Anna & Eus: ‘Dankzij de kinderen krijg ik een herkansing op mijn eigen jeugd’

Schrijver Özcan Akyol (34) en journalist Anna van den Breemer (34) wonen in het centrum van Deventer en hebben twee kinderen: Mia (3) en Baran (1). In elke VIVA Mama schrijven ze over wat ze als ouders meemaken. Deze keer over kunst en cultuur in het leven van de kinderen.

Eus

‘Het had weinig gescheeld of ik was drugsdealer geworden in plaats van schrijver en al die andere dingen die ik uitvreet. Bij ons thuis was er geen kunst en cultuur. Mijn ouders, die beiden analfabeet zijn – godzijdank, want daardoor kunnen ze mijn boeken niet lezen – waren allang blij als ze elke avond weer wat eten voor ons hadden geronseld.’

‘Er kwam een kentering in mijn leven: ik ontdekte het wonder van de literatuur, ruim na mijn puberteit en begon mezelf te ontwikkelen. Hierdoor weekte ik me los van mijn oude milieu, dat zich vooral liet kenmerken door uitzichtloosheid en de constante flirt met verboden zaken. Pas toen Anna en ik kinderen kregen, werd ik met mijn neus op de feiten gedrukt: ik heb geen normale jeugd gehad.’

‘Anna vroeg drie jaar geleden eens of ik een slaapliedje voor Mia wilde zingen, maar ik kende er letterlijk geen één. Daarom begon ik Rendezvous van Craig David te neuriën, dat was immers een lief nummer. Dat Mia tijdens mijn show moest kotsen, wijt ik aan toeval. Ik zong ook vaak hits van Usher, Ne-Yo en Donell Jones en elke keer reageerde onze dochter daar prima op.’

‘Anna vond het ook geweldig, maar ze vroeg wel: ‘Wordt het niet eens tijd dat je echte kinderliedjes gaat leren?’ Dat doe ik as we speak. Maar R&B-zangers zijn beter. Hetzelfde probleem stak de kop op met baby-en peuterliteratuur. Alle jeugdboeken zijn me vreemd, waardoor ik ze soms nog spannender vind dan bijvoorbeeld Baran, die bij voorkeur over de boeken kwijlt of erin bijt in plaats van aandachtig te kijken en te luisteren.’

‘En wat gaat Dikkie Dap nu doen?’ vroeg ik laatst aan hem.

‘Nééhéé, zo heet hij niet,’ zei Anna.

‘Hoe dan wel?’

‘Dikkertje Dap.’

‘Hoe kom ik aan Dikkie dan?’

‘Je bent in de war met Dikkie Dik,’ legde ze uit.

‘Ah verdomme, waarom moeten die namen zo op elkaar lijken?’

‘In het begin schaamde ik me een beetje voor mijn onwetendheid, maar dat heb ik helemaal losgelaten. Dat ik vader ben betekent niet alleen slapeloze nachten, een verlies van mijn persoonlijke vrijheid, waardevolle spullen die stuk worden gegooid en het eeuwige gedram om snoep en koekjes. Nee, dankzij de kinderen krijg ik een herkansing op mijn eigen jeugd.’

‘Ze hebben me geïntroduceerd in een wereld van boeken, tekenfilms en theater die speciaal voor hen is geschapen. Ik mag alsnog een deel van mijn kindertijd overdoen. Wonderlijk hoe die dingen gaan.’

Anna

‘Het lievelingsboek van Mia is De kleine walvis van Benji Davis. Dus toen er een theatervoorstelling speelde in Deventer, gebaseerd op het boek, kocht ik meteen kaartjes. ‘Allemaal vervelende VPRO-mensen,’ oordeelde Eus terwijl hij hoofdschuddend de zaal scande.’

‘Waar is de walvis?’ riep Mia.

‘Die komt zo,’ fluisterde ik.

‘Ik zie de walvis niet!’

‘Het begon me te dagen dat dit theatergezelschap tijdens het creatieve proces het boek compleet was vergeten. Nast het toneel stond een stok met witte slierten – Mia zou het zonder walvis moeten stellen.’

‘Een surrealistische kwal is ook leuk,’ probeerde ik, wat nét niet tot een huilbui leidde. Ik was bang dat ik haar had verpest. Door een overdosis Bumba zou ze nooit abstracte kunst leren waarderen. Naast me lichtte een scherm op.’

‘Wat doe je?’

‘Ik kijk online hoelang deze poging tot een toneelstuk nog duurt,’ antwoordde Eus.

‘Ik vermoed ook een ander motief – er was een belangrijke voetbalwedstrijd gaande. Voor de culturele opvoeding van onze dreumes en peuter moet ik niet bij mijn vriend zijn. Later, als ze toe zijn aan deprimerende boeken van zuipende schrijvers, mag hij het stokje overnemen.’

‘Tot die tijd introduceer ik ze in de wereld van Berend Botje, Pippi Langkous én de feestdagen. Want van feesttradities snapt hij ook al niets. Vorig jaar Pasen gingen we eieren zoeken in de tuin van mijn familievakantiehuis in Giethoorn. Mia hobbelde met haar neefjes en nichtjes gemoedelijk door het gras. Uit mijn ooghoek zag ik iets voorbijflitsen – het droeg een rood trainingspak van Go Ahead Eagles  en zigzagde van de schuur naar de plantenbak.

‘Ik heb er al tien,’ schreeuwde Eus.

‘Wat ben je in godsnaam aan het doen?’

Hij kwam hijgend voor me staan. ‘Je zus en jij hebben het echt te gemakkelijk gemaakt. Gewoon op de schommel? Come on!

Hij keilde een ei in Mia’s mandje. ‘High five, we zijn aan het winnen!’

‘Toen even later mijn neefje een ei wilde oprapen, werd hij omver geduwd door Eus. ‘Te laat, sucker!’

‘Lieverd, het is geen wedstrijd. Pasen gaat om gezellig samen zijn’. Ik klonk als mijn moeder. Dat de boodschap niet was aangekomen merkte ik bij het eieren schilderen. Tussen de kleurige klierwerkjes viel één ei in het bijzonder op. Het had het kenmerkende gezicht en kapsel van Kim Jong-un.’

Deze column is afkomstig uit VIVA Mama 04-2019. Deze editie kun je hieronder bestellen.

»BESTEL VIVA MAMA ONLINE | KLIK HIER «