Bekogeld

We gingen rijden. Ik stond achteraan. Stuk voor stuk scheurden mijn collega’s voor me uit. Er kwam zwarte rook van hun banden af. De laatste keek achterom. Hij lachte me uit en zei dat ik vast niet zo snel kon gaan, vanwege de elektrische onderdelen in mijn vervoermiddel. Ik stampte het pedaal in, zo diep als ik kon en zag de hoon in de ogen van mijn collega plaatsmaken voor verwondering. Ik ging hard, heel hard aan hem voorbij.

Agente
Na een scherpe bocht zag ik ze weer. Mijn collega’s stonden ineens allemaal stil. Ik moest hard remmen om niet tegen hen op te botsen en slipte daarbij iets door. Vanaf de plek waar ik stond kon ik de agente goed zien. Ze stond met een collega te praten, maar keek nu opzij naar mij en ik wist: wij zijn hier goed de sjaak. Zo hard als wij gingen mag je niet binnen de bebouwde kom. In een fikse boete had ik geen zin. Ik heb al een dure pechmaand.

Tuchtmaatregel
Het leek erop dat we goed weg zouden komen. We hoefden niets te betalen. Maar we verdienden wel straf. Opgelucht over de financiële meevaller, reageerde ik iets te enthousiast, waardoor de mannelijke collega van de agente in mij de eerste kandidaat zag voor de tuchtmaatregel. Er stonden kruizen van hout. Daar moest ik tegenaan gaan staan met mijn benen uit elkaar en mijn armen in de lucht. Hij maakte me niet vast. ‘Als je een echte vent bent blijf je gewoon staan.’

BIC pen
De agent ging drie meter voor me op één knie zitten. Zijn gezicht was naar mij toe gericht, waardoor ik zag dat hij een oog sloot. Met zijn tong uit zijn mond begon hij bij wijze van proef gooibewegingen te maken, als een messenwerper. In zijn hand hield hij een BIC-pen. Voordat ik kon roepen dat dit toch wel een erg merkwaardige manier van straffen was, kwam de BIC op mij af. Ik had verwacht dat hij ergens tussen mijn benen door zou zoeven, maar hij raakte me recht in mijn gezicht.

Bloggen
‘Sorry, dat was niet de bedoeling,’ zei de agent geschrokken. Zijn collega nam me mee naar een kamer en terwijl ze zich ervan verzekerde dat ik geen verwondingen had opgelopen, verontschuldigde ook zij zich nog eens voor de gang van zaken, waarbij ze zei dat de agent beter had moeten oefenen en dat het nog wel even zou duren voordat ze deze strafmaatregel weer in zouden zetten. Ik zei dat ik geen pijn had en dat ik alleen was geschrokken. Daarna vertelde ik dat ik teksten schrijf voor Viva.nl: ‘Nu heb ik tenminste weer iets om over te bloggen.’

Deadline
Tevreden met de afloop werd ik wakker. Meteen baalde ik ervan dat de levensechte belevenis nu een droom bleek te zijn. Liever was ik echt door een agent bekogeld met een pen, want zo gaat dat bij een columnist die tegen een deadline hikt: het is niet erg als we zoiets absurds meemaken, als we er naderhand maar een fijne column over kunnen tikken.

CC foto: Eddy Van 3000