Viooltjes in de regen

geroosterde venkel

Mijn viooltjes staan er wat treurig bij.

Felle kleuren in de regen: ik word er altijd een beetje triest van. Vandaag is de overtreffende trap van gisteren; de motregen heeft plaatsgemaakt voor een hoosbui. Het huis hangt vol met oranje vlaggetjes en op de kast staan sinds vanmorgen tulpen in allerlei kleuren.

Paul is met de kinderen boodschappen doen. Ze gaan waterijs kopen. Als kinderen eenmaal besluiten dat het zomer is, dan is het zomer. Hoeveel regen er ook valt. Tuffy, de valkparkiet, vliegt los en landt op mijn schouder. Hij wil me een kusje geven. Ik vind hem echt een schatje. Behalve als hij ’s ochtends keihard gaat fluiten.
“Pas op of ik haal mijn buks,” zegt Paul dan. Maar dat meent hij natuurlijk niet hoor.

Vanavond gaan we uiteten.
Met mijn schoonouders. Daar heb ik zin in want we gaan voor de spareribs. Ik hou heel erg van spareribs. En van mijn schoonouders. De kinderen gaan ook mee, die zijn helemaal opgewonden omdat ze ‘naar een echt restaurant’ gaan. “Kluifjes eten,” zegt Annabel. Zo leuk. Hun enthousiasme maakt me blij en geeft me een vlinderig gevoel.

Afijn, je zult het al wel gemerkt hebben, ik heb niets te vertellen vandaag. Dit stukje is slechts een weergave van een gewone ochtend in een doorsnee huis. Verdrietige bloemen maar een zonnig hart. Maar haar is nog nat van de douche en het ruikt zo lekker. Er is niet altijd veel voor nodig om blij te zijn. Zoals ik laatst ergens las:

Taste life, it’s delicous.