Blog Sophie: Ploetermoedergedoe

ploetermoeder

Deze keer wilde ik een leuk blog schrijven. Over hoe ik geniet van die drie meiden. Over wat voor lol we hebben samen. Ja, daar wilde ik graag over schrijven. Ik wilde vooral niet zeuren of zeiken. Geen ploetermoedergedoe, want dat weten we nu onderhand wel. En het liefste wilde ik mijn lezers aan het lachen maken. Dus broedde ik op iets grappigs.

Geschop

Er gebeurde niks grappigs. Althans, niet in mijn ogen. Het waren namelijk weer van die dagen. Die dagen die beginnen met een worsteling, omdat ik graag wil dat de meiden aangekleed naar beneden gaan op schooldagen (dat zou me namelijk een heleboel ‘schiet nu eens op, kom nu eens hier, we moeten zo naar school, trek die sokken aan, dat kun je wél, en jij hier met die jas’-stress schelen). Echter A2 wilde dat niet. Ze lag op de commode (eigenlijk een iets te hoge ladekast voor ondergetekende) en ging in het verzet. Schreeuwen, draaien en van zich afschoppen. Eén schop belandde tegen mijn kaak. Ik moest tachtig keer tot tien tellen, voordat ik weer kon functioneren.

Binnen gescheten

Ja, het waren van die dagen. Dat je dan eindelijk met een geheel overstuur kind (waarom wilde ik dit ook alweer?) beneden komt en dat de hond alweer twee keer binnen gescheten heeft. En A1 er in is gaan staan. De meiden waren om tien over zes wakker, terwijl ik de wekker had gezet om de hond eens vroeg uit te laten. Dat liep dus anders. Dat liep, zeg maar, zo mijn kleed in (uiteraard, want er is één kleed en verder zijn er tegels, dus natuurlijk moet er op het kleed gescheten worden).

Blog 52 ploetermoeder 2

Die dagen dat je even een blog gaat typen en het wel erg stil wordt… en dat je dan A2 betrapt die met het water voor de hond het raam aan het schilderen is. Die dagen dat je voor de kat z’n kut kookt. Dat er vervolgens weer een worsteling ontstaat, omdat A2 het eten vies vindt en van tafel wil en ik vind dat ze moet eten. En dat ze, toen ik haar maar in dat tuigje zette, uit woede een zet geeft tegen haar bord spaghetti bolognese. Dat van tafel valt. Op de hond. De witte hond.

En dat A1 dan ook maar in het verzet gaat, omdat er een stukje ui van één GODVERGETEN millimeter in de spaghetti zit en ze dat per se overal tussenuit wil peuteren. En dat dan de baby het ook maar op een gillen zet. Zo’n dag dus.

gifje 2

Strijd

Dus moedeloos bracht ik de meiden naar bed. Ik was moe gestreden. Ik vroeg me af of het alle strijd wel waard was. Waar ligt de grens, dacht ik. Maak ik het mezelf daadwerkelijk gemakkelijker met al die regels? En tegelijkertijd wilde ik het gevoel houden toch enige controle over mijn kinderen te hebben, want mijn taak is om op te voeden. Ik poetste de tanden, waste de lijfjes en pakte de luiers.

En ineens zei A2: ‘Wc’. Ze is net twee en had tot dat moment geen enkele aandacht gehad voor iets dat op zindelijkheid leek. Ik zette haar op de potverkleiner en keek vol verwachting toe. Nee, er volgde geen plas, maar ze poetste wel keurig haar … eh… (ja sorry, we hebben hier een woord voor dat ooit bedacht is door A1, omdat ze vanwege haar spraakachterstand zelf woorden verzon voor wat ze niet kon zeggen)…mimi.

En dit kleine moment, deze twintig seconden, maakten een euforie in me los. Ik was zo trots als een pauw. Ik glunderde. Gooide A2 de lucht in. Had ineens energie voor twee verhaaltjes pér kind. Tevreden vielen ze in slaap en ik zette even tevreden het bad aan.

En pakte de hond…