Fleurs column: ‘Ik wil graag luisteren, maar probéér dat maar eens zonder waarneembare hersenactiviteit’

Als ik na ruim vier jaar verkering één conclusie moet trekken, is het dat de Kameel en ik als dag en nacht van elkaar verschillen.
Letterlijk. Zelfs zo letterlijk, dat het best wonderlijk is dat we in grote harmonie samenleven op een kleine oppervlakte.
Of misschien ook niet; is het gewoon iets happinezzerigs met yin, yang, complementerende zielen of corresponderende horoscopen. Waar ik heus in geloof en dankbaar voor ben, maar wat niet wegneemt dat het me telkens weer overvalt: ik leef samen met een óchtendmens.

En niet zomaar een ochtendmens, nee, een ochtendmens dat vooropgaat in het fanfarekorps der ochtendmensen. Het is een en al koperblazen en slagwerken, vanaf het allereerste moment dat de Kameel rond zes uur zijn ogen opendoet. Goed, op zaterdag wil hij nog weleens lekker lang blijven liggen; dan plant hij bijvoorbeeld pas om acht uur een kappersafspraak in.

Voor mij is dit gewoonweg niet te bevatten. Maar dan ook echt niet. Als ik vroeg opsta, en dat komt natuurlijk voor, is dat alleen omdat ik daar een zeer gegronde reden voor heb. Héls vind ik het. Alleen al dat ontwaken an sich, als mijn telefoon me blèrend en bonkend wegrukt uit een diep, vredig niemandsland en ik een groot deel van mijn krachten al moet verspillen aan het openen van verkleefde oogleden, het dramatisch kreunen in mijn kussen en het vinden van de snoozeknop. Dit proces herhaal ik een keer of zes, waarna ik de rest van mijn krachten aanwend om mezelf uit bed te takelen en de woonkamer in te strompelen. Om daar vervolgens de Kameel kristalhelder aan te treffen: blinkend oogwit, kannetje espresso en vers fruit bij de hand, meeneuriënd met een van zijn speciale ochtendplaylists. Gisteren deed hij er zelfs een dansje bij. En hij praat; in rappe, vrolijke volzinnen over wat hij allemaal gaat doen, wil doen en heeft gedaan. Vermoed ik. Want ik wil maar al te graag luisteren en terugpraten, maar probéér dat maar eens zonder waarneembare hersenactiviteit.

Niet dat ik de Kameel daar iets over hoef uit te leggen. Want wat hem elke dag weer overvalt: hij leeft samen met een ávondmens. En niet zomaar een avondmens, nee, de potentiële Obersturmbannführer van een leger vol nachtuilen. Vanaf een uur of negen zit ik met blinkend oogwit, glaasje wijn bij de hand, al ratelend en klapwiekend naast hem op de bank, en vertel in rappe, vrolijke volzinnen wat ik allemaal ga doen, wil doen en heb gedaan. Soms doe ik er ook een dansje bij.
De Kameel verspilt onderwijl een groot deel van zijn krachten aan het openhouden van zijn kleverige oogleden, waarna hij het al snel opgeeft en de laatste resten aanwendt om de woonkamer uit te strompelen, zijn tanden te poetsen en zichzelf in bed te takelen.

Goed, op maandagavond wil ik dan nog weleens mee naar bed gaan. Dan plan ik bijvoorbeeld in om de volgende dag gewoon tot drie uur ’s nachts door te werken. Voor hem is dat gewoonweg niet te bevatten. Maar dan ook echt niet.


VIVA-journalist Fleur Meijer (35) schrijft over haar dagelijkse strubbelingen. Elke week lees je Fleurs column in VIVA.

Lees meer columns van Fleur:
Stukje historie
Molenplas
Gilles de la courgettesoep
Dronken
Carb lover
Verdriet
Zindelijk worden
Escape room
Pop-a-holic
Haarlem
De kluts kwijt zijn
geboortekaartjesetiquette

Wil je niets meer missen van VIVA? Neem een abonnement. Profiteer nú van onze speciale aanbieding: 10 nummers voor slechts €10.