Behoorlijk de weg kwijt

verdwaald

Ik heb een handje van verdwalen. Dat is al vanaf de brugklas zo. Op het eerste gezicht doelloos sjouwde mijn enorme rugzak met mij door de schoolgangen. Ik had wel een doel, namelijk het klaslokaal vinden. Tegen de tijd dat ik het dan had gevonden, kon ik weer terug naar beneden om een briefje te halen om te laten noteren dat ik weer eens te laat was.

Zweinstein-praktijken

Het gebouw had een u-vorm, maar ik verdacht het ervan dat het er Zweinstein-praktijken op nahield. Met verschuivende trappen en geheime kamers. Tegen de tijd dat ik een beetje in de gaten kreeg hoe het gebouw in elkaar stak, werd ik een bovenbouw-leerling. Vanaf die tijd moesten we via de andere kant naar binnen en begon alles opnieuw. Ik moest zelfs een week nakomen omdat ik de ‘verkeerde’ ingang had genomen.

Ook nog een omleiding
Afgelopen week had ik een afspraak met vriendinnen. Zoals gewoonlijk was er niet veel speling qua tijd, op het moment dat ik van huis vertrok. Uiteraard was er ook nog een omleiding. Ik besloot de snelweg te vermijden en een sluiproute te nemen. Ik voelde me oprecht vervuld van trots dat ik op tijd de juiste beslissing had genomen. Maar aan dit glorieuze moment kwam al gauw een einde toen bleek dat ik beter wel de snelweg had kunnen nemen.

Goed verdwaald
Links was afgesloten, rechtdoor eindigde in twee doodlopende straten en rechts was voor mij onbekend terrein. Ik deed wat ik altijd doe in een panieksituatie. Ik nam een foto van het betreffende punt en vroeg mijn vriendinnen om hulp. ‘Wat doe je daar?’ vroeg de eerste. ‘Voorlopig niets’ was mijn antwoord. ‘Haha sukkel!’ stuurde de tweede. ‘Volg de vier!’ was het antwoord van de derde.

Met mijn barrel in de berm

Goed, een vier. Een vage herinnering van een vier kwam voorbij. Ik besloot om te keren. In de verte zag ik twee borden. Het bleken een vier en een verbodsbord. Verboden voor auto’s. Ik besloot dat mijn bolide meer onder de categorie ‘barrels’ viel en dat ik het er maar op moest wagen. Het was een smalle weg met heel veel bochten. Ik kreeg een beetje het kinderfeestjes-speurtocht-gevoel, totdat er plotseling een auto van de andere kant kwam. Met geen mogelijkheid zouden we samen op de weg passen. Snel manoeuvreerde ik mijn barrel in de berm. Aan het weggetje leek geen einde te komen en ik stond uiteindelijk langer in de berm dan dat ik onderweg was.

Plotseling was ik weer op bekend terrein. Er stond niemand met een lintje of een medaille, maar er stond in ieder geval ook geen politie. Ik wist namelijk nog steeds niet of ik wel of niet de wet had overtreden.

Van het pad af
Het zal inmiddels wel niemand meer verbazen, maar op de terugweg wist ik me het voorval pas weer voor de geest te halen toen ik pal voor de omleidingsborden stond. Oh ja. Het illegale paadje lonkte. Het was zo dichtbij en het was zo aantrekkelijk om er nog eens langs te gaan. Ik draaide mijn auto. Ik zou wel een andere weg zoeken. Ik ben misschien vaak goed de weg kwijt, maar bijna nooit van het goede pad af.

© Beeld: privébezit