Fleur Meijer: ‘Een elegant, puntgaaf penisje was het’

fleur meijer

VIVA-journalist Fleur Meijer (37) schrijft over wat haar zoal bezighoudt.

Ik wilde zojuist het statige oude schoolgebouw in lopen waarin ik vandaag de dag kantoor hou, toen mijn oog viel op een penis. Een elegant, puntgaaf penisje was het. Prachtig gecentreerd in een stukje loze ruimte naast de intercom. Met van die speelse ronde balletjes en een eikeltje in een te krap coltruitje, met precies in het midden zo’n spaarpotuitsparing. Het perfecte penisje om een grauwe winterochtend mee op te fleuren. Vooral omdat zo’n penisje daar natuurlijk niet zomaar verschijnt. Nee, er heeft op deze plek iemand gestaan, al turend naar het stukje leegte, waarna hij op een zeker moment besloot: een piemel, ja, dát is wat deze intercom nodig heeft. Waarop hij, want het is nu eenmaal een hij, zijn zwarte stift tevoorschijn haalde en ferme lijnen begon te trekken. En dan heeft hij natuurlijk, met de handen in de zij, nog even tevreden naar zijn verse, nog natte penisje gekeken. Ik kon hem geen ongelijk geven. Dit was vakwerk. Die malle mannelijke homo sapiens toch, wat je hem ook geeft – grot, hunebed, viaduct, intercom – vroeg of laat zal er een penis op verschijnen. Mensen die het weten kunnen, zoals ome Freud, zien piemelgraffiti als een uiting van mannelijke dominantie, vermengd met een diepe angst die macht te verliezen. Zou het? Ik zag van dit vrolijke penisje vooral het plezier afspatten. Ik weet zeker dat de kunstenaar een soort van opluchting voelde toen hij klaar was. Zo van: hè, lekker. Die staat erop. Had ik effe nodig. Ofzo. Gewoon. Pik. Leuk.
Hoe langer ik keek, hoe mindfuller het penisje me voorkwam. Het is een oefening in afwezigheid door aanwezigheid. Loslaten door je nadrukkelijk te manifesteren. En dat alles doe je alleen maar door in luttele seconden een klassieke fallus neer te zetten. In tegenstelling tot een vagina tékent het ook zo lekker. Van die harde, erecte lijnen. Hier was ik. Met m’n pik. Die mannen boffen toch maar weer. Ik wou dat ík zo’n uitlaatklep had. Je begrijpt, het eerste wat ik deed toen ik op mijn werkplek arriveerde, was een vel papier en een stift pakken. Kon ik voelen wat de pikkenstifter voelt? Is de hobby, drang, missie – wat het ook is – misschien genderneutraler dan altijd werd aangenomen? Is de fallus niet van ons allemaal? Voorovergebogen begon ik mijn kleine, stille revolutie. Ik tekende een penis. Een grote, stevige boomklopper, dat leek me het beste. Je wil wel kunnen voelen hoe hij zich manifesteert natuurlijk. Ik haalde diep adem. Ik keek. Wat voelde ik? Opluchting? Voelde ik me afwezig door aanwezig te zijn? Begon er iets van dominantie te stromen? Of vreugde? Werd ik hier een beetje mindfuller van? Nee, nee, nee, nee en nee, helaas. Ik voelde me nog exact hetzelfde als vóór de boomklopper. Weer een revolutie in de knop gebroken. Vrouwen zijn ook altijd de lul.

Fleurs column is afkomstig uit VIVA 1-2019. Deze editie ligt t/m 8 januari in de winkel. Je kunt de editie ook hieronder online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER«