Fleurs column: Rauw

Met een Kameel in huis kom ik nog eens ergens. In een filmhuis bijvoorbeeld, op maandagavond. De zaal zat bomvol. Verrassend, gezien de dag van de week. Het publiek zelf was minder verrassend. Gewoon, rijen vol met babyboomers die hun riante herenhuizen opeten en almaar op Zwitserlevenvakantie gaan, afgewisseld met millennials die hun vegan dingen opeten en almaar op digitale nomadenvakantie gaan. De 
geijkte arthouseliefhebber, kortom. Wel vertoonden ze gedrag dat je normaal niet ziet in een cultuur- snobistische omgeving als deze. Zo waren ze allemaal opvallend opgewonden, giechelig en uitgelaten.

Ik hou van vlees, dus ik begrijp de vegetariër die overloopt naar de carnivore dark side wel

Ik had op aanraden van de Kameel nu eens geen 
trailer gezien en geen recensies gelezen, op een korte synopsis na. ‘Raw’ zou gaan over een briljante studente, van huis uit overtuigd vegetariër, die diergeneeskunde gaat studeren en daarom verhuist naar een grauwe campus bij de faculteit, waar haar zus al langer woont. Ze wordt tijdens haar ontgroening gedwongen om vlees te eten, waarna ze een ‘ontoombare trek 
begint te krijgen in rauw vlees.’ Geestig, niet? Daarbij: ‘een originele debuutfilm over familierelaties, het studentenleven, sexuele uitspattingen en een afwijkend eetpatroon’ leek mij uitstekend vermaak voor de late maandagavond. Ik hou zelf ook erg van vlees, dus van een vegetariër die overloopt naar de carnivore dark side begrijp ik wel wat.

“Wordt leuk,” zei de Kameel, die ineens al net zo’n 
samenzweerderige tronie had als de rest van de zaal.
Het licht doofde en een paar fijne trailers later opende ‘Raw’ met de briljante studente die zich onder een rijdende auto werpt. Tof.
Een scène later spuwt ze boven een bord bleke 
puree een gehaktballetje uit, dat een medewerker van het wegrestaurant er stiekem in had gestopt.
Cool. Niks aan de hand.
Heel veel toffe en coole scènes later was er niet niks meer aan de hand. Eerder weinig. De briljante studente met het afwijkende eetpatroon zat ineens met smaak aan een vers geamputeerde vinger te knagen, nadat ze eerder geoefend had op rauwe kipfilet.
“Waaaaa!,” deed ik, verscholen achter vijf van mijn eigen kostbare vingers.
Heel gek, zo bleek, want links van me aanschouwde ik een Kameel met glinsterende oogjes. Rechts van me een millennial met eenzelfde begeesterde blik, met daarnaast weer een babyboomer die er nog sardonisch bij zat te lachen ook.
Ineens begon me te dagen waarom de zaal op maandagavond zo vol zat. Omdat het geijkte arthousepubliek gék is op originele debuutfilms over familierelaties, het studentenleven, sexuele uitspattingen en een afwijkend eetpatroon, vooral als ze daarmee kunnen verbergen dat ze eigenlijk komen om zich te verlustigen aan warme, aangevreten lijken, diverse amputaties en gesabbel aan verse oogballen.

“Ik vond het een fan-tas-tische film,” sprak de Kameel na de aftiteling. “Briljánt!” hoorde ik babyboomers jubelen. “Vét!” likkebaardden de millennials. “Een prachtig coming of age verhaal,” ging de Kameel verder. “De zussenband, het je willen onderscheiden van de massa, de rekbaarheid en bevrijding van de eigen identiteit…” De rest knikte. Ik giechelde. Ik vond ze gewoon om óp te vreten.


VIVA-journalist Fleur Meijer (35) schrijft over haar dagelijkse strubbelingen. Elke week lees je Fleurs column in VIVA.

Lees meer columns van Fleur:

Hallo
Slijpen
Winaars van de nacht
Antwerpen
God en Elvis
Bedankt, rossige clown
Der club
Henk
Jazz
Weemoed
Schnapps und tabletten
Freelancen
Beautybloggers