Fleur: ‘Belangrijk 
is dat je wat leep voor je uitstaart; oogcontact maken behoort 
niet tot de buffetiquette’

Column Fleur Meijer

VIVA-journalist Fleur Meijer (38) schrijft over wat haar zoal bezighoudt.

De all inclusive-vakantie in Egypte was er een van nieuwe inzichten. Een paar hadden betrekking op het halen van onze duikbevretten. Een voor mij en twee voor de Kameel. 
De Kameel bleek namelijk een natuurtalent. En ik, nou ja, niet. Een wrang inzicht, want ik wilde zo graag óók eens een natuurtalent zijn, maar het valt op zich goed te rijmen met mijn rijke geschiedenis aan sportleed. Maar – en dat is dus nog een inzicht – nooit opgeven, hard werken en in jezelf geloven, hoef ik niet altíjd oogrollend af te doen als simpele Disneyfilosofietjes. Want ik worstelde, kwam boven, zonk, kwam boven, zonk, schold op mezelf, herhaalde dit dagenlang en toen, ineens, kreeg ik zomaar applaus onder water van een trotse duikinstructeur. En zag ik, verscholen tussen het kleurige koraal, niemand minder dan Nemo zijn oranje vinnetje naar me opsteken. Echt waar.

‘En raak je per ongeluk iemand aan, dan zeg je ‘sorry’ en doet een halve buffetpas terug’

Andere inzichten hadden betrekking op het buffet. Dat waren voortschrijdende inzichten. In één geval zelfs letterlijk: het voortschrijden langs het buffet. Daar is een speciale 
pas voor, ontdekte ik. Die gaat 
als volgt: je neemt een bord aan het begin van de buffetroute, sluit aan in de rij, en zo schrijd je langzaam met dat bord voor je uit, telkens een pas nemend die net iets groter is dan een normale pas, langs de heetwaterbakken. Dat is de buffetpas. Belangrijk is dat je daarbij wat leep voor je uitstaart; oogcontact maken behoort niet tot de buffetiquette. En raak je per ongeluk iemand aan, dan zeg je ‘sorry’ en doet een halve buffetpas terug. Het is een leerzame oefening in verdwijnen, zo’n buffet. Net als in – voor mij een openbaring – matigheid. Ook voortschrijdend, uiteraard. Waar ik de eerste dagen als missie had om een buffet zo ongeveer uit te spelen en met hopen liefdeloos neergekwakt voedsel kwam aanzetten, werden mijn bordjes steeds verfijnder, met mooie saladecreaties on the side.
Nog een voortschrijdend buffetinzicht, een die mij erg ontroerde: hordes mannen grijpen een all inclusive-vakantie aan om twee weken lang alleen maar patat, saus en vlees te eten. ‘Tyft toch 
op met die groente, het is vakantie!’ hoorde ik een 
oude Rotterdammer met een roodbruine scheepskop tegen zijn vrouw zeggen. Daarna nam hij zijn vork ter hand en begon zielsgelukkig zijn gehaktballen te prakken.

‘En over de Russen, dat weet iedere buffetingewijde, gaan de wildste verhalen’

Zo regen de buffetdagen zich aaneen, tot ik me op een avond naar de Kameel vooroverboog en zei: ‘De Russen zijn gekomen.’ Het was zo. Ineens hoorde ik overal Russisch. En over de Russen, dat weet iedere buffetingewijde, gaan de wildste verhalen. Dat ze hele schalen meegrissen recht voor je neus, alleen maar om er vervolgens peuken in uit te drukken. Het feit dat ik een boek aan het lezen was over digitale spionage en sabotage door de Russen hielp hierbij niet. ‘Ze hebben de hele Rotterdamse haven dagenlang platgelegd,’ zei ik schichtig tegen de Kameel. ‘Het zijn geen lieverdjes, hoor. Let maar op.’Maar ze deden niks, die Russen. Voorbeeldige buffetgangers. Een belangrijk inzicht.

Fleur’s column komt uit VIVA 46. Dit nummer ligt t/m 19 november in de winkel of kun je hier online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER «

Foto: Natasja Noordervliet