Eva van de Wijdeven: ‘Pas als ik écht om iemand geef, word ik minder brutaal’

eva van de wijdeven

VIVA drinkt elke week een drankje met een leuke man of vrouw. Deze week hebben we afgesproken met Eva van de Wijdeven (31). Dit najaar is ze te zien in de romantische filmkomedie ‘Hartenstrijd’.

Tekst Michelle Bakker |Beeld Anke van der Meer

Het is tien minuten na de afgesproken 
tijd als Eva het restaurant van hotel Casa-400 in Amsterdam binnenstormt. Klein van stuk, grote bos krullen, ik herken de knappe actrice direct. “Sorry, sorry, sorry, sorry,” verontschuldigt ze zich als ze aankomt, “vandaag is nogal… eh, hectisch.”

Hectisch? Vertel.

“Normaal ben ik redelijk gestructureerd, maar vandaag was zo chaotisch. Ik moest vanmorgen naar de kapper, daar is mijn haar bruin geverfd voor een nieuwe rol. Waar ik nog niet te veel over mag vertellen, maar ik ga dus de hoofdrol spelen in een nieuwe serie. Verder ben ik nog druk bezig met draaien voor het vierde seizoen van ‘Celblok H’. En na dit interview ga 
ik nog uit eten met mijn beste maatje, Wikkie.”

Wat gezellig! Hoe ziet de rest van jouw vriendenkring eruit?

“Ik heb verschillende clubjes. Mijn basis bestaat uit een groep van acht meiden uit Utrecht. Zij zijn als zusjes voor me. Bij die basis hoort Wikkie ook, wij zijn een soort Will & Grace met z’n tweeën. En dan heb ik nog losse vrienden en vriendinnen hier in Amsterdam, clubjes die ik nog ken van de horeca, uit de acteerwereld Teun Luijkx en de meiden van ‘Celblok H’.”

Wat grappig dat je ook met hen zo goed bevriend bent.

“Ja, om de zoveel tijd plannen we een etentje in, dat is heel gezellig. Op dit moment is Freddy, mijn personage in de serie, uit de gevangenis. Dat is best gek, want 
ik ben juist gewend om met alle meiden op dezelfde locatie te draaien in de gevangenis. Ik ben dol op werken op de set. 
Een aantal maanden lang werk je met 
z’n allen keihard aan een project, alle neuzen dezelfde kant op, dat is fijn.”

Zou je je voor kunnen stellen dat je 
ander werk had gehad?

“O zeker. Hoe dol ik ook ben op acteren, het is niet zo dat ik niet iets anders zou kunnen doen. Het dynamische van acteren past goed bij mijn karakter, maar ik zou me ook gemakkelijk aan kunnen passen als ik ander werk zou doen. Binnenhuisarchitect heeft me altijd leuk geleken, of evenementen organiseren. Ik hoef niet mijn hele leven actrice te blijven. Als ik later alleen nog maar gecast wordt voor de typische oma-rolletjes ben ik er snel klaar mee. Ik heb dus andere plannen voor later, maar daar wil ik nog niets over zeggen. Het kan morgen ook zó weer anders zijn. Vroeger wilde ik altijd danseres worden. Vijftien jaar lang heb ik klassiek ballet gedaan. En hiphop, streetdance, jazz… van alles en nog wat. Ik zat in een dansgroepje met die eerdergenoemde acht meiden uit Utrecht. God, wat mis 
ik die tijd! Eén van die meiden zit nu aan de top en als ik daar soms ga kijken, denk ik: godverdomme! Dat is een soort van liefdevolle jaloezie. En m’n broers doen 
fanatiek aan breakdancen.”

Cool! Heb je een goede band met je 
familie?

“Mijn moeder is een aantal jaar geleden overleden. Ik heb een vader en een stiefvader. Die horen niet bij elkaar, maar mijn stiefvader is de vader van mijn broertjes. We proberen elkaar elke maand te zien, wat niet altijd lukt, maar we zijn wel close met elkaar. Ik maak niet zo snel ruzie met iemand, maar als ze aan mijn broertjes komen, word ik witheet. We 
bespreken alles met elkaar in de familie. Of nou ja alles… ik denk niet dat vaders álles willen weten, maar ik vertel het wel als het niet goed gaat in relaties ofzo.”

Nu gaat het best goed in relaties, want je hebt een vriend toch?

“O ja? Dan weet je meer dan ik. Nee, 
ik had inderdaad korte tijd een relatie, maar dat is alweer uit. We waren al bevriend toen we iets kregen en dat zijn we nog steeds, dus dat is helemaal oké. Ik huppel weer wat rond en ben een happy single. Ik zou het best leuk vinden om een vriendje te hebben, maar het is zeker niet zo dat ik niet zonder kan. Sterker nog, ik ben nu heel gelukkig. Maar verliefd zijn 
is natuurlijk wel het fijnste gevoel wat er is. Dan heb ik bérgen energie en weet ik niet waar ik het laten moet. Het gevoel van ergens induiken, heerlijk. Ik hoop dat dat weer een keer gebeurt.”

Op wat voor types val jij?

“Ik val op sterke persoonlijkheden. Echte man-mannen, geen softies. Verder kan het ontzettend verschillen qua karakter, looks of uit welke wereld ze komen. Daar kan ik mezelf nog weleens mee verrassen. Zo van: hè, val ik op hem? Ik vind andere werelden interessant, dus val ik vaak op mannen die anders zijn en een eigen verhaal hebben. Ze zijn vaak mysterieus.”

Ben je een dater?

“Ja, maar niet via Tinder ofzo. Ik ontmoet ze veel liever in het echt. Eén keer tufte 
ik met mijn brommer langs drie jongens op een bankje van wie er een heel knap was. Een baard, tattoos en van die tunnel-
oorbellen, maar met de liefste ogen. Bij het stoplicht besloot ik om te keren, stopte ik voor zijn neus en riep: hé, spreken we nou nog af of hoe zit het?! Die jongens vonden het fantastisch dat ik dat deed, maar hij bleek een vriendin te hebben.”

Wat cool dat je dat durft!

“Soms doe ik dat. Ja, je moet zelf een feestje maken van je leven, af en toe wat risico nemen. Eén keer zat er een knappe jongen tegenover me in de tram een boek te lezen en ik twijfelde of ik mijn nummer wilde geven. Toen ik bij mijn halte aankwam, schreef ik mijn nummer op een briefje, legde het op zijn boek en wilde ik de tram uit springen. Op dat moment viel mijn portemonnee met al mijn pasjes op de grond. Gênant! Ik heb nooit iets van hem gehoord. Misschien had hij een vriendin. Op zo’n moment heb ik niets te verliezen. Pas als ik écht om iemand ga geven, word ik veel minder brutaal.”

Word jij makkelijk verliefd?

“Nee, nou… nee, ik denk het niet. Of wel makkelijk verliefd, maar dan is het ook 
zo weer over. Ik ben ook nog wel zoekende naar wat ik precies wil. Ik heb bijvoorbeeld nooit de droom gehad om veertig jaar met dezelfde persoon te zijn, dat 
probeer ik me de laatste tijd steeds vaker voor te stellen. Alleen is ook maar alleen. Ik kom zelf niet uit een traditioneel gezin, mijn ouders gingen uit elkaar toen ik twee was, mijn stiefvader kwam op mijn vierde en op mijn zestiende was ik al 
financieel onafhankelijk. Eigenlijk wil 
ik niet over de toekomst nadenken, het komt allemaal wel goed. Ik kan niet plannen, het moet me overkomen. Dat is met mijn carrière ook gebeurd. Maar ja, ik 
wil wel kinderen. En niet pas op mijn veertigste, dus dan moet ik toch op zoek naar een man. O god, ja. Nou, het komt allemaal wel goed. Dat beloof ik je.”

Dit artikel is afkomstig uit VIVA 45. Abonnee worden of een losse editie van VIVA bestellen? Klik hieronder:

»Bestel VIVA online | Klik hier «