Doktertje spelen

Grappig dat je altijd het hoogste woord hebt over situaties waar je zelf niet in zit. Met de liefde is dat ook zo. Het ene moment ben je Dr. Love en het andere moment kun je zelf een afspraak maken bij de hartchirurg.

De beste stuurlui staan aan wal
Ik werd door sommigen – ironisch genoeg – een lange tijd Dr. Love genoemd. Omdat ik altijd zo goed kon adviseren op het gebied van liefdesperikelen. Iedereen kwam met z’n relatiemeuk naar mij, want ik begreep dat. Ik snapte dat. Hoe ik aan al die wijsheid kwam, is me tot op de dag van vandaag een raadsel, want ik was zelf zo vrijgezel als ’t maar kon. Ik bond me nooit aan iemand. Scharrels en dates waren er genoeg, maar ik had altijd een reden om ergens op af te knappen. Ik ging me ergeren. Aan kapsels, schoenen, achternamen en op het laatst zelfs aan ademhalingen. Totdat ik iets met mijn huidige vriend kreeg.

Gedegradeerd
Van die dwangmatige behoefte aan vrijheid was niets meer over. Ik wilde bij hem zijn. En bij niemand anders. De eerste paar maanden verliepen soepeltjes. Gewoon zoals het hoort. Ik liep rond alsof ik het beste idee van Nederland had. En als het keihard regende, liep ik er gewoon dwars doorheen in plaats van vloekend en tierend de tram in te willen stappen. Na een jaar werd onze relatie voor mijn gevoel naar een hoger plan getild. Het werd intenser. Waar was die Dr. Love als ik dat mens nodig had? Waar the fuck was mijn onschendbaarheid? Mijn muur? Mijn onbegrip voor jaloezie? Ik moest mijn titel als dokter inruilen voor co-assistente. In opleiding.

Verrassing!
We gingen steeds meer mét elkaar leven, in plaats van naast elkaar. En onze relatie groeit nog steeds. In plaats van dat het inkakt, wordt ’t steeds sterker en intenser. En dat is mooi. Maar ook fucking eng. Over een maand gaat hij vijf weken met zijn broer naar Thailand. Het liefst zou ik mezelf in die backpack wurmen en er in Chiang Mai met een achterwaartse rups en een ‘JULLIE OOK HIER?!’ uit springen. Ik gun het de broers met heel m’n hart, maar anderzijds vind ik het he-le-maal niks. En waar ben ik eigenlijk precies zo bang voor? Dat-ie beschimmelde rijst eet, aangevallen wordt door Trigger Fish, thuiskomt met een ladyboy? Belachelijk. Die dingen moet je elkaar gunnen. Die dingen moet je gewoon zonder elkaar kunnen doen en elkaar de vrijheid geven. Ik moet niet zo zeiken.

Of ik mezelf ooit weer Dr. Love kan noemen, is mij ook een mysterie. Ik hoop stiekem van niet. Ondanks het feit dat er af en toe geen land mee te bezeilen valt, ben ik liever deze hele relatie lang co-assistente.