En ze leefden nog lang en gelukkig?

Een jaar geleden kreeg een meisje verkering met een geweldige jongen. Een maand later gingen ze al samenwonen. Ze leefden een jaar lang en gelukkig. Eind goed, al goed?

Stel dat ik dat meisje was en ik je vertelde dat ik met die geweldige vent over twee weken naar een bouwval verhuis? Dan is dat ‘eind goed, al goed’ wellicht nog te bezien. Nee serieus. Ik wist van te voren waar ik mezelf ‘mee inliet’ zeg maar. Hij was immers al een hele poos aan het klussen aan het huis, terwijl hij ondertussen heel relaxt een andere woning betrok. Maar met een fulltime baan (en een veeleisend vriendinnetje) een droomhuis maken van een bouwval dat eerst voor de helft gesloopt moet worden? Ja, dat gaat niet zo snel.

Voorzichtig naar de planning vragen
We wisten allebei allang dat oudejaarsdag de zware deadline zou zijn. Geen weg meer terug, race tegen de klok. Op 31 december moeten we (echt) de tijdelijke woning uit en officieel het bouwval betrekken. Het bouwval is gelukkig al een tijdje geen echt bouwval meer, wel nog een behoorlijk onaf huis. Maanden terug vond ik de deadline al griezelig dichtbij komen. Ik heb wat andere tijdelijke woningen bekeken, in paniek rondgebeld, voorzichtig naar de planning gevraagd, maar uiteindelijk samen, in alle rust, toch besloten: het komt goed, we gaan gewoon in één keer verhuizen. Geen tijdelijke verblijven meer.

Twee linkerhanden
Dat werkte goed. Gekalmeerd stortte ik me volledig op allerlei andere projecten die al mijn tijd en gedachten in beslag namen. Hij iedere avond en weekend hard aan het klussen, ik (de kluns met twee linkerhanden) dus bezig met ander werk en met een opleiding aan de slag. Gisteren rondde ik de grootste klus af. Tevreden ging ik even zitten op de bank. Zen. En toen drong het tot me door.

Of ik in een tentje wil slapen
Over precies twee weken woon ik dáár! Er is (nog) geen kachel, toilet, keuken en douche, om maar wat te noemen. Jawel, er ligt beton, er zijn een soort van muren en we hebben elektriciteit en water. Altijd ook de positieve kanten bekijken natuurlijk. Mijn vriend vroeg me of ik het goed vind om in een tentje te slapen. “Wat bedoel je, we slapen wel binnen toch?” “Ja, maar daar zal de komende tijd vast nog veel stof zijn.” Dus je begrijpt, over twee weken bivakkeer ik in een tentje. Laat die horrorwinter maar komen. Kunnen we ergens een Dixi vandaan halen? Oh laat maar, ik poep wel gewoon in een gat in de tuin.

Vooruitziende blik
Nee hoor, ik geloof nog steeds in een happy end, ik duik in het avontuur dat ‘project Barendrecht’ heet. We houden elkaar wel warm. Ik ben al helemaal aan het inpakken geslagen. Misschien leer ik zelfs een hamer vasthouden. En als het te lang duurt, bel ik mijn nieuwe allerbeste vriend, John Williams.

© Beeld: Chantal Straver