Anna & Eus: ‘Ik ben de stylist van de kinderen, soms tot afgrijzen van Anna’

Schrijver Özcan Akyol (34) en journalist Anna van den Breemer (34) wonen in het centrum van Deventer en hebben twee kinderen: Mia (3) en Baran (1). In elke VIVA Mama schrijven ze over wat ze als ouders meemaken. Deze keer over: kinderkleding.

Eus

‘Op de afdeling kindermode van de H&M loensen de medewerksters me meestal achterdochtig aan: ze komen niet elke dag iemand tegen met het uiterlijk van een jihadist die veel plezier heeft in het afstruinen van kledingrekken vol roze rokken en jurken.’

‘Het begon allemaal in de geboorteweek van Mia. Op een achteloos moment werd ik door de kraamhulp naar de stad gestuurd, omdat ze onze rompertjes, met talloze knopen, veel te onhandig vond; er was beter spul verkrijgbaar. ‘Ga jij dat maar even halen.’

‘Ik gehoorzaamde braaf, nog een beetje high van de bevalling die om en nabij de zesendertig uur had geduurd. In de winkel kwam ik terecht in een deel dat ik normaal gesproken straal voorbij liep. Het zal wel weeïg klinken, maar ik raakte ontroerd door die small sized truitjes, broekjes en sokjes. Ik sloeg meteen voor tientallen euro’s in, wat achteraf gezien niet zo slim was, aangezien kinderen vooral in het begin groeien als kool. Maar wist ik veel. Ik was gewoon emotioneel.’

‘Sindsdien ben ik de stylist van Mia en Baran. Soms tot afgrijzen van Anna, die niet altijd even goed begrijpt waarom onze zoon bijvoorbeeld in een blits kloffie van Hugo Boss moet lopen, een outfit die veel van haar eigen kledingstukken in prijs overtreft. Eerlijk gezegd vind ik het ook nergens op slaan, maar ik kan het wel verklaren: als jongste zoon in een arm gezin droeg ik altijd vierdehands kleding. Als bepaalde schoenen eenmaal aan mij toekwamen, hadden ze gaten en scheuren, vaak stonken ze ook enorm. En omdat ik grote voeten heb, leed ik steevast enorm veel pijn. De herinneringen aan deze geschiedenis zie ik nog elke ochtend, vanwege mijn afzichtelijke hamertenen.’

‘Kijk, ik heb nieuwe patta’s voor Baran gekocht,’ zei ik laatst bij thuiskomst. Anna was op het ergste voorbereid, ze kent mijn voorliefde voor lichtgevende kinderschoentjes. Maar ik had juist een paar van Nike ingeslagen, een merk dat ik zelf pas aan het einde van de mavo kon dragen, dankzij een bijbaan als bordenwasser.’

‘Ja,’ antwoordde Anna, ‘I see what you did there.’
‘Wat bedoel je?’ vroeg ik.
‘Dit soort schoenen droeg jij vroeger natuurlijk nooit.’
‘Nee, ben je gek?! Die waren er alleen voor de rijke, blanke kinderen. Jouw soort.’
‘En nu wil je dat Baran ze wel draagt.’
‘Precies.’
Anna zuchtte diep en gaf me een kus. Ze wist dat ze alles nóg een keer aan me kon uitleggen, over dat ik mijn eigen jeugd niet kon over doen, maar besefte ook dat het geen zin had.

Anna

‘Bah, het ruikt hier naar vrije school.’ Eus kijkt ontevreden toe hoe ik een berg wollen rompertjes en broekjes inspecteer die ik van mijn zus heb gekregen; haar zoon heeft een flinke groeispurt achter de rug. Ik vind het prachtig dat Baran straks in hetzelfde pakje rondloopt als zijn neef, maar voor Eus gaat die sentimentele vlieger niet op.’

‘Alleen mensen in nood en gierigaards dragen tweedehands kleren, om over het ranzige detail dat het van iemand anders was nog maar te zwijgen; ook al gaat het hier om mijn lieve (antroposofische) neefje. Vaak genoeg heb ik geprobeerd uit te leggen dat gebruikt spul soms stijlvoller kan zijn dan nieuwe dingen uit grote winkelketens. Ik herinner me het afgrijzen op zijn gezicht toen ik opperde om een ledikantje voor onze babydochter te zoeken op Markplaats, zoals veel vriendinnen deden. Likje verf erover, klaar. ‘Hou je soms niet van ons kind?’ vroeg Eus, zonder ironie. Je wéét niet waar dat ding is geweest. En dus stonden we een week later in Babypark, waar we een complete babykameruitzet aanschaften. Alles wit, alles nieuw.’

‘Doe die kleding van je zus maar in de Kringloop-bak,’ zegt Eus. ‘Maar dit komt als geroepen,’ protesteer ik. ‘Alles is Baran bijna te klein, dat zei jij laatst ook.’ ‘Daarom ben ik gaan shoppen!’ Triomfantelijk houdt hij twee enorme plastic tassen omhoog en met een geestdrift grenzend aan waanzin begint hij zijn oogst uit te stallen op de bank. ‘Ik kwam ook leuke dingen voor Mia tegen. Veel pasteltinten, past goed bij de lente.’

‘Rechts liggen blauwe en groene polo’s en broekjes, de kledingstukken op links zijn roze, geel of hebben glitters. Het wordt andermaal duidelijk dat de stylist van onze kinderen niet aan genderneutraal doet. Die ene keer dat ik Baran uit praktische overwegingen (geen zin om de trap op te lopen) roze sokjes aandeed, heeft Eus me nog niet vergeven. Ik pak een roze jurkje. ‘Mickey Mouse? Schat, dit is echt ordinair.’ ‘Mia vindt dat leuk.’ Onze dochter komt aanrennen omdat ze haar naam hoort. ‘Dit is niet Mickey, mama, dit is Minnie.’
Het is twee tegen één. Ik neem mijn verlies. Later, als Mia en Baran zich gaan afzetten tegen hun personal shopper, neem ik ze wel mee naar de grote vlooienmarkt in de IJ-hallen.’

Deze column is afkomstig uit VIVA Mama 03-2019. Deze editie kun je hieronder bestellen.

»BESTEL VIVA MAMA ONLINE | KLIK HIER «

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief.