Femke probeert zichzelf te blijven – deel 8: De beste praktische tip die je als moeder kunt krijgen

femke

Vorige week moest ik naar de dokter. En diezelfde middag naar het ziekenhuis. Geen ernstige dingen, maar het moest wel. Voor mijn ziekenhuisdate had ik wat kunnen regelen. Voor de dokter niet, want die afspraak was die ochtend onverwacht opgekomen.
Vijf minuten voor tijd meld ik me hijgend bij de assistente. Waarom met zo’n tong die op je kin hangt? Omdat we natuurlijk (en nee, dat is geen cliché, maar gewoon echt waar) eerst nog de poepluier moesten doen.

Eenmaal bij de dokter wil Seth natuurlijk ook niet op schoot zitten. Sinds de man kan lopen, is ie constant op avontuur. Dit keer nam Marco Polo de route via de antieke kast (misschien ontdekt ie wel een inheemse diersoort), de adapter voor de wifi (hé, die lampjes, zou er land zijn daar?), daarna de prullenbak met daarin een oordopje van een patiënt (hé zou ik dat plasticje ook in mijn mond kunnen doen, beter nog: pas ik zelf in die prullenbak?). De tocht vergezelde ie met een luidkeels: “Gla glo glo.” Mijn huisarts probeerde het nog met Playmobil, maar who needs Playmobil if you can have the world? En terwijl ik Seth uit de prullenbak plukte, en weer eens sorry zei, keek de dokter naar mijn tong. “Zeg eens aaaa.”

Vorig weekend: de oppas belt af, twee voor negen. Wij zouden naar een feestje van een vriendin die iets belangrijks viert. Een halfuur later zit ik in mijn feestjurk en mijn haar in een knot op de bank televisie te kijken. Naar iets wat ik eigenlijk helemaal niet wil zien. Natuurlijk wil ik met alle liefde bij Seth zijn. Maar ik visualiseer het feestje ook, iedereen staat op tafel uit zijn panty te gaan.

Die weken daarvoor had onze voordeur de grote griep ongezien binnengelaten. En toen ik mijn ouders na een week hulp uitzwaaide (want ziek = geen crèche), begon ik die avond zo te hoesten, en werd ik zo benauwd en had zulke hoge koorts, dat ik ‘toch even langs de huisartsenpost moest komen’. Zelf rijden ging niet. Ik keek langs het gordijn mijn straat in. Bij de overburen brandde geen licht meer, de buren daarnaast hadden net een baby gekregen. 22 uur. Ik belde een vriendin, maar die lag met haar megaslaaptekort net in bed. Tien minuten later reden we met z’n drieën weg. Seth slapend in pyjama achterin.

En dan zijn er nog de andere keren dat je kind ziek is en niet naar de crèche mag. Of jij zelf ziek bent.
Die keren dat je die vriendin op een doordeweekse dag wil helpen verhuizen, omdat ze bij jou ook alles verfde.
Die keren dat je ’s avonds even wil rennen en je man voor zijn werk weg is.

Hebben we geen lieve vrienden? Zeker wel.
Hebben we oppas? Jawel hoor, drie zelfs.
Hebben we geen crèche? Ook dat.
En je man dan? Die heeft dezelfde problemen.

Het afgelopen jaar realiseer ik me één ding. Krijg je een kind? Ga dan dicht bij je familie wonen, als jullie goed zijn met elkaar. Niet alleen gezellig, maar zij zijn er echt altijd als je ze nodig hebt. Hoe laat of hoe vaak je ook belt. Gewoon omdat je familie bent.

Inmiddels zijn wij en de babyfoon familie aan het worden met de buren. Da’s in ieder geval iets dichterbij dan Groningen, Zuid-Holland en Zweden.


Femke (36) is freelance journalist. Je kent haar van VIVA, en nu blogt ze ook om de week voor VIVA MAMA. Ze heeft een relatie met Niek (39) en samen hebben ze zoon Seth (1).

Lees ook:

Femke probeert zichzelf te blijven – deel 1: Kots
Femke probeert zichzelf te blijven – deel 2: Waarom ik nooit meer nee wil zeggen
Femke probeert zichzelf te blijven – deel 3: Of je je kind even thuis kunt laten
Femke probeert zichzelf te blijven – deel 4: Waarom zijn eerste verjaardag vieren?
Femke probeert zichzelf te blijven – deel 5: K3?! Zo heb ik je toch niet opgevoed?
Femke probeert zichzelf te blijven – deel 6: Hoe weet je of je een moeder bent?
Femke probeert zichzelf te blijven – deel 7: Van wie heeft ie het?

Beeld: Maaike van Haaster