3: De aap uit de mouw

geroosterde venkel

Zondag
Mick staat onder de douche en ik ruim de ontbijtboel op. Als ik nog een slokje van mijn café latte wil nemen en het aroma van de koffie mijn neusgaten binnendringt, moet ik kokhalzen. Snel gooi ik het restje koffie weg en drink een glas water om de misselijkheid te verdringen. Te laat! Ik buig me over de gootsteen en in één grote vieze gulp komt mijn net genuttigde ontbijt er in omgekeerde volgorde weer uit. Spijt als haren op mijn hoofd heb ik van dat meergranenbroodje, want de graankorrels schuren pijnlijk langs mijn slokdarm en keel. En die zure smaak van halfverteerd sinaasappelsap is ook geen pretje. Oké, als dit de prijs is voor het krijgen van een baby, dan ga ik vanaf nu ook alleen nog maar babypap als ontbijt eten. Dat kotst tenminste wat soepeler!

Note to self: Bambix kopen.

Gatverdamme! Een golf van misselijkheid slaat weer door mijn hoofd en het koude zweet breekt me uit. Even niet aan denken nu. Met een hand op mijn pijnlijke maagstreek strompel ik naar de bank en ga languit liggen. Ik gris de plaid van de rugleuning en trek hem tot over mijn hoofd. Doodstil blijf ik liggen.
“Max?”
“Ja.” Mijn stem klinkt gesmoord door de deken.
“Eh, wat is dit allemaal?”

Snel sla ik de plaid van me af en kijk op. Blijkbaar is hij er dus wel in geslaagd de dop van de zwangerschapstest uit de wc-pot te vissen. Die heeft hij namelijk in zijn ene hand. In zijn andere hand houdt hij – O My God – het teststaafje zelf. Had ik dat niet in de prullenbak gegooid?

Mick weet, correctie: wist, dus nog van niets. Ik kon mezelf er gisteravond/vannacht/vanochtend niet toe zetten het hem te vertellen. Ja hoor eens, ik kan het zelf nog maar nauwelijks geloven dat ik zwanger ben! En uiteraard had hij het als een echte man helemaal niet door dat ik geen druppel wijn dronk, maar half naar hem luisterde en wel heel vaak naar de wc ging (om te checken of ik stiekem toch niet toevallig ongesteld was geworden).

Nou was het ook wel heel erg moeilijk om er tussen te komen. Hij had het weer eens erg druk met zich druk maken over zaken waar hij zich, gezien de omstandigheden – althans als hij zou weten in wat voor omstandigheden hij zich bevond – helemaal niet druk over zou moeten maken. Of hij van de winter met vriend P. in Azië zal gaan backpacken; of hij dat peperdure maar onwijs gave nieuwe duikhorloge (à een paar duizend euri!) zal kopen; of hij al kaartjes voor dat dancefeest over vier maanden moet bestellen en of we binnenkort toch niet even een weekje naar New York zullen vliegen zodat we daar meteen allebei een IPhone kunnen aanschaffen. Daar zijn ze immers veel goedkoper. Nee, nee, nee en… nou ja vooruit dan. (Een weekje New York sla ik natuurlijk niet af. Zwanger of niet).
Hoe dan ook, nu is de aap dus vanzelf uit de mouw gekropen.

Het is bijna lachwekkend zoals Mick erbij staat. Op zijn boxershort na, naakt met een mengeling van ongeloof, verbijstering en pure angst in zijn ogen. Zijn normaal zo gebruinde gezicht (Net terug van fotoshoot ergens op een bountystrand) ziet ineens behoorlijk pipsjes.

“Ja, schat. Ik moest je eigenlijk nog iets vertellen… Ik denk dat je maar beter even kunt gaan zitten…” 

Wordt vervolgd