Blog Sophie: Zindelijk

sophie

A2 is inmiddels drieënhalf. Toch was zindelijk worden niet aan haar besteed. Ze vond het prima om te plassen en te poepen in een luier. Ik was het echter meer dan zat. En dus besloot ik – en niet zij – dat het tijd was voor de pot.

Na een tijdje aanmodderen was ik toch best ten einde raad, moet ik toegeven. A2 had er gewoon geen zin in. ’s Morgens huilde ze bijna als ik voorstelde de luier uit te doen. Ook al werd er op het kinderdagverblijf flink geoefend en wilde ze daar wél, thuis moest ze er niets van weten.

Ik wil geen luier meer

Maar ja, ze was alweer drieënhalf. Haar oudere zus was met tweeënhalf al zindelijk. Die zei gewoon: “Ik wil geen luier meer aan.” Binnen twee dagen was het gepiept. Tja, dan denk je meer ervaring te hebben bij de tweede. Maar als die het weer compleet anders wil… Als goedbedoelende moeder weet je dan nog niks.

Ik besloot advies in te winnen. Eerst bij vriendinnen. Nou, ik hoefde me nog geen zorgen te maken. Kind M van vriendin B was ook nog niet zover. Joh, waar maakte ik me druk om: A2 had nog een halfjaar voordat ze zindelijk en wel naar de kleuterschool zou gaan.

Omdat dat niet was wat ik wilde horen, ging ik verder vragen. De meeste kinderen gaven zelf aan dat ze er klaar voor waren, was de boodschap. Dat is natuurlijk ook wel de huidige pedagogische tendens: uitgaan van het kind.

Gewoon klaar

Dat was al zo tijdens mijn zwangerschappen. Alles stond in het teken van het kind. Ik had net zo goed negen maanden aan de broedmachine gelegd kunnen worden, want behalve verantwoordelijk zijn voor de foetus (GEEN PATÉ, GEEN ONGEPASTEURISEERDE KAAS, GEEN KOOLVIS, NIET TE VEEL MELK, GEEN KOFFIE, GEEN ALCOHOL, GEEN FRISDRANK, GEEN ROOD VLEES, GEEN SALAMI, GEEN KANEEL, GEEN LEVEN!) had ik geen enkele taak. Wat ik wilde of nodig had, deed er niet toe.

Nou ja, ik had er dus geen zin meer in. Een luier van een drieënhalf-jarige verschonen is geen pretje. Die produceren gewoon best veel poep. En dat gaan dan ook echt overal in zitten bij die meisjes. Bovendien had ik nóg een kind in de luiers. Het was gewoon klaar.

Liegen tegen m’n kinderen

Dus zei ik simpelweg tegen A2 dat de luiers op waren. Ik lieg wel vaker tegen m’n kinderen. “Nee die rok zit in de was” (lees: ik heb geen zin om voor de derde keer naar boven te lopen omdat jij nu ineens die ene, speciale rok aan wilt). “Nee, de speeltuin is nog niet open” (lees: mama moet stofzuigen en strijken, want dan kan ze vanavond fijn een film kijken). “Nee, de frietjes waren op” (lees: mama gaat echt niet wéér naar de supermarkt). Dus nu waren de luiers op. Simpel.

Ze mopperde wat. Op dag één had ze een plasongelukje. De tweede dag was het een poepongelukje. Dat vond ze zelf eigenlijk ook best vies. De derde dag was ze ineens droog. En de vierde, vijfde en zesde ook. Een bezoek aan de bioscoop of een speelhal? Geen probleem. A2 geeft netjes aan dat ze moet plassen of poepen.

Kortom: dat is reuze meegevallen. En trots dat ze zelf is! Nu mag ze naar de grote school. Nu is ze een grote meid. Ze wil zelfs ’s nachts zonder luier slapen (wat van mij dan nog even niet mag, omdat die helaas elke ochtend nog bomvol zit). We hebben afgesproken dat ik met haar ga oefenen. Tot die tijd slaapt ze gewoon nog met een luier aan. Want ja, de nachtluiers waren nog niet op…


Journalist Sophie Fleur (36) is getrouwd en heeft drie kinderen. 

Lees ook:

Paardenmeisje
Maandagochtend

Nachtje weg
Mank
De tevreden poeper
De drie maanden-regel
Beeld: Jan Fornan