Anna & Eus: ‘We hebben de opvoeding laten versloffen’

Anna Eus

Journalist Anna van den Breemer (36) en schrijver Özcan Akyol (36) wonen in Deventer en hebben twee kinderen: Mia (4) en Baran (3). In VIVA Mama schrijven ze over wat ze als ouders meemaken. Deze keer over opvoeden.

ANNA

‘We hebben de opvoeding laten versloffen’, zei Eus. ‘De kinderen nemen ons niet serieus, we hebben geen enkele autoriteit.’

Nou ben ik eraan gewend dat mijn vriend kritisch is, maar hier voelde ik me toch een beetje aangevallen. Ik ben namelijk vaker thuis met onze zoon en dochter – dus bedoelde hij niet stiekem: door jóuw slappe inborst zijn onze bloedjes nu verwende snotapen?

‘Dat is overdreven,’ reageerde ik. ‘Misschien moeten we duidelijke regels opstellen.’

Toch moest ik bekennen dat het niet vlot liep, die bewuste zaterdagochtend. Baran gooide Duplo door de kamer en Mia schreeuwde heel Deventer wakker omdat ze meende minder hagelslag op haar boterham te hebben dan haar broertje. Eus zette haar op de gang.

‘Jullie zijn stom!’ krijste onze dochter.

‘Dit moet toch anders kunnen?’ riep ik.

Geïndoctrineerd door alle opvoedboeken ben ik een fervent voorstander van begrip tonen voor je kind, en minder van de autoritaire ‘omdat ik het zeg’-strategie. Daar sta ik nog steeds achter, maar de bijvangst is dat ons nageslacht grenzen negeert.

‘Jij bent niets gewend,’ reageerde Eus. ‘Ik werd vroeger in elkaar geslagen als ik niet luisterde. Dit valt erg mee.’

Na het mislukte ontbijt fietste ik luid zuchtend naar de speeltuin.

‘Vind je ons niet meer lief, mama?’ vroeg Mia.

Baran rende direct naar het houten huisje om daar uitgebreid in zijn luier te gaan poepen.

Leunend tegen een wipkip appte ik een opvoedcoach met wie ik ooit contact had voor een artikel. Of ik een sessie kon boeken? Dit ging zo niet langer. Na vijf minuten constateerde ik dat er een dik spoor van snot uit de neusjes van Mia en Baran liep. Het was veel te koud om buiten te spelen. Vroeger kroop ik op een baaldag onder een dekentje. Als moeder van twee koters kan dat niet. Je moet dóór. Ook wanneer je merkt dat jouw stemming overslaat op de kinderen, waardoor ze nóg baldadiger worden.

’s Avonds luisterde ik naar een podcast van How2talk2kids, waarin het ging over duidelijkheid bieden aan je kind door precies aan te geven wat je wilt en in te grijpen voordat je pannetje overkookt. De volgende dag pas ik het toe. De gehele zondag verkeren we in een Sound of music-achtige sfeer, vol knutselsessies en een maaltijd waarbij iedereen netjes aan tafel blijft. De afspraak met de coach heb ik nog niet ingepland. Dat komt vast tijdens ons volgende handen-in-het-haar-moment.

Lees ook:
Anna & Eus: ‘Mijn moeder kwam binnen met cola, chips en bonbons (met alcohol) voor de kinderen’

EUS

Of meer jonge vaders hetzelfde doen, weet ik niet, maar ik denk de laatste tijd, nu onze kinderen een stuk mondiger, stouter en brutaler zijn, veel vaker aan mijn eigen jeugd. Als wij ons misdroegen, aan het begin van de jaren negentig, kregen we gewoon klappen, zowel mijn broers als alle andere kinderen uit de buurt. Dat was toen normaal. Op een woensdagmiddag bijvoorbeeld tuften mijn beste vriend en ik met onze fietsen het bejaardenhuis binnen. De automatische schuifdeur ging kapot. Een paar uur later, toen we beiden in onze eigen huizen speelden, kwamen vier politieagenten naar onze wijk. ‘Mogen we even binnenkomen?’ vroeg een agent. In de woonkamer was de spanning om te snijden. Mijn broers en ik werden helemaal rood. ‘Natuurlijk,’ antwoordde mijn moeder. Veel meer Nederlandse woorden kende ze niet.

‘Ik heb hier een foto,’ zei een agent. Hij keek naar ons. ‘Wie is dit hier, op deze fiets?’ Mijn broers staarden direct naar mij. ‘Dat ben ik, meneer.’

‘We moeten even praten.’ De politiemedewerkers vertelden, met mijn broers als tolk, dat ik me had misdragen en dat we de schade moesten betalen. Ze waren amper de straat uit, of mijn vader begon me te slaan met zijn platte hand en daarna met een riem. Nogmaals, dit klinkt heftig, maar het was normaal in die tijd. Wat het alleen wel frustrerend maakte; je kreeg echt om álles klappen. Mijn middelste broer brak bijvoorbeeld eens zijn pols tijdens het fietsen. Hij kwam in gips naar huis. Normaal zou je verwachten dat hij in de watten werd gelegd, nadat hij uitgebreid zijn verhaal had gedaan, maar in plaats daarvan raakten mijn ouders ziedend op hem en kneep mijn moeder in zijn andere schouder – omdat hij zo achteloos op pad was gegaan.

Ik heb gezworen dat ik onze kinderen nooit fysiek iets zou aandoen. In plaats daarvan was ik tot nu toe altijd de lieve, meegaande vader die alles accepteert van zijn kroost. Zij hebben immers ook niet om het leven gevraagd. Maar nu ze ouder worden, kom ik tot het inzicht dat de fluwelen handschoen als belangrijkste wapen in de opvoeding niet gaat werken. Uiteindelijk zal het zich tégen hen keren als ze denken dat alles mag. We moeten oppassen dat we geen verwende narcisten creëren. En dus ben ik nu veel strenger. Geen grenzeloze verwennerij. Meteen een vermaning als ze iets geks zeggen. En op wangedrag volgt een straf. Elke keer als ze hun ontevredenheid uiten, denk ik aan mijn eigen jeugd. Daarmee sus ik mijn geweten. Zo slecht hebben onze kinderen het niet.

Deze column is afkomstig uit VIVA Mama 01-2021. Deze editie kun je hieronder bestellen.

»BESTEL VIVA MAMA ONLINE | KLIK HIER «