Géza schrijft: ‘Nog nooit ben ik in een ruimte geweest waar iedereen zo op mij leek’

géza schrijft

Géza Weisz (32) is acteur en dj en schrijft in VIVA over zijn leven.

Ik was twaalf toen ik voor het eerst auditie deed. Voor de musical Oliver Twist was Joop van de Ende nog op zoek naar iemand voor de rol van Artful Dodger. Nu, twintig jaar later, zit ik nerveus mijn teksten te oefenen voor een Amerikaanse pilot. Hardop blijf ik steeds weer dezelfde zinnen herhalen, telkens met een andere intonatie. Een Nederlandse taxichauffeur zou denken dat ik gek ben, maar hier in Los Angeles zijn ze niet anders gewend. Hoeveel jonge ambitieuze acteurs heeft deze man reeds op zijn achterbank gehad? Miljoenen jongens en meisjes vanuit de hele wereld denken het hier te gaan maken. Hij heeft nog niet één keer in zijn spiegeltje gekeken, dus echt onder de indruk van mijn spel zal hij niet zijn. Kwart voor vier geeft mijn horloge aan en dus ga ik te laat komen voor mijn eerste auditie in Hollywood. Het voelt oneerlijk, want ik ben vreselijk vroeg vertrokken, maar blijkbaar niet op tijd om de LA-spits te verslaan. Ik text mijn Amerikaanse manager: Traffic is crazy. So sorry, will be a few minutes late. Binnen een paar seconden krijg ik antwoord: Ok. I’ll let them know. Ik voel mijn wangen rood kleuren en denk terug aan mijn toneeldocent meneer Lobo, die tijdens onze eerste les de klas kwaad aankeek en bulderde: ‘Een acteur is altijd op tijd! De enige legitieme reden voor je afwezigheid is wanneer je wordt begraven!’ Niet zo heel verrassend dat ik na één jaar door hem van school werd gestuurd.

‘We don’t shake hands, boy. Don’t take it personal, but we can’t effort to get sick’

Als we eenmaal bij de studio aankomen, sprint ik het gebouw in. Op de veertiende verdieping zitten een tiental bruinharige jongens van mijn leeftijd. Nog nooit ben ik in een ruimte geweest waar iedereen zo op mij leek. Allemaal Géza’s maar dan net wat knapper en langer. Ze lijken zich niet te bekommeren om mijn binnenkomst. De receptioniste vraagt hoe ik heet en verzoekt me te gaan zitten tot mijn naam wordt omgeroepen. Veertig minuten later loop ik het auditielokaal binnen en steek ik mijn hand uit naar de castingdirector en de producent. ‘We don’t shake hands, boy. Don’t take it personal, but we can’t effort to get sick.’ Mijn grap dat ik behalve mijn groeiziekte kerngezond ben, komt niet helemaal aan. Nadat ik heb uitgelegd dat ik een acteur uit Nederland ben en zij mij verveeld glimlachend naar de coffeeshops hebben gevraagd, mag ik beginnen aan mijn dialoog. Alle briljante schakels die ik in de auto had bedacht, zijn als sneeuw voor de zon verdwenen. Nog nooit heb ik mezelf zo emotieloos en snel horen ratelen. ‘Thank you Greasa. That’s it.’ De castingdirector knikt richting de deur en binnen een paar minuten sta ik weer buiten. Stil zit ik op de achterbank van de Uber en denk ik terug aan mijn allereerste auditie. Huilend vloog ik toen in de armen van mijn vader, die mij stevig vasthield en zei: ‘Acteren is het mooiste wat er is, maar bereid je voor op een leven lang afgewezen worden.’

Lees ook:
‘Mijn moeder antwoordde ongemakkelijk dat het niet erg zou zijn
als ik wél een vieze jongen was’

Géza’s column komt uit VIVA-2019-51. Dit nummer ligt t/m 24 december in de winkel of kun je hier online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER «

Foto: Rachel Schraven