Blog Sophie: Groentehapje

groentehapje

Twee van mijn kinderen lusten broccoli. Ja, ik weet ook niet wat ik verkeerd gedaan heb. Het enige waarmee ik het kan verklaren, was mijn quicheverslaving tijdens die twee zwangerschappen. Ik maakte er elke week wel één. Een quiche lorraine, of wat je ook zou kunnen zeggen: een hartige taart met dus inderdaad broccoli. Al dat bladerdeeg zorgde wel voor een stevige afzetting in het buik-billen-dijengebied, maar uiteindelijk was het ’t allemaal wel waard.

Mijn oudste dochter is – zonder dat ik wil opscheppen, maar ja, dat doe ik nu toch – sowieso een goede eter. Ooit kreeg ik van een vriendin de tip om verse groentesoep te maken. Dat was een schot in de roos. Met een man die meer niet mee-eet dan wel, is het best fijn om eens pannenkoeken te bakken met daarvoor heel verantwoordelijk een courgettesoep.

De middelste dochter eet net iets minder goed, maar ik heb ontdekt dat als we klokslag half zes eten, ze ook best wat naar binnenschuift. Daarvoor heeft ze geen honger, daarna is ze te moe. Bovendien heerst hier sinds januari een nieuw regime. Eerst de groenten opeten, daarna pas het vlees. Ik had het niet verwacht, maar het werkte zowaar. A2, die altijd boontjes en ander groen standvastig weigerde, eet het nu trouw op in het vooruitzicht van een heerlijke, sappige gehaktbal.

Zoete aardappelregen

Dus nu het tijd werd om ook de derde aan het vaste voedsel te laten wennen, dacht ik: dat doe ik wel even. Neen. C3 weigert alles, wat niet enigszins te maken heeft met een fles en melk. Na anderhalve maand zijn we eindelijk zo ver dat ze wat geprakt fruit eet. Een groentehapje hoeft ze niet. Ook niet als het zoet is. Wortel spuugt ze uit. Van boontjes kokhalst ze. Broccoli druipt zo haar nekplooien in. En als ik het zelf maak, steekt ze haar tong uit bij het uitspugen met als gevolg dat ik een zoete aardappelregen in mijn gezicht krijg.blog 2

Rapley Methode

Ik dacht: het is te vroeg, ze moet nog even wennen. En ik dacht: nee, ze MOET er maar aan wennen. De aanhouder wint, toch? Ik bood andere dingen aan, via de Rapley-methode (oftewel: meteen vast voedsel aanbieden, zodat de baby kan spelen met het eten, het kan voelen, eraan kan sabbelen en zijn eigen tempo kan bepalen). Toegegeven: een schijfje komkommer kon haar goedkeuring wel dragen. Een korstje brood echter werd meteen woest uitgespuugd. Een glutenvrije maïsstengel daarentegen vond ze heerlijk.

Maar ja, ik moest toch wel iets. Niet in het minst voor mezelf, want als ik om 15.00 uur geen fles meer heb is het ook niet elke dag stressen omdat A1 om diezelfde tijd uit is van school. Maar een baby laat zich niet dwingen. Dus begon ik – geheel tegen mijn principes in – toch wat appelmoes door de voeding te mengen. En warempel: sinds enige dagen eet ze exact vijf hapjes voordat ze het weer uit gaan spugen. Gisteren probeerde ik bruine bonen met appel (wat ik vanmorgen misschien bij het kinderdagverblijf had moeten zeggen) en gingen er weer vijf happen in. Ik voelde me euforisch. En ja, die broccoli, dat komt vast over een jaartje wel. Misschien volgens onderstaande methode…