Figuurknuffelend lycra

Nu zien de meeste mensen er, als ze sporten, niet op hun voordeligst uit. Maar bij wielrennen is dat wel heel erg. 

Ik hoorde het laatst weer eens een vrouw zeggen: ‘Misschien moet ik maar gaan wielrennen. Maar allemachtig, die pakjes. Dat staat toch niemand?’

Ik zou willen dat ik iets anders zou kunnen zeggen. Maar het klopt: die pakjes staan bijna niemand. Helemaal wanneer je gaat wielrennen omdat je iets aan je overtollige kilo’s wilt doen. Om op zo’n moment je vetrollen te moeten proppen in van dat figuurknuffelende lycra: het is de regelrechte hel.

Geen berg te hoog
Gelukkig vergeet ik dat meteen wanneer ik op de fiets zit. Op mijn racefiets voel ik me een wielrenner. Een echte. Met glimmend bruine benen, een gave zonnebril op en het gevoel alsof ik één ben met mijn fiets. Wij, mijn fiets en ik, we zijn een asfaltverslindende machine geworden, en dat kan iedereen zien. Ik fiets iedereen keihard voorbij en, ain’t no mountain high enough voor deze klasbak.

Zo voel ik mij op de fiets. En met dat air groet ik dus ook andere wielrenners. En met die zelfverzekerde houding stap ik het terras op wanneer we halverwege stoppen voor koffie of cola.

Ik, Nynke, de profwielrenner. Maar dan wel een profwielrenner die nog wel haar tieten heeft. Beter kán niet.

En dan zie ik mezelf in een ruit. Dat Willempie-helmpje. Die broek met die enorme pamper erin. En dat lijf. Hoeveel ik ook afgevallen ben: ik heb nog altijd een ‘reet als een bouwkeet’. Maar dat komt dus door die wielerkleren!!! Aaargh!

In je wielerbroek naar een gala. Waarom ook niet?
Sportkledingontwerpers breken er zich het hoofd over. Hoe krijg je wielerkleding een beetje charmant? Zodat over een aantal jaar vrouwen tegen elkaar kunnen zeggen: ‘Wat trek jij aan naar het Boekenbal?’ ‘Oh, ik zat eraan te denken dat ene leuke wielerpakje aan te trekken, je weet wel, met die schitterende belijning.’ ‘Oh ja meid, moet je doen. Staat je bééldig en staat beeldig bij het door jou geschreven boekenweekgeschenk.’

Ik heb er een hard hoofd in dat iemand dit ooit gaat zeggen. We zullen nog wel een tijdje veroordeeld zijn tot strakke shirtjes en gekke helmpjes. Mijn tip: vermijd etalageruiten en spiegels. Zonder die dingen waan je je gewoon een echte wielrenner. Met glimmend gespierde kuiten en de blik van een overwinnaar.