Géza schrijft: ‘De anderhalve meterregel wordt simpelweg even vergeten’

géza weisz

Géza Weisz (33) is acteur en dj en schrijft in VIVA elke week over zijn leven.

Mijn broeken zijn altijd te lang. Nog nooit vond ik een broek die in één keer paste. Ook mijn nieuwe suède ribbroek breng ik naar de kleermaker. Bezorgd kijkt de man omhoog, terwijl hij geroutineerd de spelden door mijn rechterpijp heen steekt. ‘Het is erg rustig hier.’ Hij slikt. ‘Te rustig. Als er niet gauw iets verandert, gaan we het niet redden.’ Ik heb met de man te doen. ‘Ik zal snel nog wat broeken kopen die jullie kunnen innemen,’ zeg ik om hem wat op te vrolijken. De man glimlacht beleefd, maar zijn ogen spreken boekdelen.

Onderweg naar huis wordt mijn aandacht gegrepen door een groepje mensen op een brug. Er klinkt muziek vanaf het water en tot mijn grote vreugde zie ik daar een klein, vrolijk beschilderd muziekbootje. ‘Notendop’ staat in sierlijke letters geschreven op de punt van het sloepje, dat door een grijsaard met een rieten troubadourshoed wordt bestuurd. In zijn linkerarm houdt de man een trompet vast en met zijn rechterarm draait hij aan een miniatuurorgel, terwijl hij ondertussen ook nog met zijn elleboog het motortje van de boot bedient.

Lees ook:
Géza schrijft: ‘Briesend stap ik op mijn fiets, maar ik heb geen idee waar ik heen kan’

Steeds meer mensen verzamelen zich op de brug. Het is koud, dus vanzelfsprekend kruipt iedereen steeds dichter tegen elkaar aan. De anderhalve meterregel wordt geschonden, niet uit protest, niet uit recalcitrantie of omdat men schijt heeft aan het coronavirus, simpelweg omdat het even wordt vergeten. We beslissen daar, op dat moment, zonder dat we dat met elkaar hebben overlegd, een paar minuten onbevangen te genieten van deze troostrijke muziek. Nadat de man de laatste noten van Erik Satie’s Gymnopédie heeft geblazen en een applaus in ontvangst heeft genomen, kijkt hij ons, zijn publiek, aan: ‘Het was vast geen makkelijk jaar voor jullie. Sommigen verloren een vriend, een vriendin, een ouder of hun baan. Hoe groot het verdriet ook is, we kunnen maar één ding doen…’

Hij ontvouwt een orgelboek en plaatst ’m in het instrument. Nog voor hij begint te draaien, roept de man: ‘Jongens, 2021 wordt een SCHIT-TE-REND jaar! ’Dan klinkt Shaffy’s beroemde ‘We zullen doorgaan’. Zo nu en dan haalt de muzikant de trompet van zijn lippen om even à la Ramses luidkeels te brullen: ‘We zullen doorgaan, met de wankelende zekerheid, om door te gaan, in een mateloze tijd. We zullen doorgaan, we zullen doorgaan. Tot we samen zijn.’ Als in een voorspelbare Amerikaanse tearjerker begint het dan ook nog te regenen, maar de man lijkt zich daar niets van aan te trekken en ook de toeschouwers op de kade blijven onverminderd meezingen.

Zelfs uit de ramen van de omliggende woningen klinkt geneurie. De man knikt dankbaar en zet vervolgens zijn laatste nummer in. Onder luid gejuich en applaus vaart de man weg. Wanneer hij helemaal uit het zicht is en er geen noot meer hoorbaar is, vervolgen de toeschouwers weer hun eigen weg. Ik heb me in tijden niet zo gelukkig gevoeld. Ja, 2021 wordt vast een schitterend jaar.

Beeld: Rachel Schraven

Géza’s column komt uit VIVA-2020-51. Dit nummer ligt t/m 22 december in de winkel of kun je hier online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER«