Nekplooi

geroosterde venkel

Exact 12 weken zwanger! Nog even en de kritieke periode is voorbij.

Op de afdeling gynaecologie bekijk ik de nieuwste geboortekaartjes.
We lezen wat en wachten. En wachten. En wachten.
Pas na een uur zijn we aan de beurt.

We zijn er voor de nekplooimeting, een vorm van prenatale screening. Het is een kansberekening, dus het biedt geen zekerheid. De uitslag van de nekplooimeting, gecombineerd met een bloedonderzoek, bepaalt de kans op een kindje met het syndroom van Down. Voor een vrouw van 35 is de kans hierop ongeveer 1 op 360. Als onze uitslag geen verhoogd risico aangeeft hoeven we geen verder prediagnostisch onderzoek te doen. Daar gaan we van uit. Maar spannend is het toch!

Het meten gebeurt door middel van een echo.
Ik ga liggen. Een vrouw die gespecialiseerd is in dit soort onderzoek drukt het apparaat op m’n buik.
“Heb je die volle blaas voor mij bewaard?” vraagt ze.
Ze drukt er nog een paar keer flink op.

Op het scherm zien we al een echt mensje! Een armpje en zelfs een handje. Het is net of Brumlala naar ons zwaait. En wat zwemt het vrolijk rond. Wat mooi en ontroerend!
Ze meet en maakt afdrukken.
Als het maar geen 3 mm is…
“1 mm,” zegt ze. “Dat is dun.”
“Ook weer niet té dun?”
Ik hoef me geen zorgen te maken, maar ze kan er verder nog niets over zeggen. Deel 2 moet nog. De bloedtest.
Ik moet naar een andere afdeling en krijg een pakket mee.
“Waar gaan we heen?” vraag ik aan Pier. Het zijn net reisbescheiden.

Er worden twee buisjes volgepompt.
Stickers erop en afwachten maar.

Wil je weten hoe het precies zit met zo’n nekplooimeting, lees hier dan meer.