Frits-Wouter, de puinbakkabouter

Alsof zijn naam al niet kak genoeg is, worden we schijtziek van de ongenode gast die bij tijd en wijle ons huis komt terroriseren. Hij is klein, allesbehalve fijn, onzichtbaar en hij verandert een heerlijk opgeruimd huis op de meest ongelegen momenten in een enorme puinzooi.

En nu poetsen kreng
Opruimen, M en ik hebben er nogal een afwijkende filosofie over. Natuurlijk wonen we allebei het liefst in een opgeruimd huis, en is dat net zoveel mijn verantwoording als die van haar. Echter, omdat mijn dagen als freelancer regelmatig gierend uit de bocht willen vliegen, komt het ook wel eens voor dat de vaatwasser niet om 8 uur ’s ochtends wordt uitgeruimd, maar om 2 uur ’s nachts. Dan ligt het huis er natuurlijk niet heel zonnig bij. M vindt dat vooral heel vervelend als we visite krijgen, dan vliegt ze ineens door het huis om alles heel snel aan kant te krijgen en verwacht van mij hetzelfde. Met tegenzin doe ik mee, tegenzin omdat ik het diep van binnen banaal vind dat we ineens als een raket door het huis gaan om de schijn op te houden dat ons huis heel erg opgeruimd is. Ons huis is regelmatig keurig opgeruimd, maar toch echt vaker niet dan wel. En om dan als een bezetene op te gaan ruimen voor een ander, terwijl we dat voor onszelf dus blijkbaar niet doen, dat voelt een beetje, tja, fake. Maar als M me één ding heeft geleerd in deze relatie, is dat je soms maar gewoon beter je bek kunt houden en moet helpen met opruimen. ‘Je hebt gelijk, onlogisch, banaal en fake. En nu poetsen kreng’.

We hebben er door de jaren heen een balans in gevonden: alles netjes bijhouden en dan eens in de zoveel tijd de boel de boel laten, gewoon omdat het lekker kan. Wat dat betreft hebben we één gouden regel: rommel op z’n tijd is oké, als het maar niet vies is. Het is iets dat fantastisch voor ons werkte, totdat we bezoek kregen. Zijn naam is Frits-Wouter, en hij kwam onaangekondigd, om nooit meer te vertrekken. Zijn timing was feilloos, de dag dat ons zoontje Robin leerde kruipen, besloot hij dat het tijd was om zijn intrek te nemen in ons huis, Frits-Wouter de puinbakkabouter.

Hartverzakking
Dat klinkt misschien grappig, maar dat is het allerminst. Want waar het huis op maandagochtend 9 uur netjes is opgeruimd, ligt het een paar uur later vol met speelgoed, kwijlplekken op de meest onverwachte plekken (die je pas opmerkt wanneer je er met blote voeten doorheen waadt), plekken op het laminaat die plotseling plakken door verdachte, maar ondefinieerbare substanties, autootjes waar je je nek over breekt, plastic dingen met melodietjes waar je je een hartverzakking van schrikt en ga zo maar door. Voor Robin was het in het begin best zielig, want als baby met nieuw verworven kruipvaardigheden kreeg hij natuurlijk aanvankelijk de schuld. Maar kijkend naar het slagveld die onze huiskamer heette, werd ons al snel duidelijk dat zo’n kruipende luierkapstok nooit verantwoordelijk zou kunnen zijn voor zo’n ravage.

En snel opruimen? Dat heeft helemaal geen zin joh. Want waar je tegen het middaguur de boel weer spik en pan hebt, roetsjt die wanstaltige kabouter in recordtempo door de huiskamer, en zorgt ervoor dat het er tegen de avond allemaal nog veel erger aan toe is. Maar veel erger nog, ook onze kleine Matthijs gaat nu kruipen, en dat vond Frits-Wouter blijkbaar een prima moment om versterking aan te laten rukken. Zitten we dus met twee van die takke-kabouters én maar onze kinderen de schuld geven.

Het voordeel van dit alles? Wanneer er nu iemand ons huis bezoekt, hoef ik van M niet meer als een razende Roeland door het huis om op te ruimen. Want onze bezoekers zien alleen maar Robin en Matthijs, en de schattige rommel die hen wordt toegedicht. Niemand die weet van die verschrikkelijke kabouters. En dat houden we maar zo.