Blijkbaar steken we geurkaarsen al ons hele leven verkeerd aan

geurkaarsen

Noem ons basic, maar het enige leuke van de herfst is het feit dat we weer de ganse dag kaarsen kunnen branden. En zeker nu we in grote getale thuiswerken, is de aanschaf van overpriced geurkaarsen absoluut veroorloofd (#selfcare). 

Maar blijkbaar kan er nogal het een en ander misgaan wanneer je een kaars aansteekt. Dan hebben we het niet over dramatische taferelen als verschroeide wenkbrauwen of afgebrande huizen (god forbid), hoewel de volgende truc wel degelijk het risico op brandgevaar verkleint.

Knip het bolletje af

De tip: knip het bolletje van de lont af. Zeker wanneer je een dure geurkaars brandt waar je zo lang mogelijk mee wil doen. De kaars gaat dan namelijk langer mee. Bovendien krijg je zo een kleinere vlam, wat in het kader van brandveiligheid toch een geruststellende gedachte is.

Tunneltje

Nog een tip: brand de geurkaars wanneer je hem voor het eerst aansteekt minstens twee uur achter elkaar. Bij een stompe kaars krijg je anders een soort ‘kom’-vorming, terwijl bij een kaars in een potje een tunneltje ontstaat. Door dat tunneltje blijft een groot deel van de kaars onaangetast. Zonde natuurlijk. Steek een nieuwe kaars dus pas aan wanneer je zeker weet dat je twee uur thuis bent.

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief.

Bron: Seventeen. Beeld: Unsplash
Viva’s Susan wilde ooit Carrie Bradshaw worden, maar heeft nog steeds geen New Yorks brownstone-appartement, geen Manolo Blahniks en geen walk-in closet. Wél een huis in hartje Utrecht en vriendinnen die altijd ruzie maken over wie Miranda, Charlotte, Samantha of Carrie is. Houdt enorm van mensen die zichzelf niet te serieus nemen en nadrukkelijk níet van huidkleurige panty’s en mannen die salsa dansen.