Fleur Meijer: ‘Douchen is doodzonde: straks wil je ineens dingen doen’

VIVA-journalist Fleur Meijer (37) schrijft over wat haar zoal bezighoudt.

Het was weekend en ik was alleen. En dat had, hoe graag ik de Kameel verder ook om me heen heb, toch iets feestelijks. Omdat ik precies wist hoe ik 
dit weekend ging doorbrengen. En vooral: omdat ik precies wist wat ik – ha! – níét ging doen. Zo ging ik onder geen beding op zaterdagmiddag naar de markt om mij daar arm te kopen aan handgevlochten brood, aan de moederborst gerijpte kazen en worst met een Oxford-diploma. Ik zou daarna ook niet 
in de kroeg neerzijgen om daar met een vriendin het befaamde ‘één wijntje’ te drinken, waarna we lallend thuiskomen en de elitaire borrelplank zonder te kauwen naar binnen schrokken. Ik ging ook ab-so-luut de natuur niet in. Bos, strand, duin en park: wat voor lentekitsch ze ook uit de kast zouden trekken, mijn voetsporen kregen ze niet. Nee, dit weekend ging ik marineren. Ma-ri-ne-ren. En zoals wel meer dingen in het leven, moest ik dit alleen doen. De manier waarop ik marineer, is zo hardcore, zo schaamteloos: daar kan ik niemand bij hebben.

‘Moest ik mijn kostbare marineeruren wel doorbrengen met een lustmoordenaar?’

Op de bank, in mijn ochtendjas, een goede serie naar binnen schuiven als een oneindig lange, dik belegde baguette. Dát ging ik doen. Ik ging hierbij niet douchen. Douchen is doodzonde: het spoelt het ware marineergevoel weg, en voordat je het weet wil je ineens ‘dingen doen’. Dag! zwaaide ik naar de Kameel op zaterdagmiddag. Veel plezier hoor, tot morgenavond laat. Ik legde extra nadruk op het woordje ‘laat’. Daarna trok ik naar de bank. Het enige wat me nu te doen stond: de juiste HBO- of Netflix-baguette vinden. Kwam goed, ik had de tijd. Als voorgerecht wilde ik een fijne documentaire. Bij voorkeur een waarbij je je steeds op de wangen slaat omdat de realiteit écht gekker is dan fictie. Zoiets als Wild wild country, die was zalig. Al scrollend door Netflix bleef ik hangen bij The Ted Bundy tapes. Goede dingen over gehoord. Oké. Play. Na een aflevering concludeerde ik dat dit meer een veredeld hoorspel was. En bovendien: moest ik mijn kostbare marineeruren wel doorbrengen met een lustmoordenaar? Trouwens, het was ook etenstijd. Deliveroo dus. Na een half uur twijfelen tussen falafel, kip, Thais en Surinaams koos ik Japans. Daarna begon men mij te appen over vanavond, wat 
ik ging doen, waarom ik zo ongezellig was en dat men me anders zo wel even kwam ophalen.

The next day

Zondag half twaalf werd ik wakker. Op de bank. Zonder ochtendjas, maar in kleren en met een kater. Douchen was onvermijdelijk. Maar goed, ik had nog steeds een kater om in te marineren. En ik had nog de hele dag. En weet je wat? Ik ging gewoon voor Game of thrones. Vanaf het begin. For old times’ sake. Há! En ik keek, ik keek er nog een, wat was ik veel vergeten en wat was het weer heerlijk, en wat zit die ochtendjas toch fijn. Toen hoorde ik de voordeur.‘Verrassing!’ zei de Kameel. Ik voel me nog steeds een beetje schuldig om de blik die ik hem gaf.

Fleurs column is afkomstig uit VIVA 10-2019. Deze editie ligt t/m 13 maart in de winkel. Je kunt de editie ook hieronder online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER«