De euforie van vallende muntjes

Ik rook niet, ik drink zeer zelden, en mijn grootste zonde is dat bakje chips dat ik niet kan laten staan. Totdat we op vakantie gaan naar een plek waar ze schuifmachines hebben, dan ga ik los.

Ik ben twee keer in m’n leven in een casino geweest, één keer in Las Vegas, en één keer in Amsterdam. De reden dat die bezoekjes zo sporadisch zijn, is dat casino’s helemaal geen prettig effect op mij hebben. Ik kan redelijk goed met geld omgaan, ik houd van budgetteren en van niet meer uitgeven dan er binnenkomt. Maar in casino’s? Daar lijk ik alles dat realisme en gezond verstand heet bij de deur achter te laten, in casino’s wil ik winnen, niet ten koste van alles, maar wel ten koste van meer dan ik gepland had.

‘Kom we gaan muntjes schuiven’
De oplossing is simpel: niet naar casino’s gaan en daar houd ik me in de regel dan ook prima aan. Maar eens in de zoveel tijd gaan we op vakantie naar zo’n bungalowpark en daar kan ik me dan toch niet inhouden. ‘Kom, we gaan één keer muntjes schuiven’ beloof ik dan plechtig, waarbij zowel ik als iedereen die mee is weet dat het een leugen is. Voordat ik naar binnen ga is het tijd voor een rondje logica: ‘Je komt er niet uit met meer geld dan dat je er naar binnen hebt gebracht, en wat je erin gooit krijg je nooit meer terug’. Daarmee zou ik mezelf dan in de hand moeten houden.

Maar eenmaal binnen, luisterend naar het geluid van vallende muntjes, muntjes die vallen voor mij, ebt die logica langzaam weg. Mijn moeder had het, mijn zusje heeft het, en ik heb het ook: ik vind het geluid van vallende muntjes gewoon geweldig. Ik weet dat omdat ik ook altijd de neiging heb om te staan springen en juichen wanneer ik een briefje van vijf omwissel in muntjes, in zo’n wisselautomaat, zelfs in de snackbar. Het is echt niet zo dat ik honderden euro’s vergok in zo’n automaat, maar meestal toch wel vijf keer zoveel als ik van plan was (dan hebben we het nog altijd over tientjes), en daarom ben ik toch liever voorzichtig. ‘Nog één keer geld wisselen dan’ is een beroemde uitspraak.

We gaan een miljoen winnen
Vandaag is het weer tijd voor een midweekje bungalowpark met de familie en veel tijd zullen we niet doorbrengen in zo’n hal, want tegenwoordig draaien de vakanties om ons zoontje Robin (zwemmen, zwemmen, zwemmen en zwemmen). Toch weet ik dat ik stiekem met mijn zusje ten minste één keer even die hal in zal duiken, want dit jaar winnen we een miljoen (in een ruimte die waarschijnlijk nog nooit meer dan honderd euro heeft uitgekeerd). En zoals altijd komen we met niets naar buiten, want zo werkt dat nou eenmaal, maar in dat uurtje hebben we de grootste lol om iets doms als vallende muntjes die we willens en wetens zinloos wegstorten.

Entertainment tegen beter weten in. Mensen zijn maar vreemde wezens.

Bron foto: 76657755@N0