Fleur Meijer: ‘Heel goed, dacht ik, ze zeggen dat dít in feite het moeilijkste gedeelte is’

Fleur Meijer

VIVA-journalist Fleur Meijer (37) schrijft over wat haar zoal bezighoudt.

Ik had de deurklink in mijn hand. Heel goed, dacht ik, ze zeggen dat dít in feite het moeilijkste gedeelte is. Dit zijn de overwinninkjes waar ik het nu van moet hebben. Ik ga hoor. Ik ga het doen. Zo. En nu stond ik buiten. Zon, koel briesje, en há: de buurvrouw met de buurkinderen. Gezellig. ‘Hoi Fleeeuuur!’ riep het buurmeisje. ‘Hoi Fleeeuuur!’ riep ik terug. Dat doen we altijd. Vinden we leuk. ‘Hoe gaat het, Fleur?’ vroeg ik. ‘Ik loop de avondvierdaagse,’ zei ze. Mooi, dacht ik. Laat ik dit moment aanwenden om eens uitgebreid stil te staan bij de avondvierdaagse. ‘Ik loop ’m ook!’ riep haar broertje. ‘We gaan heel ver.’
Kijk, en dan wilde ik weleens weten hóe ver. Nou, die route ging daar en daarheen, langs deze en die weg door die en die buurt, vertelde de buurvrouw. Ach ja, de avondvierdaagse, viel ik haar mijmerend bij, en ik trok een blik herinneringen open over potjes met vet, van je héjahéjahéjaholalala, en aan het einde een medaille en bosjes bloemen die dan op mijn kamer mochten staan. ‘Die bosjes bloemen vond ik eigenlijk nog het leukste,’ zei ik. Fleur riep dat ze ook bosjes bloemen op haar kamer wilde. ‘Ja,’ zei ik tegen de buurvrouw. ‘Dat hebben wij Fleurs nodig af en toe.’ We lachten en ik dacht: volgens mij is het gesprek nu afgelopen.

‘Sorry jongens,’ zei ik tegen de buurkinderen. ‘Maar een lolly van de buurman kun je gewoon niet weigeren’

Volgens mij is dit het moment om te zeggen dat ik maar eens moest gaa… Há: daar kwam overbuurman Elvis aangebeend. Hij trakteert ons elke ochtend op een live medley van The King, bij voorkeur tijdens het halfnaakt gewichtheffen. Alleen al daarom wil ik eigenlijk nooit verhuizen. ‘FLEUR!’ baste hij joviaal. Hij had het tegen mij, zo bleek. ‘Als ik zeg: rood of blauw? Wat zeg jij dan?’ ‘Blauw,’ antwoordde ik gedecideerd. ‘Mooi,’ zei Elvis. Vanachter zijn rug trok hij een blauwe lolly tevoorschijn. Ik nam hem dankbaar in ontvangst. ‘Sorry jongens,’ zei ik tegen de buurkinderen. ‘Maar een lolly van de buurman kun je gewoon niet weigeren.’ We maakten wat volwassen grapjes over 
lolly’s en buurmannen. Het buurjongetje memoreerde dat ook híj een keer een lolly van Elvis had gekregen. ‘Maar dat was op een woensdag,’ zei hij. ‘Waar smaakt een blauwe lolly eigenlijk naar?’ vroeg Fleur zich af. Een goede vraag, vond ik. Laat ik dit moment aanwenden om eens uitgebreid stil te staan bij de smaak van de kleur blauw. En ik trok een blik herinneringen open over vakanties in Italië, elke dag een ijsje halen bij norse Nini van de kampwinkel, en dat ik dan altijd koos voor het blauwe waterijsje dat iedereen vies vond maar ik niet, want het smaakte naar anijs. ‘Gestampte muisjes,’ verduidelijkte ik. Daarna haalde ik de lolly uit het plastic en stak het in mijn mond. ‘Waar smaakt het naar?’ vroeg de buurvrouw. ‘Lolly,’ zei ik. We lachten en ik dacht: nu is het gesprek afgelopen, nu moet ik echt zeggen dat ik eens moet gaa… ‘Waar ga je eigenlijk heen?’ vroeg Fleur. ‘Naar de sportschool,’ zei ik met m’n mond vol. ‘Inschrijven voor een proefles.’

Deze blog van Fleur komt uit VIVA-27-2019. Dit nummer ligt t/m 9 juli in de winkel of kun je hier online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER«