklaas-verplichting-angst-satire-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/03/sinterklaas-verplichting-angst-satire-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 03 Nov 2011 12:15:13 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[angst]]></category>
		<category><![CDATA[satire]]></category>
		<category><![CDATA[Sinterklaas]]></category>
		<category><![CDATA[sinterklaasfeest]]></category>
		<category><![CDATA[verplichting]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33389</guid>
		<description><![CDATA[Sinterklaas hoeft dit jaar van mij niet zo. Van het vooruitzicht dat hij er vanaf volgende week weer is en overal zijn opwachting maakt, telkens weer met het accent dat bij de regio hoort, word ik nu al chagrijnig.<!--more--> Daar helpen pepernoten en suikerbeestjes helemaal niets aan. Sloeg hij maar eens een jaar over. Was Sinterklaas maar net als de Olympische spelen: om de vier jaar en telkens in een ander land.

<strong>Malloten in een maillot</strong>
Helaas, vanaf volgende week zaterdag moeten we er weer aan geloven. Een volle maand lang, een twaalfde deel van het jaar, zijn kinderen weer op hun drukst. Tot aan vijf december draven ze helemaal door, in afwachting van de goedheiligman met de lange baard. Sta je daar met je handschoenen aan in de kou naar een stel malloten in een maillot te staren en te wachten op een man met een tabberd aan, die op zich laat wachten, want er gaat altijd wel iets mis. Hoefde ik er maar niet naar toe. Helaas, ik moet. Ik heb kinderen, dus het is bijna een verplichting om mee te doen.

<strong>Modderschuiten</strong>
Wat zegt zo'n Sinterklaas dan haast meteen: je mag je schoentje zetten. Na een dag in de drassige modder te hebben gestaan, worden de modderschuiten bij de open haard gezet. Die mag niet aan, want de cadeaus moeten er door naar binnen en als die in het vuur komen, dan verbrandt al het speelgoed. De kinderen zingen dan nog een liedje en gaan naar bed. Vorig jaar kwam er één uit bed om te plassen. Ik nam een duik en ben pontificaal voor zijn schoen gaan liggen, want de wortel was er al uit en de pepernoten zaten er al in. Hij vond het wel eigenaardig wat ik deed, maar gelukkig stelde hij geen lastige vragen.

<strong>Sinterklaasangst</strong>
Gelukkig hebben wij kinderen die pepernoten dan wel lekker vinden, maar die nog veel liever een nacht lang slapen in hun warme bedjes. De zoon van een collega staat al om vier uur naast het bed van zijn vader, of hij naar de inhoud van zijn schoentje mag gaan kijken. Zo'n kind gaat niet meer slapen. Die sterft elke nacht dat zijn schoentje bij de open haard staat verder af. Denk ook niet dat kinderen heel lief zijn wanneer de Sint er is. Ze zijn druk! Zelf denken ze dat ze heel lief zijn, maar ze zijn eigenlijk enorm vervelend. Dan mag ik heel blij zijn dat onze kinderen geen Sinterklaasangst hebben. Ik ken kinderen die helemaal in de nek van hun vader of moeder kruipen wanneer ze de Sint zien.

<strong>Dokken</strong>
Die kinderen denken dat de Sint schatrijk is, maar het komt natuurlijk allemaal uit onze eigen portemonnee. We moeten dokken, je komt er niet onderuit. De kinderen krijgen tegenwoordig meer van de Sint dan ze van ons krijgen wanneer ze jarig zijn, want het is complete waanzin wat wij aan euro's uitgeven zo aan het eind van het jaar. De grootouders spekken het sinterklaasfonds ook nog eens dik aan. Zodoende komt het allemaal neer op onze schouders om al dat geld om te zetten in rotzooi, pardon: speelgoed. Werd dat Sinterklaasfeest maar meteen na Koninginnedag gevierd, dan konden we eerst flink wat rommel verkopen op de vrijmarkt om plaats te maken voor weer andere rommel.

Het Sinterklaasfeest, ik zal blij zijn wanneer het weer voorbij is. De kerst spoelen we dan ook meteen maar door. Oud en nieuw vind ik ook een hoop gedoe. Laten we de draad oppakken in de lente, met de paashaas. Wie is er voor?

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/blackpit/" target="_blank">BlackpitShooting</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Sinterklaas hoeft dit jaar van mij niet zo. Van het vooruitzicht dat hij er vanaf volgende week weer is en overal zijn opwachting maakt, telkens weer met het accent dat bij de regio hoort, word ik nu al chagrijnig.<span id="more-33389"></span> Daar helpen pepernoten en suikerbeestjes helemaal niets aan. Sloeg hij maar eens een jaar over. Was Sinterklaas maar net als de Olympische spelen: om de vier jaar en telkens in een ander land.</p>
<p><strong>Malloten in een maillot</strong><br />
Helaas, vanaf volgende week zaterdag moeten we er weer aan geloven. Een volle maand lang, een twaalfde deel van het jaar, zijn kinderen weer op hun drukst. Tot aan vijf december draven ze helemaal door, in afwachting van de goedheiligman met de lange baard. Sta je daar met je handschoenen aan in de kou naar een stel malloten in een maillot te staren en te wachten op een man met een tabberd aan, die op zich laat wachten, want er gaat altijd wel iets mis. Hoefde ik er maar niet naar toe. Helaas, ik moet. Ik heb kinderen, dus het is bijna een verplichting om mee te doen.</p>
<p><strong>Modderschuiten</strong><br />
Wat zegt zo&#8217;n Sinterklaas dan haast meteen: je mag je schoentje zetten. Na een dag in de drassige modder te hebben gestaan, worden de modderschuiten bij de open haard gezet. Die mag niet aan, want de cadeaus moeten er door naar binnen en als die in het vuur komen, dan verbrandt al het speelgoed. De kinderen zingen dan nog een liedje en gaan naar bed. Vorig jaar kwam er één uit bed om te plassen. Ik nam een duik en ben pontificaal voor zijn schoen gaan liggen, want de wortel was er al uit en de pepernoten zaten er al in. Hij vond het wel eigenaardig wat ik deed, maar gelukkig stelde hij geen lastige vragen.</p>
<p><strong>Sinterklaasangst</strong><br />
Gelukkig hebben wij kinderen die pepernoten dan wel lekker vinden, maar die nog veel liever een nacht lang slapen in hun warme bedjes. De zoon van een collega staat al om vier uur naast het bed van zijn vader, of hij naar de inhoud van zijn schoentje mag gaan kijken. Zo&#8217;n kind gaat niet meer slapen. Die sterft elke nacht dat zijn schoentje bij de open haard staat verder af. Denk ook niet dat kinderen heel lief zijn wanneer de Sint er is. Ze zijn druk! Zelf denken ze dat ze heel lief zijn, maar ze zijn eigenlijk enorm vervelend. Dan mag ik heel blij zijn dat onze kinderen geen Sinterklaasangst hebben. Ik ken kinderen die helemaal in de nek van hun vader of moeder kruipen wanneer ze de Sint zien.</p>
<p><strong>Dokken</strong><br />
Die kinderen denken dat de Sint schatrijk is, maar het komt natuurlijk allemaal uit onze eigen portemonnee. We moeten dokken, je komt er niet onderuit. De kinderen krijgen tegenwoordig meer van de Sint dan ze van ons krijgen wanneer ze jarig zijn, want het is complete waanzin wat wij aan euro&#8217;s uitgeven zo aan het eind van het jaar. De grootouders spekken het sinterklaasfonds ook nog eens dik aan. Zodoende komt het allemaal neer op onze schouders om al dat geld om te zetten in rotzooi, pardon: speelgoed. Werd dat Sinterklaasfeest maar meteen na Koninginnedag gevierd, dan konden we eerst flink wat rommel verkopen op de vrijmarkt om plaats te maken voor weer andere rommel.</p>
<p>Het Sinterklaasfeest, ik zal blij zijn wanneer het weer voorbij is. De kerst spoelen we dan ook meteen maar door. Oud en nieuw vind ik ook een hoop gedoe. Laten we de draad oppakken in de lente, met de paashaas. Wie is er voor?</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/blackpit/" target="_blank">BlackpitShooting</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/03/sinterklaas-verplichting-angst-satire-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>43</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/oprotten_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Sinterklaas hoeft dit jaar van mij niet zo. Van het vooruitzicht dat hij er vanaf volgende week weer is en overal zijn opwachting maakt, telkens weer met het accent dat bij de regio hoort, word ik nu al chagrijnig.<!--more--> Daar helpen pepernoten en suikerbeestjes helemaal niets aan. Sloeg hij maar eens een jaar over. Was Sinterklaas maar net als de Olympische spelen: om de vier jaar en telkens in een ander land.

<strong>Malloten in een maillot</strong>
Helaas, vanaf volgende week zaterdag moeten we er weer aan geloven. Een volle maand lang, een twaalfde deel van het jaar, zijn kinderen weer op hun drukst. Tot aan vijf december draven ze helemaal door, in afwachting van de goedheiligman met de lange baard. Sta je daar met je handschoenen aan in de kou naar een stel malloten in een maillot te staren en te wachten op een man met een tabberd aan, die op zich laat wachten, want er gaat altijd wel iets mis. Hoefde ik er maar niet naar toe. Helaas, ik moet. Ik heb kinderen, dus het is bijna een verplichting om mee te doen.

<strong>Modderschuiten</strong>
Wat zegt zo'n Sinterklaas dan haast meteen: je mag je schoentje zetten. Na een dag in de drassige modder te hebben gestaan, worden de modderschuiten bij de open haard gezet. Die mag niet aan, want de cadeaus moeten er door naar binnen en als die in het vuur komen, dan verbrandt al het speelgoed. De kinderen zingen dan nog een liedje en gaan naar bed. Vorig jaar kwam er één uit bed om te plassen. Ik nam een duik en ben pontificaal voor zijn schoen gaan liggen, want de wortel was er al uit en de pepernoten zaten er al in. Hij vond het wel eigenaardig wat ik deed, maar gelukkig stelde hij geen lastige vragen.

<strong>Sinterklaasangst</strong>
Gelukkig hebben wij kinderen die pepernoten dan wel lekker vinden, maar die nog veel liever een nacht lang slapen in hun warme bedjes. De zoon van een collega staat al om vier uur naast het bed van zijn vader, of hij naar de inhoud van zijn schoentje mag gaan kijken. Zo'n kind gaat niet meer slapen. Die sterft elke nacht dat zijn schoentje bij de open haard staat verder af. Denk ook niet dat kinderen heel lief zijn wanneer de Sint er is. Ze zijn druk! Zelf denken ze dat ze heel lief zijn, maar ze zijn eigenlijk enorm vervelend. Dan mag ik heel blij zijn dat onze kinderen geen Sinterklaasangst hebben. Ik ken kinderen die helemaal in de nek van hun vader of moeder kruipen wanneer ze de Sint zien.

<strong>Dokken</strong>
Die kinderen denken dat de Sint schatrijk is, maar het komt natuurlijk allemaal uit onze eigen portemonnee. We moeten dokken, je komt er niet onderuit. De kinderen krijgen tegenwoordig meer van de Sint dan ze van ons krijgen wanneer ze jarig zijn, want het is complete waanzin wat wij aan euro's uitgeven zo aan het eind van het jaar. De grootouders spekken het sinterklaasfonds ook nog eens dik aan. Zodoende komt het allemaal neer op onze schouders om al dat geld om te zetten in rotzooi, pardon: speelgoed. Werd dat Sinterklaasfeest maar meteen na Koninginnedag gevierd, dan konden we eerst flink wat rommel verkopen op de vrijmarkt om plaats te maken voor weer andere rommel.

Het Sinterklaasfeest, ik zal blij zijn wanneer het weer voorbij is. De kerst spoelen we dan ook meteen maar door. Oud en nieuw vind ik ook een hoop gedoe. Laten we de draad oppakken in de lente, met de paashaas. Wie is er voor?

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/blackpit/" target="_blank">BlackpitShooting</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Twee sukkels in de file</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/11/01/fileleed-asociaa-collega-snelweg-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/11/01/fileleed-asociaa-collega-snelweg-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 01 Nov 2011 12:59:45 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Reizen]]></category>
		<category><![CDATA[Werk]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[asociaal]]></category>
		<category><![CDATA[auto]]></category>
		<category><![CDATA[file]]></category>
		<category><![CDATA[fileleed]]></category>
		<category><![CDATA[snelweg]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33359</guid>
		<description><![CDATA[Vier jaar geleden heb ik het filerijden vaarwel gezegd. Liever fiets ik dertien kilometer door de drab in de kou, dan dat ik kramp in mijn been krijg van het remmen, gas geven en weer remmen<!--more--> zodra die discolampen boven Neerlands snelwegen oplichten.

<strong>Nieuwegein</strong>
Helaas moest ik er vorige week weer aan geloven. Samen met mijn collega ging ik elke dag op pad naar Nieuwegein, voor de cursus die we daar volgden. Iedere dag zagen wij die duivelslampen oplichten boven de weg. Flikkerdeflikflik, ga hier maar lekker zeventig rijden! Dan heb je nog ijdele hoop. Misschien zijn er wegwerkzaamheden. Maar nee, verderop zie je die verschrikkelijke vijftig al staan. De vijftig waarvan je weet dat je er blij mee zult zijn als je die snelheid ook daadwerkelijk haalt. Want meestal sta je een hele tijd stil. Zet gewoon 'nul' op die matrixborden en lach ons niet uit in onze gezichten omdat wij daar staan.

<strong>Sukkeltje</strong>
In de file voel ik me altijd het sukkeltje. Je doet je zo je best, betaalt er heel wat euro's voor en dan sta je stil. De trein raast voorbij. De passagiers staan met hun neus tegen het raam gedrukt, zo druk is het in de coupé, maar zij lachen jou uit. Op de radio hoor je de filemeldingen, iedereen die dat hoort en niet in de file staat lacht je uit. Bovendien sta ik altijd in de verkeerde baan. De rechterbaan reed wel door. Dus daar lachten ze me ook uit. Mijn collega had daar geen last van. Die ging enorm zitten loeren naar de inzittenden van andere auto's. Hij zwaaide vriendelijk naar vrouwelijke automobilisten die ons passeerden, die erg hun best deden om hem te negeren. Maar hij had lol en daar ging het hem ook om.

<strong>Moedwillig aanschuiven</strong>
Om mij wat op te vrolijken zei mijn collega: 'Wees blij dat je er niet elke dag in hoeft te staan.' Daar had hij gelijk in. Het is toch een wonder te noemen dat er mensen zijn die elke dag moedwillig aanschuiven in die lange polonaise van auto's? Ze weten precies waar ze stil moeten gaan staan. Het is een automatisme geworden. De verstokte filerijder weet precies waar zijn dagelijkse file ongeveer begint en welk knooppunt hij voorbij moet zijn voordat het verkeer weer op vaart begint te komen. Ze houden er rekening mee in hun reistijd. Het hoort er een beetje bij.

<strong>Afslag</strong>
We stonden stil omdat er invoegend verkeer was. Een hele hoop auto's wilden ook op de tweebaansweg rijden. Ineens begon het weer te rijden, alsof de automobilisten erachter kwamen dat ze ook hard kunnen rijden op de snelweg. Helaas waren we nog niet verlost van het fileleed. Enkele kilometers verderop verscheen weer een keurige rij van geparkeerde auto's, met de mensen er nog in en de motor nog aan. Het was een lange afrit die helemaal vol stond met blikjes op een stel rubberen wielen. 'Eh,' zei mijn collega ineens. 'Moeten wij deze afslag niet hebben?'

<strong>Asociaal</strong>
Dat krijg je wanneer je niet bekend bent met de plekken waar de files staan, dan weet je ook niet waar je stil moet gaan staan. We konden niet meer keurig achteraan in de rij aansluiten. Daar was het te laat voor. Ik zoefde de auto's voorbij en raakte erg gestresst. Dat was onze afrit, we waren al laat, wist ik veel waar we uit zouden komen als ik ook nog eens om moest gaan rijden? Ineens zag ik een mooi gat in de file. Ik remde af en draaide de auto heel asociaal in de vrijgekomen ruimte. Daar stond ik, met achter mij honderden meters met nette automobilisten die keurig netjes op hun beurt stonden te wachten. Dankzij mij moesten ze nu allemaal nog net ietsje langer wachten.

Ik schaamde me dood. Mijn collega niet, die zat alweer te flirten met de vrouwen in andere auto's. Eentje van hen stak haar middelvinger op naar ons. 'Jeetje, wat asociaal zeg,' zei mijn collega. Het is maar vanuit welke kant je het bekijkt.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/burningimage/" target="_blank">Burning Image</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Vier jaar geleden heb ik het filerijden vaarwel gezegd. Liever fiets ik dertien kilometer door de drab in de kou, dan dat ik kramp in mijn been krijg van het remmen, gas geven en weer remmen<span id="more-33359"></span> zodra die discolampen boven Neerlands snelwegen oplichten.</p>
<p><strong>Nieuwegein</strong><br />
Helaas moest ik er vorige week weer aan geloven. Samen met mijn collega ging ik elke dag op pad naar Nieuwegein, voor de cursus die we daar volgden. Iedere dag zagen wij die duivelslampen oplichten boven de weg. Flikkerdeflikflik, ga hier maar lekker zeventig rijden! Dan heb je nog ijdele hoop. Misschien zijn er wegwerkzaamheden. Maar nee, verderop zie je die verschrikkelijke vijftig al staan. De vijftig waarvan je weet dat je er blij mee zult zijn als je die snelheid ook daadwerkelijk haalt. Want meestal sta je een hele tijd stil. Zet gewoon &#8216;nul&#8217; op die matrixborden en lach ons niet uit in onze gezichten omdat wij daar staan.</p>
<p><strong>Sukkeltje</strong><br />
In de file voel ik me altijd het sukkeltje. Je doet je zo je best, betaalt er heel wat euro&#8217;s voor en dan sta je stil. De trein raast voorbij. De passagiers staan met hun neus tegen het raam gedrukt, zo druk is het in de coupé, maar zij lachen jou uit. Op de radio hoor je de filemeldingen, iedereen die dat hoort en niet in de file staat lacht je uit. Bovendien sta ik altijd in de verkeerde baan. De rechterbaan reed wel door. Dus daar lachten ze me ook uit. Mijn collega had daar geen last van. Die ging enorm zitten loeren naar de inzittenden van andere auto&#8217;s. Hij zwaaide vriendelijk naar vrouwelijke automobilisten die ons passeerden, die erg hun best deden om hem te negeren. Maar hij had lol en daar ging het hem ook om.</p>
<p><strong>Moedwillig aanschuiven</strong><br />
Om mij wat op te vrolijken zei mijn collega: &#8216;Wees blij dat je er niet elke dag in hoeft te staan.&#8217; Daar had hij gelijk in. Het is toch een wonder te noemen dat er mensen zijn die elke dag moedwillig aanschuiven in die lange polonaise van auto&#8217;s? Ze weten precies waar ze stil moeten gaan staan. Het is een automatisme geworden. De verstokte filerijder weet precies waar zijn dagelijkse file ongeveer begint en welk knooppunt hij voorbij moet zijn voordat het verkeer weer op vaart begint te komen. Ze houden er rekening mee in hun reistijd. Het hoort er een beetje bij.</p>
<p><strong>Afslag</strong><br />
We stonden stil omdat er invoegend verkeer was. Een hele hoop auto&#8217;s wilden ook op de tweebaansweg rijden. Ineens begon het weer te rijden, alsof de automobilisten erachter kwamen dat ze ook hard kunnen rijden op de snelweg. Helaas waren we nog niet verlost van het fileleed. Enkele kilometers verderop verscheen weer een keurige rij van geparkeerde auto&#8217;s, met de mensen er nog in en de motor nog aan. Het was een lange afrit die helemaal vol stond met blikjes op een stel rubberen wielen. &#8216;Eh,&#8217; zei mijn collega ineens. &#8216;Moeten wij deze afslag niet hebben?&#8217;</p>
<p><strong>Asociaal</strong><br />
Dat krijg je wanneer je niet bekend bent met de plekken waar de files staan, dan weet je ook niet waar je stil moet gaan staan. We konden niet meer keurig achteraan in de rij aansluiten. Daar was het te laat voor. Ik zoefde de auto&#8217;s voorbij en raakte erg gestresst. Dat was onze afrit, we waren al laat, wist ik veel waar we uit zouden komen als ik ook nog eens om moest gaan rijden? Ineens zag ik een mooi gat in de file. Ik remde af en draaide de auto heel asociaal in de vrijgekomen ruimte. Daar stond ik, met achter mij honderden meters met nette automobilisten die keurig netjes op hun beurt stonden te wachten. Dankzij mij moesten ze nu allemaal nog net ietsje langer wachten.</p>
<p>Ik schaamde me dood. Mijn collega niet, die zat alweer te flirten met de vrouwen in andere auto&#8217;s. Eentje van hen stak haar middelvinger op naar ons. &#8216;Jeetje, wat asociaal zeg,&#8217; zei mijn collega. Het is maar vanuit welke kant je het bekijkt.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/burningimage/" target="_blank">Burning Image</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/11/01/fileleed-asociaa-collega-snelweg-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/11/file2_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Vier jaar geleden heb ik het filerijden vaarwel gezegd. Liever fiets ik dertien kilometer door de drab in de kou, dan dat ik kramp in mijn been krijg van het remmen, gas geven en weer remmen<!--more--> zodra die discolampen boven Neerlands snelwegen oplichten.

<strong>Nieuwegein</strong>
Helaas moest ik er vorige week weer aan geloven. Samen met mijn collega ging ik elke dag op pad naar Nieuwegein, voor de cursus die we daar volgden. Iedere dag zagen wij die duivelslampen oplichten boven de weg. Flikkerdeflikflik, ga hier maar lekker zeventig rijden! Dan heb je nog ijdele hoop. Misschien zijn er wegwerkzaamheden. Maar nee, verderop zie je die verschrikkelijke vijftig al staan. De vijftig waarvan je weet dat je er blij mee zult zijn als je die snelheid ook daadwerkelijk haalt. Want meestal sta je een hele tijd stil. Zet gewoon 'nul' op die matrixborden en lach ons niet uit in onze gezichten omdat wij daar staan.

<strong>Sukkeltje</strong>
In de file voel ik me altijd het sukkeltje. Je doet je zo je best, betaalt er heel wat euro's voor en dan sta je stil. De trein raast voorbij. De passagiers staan met hun neus tegen het raam gedrukt, zo druk is het in de coupé, maar zij lachen jou uit. Op de radio hoor je de filemeldingen, iedereen die dat hoort en niet in de file staat lacht je uit. Bovendien sta ik altijd in de verkeerde baan. De rechterbaan reed wel door. Dus daar lachten ze me ook uit. Mijn collega had daar geen last van. Die ging enorm zitten loeren naar de inzittenden van andere auto's. Hij zwaaide vriendelijk naar vrouwelijke automobilisten die ons passeerden, die erg hun best deden om hem te negeren. Maar hij had lol en daar ging het hem ook om.

<strong>Moedwillig aanschuiven</strong>
Om mij wat op te vrolijken zei mijn collega: 'Wees blij dat je er niet elke dag in hoeft te staan.' Daar had hij gelijk in. Het is toch een wonder te noemen dat er mensen zijn die elke dag moedwillig aanschuiven in die lange polonaise van auto's? Ze weten precies waar ze stil moeten gaan staan. Het is een automatisme geworden. De verstokte filerijder weet precies waar zijn dagelijkse file ongeveer begint en welk knooppunt hij voorbij moet zijn voordat het verkeer weer op vaart begint te komen. Ze houden er rekening mee in hun reistijd. Het hoort er een beetje bij.

<strong>Afslag</strong>
We stonden stil omdat er invoegend verkeer was. Een hele hoop auto's wilden ook op de tweebaansweg rijden. Ineens begon het weer te rijden, alsof de automobilisten erachter kwamen dat ze ook hard kunnen rijden op de snelweg. Helaas waren we nog niet verlost van het fileleed. Enkele kilometers verderop verscheen weer een keurige rij van geparkeerde auto's, met de mensen er nog in en de motor nog aan. Het was een lange afrit die helemaal vol stond met blikjes op een stel rubberen wielen. 'Eh,' zei mijn collega ineens. 'Moeten wij deze afslag niet hebben?'

<strong>Asociaal</strong>
Dat krijg je wanneer je niet bekend bent met de plekken waar de files staan, dan weet je ook niet waar je stil moet gaan staan. We konden niet meer keurig achteraan in de rij aansluiten. Daar was het te laat voor. Ik zoefde de auto's voorbij en raakte erg gestresst. Dat was onze afrit, we waren al laat, wist ik veel waar we uit zouden komen als ik ook nog eens om moest gaan rijden? Ineens zag ik een mooi gat in de file. Ik remde af en draaide de auto heel asociaal in de vrijgekomen ruimte. Daar stond ik, met achter mij honderden meters met nette automobilisten die keurig netjes op hun beurt stonden te wachten. Dankzij mij moesten ze nu allemaal nog net ietsje langer wachten.

Ik schaamde me dood. Mijn collega niet, die zat alweer te flirten met de vrouwen in andere auto's. Eentje van hen stak haar middelvinger op naar ons. 'Jeetje, wat asociaal zeg,' zei mijn collega. Het is maar vanuit welke kant je het bekijkt.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/burningimage/" target="_blank">Burning Image</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Dag lieve buren</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/10/29/thuis-nieuwe-buren-verhuizen-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/10/29/thuis-nieuwe-buren-verhuizen-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 29 Oct 2011 16:05:06 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[afvalrace]]></category>
		<category><![CDATA[buren]]></category>
		<category><![CDATA[verhuizen]]></category>
		<category><![CDATA[verhuizing]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33338</guid>
		<description><![CDATA[Onze buren gaan verhuizen. Dat vind ik alles behalve leuk. Niet alleen omdat ik ze heel erg ga missen, maar ook omdat je niet weet wat je er voor terug krijgt.<!--more-->

<strong>Liedjes zingen</strong>
We kochten dit huis elf jaar geleden. De buren destijds waren een oud echtpaar. Hij was een nors type, zij een schat van een vrouw. We gingen twee keer bij ze op de koffie, de eerste keer vlak nadat we er kwamen wonen, de tweede keer toen ze hadden besloten om te gaan verhuizen naar een bejaardenappartementje. De buurvrouw vertelde ons de mooiste verhalen over vroeger. Een paar keer zongen ze een liedje. Zo lief, twee van die oude mensjes die samen een liedje zingen. Zo wil ik ook oud worden. Helaas is onze oude buurvrouw een paar jaar geleden overleden. Haar man woont nog altijd op het adres waar ze naar toe verhuisden, helemaal alleen. Zo zielig.

<strong>Tevreden zijn</strong>
Ze verkochten het huis aan een jong stel, dat grootse plannen had met het huis. Ze kondigden aan de keet in zijn totaliteit te gaan verbouwen. We konden rekenen op een paar maanden lang boor- en zaaggeluiden. Ze hielden woord. Het complete huis werd gerenoveerd. De badkamer namen ze onder handen. Er kwam een nieuwe keuken. Het oude huisje waar jaren niets aan was gedaan zag er ineens heel modern uit. Maar de buurvrouw was nog niet tevreden. Opnieuw werd de keuken gesloopt. Er kwam iets nieuws voor in de plaats. De badkamer was ook niet naar haar zin, die moest ook opnieuw. Daarna bleek haar man niet meer naar haar zin te zijn. Ze gingen uit elkaar. Zonde.

<strong>Barbecuevisite</strong>
We waren heel blij toen we hoorden wie onze nieuwe buren zouden gaan worden. Mijn ouders zijn bevriend met de moeder van de buurman. De buurman heb ik nog gekend als klein ventje van elf of twaalf jaar oud. De klik was er meteen zodra ze hier kwamen wonen. In plaats van op de koffie, gingen we bij elkaar op barbecuevisite, met een biertje erbij. We zochten elkaar zo nu en dan op en het was altijd gezellig. Maar zoals dat kan zijn met huizen, bleek het huis naast het onze niet het perfecte huis voor onze buren. Ze gaan het verkopen. Voor de vierde keer in elf jaar krijgen we nieuwe buren. Je zou bijna denken dat het aan ons ligt.

<strong>Eisen</strong>
Het liefst zou ik inspraak hebben in wie onze nieuwe buren worden. Ik heb wel wat eisen. We willen niet alleen graag leuke mensen als buren, het is ook fijn wanneer ze in de ochtenden niet te luidruchtig zijn. Buurkinderen zijn meer dan welkom, maar dan wel van het type dat een degelijke opvoeding heeft genoten en dat kan luisteren, zeker wanneer ze op straat aan het spelen zijn in de buurt van onze auto. Eigenlijk zou er een voorselectie moeten zijn, een soort van afvalrace zoals je die ook op televisie hebt: 'So you think you can be our Neighbour?' Of: 'Werners Next Neighbour.'

<strong>Auditierondes</strong>
Zoiets kan best leuke televisie opleveren, denk ik. Vooral bij de auditierondes, wanneer allerlei mensen komen die helemaal niemand graag als buren zou willen hebben, zoals een drummer van een death-metal band, een kweker van wietplanten, of een tandarts die zijn praktijk in het huis wil gaan beginnen. Mijn vrouw en ik vormen de jury. We zitten in comfortabele stoelen en hebben een grote knop waar we op kunnen meppen. Wanneer we op de rode knop drukken klinkt er een zoemer: het sein dat iemand het podium mag verlaten. Helaas, u wordt niet onze nieuwe buur. Zo vallen alle deelnemers af totdat uiteindelijk de perfecte buren overblijven.

Dat lijkt me leuke televisie, toch? En mocht het naderhand tegenvallen met die leuke nieuwe buren, dan hoop ik dat we genoeg hebben verdiend met die televisieshow om dan maar zelf te gaan verhuizen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/r80o/" target="_blank">Mark Strozier</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Onze buren gaan verhuizen. Dat vind ik alles behalve leuk. Niet alleen omdat ik ze heel erg ga missen, maar ook omdat je niet weet wat je er voor terug krijgt.<span id="more-33338"></span></p>
<p><strong>Liedjes zingen</strong><br />
We kochten dit huis elf jaar geleden. De buren destijds waren een oud echtpaar. Hij was een nors type, zij een schat van een vrouw. We gingen twee keer bij ze op de koffie, de eerste keer vlak nadat we er kwamen wonen, de tweede keer toen ze hadden besloten om te gaan verhuizen naar een bejaardenappartementje. De buurvrouw vertelde ons de mooiste verhalen over vroeger. Een paar keer zongen ze een liedje. Zo lief, twee van die oude mensjes die samen een liedje zingen. Zo wil ik ook oud worden. Helaas is onze oude buurvrouw een paar jaar geleden overleden. Haar man woont nog altijd op het adres waar ze naar toe verhuisden, helemaal alleen. Zo zielig.</p>
<p><strong>Tevreden zijn</strong><br />
Ze verkochten het huis aan een jong stel, dat grootse plannen had met het huis. Ze kondigden aan de keet in zijn totaliteit te gaan verbouwen. We konden rekenen op een paar maanden lang boor- en zaaggeluiden. Ze hielden woord. Het complete huis werd gerenoveerd. De badkamer namen ze onder handen. Er kwam een nieuwe keuken. Het oude huisje waar jaren niets aan was gedaan zag er ineens heel modern uit. Maar de buurvrouw was nog niet tevreden. Opnieuw werd de keuken gesloopt. Er kwam iets nieuws voor in de plaats. De badkamer was ook niet naar haar zin, die moest ook opnieuw. Daarna bleek haar man niet meer naar haar zin te zijn. Ze gingen uit elkaar. Zonde.</p>
<p><strong>Barbecuevisite</strong><br />
We waren heel blij toen we hoorden wie onze nieuwe buren zouden gaan worden. Mijn ouders zijn bevriend met de moeder van de buurman. De buurman heb ik nog gekend als klein ventje van elf of twaalf jaar oud. De klik was er meteen zodra ze hier kwamen wonen. In plaats van op de koffie, gingen we bij elkaar op barbecuevisite, met een biertje erbij. We zochten elkaar zo nu en dan op en het was altijd gezellig. Maar zoals dat kan zijn met huizen, bleek het huis naast het onze niet het perfecte huis voor onze buren. Ze gaan het verkopen. Voor de vierde keer in elf jaar krijgen we nieuwe buren. Je zou bijna denken dat het aan ons ligt.</p>
<p><strong>Eisen</strong><br />
Het liefst zou ik inspraak hebben in wie onze nieuwe buren worden. Ik heb wel wat eisen. We willen niet alleen graag leuke mensen als buren, het is ook fijn wanneer ze in de ochtenden niet te luidruchtig zijn. Buurkinderen zijn meer dan welkom, maar dan wel van het type dat een degelijke opvoeding heeft genoten en dat kan luisteren, zeker wanneer ze op straat aan het spelen zijn in de buurt van onze auto. Eigenlijk zou er een voorselectie moeten zijn, een soort van afvalrace zoals je die ook op televisie hebt: &#8216;So you think you can be our Neighbour?&#8217; Of: &#8216;Werners Next Neighbour.&#8217;</p>
<p><strong>Auditierondes</strong><br />
Zoiets kan best leuke televisie opleveren, denk ik. Vooral bij de auditierondes, wanneer allerlei mensen komen die helemaal niemand graag als buren zou willen hebben, zoals een drummer van een death-metal band, een kweker van wietplanten, of een tandarts die zijn praktijk in het huis wil gaan beginnen. Mijn vrouw en ik vormen de jury. We zitten in comfortabele stoelen en hebben een grote knop waar we op kunnen meppen. Wanneer we op de rode knop drukken klinkt er een zoemer: het sein dat iemand het podium mag verlaten. Helaas, u wordt niet onze nieuwe buur. Zo vallen alle deelnemers af totdat uiteindelijk de perfecte buren overblijven.</p>
<p>Dat lijkt me leuke televisie, toch? En mocht het naderhand tegenvallen met die leuke nieuwe buren, dan hoop ik dat we genoeg hebben verdiend met die televisieshow om dan maar zelf te gaan verhuizen.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/r80o/" target="_blank">Mark Strozier</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/10/29/thuis-nieuwe-buren-verhuizen-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>6</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/10/monopoly_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Onze buren gaan verhuizen. Dat vind ik alles behalve leuk. Niet alleen omdat ik ze heel erg ga missen, maar ook omdat je niet weet wat je er voor terug krijgt.<!--more-->

<strong>Liedjes zingen</strong>
We kochten dit huis elf jaar geleden. De buren destijds waren een oud echtpaar. Hij was een nors type, zij een schat van een vrouw. We gingen twee keer bij ze op de koffie, de eerste keer vlak nadat we er kwamen wonen, de tweede keer toen ze hadden besloten om te gaan verhuizen naar een bejaardenappartementje. De buurvrouw vertelde ons de mooiste verhalen over vroeger. Een paar keer zongen ze een liedje. Zo lief, twee van die oude mensjes die samen een liedje zingen. Zo wil ik ook oud worden. Helaas is onze oude buurvrouw een paar jaar geleden overleden. Haar man woont nog altijd op het adres waar ze naar toe verhuisden, helemaal alleen. Zo zielig.

<strong>Tevreden zijn</strong>
Ze verkochten het huis aan een jong stel, dat grootse plannen had met het huis. Ze kondigden aan de keet in zijn totaliteit te gaan verbouwen. We konden rekenen op een paar maanden lang boor- en zaaggeluiden. Ze hielden woord. Het complete huis werd gerenoveerd. De badkamer namen ze onder handen. Er kwam een nieuwe keuken. Het oude huisje waar jaren niets aan was gedaan zag er ineens heel modern uit. Maar de buurvrouw was nog niet tevreden. Opnieuw werd de keuken gesloopt. Er kwam iets nieuws voor in de plaats. De badkamer was ook niet naar haar zin, die moest ook opnieuw. Daarna bleek haar man niet meer naar haar zin te zijn. Ze gingen uit elkaar. Zonde.

<strong>Barbecuevisite</strong>
We waren heel blij toen we hoorden wie onze nieuwe buren zouden gaan worden. Mijn ouders zijn bevriend met de moeder van de buurman. De buurman heb ik nog gekend als klein ventje van elf of twaalf jaar oud. De klik was er meteen zodra ze hier kwamen wonen. In plaats van op de koffie, gingen we bij elkaar op barbecuevisite, met een biertje erbij. We zochten elkaar zo nu en dan op en het was altijd gezellig. Maar zoals dat kan zijn met huizen, bleek het huis naast het onze niet het perfecte huis voor onze buren. Ze gaan het verkopen. Voor de vierde keer in elf jaar krijgen we nieuwe buren. Je zou bijna denken dat het aan ons ligt.

<strong>Eisen</strong>
Het liefst zou ik inspraak hebben in wie onze nieuwe buren worden. Ik heb wel wat eisen. We willen niet alleen graag leuke mensen als buren, het is ook fijn wanneer ze in de ochtenden niet te luidruchtig zijn. Buurkinderen zijn meer dan welkom, maar dan wel van het type dat een degelijke opvoeding heeft genoten en dat kan luisteren, zeker wanneer ze op straat aan het spelen zijn in de buurt van onze auto. Eigenlijk zou er een voorselectie moeten zijn, een soort van afvalrace zoals je die ook op televisie hebt: 'So you think you can be our Neighbour?' Of: 'Werners Next Neighbour.'

<strong>Auditierondes</strong>
Zoiets kan best leuke televisie opleveren, denk ik. Vooral bij de auditierondes, wanneer allerlei mensen komen die helemaal niemand graag als buren zou willen hebben, zoals een drummer van een death-metal band, een kweker van wietplanten, of een tandarts die zijn praktijk in het huis wil gaan beginnen. Mijn vrouw en ik vormen de jury. We zitten in comfortabele stoelen en hebben een grote knop waar we op kunnen meppen. Wanneer we op de rode knop drukken klinkt er een zoemer: het sein dat iemand het podium mag verlaten. Helaas, u wordt niet onze nieuwe buur. Zo vallen alle deelnemers af totdat uiteindelijk de perfecte buren overblijven.

Dat lijkt me leuke televisie, toch? En mocht het naderhand tegenvallen met die leuke nieuwe buren, dan hoop ik dat we genoeg hebben verdiend met die televisieshow om dan maar zelf te gaan verhuizen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/r80o/" target="_blank">Mark Strozier</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Leeftijden raden</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/10/27/leeftijden-raden-ontwikkeling-leeftijd-vrouwen-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/10/27/leeftijden-raden-ontwikkeling-leeftijd-vrouwen-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 27 Oct 2011 11:15:45 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Psyche]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[gokken]]></category>
		<category><![CDATA[leeftijd]]></category>
		<category><![CDATA[raden]]></category>
		<category><![CDATA[schatten]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33306</guid>
		<description><![CDATA['Hoe oud schat je mij?' Het is een vraag die vrouwen graag stellen, maar die je als man beter niet kunt beantwoorden. Ook ik ben jong geweest, naïef en onnozel. Ik heb wel eens de gok gewaagd door op zo'n vraag in te gaan.<!--more--> Zo heel slecht was ik niet eens. Vaak raadde ik de exacte leeftijd, of zat ik er nauwelijks naast. Dan was ze wel jonger, maar zat haar verjaardag eraan te komen. Dus zo heel erg was het dan niet. Mijn ideale formule bij het raden was: leeftijd die je gokt, minus drie jaar.

<strong>Onnozele blik</strong>
Maar het ging een keer mis, hoe kan het ook anders? Er zijn vrouwen wiens ware leeftijd je onmogelijk kunt schatten. Je hebt er vrouwen bij die op afschuwelijke wijze zijn afgeleefd, waarvan mensen automatisch aannemen dat ze de oma zijn van dat kind in de kinderwagen, terwijl ze de moeder zijn. Je hebt ook vrouwen wiens pony zo is geknipt dat geen enkele rimpel zichtbaar is, of die voor eeuwig en altijd de wereld bekijken met een onnozele blik. Wil je dan de leeftijd raden, dan ga je de mist in.

Wat ik had moeten zien als mijn grote waarschuwing, was de keer dat ik besloot een ruimere marge te nemen bij een secretaresse op kantoor. Ik wist het niet zeker en noemde een leeftijd die tien jaar jonger was dan dat ik haar werkelijk schatte. Bleek ik de leeftijd precies goed te hebben geraden! Zij was heel blij met mijn antwoord, maar ik schrok. Helaas bleef ik erin trappen en bleef ik die stomme vraag telkens weer beantwoorden. Het moest misgaan en dat deed het ook. Ik heb een vrouw eens door het raden naar haar leeftijd zo erg beledigd dat ze daarna niet meer met mij wilde praten.

<strong>Spelletje</strong>
Dit weekend vroeg een vrouw mij hoe oud ze was. Ik zei dat ik daar geen antwoord op wilde geven. Maar ze bleef aandringen. Om aan te geven dat ik niet serieus was noemde ik een leeftijd op die ze onmogelijk kon hebben. Daarop vertelde ze mij wat haar echte leeftijd was. Ik was verrast en dat uitte ik ook, maar dat vond ze dus niet leuk. Daar had ik even niet aan gedacht, dat de reactie op het horen van een leeftijd even problematisch kon zijn als het verkeerd raden van een leeftijd. Het hele spelletje rondom het raden van de leeftijd van een vrouw werd ineens nog complexer.

Dus nodigde ik een vriendin uit om het spelletje mee te spelen. Ik wilde zien wat het effect zou zijn wanneer een vrouw de leeftijd van een andere vrouw compleet verkeerd zou inschatten. Dat bleek een erg leerzame les te zijn. Want hoe de vriendin het aanpakte was briljant. Eerst ging ze, vanzelfsprekend, helemaal de fout in. Ze zat er compleet naast. Nee, dertig, zo jong was ze niet, daarmee zat ze wel erg uit de richting, veertig, ze was veertig jaar oud, ja, werkelijk waar. Ik lachte in mijn vuistje. Maar toen!

<strong>Bonus</strong>
Ineens bleek dat vrouwen als soort van bonus een geheel andere leeftijd bezitten naast hun werkelijke leeftijd! Een leeftijd waar ze bovendien veel zwaarder aan tillen. 'Als ik op jouw uiterlijk zou afgaan, zou ik je hooguit dertig schatten,' zei de vriendin. 'Je hebt de uitstraling van iemand die rijper is, die weet hoe dingen in elkaar zitten. Je lijkt me echt iemand die al heel wat van de wereld heeft gezien.' De veertigjarige vrouw die er een hekel aan had om gezien te worden als een vrouw van dertig (ja heus, ze bestaan), begon te glunderen. Het was weer helemaal goed tussen die twee.

Blijkbaar is het dus helemaal niet erg om er een paar jaar naast te zitten wanneer je de leeftijd van een vrouw raadt, als je er naderhand maar de juiste uitleg bij geeft. Dat is goed om te weten! Niet dat ik ooit nog gebruik zal maken van wat ik heb geleerd: voortaan houd ik gewoon mijn mond.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/tormods/" target="_blank">Tormod Sandtorv</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>&#8216;Hoe oud schat je mij?&#8217; Het is een vraag die vrouwen graag stellen, maar die je als man beter niet kunt beantwoorden. Ook ik ben jong geweest, naïef en onnozel. Ik heb wel eens de gok gewaagd door op zo&#8217;n vraag in te gaan.<span id="more-33306"></span> Zo heel slecht was ik niet eens. Vaak raadde ik de exacte leeftijd, of zat ik er nauwelijks naast. Dan was ze wel jonger, maar zat haar verjaardag eraan te komen. Dus zo heel erg was het dan niet. Mijn ideale formule bij het raden was: leeftijd die je gokt, minus drie jaar.</p>
<p><strong>Onnozele blik</strong><br />
Maar het ging een keer mis, hoe kan het ook anders? Er zijn vrouwen wiens ware leeftijd je onmogelijk kunt schatten. Je hebt er vrouwen bij die op afschuwelijke wijze zijn afgeleefd, waarvan mensen automatisch aannemen dat ze de oma zijn van dat kind in de kinderwagen, terwijl ze de moeder zijn. Je hebt ook vrouwen wiens pony zo is geknipt dat geen enkele rimpel zichtbaar is, of die voor eeuwig en altijd de wereld bekijken met een onnozele blik. Wil je dan de leeftijd raden, dan ga je de mist in.</p>
<p>Wat ik had moeten zien als mijn grote waarschuwing, was de keer dat ik besloot een ruimere marge te nemen bij een secretaresse op kantoor. Ik wist het niet zeker en noemde een leeftijd die tien jaar jonger was dan dat ik haar werkelijk schatte. Bleek ik de leeftijd precies goed te hebben geraden! Zij was heel blij met mijn antwoord, maar ik schrok. Helaas bleef ik erin trappen en bleef ik die stomme vraag telkens weer beantwoorden. Het moest misgaan en dat deed het ook. Ik heb een vrouw eens door het raden naar haar leeftijd zo erg beledigd dat ze daarna niet meer met mij wilde praten.</p>
<p><strong>Spelletje</strong><br />
Dit weekend vroeg een vrouw mij hoe oud ze was. Ik zei dat ik daar geen antwoord op wilde geven. Maar ze bleef aandringen. Om aan te geven dat ik niet serieus was noemde ik een leeftijd op die ze onmogelijk kon hebben. Daarop vertelde ze mij wat haar echte leeftijd was. Ik was verrast en dat uitte ik ook, maar dat vond ze dus niet leuk. Daar had ik even niet aan gedacht, dat de reactie op het horen van een leeftijd even problematisch kon zijn als het verkeerd raden van een leeftijd. Het hele spelletje rondom het raden van de leeftijd van een vrouw werd ineens nog complexer.</p>
<p>Dus nodigde ik een vriendin uit om het spelletje mee te spelen. Ik wilde zien wat het effect zou zijn wanneer een vrouw de leeftijd van een andere vrouw compleet verkeerd zou inschatten. Dat bleek een erg leerzame les te zijn. Want hoe de vriendin het aanpakte was briljant. Eerst ging ze, vanzelfsprekend, helemaal de fout in. Ze zat er compleet naast. Nee, dertig, zo jong was ze niet, daarmee zat ze wel erg uit de richting, veertig, ze was veertig jaar oud, ja, werkelijk waar. Ik lachte in mijn vuistje. Maar toen!</p>
<p><strong>Bonus</strong><br />
Ineens bleek dat vrouwen als soort van bonus een geheel andere leeftijd bezitten naast hun werkelijke leeftijd! Een leeftijd waar ze bovendien veel zwaarder aan tillen. &#8216;Als ik op jouw uiterlijk zou afgaan, zou ik je hooguit dertig schatten,&#8217; zei de vriendin. &#8216;Je hebt de uitstraling van iemand die rijper is, die weet hoe dingen in elkaar zitten. Je lijkt me echt iemand die al heel wat van de wereld heeft gezien.&#8217; De veertigjarige vrouw die er een hekel aan had om gezien te worden als een vrouw van dertig (ja heus, ze bestaan), begon te glunderen. Het was weer helemaal goed tussen die twee.</p>
<p>Blijkbaar is het dus helemaal niet erg om er een paar jaar naast te zitten wanneer je de leeftijd van een vrouw raadt, als je er naderhand maar de juiste uitleg bij geeft. Dat is goed om te weten! Niet dat ik ooit nog gebruik zal maken van wat ik heb geleerd: voortaan houd ik gewoon mijn mond.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/tormods/" target="_blank">Tormod Sandtorv</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/10/27/leeftijden-raden-ontwikkeling-leeftijd-vrouwen-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>12</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/10/oudvrouwtje_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA['Hoe oud schat je mij?' Het is een vraag die vrouwen graag stellen, maar die je als man beter niet kunt beantwoorden. Ook ik ben jong geweest, naïef en onnozel. Ik heb wel eens de gok gewaagd door op zo'n vraag in te gaan.<!--more--> Zo heel slecht was ik niet eens. Vaak raadde ik de exacte leeftijd, of zat ik er nauwelijks naast. Dan was ze wel jonger, maar zat haar verjaardag eraan te komen. Dus zo heel erg was het dan niet. Mijn ideale formule bij het raden was: leeftijd die je gokt, minus drie jaar.

<strong>Onnozele blik</strong>
Maar het ging een keer mis, hoe kan het ook anders? Er zijn vrouwen wiens ware leeftijd je onmogelijk kunt schatten. Je hebt er vrouwen bij die op afschuwelijke wijze zijn afgeleefd, waarvan mensen automatisch aannemen dat ze de oma zijn van dat kind in de kinderwagen, terwijl ze de moeder zijn. Je hebt ook vrouwen wiens pony zo is geknipt dat geen enkele rimpel zichtbaar is, of die voor eeuwig en altijd de wereld bekijken met een onnozele blik. Wil je dan de leeftijd raden, dan ga je de mist in.

Wat ik had moeten zien als mijn grote waarschuwing, was de keer dat ik besloot een ruimere marge te nemen bij een secretaresse op kantoor. Ik wist het niet zeker en noemde een leeftijd die tien jaar jonger was dan dat ik haar werkelijk schatte. Bleek ik de leeftijd precies goed te hebben geraden! Zij was heel blij met mijn antwoord, maar ik schrok. Helaas bleef ik erin trappen en bleef ik die stomme vraag telkens weer beantwoorden. Het moest misgaan en dat deed het ook. Ik heb een vrouw eens door het raden naar haar leeftijd zo erg beledigd dat ze daarna niet meer met mij wilde praten.

<strong>Spelletje</strong>
Dit weekend vroeg een vrouw mij hoe oud ze was. Ik zei dat ik daar geen antwoord op wilde geven. Maar ze bleef aandringen. Om aan te geven dat ik niet serieus was noemde ik een leeftijd op die ze onmogelijk kon hebben. Daarop vertelde ze mij wat haar echte leeftijd was. Ik was verrast en dat uitte ik ook, maar dat vond ze dus niet leuk. Daar had ik even niet aan gedacht, dat de reactie op het horen van een leeftijd even problematisch kon zijn als het verkeerd raden van een leeftijd. Het hele spelletje rondom het raden van de leeftijd van een vrouw werd ineens nog complexer.

Dus nodigde ik een vriendin uit om het spelletje mee te spelen. Ik wilde zien wat het effect zou zijn wanneer een vrouw de leeftijd van een andere vrouw compleet verkeerd zou inschatten. Dat bleek een erg leerzame les te zijn. Want hoe de vriendin het aanpakte was briljant. Eerst ging ze, vanzelfsprekend, helemaal de fout in. Ze zat er compleet naast. Nee, dertig, zo jong was ze niet, daarmee zat ze wel erg uit de richting, veertig, ze was veertig jaar oud, ja, werkelijk waar. Ik lachte in mijn vuistje. Maar toen!

<strong>Bonus</strong>
Ineens bleek dat vrouwen als soort van bonus een geheel andere leeftijd bezitten naast hun werkelijke leeftijd! Een leeftijd waar ze bovendien veel zwaarder aan tillen. 'Als ik op jouw uiterlijk zou afgaan, zou ik je hooguit dertig schatten,' zei de vriendin. 'Je hebt de uitstraling van iemand die rijper is, die weet hoe dingen in elkaar zitten. Je lijkt me echt iemand die al heel wat van de wereld heeft gezien.' De veertigjarige vrouw die er een hekel aan had om gezien te worden als een vrouw van dertig (ja heus, ze bestaan), begon te glunderen. Het was weer helemaal goed tussen die twee.

Blijkbaar is het dus helemaal niet erg om er een paar jaar naast te zitten wanneer je de leeftijd van een vrouw raadt, als je er naderhand maar de juiste uitleg bij geeft. Dat is goed om te weten! Niet dat ik ooit nog gebruik zal maken van wat ik heb geleerd: voortaan houd ik gewoon mijn mond.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/tormods/" target="_blank">Tormod Sandtorv</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Gezellig feestje</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/10/25/uitgaan-feest-kinderen-stappen-boot-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/10/25/uitgaan-feest-kinderen-stappen-boot-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 25 Oct 2011 06:36:25 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Uitgaan]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[afterparty]]></category>
		<category><![CDATA[boot]]></category>
		<category><![CDATA[feest]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33252</guid>
		<description><![CDATA[Zaterdagavond was ik aanwezig op een gezellig feestje. De setting was een boot in de Piushaven te Tilburg.<!--more--> Het was een echte boot in de zin dat hij smal en nauw was. Ik moest overal bukken, want de plafonds waren laag. De dansvloer was aan de voorkant en de toiletten aan de achterkant. De boot schommelde; werd er flink gedanst, dan spetterde de poep zo terug tegen je billen als je op het toilet zat.

<strong>Batman</strong>
Sommige mensen worden niet vrolijk van feestjes waar ze weinig mensen kennen, zo ook mijn vrouw. Zij was daarom thuis gebleven. Ik houd zelf juist wel van feestjes waar ik weinig mensen ken. Op dat soort feestjes kan van alles gebeuren. Ik raakte dit keer verzeild in een heel leuk gesprek met een vrouw die heerlijk in mijn oor spetterde tijdens het praten. Haar man was er ook. Hij droeg een Batman t-shirt waarop spieren waren afgebeeld, een soort van artificiële blokjesbuik.

Net als ik waren zij verantwoordelijk voor een stel kinderen. Dus ze kenden het gevoel dat ik had: eindelijk er weer eens uit zijn. Zij hadden echt behoefte aan een goed feest, een wild feest, een feest dat deed denken aan de feesten van weleer. Alles klopte ook. De muziek die werd gedraaid paste perfect, de mensen die er waren hadden exact de juiste leeftijd, er waren hapjes, er was drank, van mij mocht het nog heel lang blijven duren. Ik ging voor laat, heel laat. Ik wilde de uren wel eens zien die ik doorgaans associeer met de middag.

<strong>Harde kern</strong>
Rondom ons begonnen mensen te vertrekken. Familie, ze zwaaiden af. Kussen werden uitgedeeld, er werd gewuifd en afscheid genomen. De muziek werd aangepast op het publiek dat overbleef. De harde kern. Er kwam muziek op die hoort bij de nacht. Chemical Brothers. Fat Boy Slim. De handen gingen de lucht in, in mijn geval één hand, want in de andere hield ik een glas rode wijn. Dat had ik lang niet gedronken, maar het hoorde een beetje bij het feestje - of eerlijker: ik durfde geen rum cola te bestellen omdat er meestal geen mixen worden geschonken op feestjes, en in bier had ik geen zin.

De nacht brak open. Het schip deinde in het water. Het was beter niet meer te gaan poepen. Vrouwen die de veertig hadden overwonnen dansten, zwierden met hun krullen, deden alsof er niemand keek. 'Doe mee,' riepen ze naar ons, de mannen. We maakten voorzichtige pasjes. Maar de diskjockey wist ons wel te grijpen. Ineens klonk er muziek waarop ik niet stil kon blijven staan. Ik sloot mijn ogen en ging. Fantastisch. Lekker gek doen. Heerlijke vrijheid in het buik van het schip, dat werd verlicht door een blacklight tl-buis en één draaiende discolamp.

<strong>Afterparty</strong>
Het was helaas de laatste plaat die gedraaid kon worden aan boord van het schip. We waren bij het eind van het feestje aangekomen. 'Waar is de afterparty,' vroeg ik. Magische woorden. Een feest is pas echt geslaagd als er een afterparty is. Iemand nodigde ons uit om bij hem thuis verder te gaan. Zijn huis stond aan de andere kade, honderd meter zwemmen, tien minuten lopen. We gingen, de meesten van ons met de fiets. De kou maakte mij weer nuchter, maar ik was het die had gevraagd waar de afterparty was. Ik kon niet wegblijven.

Dus wat later hing ik onderuit in een bank van iemand die ik nauwelijks ken in een huis waar ik nooit eerder was geweest. De diskjockey zat op de vloer bij de geluidsinstallatie en stopte zo nu en dan een andere cd in de lader. Vrouwen in rokken en laarzen lalden met glazen wijn in de hand. Iemand riep: 'laten we truth or dare doen.' Zo'n afterparty was het. Ik vond het best. Maar ergens wist ik: het is laat. Tussen mij en mijn bed zaten dertien kilometers die ik nog op de fiets moest overbruggen. Ik moest maar eens gaan.

<strong>Ochtend</strong>
Achteraf hoorde ik dat de laatste gast pas was weggegaan om half zes. Zal de gastheer van de afterparty dat wel fijn hebben gevonden? De halve nacht hebben feestende mensen zijn huiskamer bevolkt, terwijl ze zijn drankvoorraad opmaakten, dat allemaal omdat iemand zich afvroeg waar de afterparty ergens was. Iemand die zelf al rond drie uur naar huis was gegaan. Ach. Waarschijnlijk herinnert zich toch niemand meer wie dat was.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/morphomir/" target="_blank">M31.</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Zaterdagavond was ik aanwezig op een gezellig feestje. De setting was een boot in de Piushaven te Tilburg.<span id="more-33252"></span> Het was een echte boot in de zin dat hij smal en nauw was. Ik moest overal bukken, want de plafonds waren laag. De dansvloer was aan de voorkant en de toiletten aan de achterkant. De boot schommelde; werd er flink gedanst, dan spetterde de poep zo terug tegen je billen als je op het toilet zat.</p>
<p><strong>Batman</strong><br />
Sommige mensen worden niet vrolijk van feestjes waar ze weinig mensen kennen, zo ook mijn vrouw. Zij was daarom thuis gebleven. Ik houd zelf juist wel van feestjes waar ik weinig mensen ken. Op dat soort feestjes kan van alles gebeuren. Ik raakte dit keer verzeild in een heel leuk gesprek met een vrouw die heerlijk in mijn oor spetterde tijdens het praten. Haar man was er ook. Hij droeg een Batman t-shirt waarop spieren waren afgebeeld, een soort van artificiële blokjesbuik.</p>
<p>Net als ik waren zij verantwoordelijk voor een stel kinderen. Dus ze kenden het gevoel dat ik had: eindelijk er weer eens uit zijn. Zij hadden echt behoefte aan een goed feest, een wild feest, een feest dat deed denken aan de feesten van weleer. Alles klopte ook. De muziek die werd gedraaid paste perfect, de mensen die er waren hadden exact de juiste leeftijd, er waren hapjes, er was drank, van mij mocht het nog heel lang blijven duren. Ik ging voor laat, heel laat. Ik wilde de uren wel eens zien die ik doorgaans associeer met de middag.</p>
<p><strong>Harde kern</strong><br />
Rondom ons begonnen mensen te vertrekken. Familie, ze zwaaiden af. Kussen werden uitgedeeld, er werd gewuifd en afscheid genomen. De muziek werd aangepast op het publiek dat overbleef. De harde kern. Er kwam muziek op die hoort bij de nacht. Chemical Brothers. Fat Boy Slim. De handen gingen de lucht in, in mijn geval één hand, want in de andere hield ik een glas rode wijn. Dat had ik lang niet gedronken, maar het hoorde een beetje bij het feestje &#8211; of eerlijker: ik durfde geen rum cola te bestellen omdat er meestal geen mixen worden geschonken op feestjes, en in bier had ik geen zin.</p>
<p>De nacht brak open. Het schip deinde in het water. Het was beter niet meer te gaan poepen. Vrouwen die de veertig hadden overwonnen dansten, zwierden met hun krullen, deden alsof er niemand keek. &#8216;Doe mee,&#8217; riepen ze naar ons, de mannen. We maakten voorzichtige pasjes. Maar de diskjockey wist ons wel te grijpen. Ineens klonk er muziek waarop ik niet stil kon blijven staan. Ik sloot mijn ogen en ging. Fantastisch. Lekker gek doen. Heerlijke vrijheid in het buik van het schip, dat werd verlicht door een blacklight tl-buis en één draaiende discolamp.</p>
<p><strong>Afterparty</strong><br />
Het was helaas de laatste plaat die gedraaid kon worden aan boord van het schip. We waren bij het eind van het feestje aangekomen. &#8216;Waar is de afterparty,&#8217; vroeg ik. Magische woorden. Een feest is pas echt geslaagd als er een afterparty is. Iemand nodigde ons uit om bij hem thuis verder te gaan. Zijn huis stond aan de andere kade, honderd meter zwemmen, tien minuten lopen. We gingen, de meesten van ons met de fiets. De kou maakte mij weer nuchter, maar ik was het die had gevraagd waar de afterparty was. Ik kon niet wegblijven.</p>
<p>Dus wat later hing ik onderuit in een bank van iemand die ik nauwelijks ken in een huis waar ik nooit eerder was geweest. De diskjockey zat op de vloer bij de geluidsinstallatie en stopte zo nu en dan een andere cd in de lader. Vrouwen in rokken en laarzen lalden met glazen wijn in de hand. Iemand riep: &#8216;laten we truth or dare doen.&#8217; Zo&#8217;n afterparty was het. Ik vond het best. Maar ergens wist ik: het is laat. Tussen mij en mijn bed zaten dertien kilometers die ik nog op de fiets moest overbruggen. Ik moest maar eens gaan.</p>
<p><strong>Ochtend</strong><br />
Achteraf hoorde ik dat de laatste gast pas was weggegaan om half zes. Zal de gastheer van de afterparty dat wel fijn hebben gevonden? De halve nacht hebben feestende mensen zijn huiskamer bevolkt, terwijl ze zijn drankvoorraad opmaakten, dat allemaal omdat iemand zich afvroeg waar de afterparty ergens was. Iemand die zelf al rond drie uur naar huis was gegaan. Ach. Waarschijnlijk herinnert zich toch niemand meer wie dat was.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/morphomir/" target="_blank">M31.</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/10/25/uitgaan-feest-kinderen-stappen-boot-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/10/feest_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Zaterdagavond was ik aanwezig op een gezellig feestje. De setting was een boot in de Piushaven te Tilburg.<!--more--> Het was een echte boot in de zin dat hij smal en nauw was. Ik moest overal bukken, want de plafonds waren laag. De dansvloer was aan de voorkant en de toiletten aan de achterkant. De boot schommelde; werd er flink gedanst, dan spetterde de poep zo terug tegen je billen als je op het toilet zat.

<strong>Batman</strong>
Sommige mensen worden niet vrolijk van feestjes waar ze weinig mensen kennen, zo ook mijn vrouw. Zij was daarom thuis gebleven. Ik houd zelf juist wel van feestjes waar ik weinig mensen ken. Op dat soort feestjes kan van alles gebeuren. Ik raakte dit keer verzeild in een heel leuk gesprek met een vrouw die heerlijk in mijn oor spetterde tijdens het praten. Haar man was er ook. Hij droeg een Batman t-shirt waarop spieren waren afgebeeld, een soort van artificiële blokjesbuik.

Net als ik waren zij verantwoordelijk voor een stel kinderen. Dus ze kenden het gevoel dat ik had: eindelijk er weer eens uit zijn. Zij hadden echt behoefte aan een goed feest, een wild feest, een feest dat deed denken aan de feesten van weleer. Alles klopte ook. De muziek die werd gedraaid paste perfect, de mensen die er waren hadden exact de juiste leeftijd, er waren hapjes, er was drank, van mij mocht het nog heel lang blijven duren. Ik ging voor laat, heel laat. Ik wilde de uren wel eens zien die ik doorgaans associeer met de middag.

<strong>Harde kern</strong>
Rondom ons begonnen mensen te vertrekken. Familie, ze zwaaiden af. Kussen werden uitgedeeld, er werd gewuifd en afscheid genomen. De muziek werd aangepast op het publiek dat overbleef. De harde kern. Er kwam muziek op die hoort bij de nacht. Chemical Brothers. Fat Boy Slim. De handen gingen de lucht in, in mijn geval één hand, want in de andere hield ik een glas rode wijn. Dat had ik lang niet gedronken, maar het hoorde een beetje bij het feestje - of eerlijker: ik durfde geen rum cola te bestellen omdat er meestal geen mixen worden geschonken op feestjes, en in bier had ik geen zin.

De nacht brak open. Het schip deinde in het water. Het was beter niet meer te gaan poepen. Vrouwen die de veertig hadden overwonnen dansten, zwierden met hun krullen, deden alsof er niemand keek. 'Doe mee,' riepen ze naar ons, de mannen. We maakten voorzichtige pasjes. Maar de diskjockey wist ons wel te grijpen. Ineens klonk er muziek waarop ik niet stil kon blijven staan. Ik sloot mijn ogen en ging. Fantastisch. Lekker gek doen. Heerlijke vrijheid in het buik van het schip, dat werd verlicht door een blacklight tl-buis en één draaiende discolamp.

<strong>Afterparty</strong>
Het was helaas de laatste plaat die gedraaid kon worden aan boord van het schip. We waren bij het eind van het feestje aangekomen. 'Waar is de afterparty,' vroeg ik. Magische woorden. Een feest is pas echt geslaagd als er een afterparty is. Iemand nodigde ons uit om bij hem thuis verder te gaan. Zijn huis stond aan de andere kade, honderd meter zwemmen, tien minuten lopen. We gingen, de meesten van ons met de fiets. De kou maakte mij weer nuchter, maar ik was het die had gevraagd waar de afterparty was. Ik kon niet wegblijven.

Dus wat later hing ik onderuit in een bank van iemand die ik nauwelijks ken in een huis waar ik nooit eerder was geweest. De diskjockey zat op de vloer bij de geluidsinstallatie en stopte zo nu en dan een andere cd in de lader. Vrouwen in rokken en laarzen lalden met glazen wijn in de hand. Iemand riep: 'laten we truth or dare doen.' Zo'n afterparty was het. Ik vond het best. Maar ergens wist ik: het is laat. Tussen mij en mijn bed zaten dertien kilometers die ik nog op de fiets moest overbruggen. Ik moest maar eens gaan.

<strong>Ochtend</strong>
Achteraf hoorde ik dat de laatste gast pas was weggegaan om half zes. Zal de gastheer van de afterparty dat wel fijn hebben gevonden? De halve nacht hebben feestende mensen zijn huiskamer bevolkt, terwijl ze zijn drankvoorraad opmaakten, dat allemaal omdat iemand zich afvroeg waar de afterparty ergens was. Iemand die zelf al rond drie uur naar huis was gegaan. Ach. Waarschijnlijk herinnert zich toch niemand meer wie dat was.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/morphomir/" target="_blank">M31.</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Carrousel in de woestijn</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/10/22/kinderkamer-klussen-kinderen-verf-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/10/22/kinderkamer-klussen-kinderen-verf-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 22 Oct 2011 16:05:52 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[behang]]></category>
		<category><![CDATA[carrousel]]></category>
		<category><![CDATA[kinderkamer]]></category>
		<category><![CDATA[onhandig]]></category>
		<category><![CDATA[speelgoed]]></category>
		<category><![CDATA[verf]]></category>
		<category><![CDATA[verven]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33207</guid>
		<description><![CDATA[In ons huis staat een carrousel<!--more--> van hout. Hij is gemaakt door de opa van mijn vrouw. De carrousel is een erfstuk en tevens een probleem, want het is speelgoed en in de ogen van kinderen dus bedoeld om mee te spelen. Mijn dochter zet graag haar poppen op de gefiguurzaagde paardjes, die zelfs ook nog bewegen. Gelukkig breken de diverse onderdeeltjes niet snel af onder het juk van slopende kinderhandjes. Mijn vrouw haar opa heeft het ding erg stevig gemaakt. Hij is zelfs een keer gevallen zonder dat er een schrammetje op zat. Helaas ging dat niet op voor het kind dat eronder lag.

<strong>Saloon</strong>
Waar laat je zoiets? Het is hier geen kermis in huis. Daarnaast is het een joekel. Hij stond tot vandaag op de kamer van Wessel, maar ik wilde het ding daar weghalen. De kamer van mijn zoon is ingericht als een saloon in het wilde westen, met klapdeuren en al. Daar past geen carrousel. Ik wilde hem verplaatsen, maar zag wat de carrousel met het behang had gedaan. Op het behang dat blauw was, omdat het de wolkeloze lucht boven de woestijn moet voorstellen, zaten twee witte strepen en twee vieze bruine strepen. Wat moet je dan? Wat diploma's over die plekken heen hangen? 'Kom Wessel, snel je B diploma halen, want er zit nog een lelijke vlek op de muur.'

<strong>Mengen</strong>
Ik besloot er de verf bij te pakken. Dat ging mij heus wel lukken: de juiste kleur blauw mengen. Dus niet. Mijn blauw was veel blauwer. Nu stond er een blauwe streep, een witte streep en een bruine streep. Als ik er nog wat strepen bij maakte kon ik er nog een indiaan van maken. Die zijn er ook in het Wilde Westen. Maar nee, ik mengde wat wit met het blauw en begon weer te verven. In de wolkenloze lucht verscheen nu een wolk. Een blauwe wolk. Ik deed nog wat wit. Nu was het een wolk met witte stippen, alsof het ging sneeuwen in de woestijn.

<strong>Smoesjes</strong>
Opgeven is niet mijn ding, dus ik ging door en de vlek werd groter en groter. Ondertussen verzon ik smoesjes. 'Wat? Een vlek? Nee joh, dat is de schaduw van die kast daar.' Ik hoefde dan alleen de kast te verplaatsen, zodat hij tussen vlek en raam in kwam te staan. Of ik zette de kast meteen maar voor de blauwe wolk, precies in het midden van de muur. Dan was er geen plaats meer voor wat ander meubilair, of het bed moest worden verplaatst. Misschien kon ik gewoon maar beter voorstellen om de kamer opnieuw te decoreren. Hij is zeven en misschien wordt het tijd voor een stoerder thema. Nog stoerder dan cowboys en indianen.

<strong>Blij</strong>
Die avond viel het Wessel niet eens op dat het bakbeest van een draaimolen weg was. Hij liep linea recta naar zijn bed toe om nog even in zijn boek te gaan lezen. Ik keek naar de plek waar ik de muur had geverfd, maar de blauwe vlek was nauwelijks te zien. De verf was opgedroogd in had nu dezelfde kleur als de rest van de woestijnlucht. Het leek eerst donkerder, maar dat was omdat de verf nat was. Ik werd er helemaal blij van, maar niemand deelde mijn enthousiasme. Een blauwe muur, net zo blauw als het blauw er omheen, en daar dan blij van worden. Gekke pappa.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/flydime/" target="_blank">flydime </a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>In ons huis staat een carrousel<span id="more-33207"></span> van hout. Hij is gemaakt door de opa van mijn vrouw. De carrousel is een erfstuk en tevens een probleem, want het is speelgoed en in de ogen van kinderen dus bedoeld om mee te spelen. Mijn dochter zet graag haar poppen op de gefiguurzaagde paardjes, die zelfs ook nog bewegen. Gelukkig breken de diverse onderdeeltjes niet snel af onder het juk van slopende kinderhandjes. Mijn vrouw haar opa heeft het ding erg stevig gemaakt. Hij is zelfs een keer gevallen zonder dat er een schrammetje op zat. Helaas ging dat niet op voor het kind dat eronder lag.</p>
<p><strong>Saloon</strong><br />
Waar laat je zoiets? Het is hier geen kermis in huis. Daarnaast is het een joekel. Hij stond tot vandaag op de kamer van Wessel, maar ik wilde het ding daar weghalen. De kamer van mijn zoon is ingericht als een saloon in het wilde westen, met klapdeuren en al. Daar past geen carrousel. Ik wilde hem verplaatsen, maar zag wat de carrousel met het behang had gedaan. Op het behang dat blauw was, omdat het de wolkeloze lucht boven de woestijn moet voorstellen, zaten twee witte strepen en twee vieze bruine strepen. Wat moet je dan? Wat diploma&#8217;s over die plekken heen hangen? &#8216;Kom Wessel, snel je B diploma halen, want er zit nog een lelijke vlek op de muur.&#8217;</p>
<p><strong>Mengen</strong><br />
Ik besloot er de verf bij te pakken. Dat ging mij heus wel lukken: de juiste kleur blauw mengen. Dus niet. Mijn blauw was veel blauwer. Nu stond er een blauwe streep, een witte streep en een bruine streep. Als ik er nog wat strepen bij maakte kon ik er nog een indiaan van maken. Die zijn er ook in het Wilde Westen. Maar nee, ik mengde wat wit met het blauw en begon weer te verven. In de wolkenloze lucht verscheen nu een wolk. Een blauwe wolk. Ik deed nog wat wit. Nu was het een wolk met witte stippen, alsof het ging sneeuwen in de woestijn.</p>
<p><strong>Smoesjes</strong><br />
Opgeven is niet mijn ding, dus ik ging door en de vlek werd groter en groter. Ondertussen verzon ik smoesjes. &#8216;Wat? Een vlek? Nee joh, dat is de schaduw van die kast daar.&#8217; Ik hoefde dan alleen de kast te verplaatsen, zodat hij tussen vlek en raam in kwam te staan. Of ik zette de kast meteen maar voor de blauwe wolk, precies in het midden van de muur. Dan was er geen plaats meer voor wat ander meubilair, of het bed moest worden verplaatst. Misschien kon ik gewoon maar beter voorstellen om de kamer opnieuw te decoreren. Hij is zeven en misschien wordt het tijd voor een stoerder thema. Nog stoerder dan cowboys en indianen.</p>
<p><strong>Blij</strong><br />
Die avond viel het Wessel niet eens op dat het bakbeest van een draaimolen weg was. Hij liep linea recta naar zijn bed toe om nog even in zijn boek te gaan lezen. Ik keek naar de plek waar ik de muur had geverfd, maar de blauwe vlek was nauwelijks te zien. De verf was opgedroogd in had nu dezelfde kleur als de rest van de woestijnlucht. Het leek eerst donkerder, maar dat was omdat de verf nat was. Ik werd er helemaal blij van, maar niemand deelde mijn enthousiasme. Een blauwe muur, net zo blauw als het blauw er omheen, en daar dan blij van worden. Gekke pappa.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/flydime/" target="_blank">flydime </a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/10/22/kinderkamer-klussen-kinderen-verf-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/10/draaimolen_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[In ons huis staat een carrousel<!--more--> van hout. Hij is gemaakt door de opa van mijn vrouw. De carrousel is een erfstuk en tevens een probleem, want het is speelgoed en in de ogen van kinderen dus bedoeld om mee te spelen. Mijn dochter zet graag haar poppen op de gefiguurzaagde paardjes, die zelfs ook nog bewegen. Gelukkig breken de diverse onderdeeltjes niet snel af onder het juk van slopende kinderhandjes. Mijn vrouw haar opa heeft het ding erg stevig gemaakt. Hij is zelfs een keer gevallen zonder dat er een schrammetje op zat. Helaas ging dat niet op voor het kind dat eronder lag.

<strong>Saloon</strong>
Waar laat je zoiets? Het is hier geen kermis in huis. Daarnaast is het een joekel. Hij stond tot vandaag op de kamer van Wessel, maar ik wilde het ding daar weghalen. De kamer van mijn zoon is ingericht als een saloon in het wilde westen, met klapdeuren en al. Daar past geen carrousel. Ik wilde hem verplaatsen, maar zag wat de carrousel met het behang had gedaan. Op het behang dat blauw was, omdat het de wolkeloze lucht boven de woestijn moet voorstellen, zaten twee witte strepen en twee vieze bruine strepen. Wat moet je dan? Wat diploma's over die plekken heen hangen? 'Kom Wessel, snel je B diploma halen, want er zit nog een lelijke vlek op de muur.'

<strong>Mengen</strong>
Ik besloot er de verf bij te pakken. Dat ging mij heus wel lukken: de juiste kleur blauw mengen. Dus niet. Mijn blauw was veel blauwer. Nu stond er een blauwe streep, een witte streep en een bruine streep. Als ik er nog wat strepen bij maakte kon ik er nog een indiaan van maken. Die zijn er ook in het Wilde Westen. Maar nee, ik mengde wat wit met het blauw en begon weer te verven. In de wolkenloze lucht verscheen nu een wolk. Een blauwe wolk. Ik deed nog wat wit. Nu was het een wolk met witte stippen, alsof het ging sneeuwen in de woestijn.

<strong>Smoesjes</strong>
Opgeven is niet mijn ding, dus ik ging door en de vlek werd groter en groter. Ondertussen verzon ik smoesjes. 'Wat? Een vlek? Nee joh, dat is de schaduw van die kast daar.' Ik hoefde dan alleen de kast te verplaatsen, zodat hij tussen vlek en raam in kwam te staan. Of ik zette de kast meteen maar voor de blauwe wolk, precies in het midden van de muur. Dan was er geen plaats meer voor wat ander meubilair, of het bed moest worden verplaatst. Misschien kon ik gewoon maar beter voorstellen om de kamer opnieuw te decoreren. Hij is zeven en misschien wordt het tijd voor een stoerder thema. Nog stoerder dan cowboys en indianen.

<strong>Blij</strong>
Die avond viel het Wessel niet eens op dat het bakbeest van een draaimolen weg was. Hij liep linea recta naar zijn bed toe om nog even in zijn boek te gaan lezen. Ik keek naar de plek waar ik de muur had geverfd, maar de blauwe vlek was nauwelijks te zien. De verf was opgedroogd in had nu dezelfde kleur als de rest van de woestijnlucht. Het leek eerst donkerder, maar dat was omdat de verf nat was. Ik werd er helemaal blij van, maar niemand deelde mijn enthousiasme. Een blauwe muur, net zo blauw als het blauw er omheen, en daar dan blij van worden. Gekke pappa.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/flydime/" target="_blank">flydime </a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Elkaar masseren</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/10/20/vivablog-relatie-partner-massage-erotiek-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/10/20/vivablog-relatie-partner-massage-erotiek-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 20 Oct 2011 11:15:29 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Relatie]]></category>
		<category><![CDATA[Seks]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[kietelen]]></category>
		<category><![CDATA[massage]]></category>
		<category><![CDATA[masseren]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33161</guid>
		<description><![CDATA[Vorige week masseerden we nog rijst omdat dat hoort bij het maken van sushi. 'Ik ben wel een beetje jaloers op de rijst,' zei mijn vrouw grappend, terwijl ze mij zo bezig zag.<!--more--> Daarom moet ze er deze week aan geloven. Ze mag bloot, met haar buik plat op bed. Want in het kader van: laten we vanavond samen iets leuks doen, ga ik haar masseren. Wanneer ik klaar ben mag ze mij onder handen nemen.

<strong>Vetvlekken</strong>
Het is lang geleden dat we elkaar een massage hebben gegeven. Voorheen waren onze massages altijd erg kort. Een paar keer kneden, klaar! Verder met het echte werk. Want dat is het met masseren hè, het geeft gelijk zo'n erotische lading. Toch vonden we het destijds onpraktisch als voorspel. Want heb je wel eens wat ondernomen met je partner, terwijl je van onder tot boven was ingesmeerd met olie? Je hebt geen grip en glijdt zo weg. Niet te doen. Bovendien gaan vetvlekken heel moeilijk uit het beddengoed.

Dit keer is seks niet het doel van de massage, maar ontspanning. Bij een goede massage val je in slaap. Helaas weet mijn vrouw dat ook en daarom laat zij mij voor gaan. Ik mag op mijn buik en merk meteen dat ons bed ontzettend onpraktisch is. Waarom maken ze standaard geen massagekuiltje in een tweepersoonsbed? Het is niet alleen een gat in je matras, maar ook een gat in de markt, net als met de inkepingen in beschuiten: het bespaart beschuit en het is o zo handig. Niemand valt door een klein gat in een matras heen en het helpt stellen enorm wanneer ze elkaar een massage geven.

<strong>Kietelen</strong>
Een klap op de billen is blijkbaar niet te onderdrukken. Dus de massage begint met een amicale pets. Daarna spuit ze wat massage-olie op haar hand, heel goed, dus niet meteen op de warme rug. De olie warmt op in de hand en is meteen op lichaamstemperatuur. Ze begint te kneden, te knijpen en te wrijven. Eerst de schouders, dan de armen en dan daalt ze af langs mijn rug naar beneden. Het ontspant me enorm, behalve als ze met haar vingers te dicht in de buurt komt van mijn oksels. Kietelen, daar kan ik absoluut niet tegen. Ze doet het een paar keer om te pesten. Maar zij kan er ook niet tegen, dus dat komt helemaal goed.

Dan vindt ze het goed geweest. 'Je bent nog niet klaar, ik slaap nog niet,' mopper ik, maar ze duldt geen tegenspraak. Het is mijn beurt. Ze gaat liggen en ik doe mijn ding. Ik ga helemaal los. Die olie ligt al jarenlang in de kast, dus die mag best wel eens op. Ik breng een dikke laag aan op haar huid en begin te kneden. De cirkelachtige bewegingen die ik maak langs haar ruggengraat doen het ook goed. Ik ga naar beneden en laat mijn vingers zich een weg naar boven klimmen over de ribben van haar rug. 'Waarom doen we dit niet vaker?' zegt ze bijna zingend.

<strong>Laveloos</strong>
Ik stop helemaal onderaan bij haar voeten en laat haar dan los. ‘Ben je nu al klaar?’ vraagt ze. Ik antwoord bevestigend. ‘Maar ik wil niet naar beneden,’ zegt ze. Haar stem klinkt dof, dat komt omdat ze nog altijd laveloos op haar buik ligt met haar hoofd in de kussens. Ik weet wel wat ik moet doen om wat beweging in haar lijf te krijgen. Ze heeft nog iets van mij te goed. Ik buig naar voren en prik met mijn vinger in haar zij, precies daar waar dat het meeste kietelt. Ze schrikt ervan. In een reflexbeweging port ze geheel onbewust haar hiel in mijn kruis. ‘Au!’

Twee handen, tien vingers en drie kwartier hadden we nodig om terecht te komen in een staat van warme, zwoele ontspanning. Met een por van één vinger maak ik dat in een oogwenk weer totaal ongedaan. We liggen allebei verkrampt naast elkaar. ‘Stom van je,’ zegt mijn vrouw en ze rolt zich weer op haar buik. ‘Nu moet je weer helemaal opnieuw beginnen.’

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/zaphodsotherhead/" target="_blank">zaphodsotherhead</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Vorige week masseerden we nog rijst omdat dat hoort bij het maken van sushi. &#8216;Ik ben wel een beetje jaloers op de rijst,&#8217; zei mijn vrouw grappend, terwijl ze mij zo bezig zag.<span id="more-33161"></span> Daarom moet ze er deze week aan geloven. Ze mag bloot, met haar buik plat op bed. Want in het kader van: laten we vanavond samen iets leuks doen, ga ik haar masseren. Wanneer ik klaar ben mag ze mij onder handen nemen.</p>
<p><strong>Vetvlekken</strong><br />
Het is lang geleden dat we elkaar een massage hebben gegeven. Voorheen waren onze massages altijd erg kort. Een paar keer kneden, klaar! Verder met het echte werk. Want dat is het met masseren hè, het geeft gelijk zo&#8217;n erotische lading. Toch vonden we het destijds onpraktisch als voorspel. Want heb je wel eens wat ondernomen met je partner, terwijl je van onder tot boven was ingesmeerd met olie? Je hebt geen grip en glijdt zo weg. Niet te doen. Bovendien gaan vetvlekken heel moeilijk uit het beddengoed.</p>
<p>Dit keer is seks niet het doel van de massage, maar ontspanning. Bij een goede massage val je in slaap. Helaas weet mijn vrouw dat ook en daarom laat zij mij voor gaan. Ik mag op mijn buik en merk meteen dat ons bed ontzettend onpraktisch is. Waarom maken ze standaard geen massagekuiltje in een tweepersoonsbed? Het is niet alleen een gat in je matras, maar ook een gat in de markt, net als met de inkepingen in beschuiten: het bespaart beschuit en het is o zo handig. Niemand valt door een klein gat in een matras heen en het helpt stellen enorm wanneer ze elkaar een massage geven.</p>
<p><strong>Kietelen</strong><br />
Een klap op de billen is blijkbaar niet te onderdrukken. Dus de massage begint met een amicale pets. Daarna spuit ze wat massage-olie op haar hand, heel goed, dus niet meteen op de warme rug. De olie warmt op in de hand en is meteen op lichaamstemperatuur. Ze begint te kneden, te knijpen en te wrijven. Eerst de schouders, dan de armen en dan daalt ze af langs mijn rug naar beneden. Het ontspant me enorm, behalve als ze met haar vingers te dicht in de buurt komt van mijn oksels. Kietelen, daar kan ik absoluut niet tegen. Ze doet het een paar keer om te pesten. Maar zij kan er ook niet tegen, dus dat komt helemaal goed.</p>
<p>Dan vindt ze het goed geweest. &#8216;Je bent nog niet klaar, ik slaap nog niet,&#8217; mopper ik, maar ze duldt geen tegenspraak. Het is mijn beurt. Ze gaat liggen en ik doe mijn ding. Ik ga helemaal los. Die olie ligt al jarenlang in de kast, dus die mag best wel eens op. Ik breng een dikke laag aan op haar huid en begin te kneden. De cirkelachtige bewegingen die ik maak langs haar ruggengraat doen het ook goed. Ik ga naar beneden en laat mijn vingers zich een weg naar boven klimmen over de ribben van haar rug. &#8216;Waarom doen we dit niet vaker?&#8217; zegt ze bijna zingend.</p>
<p><strong>Laveloos</strong><br />
Ik stop helemaal onderaan bij haar voeten en laat haar dan los. ‘Ben je nu al klaar?’ vraagt ze. Ik antwoord bevestigend. ‘Maar ik wil niet naar beneden,’ zegt ze. Haar stem klinkt dof, dat komt omdat ze nog altijd laveloos op haar buik ligt met haar hoofd in de kussens. Ik weet wel wat ik moet doen om wat beweging in haar lijf te krijgen. Ze heeft nog iets van mij te goed. Ik buig naar voren en prik met mijn vinger in haar zij, precies daar waar dat het meeste kietelt. Ze schrikt ervan. In een reflexbeweging port ze geheel onbewust haar hiel in mijn kruis. ‘Au!’</p>
<p>Twee handen, tien vingers en drie kwartier hadden we nodig om terecht te komen in een staat van warme, zwoele ontspanning. Met een por van één vinger maak ik dat in een oogwenk weer totaal ongedaan. We liggen allebei verkrampt naast elkaar. ‘Stom van je,’ zegt mijn vrouw en ze rolt zich weer op haar buik. ‘Nu moet je weer helemaal opnieuw beginnen.’</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/zaphodsotherhead/" target="_blank">zaphodsotherhead</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/10/20/vivablog-relatie-partner-massage-erotiek-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/10/massage_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Vorige week masseerden we nog rijst omdat dat hoort bij het maken van sushi. 'Ik ben wel een beetje jaloers op de rijst,' zei mijn vrouw grappend, terwijl ze mij zo bezig zag.<!--more--> Daarom moet ze er deze week aan geloven. Ze mag bloot, met haar buik plat op bed. Want in het kader van: laten we vanavond samen iets leuks doen, ga ik haar masseren. Wanneer ik klaar ben mag ze mij onder handen nemen.

<strong>Vetvlekken</strong>
Het is lang geleden dat we elkaar een massage hebben gegeven. Voorheen waren onze massages altijd erg kort. Een paar keer kneden, klaar! Verder met het echte werk. Want dat is het met masseren hè, het geeft gelijk zo'n erotische lading. Toch vonden we het destijds onpraktisch als voorspel. Want heb je wel eens wat ondernomen met je partner, terwijl je van onder tot boven was ingesmeerd met olie? Je hebt geen grip en glijdt zo weg. Niet te doen. Bovendien gaan vetvlekken heel moeilijk uit het beddengoed.

Dit keer is seks niet het doel van de massage, maar ontspanning. Bij een goede massage val je in slaap. Helaas weet mijn vrouw dat ook en daarom laat zij mij voor gaan. Ik mag op mijn buik en merk meteen dat ons bed ontzettend onpraktisch is. Waarom maken ze standaard geen massagekuiltje in een tweepersoonsbed? Het is niet alleen een gat in je matras, maar ook een gat in de markt, net als met de inkepingen in beschuiten: het bespaart beschuit en het is o zo handig. Niemand valt door een klein gat in een matras heen en het helpt stellen enorm wanneer ze elkaar een massage geven.

<strong>Kietelen</strong>
Een klap op de billen is blijkbaar niet te onderdrukken. Dus de massage begint met een amicale pets. Daarna spuit ze wat massage-olie op haar hand, heel goed, dus niet meteen op de warme rug. De olie warmt op in de hand en is meteen op lichaamstemperatuur. Ze begint te kneden, te knijpen en te wrijven. Eerst de schouders, dan de armen en dan daalt ze af langs mijn rug naar beneden. Het ontspant me enorm, behalve als ze met haar vingers te dicht in de buurt komt van mijn oksels. Kietelen, daar kan ik absoluut niet tegen. Ze doet het een paar keer om te pesten. Maar zij kan er ook niet tegen, dus dat komt helemaal goed.

Dan vindt ze het goed geweest. 'Je bent nog niet klaar, ik slaap nog niet,' mopper ik, maar ze duldt geen tegenspraak. Het is mijn beurt. Ze gaat liggen en ik doe mijn ding. Ik ga helemaal los. Die olie ligt al jarenlang in de kast, dus die mag best wel eens op. Ik breng een dikke laag aan op haar huid en begin te kneden. De cirkelachtige bewegingen die ik maak langs haar ruggengraat doen het ook goed. Ik ga naar beneden en laat mijn vingers zich een weg naar boven klimmen over de ribben van haar rug. 'Waarom doen we dit niet vaker?' zegt ze bijna zingend.

<strong>Laveloos</strong>
Ik stop helemaal onderaan bij haar voeten en laat haar dan los. ‘Ben je nu al klaar?’ vraagt ze. Ik antwoord bevestigend. ‘Maar ik wil niet naar beneden,’ zegt ze. Haar stem klinkt dof, dat komt omdat ze nog altijd laveloos op haar buik ligt met haar hoofd in de kussens. Ik weet wel wat ik moet doen om wat beweging in haar lijf te krijgen. Ze heeft nog iets van mij te goed. Ik buig naar voren en prik met mijn vinger in haar zij, precies daar waar dat het meeste kietelt. Ze schrikt ervan. In een reflexbeweging port ze geheel onbewust haar hiel in mijn kruis. ‘Au!’

Twee handen, tien vingers en drie kwartier hadden we nodig om terecht te komen in een staat van warme, zwoele ontspanning. Met een por van één vinger maak ik dat in een oogwenk weer totaal ongedaan. We liggen allebei verkrampt naast elkaar. ‘Stom van je,’ zegt mijn vrouw en ze rolt zich weer op haar buik. ‘Nu moet je weer helemaal opnieuw beginnen.’

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/zaphodsotherhead/" target="_blank">zaphodsotherhead</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Poezeltjes</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/10/18/poezeltjes-kinderen-bad-pluisjes-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/10/18/poezeltjes-kinderen-bad-pluisjes-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 18 Oct 2011 11:59:00 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Thuis]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[bad]]></category>
		<category><![CDATA[pluisjes]]></category>
		<category><![CDATA[poezeltje]]></category>
		<category><![CDATA[poezeltjes]]></category>
		<category><![CDATA[stofjes]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33125</guid>
		<description><![CDATA[Ze zijn heel klein, maar toch goed zichtbaar omdat ze zo donker zijn. Ze verschuilen zich in wasmanden en het liefst in sokken.<!--more--> Het zijn eigenwijze, pluizige dingen en ze zijn verzot op water. Wanneer ze zwemmen kun je ze haast niet te pakken krijgen met de blote hand. Soms zwemmen er hele kolonies van in ons badwater. Omdat wij geen naam voor ze konden vinden in het woordenboek, hebben we ze die zelf maar één gegeven. Wij noemen ze: poezeltjes.

<strong>Doodsbang</strong>
Als kleuters waren onze kinderen allebei doodsbang voor poezeltjes. Wanneer er één in het badwater zat, dan wilden ze meteen uit bad. Gillen deden ze, krijsen, als een poezeltje zich liet zien, alsof ze gebeten of opgegeten konden worden. We haalden dan snel een zeef uit de keuken om de ondingen uit het water te zeven. Als alle poezeltjes gevangen waren wilden ze pas weer in bad. Totdat er weer één opdook en de paniek opnieuw toesloeg. Want zo zijn poezeltjes. Wanneer je er eenmaal eentje ontwaart in het water, kun je er donder op zeggen dat er ergens nog eentje rondzwemt in de diepte onder de laag zeepbellen.

<strong>Poezeltjesvis</strong>
Omdat de poezeltjes voor Wessel en Myrthe zo'n groot probleem bleken te zijn, besloten we een extra zeefje te kopen dat altijd in de badkamer kon blijven liggen. Wessel noemde het: de poezeltjesvis, want het had de vorm van een vis met als buik een fijnmazig netje. Met de poezeltjesvis hadden we altijd meteen een wapen in handen om het gevecht met de poezeltjes aan te gaan. Alhoewel we in de jaren heel wat poezeltjes zonder genade in de vuilnisbak hebben gedumpt, hebben we ze nooit definitief uit kunnen roeien. Het is gewoon een plaag die zo nu en dan in alle hevigheid terugkomt.

<strong>Koddig</strong>
Tegenwoordig zijn onze kinderen niet meer zo bang voor poezeltjes. Ze vinden ze eigenlijk best grappig. Poezeltjes hebben dan ook wel iets koddigs. Het lijkt alsof ze zwemmen, maar dat is niet zo. Ze laten zich meevoeren door de stromingen in het water. Soms maken ze heel onverwachte bewegingen, vooral als je ernaar gaat vissen en dat maakt het vissen naar poezeltjes zo leuk, vooral als je het lekker ouderwets met de blote hand doet, zonder zeefjes of andere poespas. Telkens weer floepen ze net tussen de toppen van je duim- en wijsvinger uit en dat vinden onze kinderen erg grappig.

<strong>Poezeltjeskolonie</strong>
Wanneer er maar één of twee poezeltjes rondzwemmen in bad worden ze voortaan getolereerd, maar vandaag waren het er ineens weer veel. De kinderen vroegen of ze met de zeefjes mochten vissen, dus haalde ik er twee uit de keuken. Fanatiek begonnen ze met het vangen van de poezeltjes. 'Zo zeg, dat zijn veel poezeltjes,' zei mijn vrouw, die op het vrolijke gegil van de kinderen afkwam. Ik knikte instemmend en vertelde dat de poezeltjeskolonie afkomstig was van Myrthes voeten. 'Nieuwe sokken hè, dan krijg je dat.'

Daar zaten onze kindjes met hun zeefjes in het schone badwater. 'Toch wel jammer dat ze allemaal alweer weg zijn, papa,' vond Myrthe.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/wcmcwi/" target="_blank">Julija</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Ze zijn heel klein, maar toch goed zichtbaar omdat ze zo donker zijn. Ze verschuilen zich in wasmanden en het liefst in sokken.<span id="more-33125"></span> Het zijn eigenwijze, pluizige dingen en ze zijn verzot op water. Wanneer ze zwemmen kun je ze haast niet te pakken krijgen met de blote hand. Soms zwemmen er hele kolonies van in ons badwater. Omdat wij geen naam voor ze konden vinden in het woordenboek, hebben we ze die zelf maar één gegeven. Wij noemen ze: poezeltjes.</p>
<p><strong>Doodsbang</strong><br />
Als kleuters waren onze kinderen allebei doodsbang voor poezeltjes. Wanneer er één in het badwater zat, dan wilden ze meteen uit bad. Gillen deden ze, krijsen, als een poezeltje zich liet zien, alsof ze gebeten of opgegeten konden worden. We haalden dan snel een zeef uit de keuken om de ondingen uit het water te zeven. Als alle poezeltjes gevangen waren wilden ze pas weer in bad. Totdat er weer één opdook en de paniek opnieuw toesloeg. Want zo zijn poezeltjes. Wanneer je er eenmaal eentje ontwaart in het water, kun je er donder op zeggen dat er ergens nog eentje rondzwemt in de diepte onder de laag zeepbellen.</p>
<p><strong>Poezeltjesvis</strong><br />
Omdat de poezeltjes voor Wessel en Myrthe zo&#8217;n groot probleem bleken te zijn, besloten we een extra zeefje te kopen dat altijd in de badkamer kon blijven liggen. Wessel noemde het: de poezeltjesvis, want het had de vorm van een vis met als buik een fijnmazig netje. Met de poezeltjesvis hadden we altijd meteen een wapen in handen om het gevecht met de poezeltjes aan te gaan. Alhoewel we in de jaren heel wat poezeltjes zonder genade in de vuilnisbak hebben gedumpt, hebben we ze nooit definitief uit kunnen roeien. Het is gewoon een plaag die zo nu en dan in alle hevigheid terugkomt.</p>
<p><strong>Koddig</strong><br />
Tegenwoordig zijn onze kinderen niet meer zo bang voor poezeltjes. Ze vinden ze eigenlijk best grappig. Poezeltjes hebben dan ook wel iets koddigs. Het lijkt alsof ze zwemmen, maar dat is niet zo. Ze laten zich meevoeren door de stromingen in het water. Soms maken ze heel onverwachte bewegingen, vooral als je ernaar gaat vissen en dat maakt het vissen naar poezeltjes zo leuk, vooral als je het lekker ouderwets met de blote hand doet, zonder zeefjes of andere poespas. Telkens weer floepen ze net tussen de toppen van je duim- en wijsvinger uit en dat vinden onze kinderen erg grappig.</p>
<p><strong>Poezeltjeskolonie</strong><br />
Wanneer er maar één of twee poezeltjes rondzwemmen in bad worden ze voortaan getolereerd, maar vandaag waren het er ineens weer veel. De kinderen vroegen of ze met de zeefjes mochten vissen, dus haalde ik er twee uit de keuken. Fanatiek begonnen ze met het vangen van de poezeltjes. &#8216;Zo zeg, dat zijn veel poezeltjes,&#8217; zei mijn vrouw, die op het vrolijke gegil van de kinderen afkwam. Ik knikte instemmend en vertelde dat de poezeltjeskolonie afkomstig was van Myrthes voeten. &#8216;Nieuwe sokken hè, dan krijg je dat.&#8217;</p>
<p>Daar zaten onze kindjes met hun zeefjes in het schone badwater. &#8216;Toch wel jammer dat ze allemaal alweer weg zijn, papa,&#8217; vond Myrthe.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/wcmcwi/" target="_blank">Julija</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/10/18/poezeltjes-kinderen-bad-pluisjes-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>10</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/10/kindinbad_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Ze zijn heel klein, maar toch goed zichtbaar omdat ze zo donker zijn. Ze verschuilen zich in wasmanden en het liefst in sokken.<!--more--> Het zijn eigenwijze, pluizige dingen en ze zijn verzot op water. Wanneer ze zwemmen kun je ze haast niet te pakken krijgen met de blote hand. Soms zwemmen er hele kolonies van in ons badwater. Omdat wij geen naam voor ze konden vinden in het woordenboek, hebben we ze die zelf maar één gegeven. Wij noemen ze: poezeltjes.

<strong>Doodsbang</strong>
Als kleuters waren onze kinderen allebei doodsbang voor poezeltjes. Wanneer er één in het badwater zat, dan wilden ze meteen uit bad. Gillen deden ze, krijsen, als een poezeltje zich liet zien, alsof ze gebeten of opgegeten konden worden. We haalden dan snel een zeef uit de keuken om de ondingen uit het water te zeven. Als alle poezeltjes gevangen waren wilden ze pas weer in bad. Totdat er weer één opdook en de paniek opnieuw toesloeg. Want zo zijn poezeltjes. Wanneer je er eenmaal eentje ontwaart in het water, kun je er donder op zeggen dat er ergens nog eentje rondzwemt in de diepte onder de laag zeepbellen.

<strong>Poezeltjesvis</strong>
Omdat de poezeltjes voor Wessel en Myrthe zo'n groot probleem bleken te zijn, besloten we een extra zeefje te kopen dat altijd in de badkamer kon blijven liggen. Wessel noemde het: de poezeltjesvis, want het had de vorm van een vis met als buik een fijnmazig netje. Met de poezeltjesvis hadden we altijd meteen een wapen in handen om het gevecht met de poezeltjes aan te gaan. Alhoewel we in de jaren heel wat poezeltjes zonder genade in de vuilnisbak hebben gedumpt, hebben we ze nooit definitief uit kunnen roeien. Het is gewoon een plaag die zo nu en dan in alle hevigheid terugkomt.

<strong>Koddig</strong>
Tegenwoordig zijn onze kinderen niet meer zo bang voor poezeltjes. Ze vinden ze eigenlijk best grappig. Poezeltjes hebben dan ook wel iets koddigs. Het lijkt alsof ze zwemmen, maar dat is niet zo. Ze laten zich meevoeren door de stromingen in het water. Soms maken ze heel onverwachte bewegingen, vooral als je ernaar gaat vissen en dat maakt het vissen naar poezeltjes zo leuk, vooral als je het lekker ouderwets met de blote hand doet, zonder zeefjes of andere poespas. Telkens weer floepen ze net tussen de toppen van je duim- en wijsvinger uit en dat vinden onze kinderen erg grappig.

<strong>Poezeltjeskolonie</strong>
Wanneer er maar één of twee poezeltjes rondzwemmen in bad worden ze voortaan getolereerd, maar vandaag waren het er ineens weer veel. De kinderen vroegen of ze met de zeefjes mochten vissen, dus haalde ik er twee uit de keuken. Fanatiek begonnen ze met het vangen van de poezeltjes. 'Zo zeg, dat zijn veel poezeltjes,' zei mijn vrouw, die op het vrolijke gegil van de kinderen afkwam. Ik knikte instemmend en vertelde dat de poezeltjeskolonie afkomstig was van Myrthes voeten. 'Nieuwe sokken hè, dan krijg je dat.'

Daar zaten onze kindjes met hun zeefjes in het schone badwater. 'Toch wel jammer dat ze allemaal alweer weg zijn, papa,' vond Myrthe.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/wcmcwi/" target="_blank">Julija</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
		<item>
		<title>Paardjesauto</title>
		<link>http://www.viva.nl/2011/10/15/paardjesauto-ferrari-auto-kopen-kinderen-vivablog-werner/</link>
		<comments>http://www.viva.nl/2011/10/15/paardjesauto-ferrari-auto-kopen-kinderen-vivablog-werner/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 15 Oct 2011 16:05:51 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Werner_vL</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Bloggers]]></category>
		<category><![CDATA[Kinderen]]></category>
		<category><![CDATA[Ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[Shoppen]]></category>
		<category><![CDATA[Werner]]></category>
		<category><![CDATA[auto]]></category>
		<category><![CDATA[dromen]]></category>
		<category><![CDATA[Ferrari]]></category>
		<category><![CDATA[Maserati]]></category>
		<category><![CDATA[snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Toyota]]></category>
		<category><![CDATA[vivablog werner]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.viva.nl/?p=33095</guid>
		<description><![CDATA[Wanneer ik Dordrecht nader denk ik maar één ding: hoe dichter bij Dordt, hoe rotter het wordt.<!--more--> Daar kan ik niets aan doen, het is mij ooit ingefluisterd door iemand die waarschijnlijk ook niet het vooropgezette plan had om dit door mijn hoofd te laten spoken wanneer ik de plaats aandoe. Mijn vrouw parkeert onze auto niet op het terrein van de autohandelaar, maar er net buiten. We kunnen het terrein niet oprijden omdat een gesloten slagboom de weg verspert. We stappen uit en lopen samen met de kinderen verder.

<strong>Liefhebber</strong>
Als liefhebber van mooie auto's kom ik ogen tekort. Ik zie alleen maar dure wagens. De eerste rij bestaat alleen maar uit Alfa Romeo's, die met hun konten tegen het hek staan geparkeerd. Ik ben niet het type voor dat merk en kijk snel naar de volgende rij die volledig bestaat uit Audi's, op type gesorteerd en praktisch allemaal grijs. Dat vind ik persoonlijk weer wel mooie auto's, maar ze zijn onbetaalbaar voor mij, vooralsnog. Dat zeg ik erbij hè, vooralsnog, ik weet ook wel dat het nooit gaat gebeuren – Werner in een gloednieuwe Audi TT – maar een man mag dromen.

Dan loop ik twee Maserati's voorbij, de achterste met een enorme gril die lijkt op een gapende mond, alsof die auto het fijn vindt om tijdens het rijden vliegjes te eten. Ik vind het prachtige auto's. Ondertussen vraag ik mij af wat wij doen bij een autobedrijf waar ze dit soort auto's verkopen. Ik wil mijn vrouw al vragen of we wel goed zitten, maar dan valt mijn oog op een karretje. Een man wenkt ons. Hij vraagt of we wat willen drinken. Dan zie ik dat er broodjes zijn uitgestald en dat er stukjes pizza liggen. Er loopt bijna niemand, maar hier staat iemand met een kraampje vol lekkernijen. Voor wie is al dat lekkers? Voor ons?

<strong>Droomauto</strong>
'Heeft u al een prijslijst,' vraagt de man en hij steekt zijn wijsvinger uit naar de plek waar een stapeltje a-viertjes ligt. Ik pak een vel en zoek de auto op die wij willen gaan kopen. Hij staat er werkelijk tussen. De prijs die we op internet zagen klopt. Snel scoren die bak en wegwezen, dat is het plan. Iemand hier is gek geworden en die heeft onze droomauto te koop gezet voor een prijs die tweeduizend euro goedkoper is dan elders. Zelf geloof ik daar niet in. Die kar heeft een deuk, of zodra je ermee gaat rijden valt er iets onderuit.

Ik kijk rond, op zoek naar een rijtje Toyota's, maar dan zie ik wat auto's binnen staan. Het is goed dat ik geen stuk pizza in mijn mond heb, die had anders op de neus van één van mijn schoenen gelegen. 'Wessel,' ik wapper met mijn hand naar mijn zoon, maar die plakt met zijn neus zowat tegen het scherm van zijn DS. 'Zet dat ding uit, jongen. Hier staan echte auto's. Droomauto's.' Mijn vinger wijst naar Ferrari's. Rode Ferrari's.

<strong>Goede smaak</strong>
Mijn zoon blijft staan, maar terwijl ik naar binnen ga word ik gevolgd door mijn dochter. Ze slaakt een zucht, vijf jaar oud als ze is. En ineens besef ik dat mijn dochter een liefhebber is, net als ik. Geen wonder dat zij altijd moppert dat ik sneller moet rijden, wanneer wij worden ingehaald op de snelweg. Daarom speelt zij zoveel met de speelgoedgarage. Samen lopen wij naar een glimmende, rode Ferrari. Zij wijst naar het embleem en zegt: 'Wauw papa, een paardjesauto.' Ik vraag haar of zij zo'n auto wil hebben en ja, dat wil zij wel.

'Maar papa koopt de Toyota schatje,' zeg ik. 'Papa kan dit niet betalen.' Samen lopen we naar buiten, naar de heilige koe waarin we de komende jaren gaan rijden. We zijn blij, zelfs mijn dochter is trots. Maar ik weet dat ze over een paar jaar die Prius een suffe bak zal vinden. Zij zal dromen van rode, glimmende lak en snelheid. De snelheid van de Italiaanse paardenkrachten van een steigerende hengst. Een paardjesauto.

Mijn dochter is vijf jaar oud. Maar ze heeft smaak, dat valt niet te ontkennen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/pauldineen/" target="_blank">MelvinSchlubman</a></small>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Wanneer ik Dordrecht nader denk ik maar één ding: hoe dichter bij Dordt, hoe rotter het wordt.<span id="more-33095"></span> Daar kan ik niets aan doen, het is mij ooit ingefluisterd door iemand die waarschijnlijk ook niet het vooropgezette plan had om dit door mijn hoofd te laten spoken wanneer ik de plaats aandoe. Mijn vrouw parkeert onze auto niet op het terrein van de autohandelaar, maar er net buiten. We kunnen het terrein niet oprijden omdat een gesloten slagboom de weg verspert. We stappen uit en lopen samen met de kinderen verder.</p>
<p><strong>Liefhebber</strong><br />
Als liefhebber van mooie auto&#8217;s kom ik ogen tekort. Ik zie alleen maar dure wagens. De eerste rij bestaat alleen maar uit Alfa Romeo&#8217;s, die met hun konten tegen het hek staan geparkeerd. Ik ben niet het type voor dat merk en kijk snel naar de volgende rij die volledig bestaat uit Audi&#8217;s, op type gesorteerd en praktisch allemaal grijs. Dat vind ik persoonlijk weer wel mooie auto&#8217;s, maar ze zijn onbetaalbaar voor mij, vooralsnog. Dat zeg ik erbij hè, vooralsnog, ik weet ook wel dat het nooit gaat gebeuren – Werner in een gloednieuwe Audi TT – maar een man mag dromen.</p>
<p>Dan loop ik twee Maserati&#8217;s voorbij, de achterste met een enorme gril die lijkt op een gapende mond, alsof die auto het fijn vindt om tijdens het rijden vliegjes te eten. Ik vind het prachtige auto&#8217;s. Ondertussen vraag ik mij af wat wij doen bij een autobedrijf waar ze dit soort auto&#8217;s verkopen. Ik wil mijn vrouw al vragen of we wel goed zitten, maar dan valt mijn oog op een karretje. Een man wenkt ons. Hij vraagt of we wat willen drinken. Dan zie ik dat er broodjes zijn uitgestald en dat er stukjes pizza liggen. Er loopt bijna niemand, maar hier staat iemand met een kraampje vol lekkernijen. Voor wie is al dat lekkers? Voor ons?</p>
<p><strong>Droomauto</strong><br />
&#8216;Heeft u al een prijslijst,&#8217; vraagt de man en hij steekt zijn wijsvinger uit naar de plek waar een stapeltje a-viertjes ligt. Ik pak een vel en zoek de auto op die wij willen gaan kopen. Hij staat er werkelijk tussen. De prijs die we op internet zagen klopt. Snel scoren die bak en wegwezen, dat is het plan. Iemand hier is gek geworden en die heeft onze droomauto te koop gezet voor een prijs die tweeduizend euro goedkoper is dan elders. Zelf geloof ik daar niet in. Die kar heeft een deuk, of zodra je ermee gaat rijden valt er iets onderuit.</p>
<p>Ik kijk rond, op zoek naar een rijtje Toyota&#8217;s, maar dan zie ik wat auto&#8217;s binnen staan. Het is goed dat ik geen stuk pizza in mijn mond heb, die had anders op de neus van één van mijn schoenen gelegen. &#8216;Wessel,&#8217; ik wapper met mijn hand naar mijn zoon, maar die plakt met zijn neus zowat tegen het scherm van zijn DS. &#8216;Zet dat ding uit, jongen. Hier staan echte auto&#8217;s. Droomauto&#8217;s.&#8217; Mijn vinger wijst naar Ferrari&#8217;s. Rode Ferrari&#8217;s.</p>
<p><strong>Goede smaak</strong><br />
Mijn zoon blijft staan, maar terwijl ik naar binnen ga word ik gevolgd door mijn dochter. Ze slaakt een zucht, vijf jaar oud als ze is. En ineens besef ik dat mijn dochter een liefhebber is, net als ik. Geen wonder dat zij altijd moppert dat ik sneller moet rijden, wanneer wij worden ingehaald op de snelweg. Daarom speelt zij zoveel met de speelgoedgarage. Samen lopen wij naar een glimmende, rode Ferrari. Zij wijst naar het embleem en zegt: &#8216;Wauw papa, een paardjesauto.&#8217; Ik vraag haar of zij zo&#8217;n auto wil hebben en ja, dat wil zij wel.</p>
<p>&#8216;Maar papa koopt de Toyota schatje,&#8217; zeg ik. &#8216;Papa kan dit niet betalen.&#8217; Samen lopen we naar buiten, naar de heilige koe waarin we de komende jaren gaan rijden. We zijn blij, zelfs mijn dochter is trots. Maar ik weet dat ze over een paar jaar die Prius een suffe bak zal vinden. Zij zal dromen van rode, glimmende lak en snelheid. De snelheid van de Italiaanse paardenkrachten van een steigerende hengst. Een paardjesauto.</p>
<p>Mijn dochter is vijf jaar oud. Maar ze heeft smaak, dat valt niet te ontkennen.</p>
<p><small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/pauldineen/" target="_blank">MelvinSchlubman</a></small></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.viva.nl/2011/10/15/paardjesauto-ferrari-auto-kopen-kinderen-vivablog-werner/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>5</slash:comments>
		<dc:image>http://www.viva.nl/wp-content/uploads/2011/10/ferrari_135.jpg</dc:image>
	<fullcontent><![CDATA[Wanneer ik Dordrecht nader denk ik maar één ding: hoe dichter bij Dordt, hoe rotter het wordt.<!--more--> Daar kan ik niets aan doen, het is mij ooit ingefluisterd door iemand die waarschijnlijk ook niet het vooropgezette plan had om dit door mijn hoofd te laten spoken wanneer ik de plaats aandoe. Mijn vrouw parkeert onze auto niet op het terrein van de autohandelaar, maar er net buiten. We kunnen het terrein niet oprijden omdat een gesloten slagboom de weg verspert. We stappen uit en lopen samen met de kinderen verder.

<strong>Liefhebber</strong>
Als liefhebber van mooie auto's kom ik ogen tekort. Ik zie alleen maar dure wagens. De eerste rij bestaat alleen maar uit Alfa Romeo's, die met hun konten tegen het hek staan geparkeerd. Ik ben niet het type voor dat merk en kijk snel naar de volgende rij die volledig bestaat uit Audi's, op type gesorteerd en praktisch allemaal grijs. Dat vind ik persoonlijk weer wel mooie auto's, maar ze zijn onbetaalbaar voor mij, vooralsnog. Dat zeg ik erbij hè, vooralsnog, ik weet ook wel dat het nooit gaat gebeuren – Werner in een gloednieuwe Audi TT – maar een man mag dromen.

Dan loop ik twee Maserati's voorbij, de achterste met een enorme gril die lijkt op een gapende mond, alsof die auto het fijn vindt om tijdens het rijden vliegjes te eten. Ik vind het prachtige auto's. Ondertussen vraag ik mij af wat wij doen bij een autobedrijf waar ze dit soort auto's verkopen. Ik wil mijn vrouw al vragen of we wel goed zitten, maar dan valt mijn oog op een karretje. Een man wenkt ons. Hij vraagt of we wat willen drinken. Dan zie ik dat er broodjes zijn uitgestald en dat er stukjes pizza liggen. Er loopt bijna niemand, maar hier staat iemand met een kraampje vol lekkernijen. Voor wie is al dat lekkers? Voor ons?

<strong>Droomauto</strong>
'Heeft u al een prijslijst,' vraagt de man en hij steekt zijn wijsvinger uit naar de plek waar een stapeltje a-viertjes ligt. Ik pak een vel en zoek de auto op die wij willen gaan kopen. Hij staat er werkelijk tussen. De prijs die we op internet zagen klopt. Snel scoren die bak en wegwezen, dat is het plan. Iemand hier is gek geworden en die heeft onze droomauto te koop gezet voor een prijs die tweeduizend euro goedkoper is dan elders. Zelf geloof ik daar niet in. Die kar heeft een deuk, of zodra je ermee gaat rijden valt er iets onderuit.

Ik kijk rond, op zoek naar een rijtje Toyota's, maar dan zie ik wat auto's binnen staan. Het is goed dat ik geen stuk pizza in mijn mond heb, die had anders op de neus van één van mijn schoenen gelegen. 'Wessel,' ik wapper met mijn hand naar mijn zoon, maar die plakt met zijn neus zowat tegen het scherm van zijn DS. 'Zet dat ding uit, jongen. Hier staan echte auto's. Droomauto's.' Mijn vinger wijst naar Ferrari's. Rode Ferrari's.

<strong>Goede smaak</strong>
Mijn zoon blijft staan, maar terwijl ik naar binnen ga word ik gevolgd door mijn dochter. Ze slaakt een zucht, vijf jaar oud als ze is. En ineens besef ik dat mijn dochter een liefhebber is, net als ik. Geen wonder dat zij altijd moppert dat ik sneller moet rijden, wanneer wij worden ingehaald op de snelweg. Daarom speelt zij zoveel met de speelgoedgarage. Samen lopen wij naar een glimmende, rode Ferrari. Zij wijst naar het embleem en zegt: 'Wauw papa, een paardjesauto.' Ik vraag haar of zij zo'n auto wil hebben en ja, dat wil zij wel.

'Maar papa koopt de Toyota schatje,' zeg ik. 'Papa kan dit niet betalen.' Samen lopen we naar buiten, naar de heilige koe waarin we de komende jaren gaan rijden. We zijn blij, zelfs mijn dochter is trots. Maar ik weet dat ze over een paar jaar die Prius een suffe bak zal vinden. Zij zal dromen van rode, glimmende lak en snelheid. De snelheid van de Italiaanse paardenkrachten van een steigerende hengst. Een paardjesauto.

Mijn dochter is vijf jaar oud. Maar ze heeft smaak, dat valt niet te ontkennen.

<small><a href="http://creativecommons.org/licenses/by/2.0/deed.en" target="_blank">CC foto</a>: <a title="De maker van de foto" href="http://www.flickr.com/photos/pauldineen/" target="_blank">MelvinSchlubman</a></small>]]></fullcontent>
	</item>
	</channel>
</rss>

