Fleur Meijer: ‘De dj had zich zo te zien ingesmeerd met vloeibare lsd’

Fleur Meijer

VIVA-journalist Fleur Meijer (37) schrijft over wat haar zoal bezighoudt.

Ome Nico, die zoals eerder gezegd geen oom is maar een goede vriend met een naam waar nu eenmaal ‘ome’ voor hoort, had het festival uitgezocht. ‘Oké, gezellig, ik zie het wel,’ zei ik. Ik had geen zin in festivalhuiswerk, dus negeerde ik de groepsapp waarin de Kameel en vooral Ome Nico vlijtig Spotifylinkjes en timetables dropten, omdat hij meende dat de muziek ‘iets te random is om aan het toeval over te laten’. Ikzelf meende dat als je een festival ‘Strange sounds from beyond’ noemt, het beter is je maar gewoon te laten verrassen.

‘In de tent werd ik direct overreden door een totaal geflipte technohutspot waar iets Arabisch overheen gekweeld werd’

Dus ik erheen. De zon scheen zo glorieus dat zelfs een oude scheepswerf er iets kneuterigs van kreeg. Het was een leuk contrast met wat ik óók zag. Fluorescerende, strakke leggings met croptops 
op royale bodypositivitylichamen. Hoogopgetrokken roze sokken onder een badmeesterensemble, afgetopt met een glimmende Dalí-snor. Ironische vintage bloesjes met ghettojuwelen. En dan alles in een zee van tattoos, tattoos, tattoos. ‘Dit moet het zenith van het hipsterdom zijn,’ zei ik tegen de Ome Nico. ‘Ja mooi hè?’ grijnsde hij. Maar nu moesten we echt even naar die ene tent, want daar draaide een dj wiens naam ik je schuldig moet blijven, maar die we toch wel konden beschouwen als headliner. In de tent werd ik direct overreden door een totaal geflipte technohutspot waar iets Arabisch overheen gekweeld werd. Ome Nico en de Kameel zetten het dapper op een swingen. Ik kneep mijn ogen samen en zei ‘tering jantje.’ ‘Obscuur hè?’ lachte de Kameel, zijn schouders losgooiend.

‘Ook dacht ik iets over een gesloten afdeling, en dat ik hier waarschijnlijk gewoon niet woke genoeg voor was’

‘Ik ga even naar een ander podium,’ zei ik. Ik passeerde drie meisjes die seksueel fluïde aan 
het doen waren. Ook zag ik wat men ooit ‘een echte Indiaan’ noemde. Zo woke heb ik het nog nooit gegeten op een festival, dacht ik. Mooi zeg. Het tweede podium bevond zich op een heuveltje. De lijkbleke zanger had een knot met een roze wokkel en twee microfoons in zijn mond, waar hij, zou Ome Nico zeggen, compleet random diepe, grommende geluiden in braakte. Dit deed hij met behulp van een dj die zich zo te zien had ingesmeerd met vloeibare lsd, en een drummer die almaar zijn hoofd keihard tegen een pannendeksel aan ramde.
Er werd zeer woest op gedanst. Mooi zeg, dacht ik. Ook dacht ik iets over een gesloten afdeling, en dat ik hier waarschijnlijk gewoon niet woke genoeg voor was. Nee, dan de Kameel. ‘We moeten even naar het andere podium,’ sprak hij, inmiddels uitgeswingd op de etnotechno. ‘O? Wat is daar dan?’ vroeg ik. ‘De Jimi Hendrix van de Nigerdelta,’ zei hij. Ik knikte inmiddels begrijpend. Na een uur gitaarsolo’s van de Jimi Hendrix van de Nigerdelta had de Kameel een opperste staat van verrukking bereikt. ‘Hij is niet dood, hij leeft!’ riep hij. Ome Nico vond het ook mooi, maar was ook wel benieuwd naar 
de Chileense krautrock, Malinese hiphop, en we hadden ook nog die pyschedelische dubveteranen hè. Ik keek naar de zon, nog steeds glorieus schijnend, hoog aan het zenith. Mooi zeg, dacht ik.

Deze blog van Fleur komt uit VIVA-28-2019. Dit nummer ligt t/m 16 juli in de winkel of kun je hier online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER«

banner