Het is 25 en het sport

Mijn lijf is boos op me. De spieren in mijn armen, benen, buik, rug en kont krijsen: ‘Lis, waarom hou je niet meer van ons?’ Maar dat hebben ze fout. Ik hou juist wél van mijn lijf, daarom bezoek ik sinds kort de sportschool. Nou ja, van alleen een bezoekje krijg je natuurlijk niet de moeder aller spierpijnen. Ik heb me vrij enthousiast in de sportwereld gestort. Samen met mam, mijn sportmaatje. We zijn allebei even blubberig en conditieloos, wat ons de ultieme match maakt.

Attack!
Aan het begin van de week buigen mam en ik ons over het rooster van de groepslessen.
‘Wat is S-H-apostrof-bam?’ vraagt mam.
‘Iets met dansen,’ zeg ik.
‘Dat lijkt me leuk.’
Ik omcirkel SH’bam.
‘En dit? Bodyshape? Klinkt leuk,’ oppert mam.
Ik omcirkel Bodyshape.
‘En ik wil ook wel een keer yoga’en.’
Ik omcirkel Yoga.
Mam scant de rest van het rooster. ‘Dit lijkt me heftig.’ Ze wijst naar iets dat Bodyattack heet.
‘Of dit.’ Ik tik op Bodycombat.
‘Klinkt doodeng,’ stemt mam in. ‘Laten we maar lekker rustig beginnen.’

Breken, scheuren, kraken
Haha. Hahahaha. Ha. Lekker rustig. Haha. Gisteren voelde ik mijn benen al behoorlijk na dat lesje Bodyvive, maar na een uur Bodyshapen vandaag vraag ik me serieus af hoe heftig iets moet zijn om de naam Bodyattack te verdienen. Want het voelt na die ene les Bodyshape al alsof ik mijn lijf te lijf ben gegaan. Terwijl mijn benen er ieder moment af kunnen vallen, zegt de instructrice opgewekt: ‘En nu gaan we het een tikkeltje sneller doen!’ Als mijn buik bijna openscheurt van de buikspieroefeningen, roept ze vrolijk: ‘Nog maar tien!’ En wanneer mijn kont aanvoelt als een klomp rauw gehakt, kwinkeleert ze: ‘Hoger! Hoger! Hoe hoger hoe beter!’
Je snapt dat ik nu helemaal kapot ben. En hier is het bizarre: ik wil nog een keer.

Lis 2.0
Volgende week gaan we weer, minstens twee keer. En ik rust niet voordat ik de hele les mee kan doen zonder halverwege een plank op te geven, zonder na de vijfde squat om te vallen en zonder puffen alsof ik moet bevallen tijdens de buikspieroefeningen. Tijdens mijn auteursfotoshoot vorige week paste ik niet in de kleding die de stylist voor me had meegenomen omdat de omvang van mijn bovenbenen dusdanig gigantisch is dat het je een driedaagse busreis kost om er helemaal omheen te komen. Extra pijnlijk: bij het model dat ‘mijn’ pak ook even aan moest, was het noodzakelijk om het een heel stuk in te nemen met speldjes.
Au.
Ik ben vijfentwintig en ik weiger nog langer als een conditieloze slak met het lijf van een griesmeelpudding door het leven te gaan. Daarom omarm ik mijn spierpijn bij iedere trap die ik moet beklimmen en bij iedere keer dat ik lach. Het betekent het begin van Lis 2.0.
No more miss griesmeelpudding.

Foto: Naitokz