Géza schrijft: ‘Hij was gewoon een laffe hond!’, roep ik geïrriteerd

géza weisz

Géza Weisz (33) is acteur en dj en schrijft in VIVA elke week over zijn leven.

In Het leven is vurrukkulluk, de laatste film van mijn vader, mocht ik een grote rol vertolken. Het was bijzonder om door hem geregisseerd te worden en hem een paar maanden lang van zo dichtbij te zien doen waar hij het meest gelukkig van wordt. Inmiddels is hij 82 jaar, maar hij is geenszins van plan een punt achter zijn carrière te zetten. Als het aan hem ligt, blijft hij films maken tot aan zijn laatste snik. Sterker nog: hij hoopt op een dag ‘actie!’ te roepen en dan nooit te weten hoe het verder zal gaan.

Maar voor die tijd moet hij zijn beste werk nog maken, vindt hij. Op dit moment is zijn vizier gericht op Siegfried, de laatste roman van de beroemde Harry Mulisch. Bijna alle films van mijn vader zijn gebaseerd op romans, en de Tweede Wereldoorlog is een terugkerend thema in vrijwel al zijn werk. Op mijn twaalfde adviseerde ik mijn vader: ‘Maak nou eindelijk eens een film die niet over de oorlog gaat.’
Nu pas begrijp ik het antwoord dat hij mij toen gaf: ‘Ze gaan helemaal niet over de oorlog, ze gaan over mij.’

Lees ook:
Géza schrijft: ‘Ik doe al twintig jaar audities, maar de angst voor de afwijzing is nooit verdwenen’

In Siegfried probeert Mulisch, middels een alter ego, Adolf Hitler beter te begrijpen. De schrijver beweert dat het na al die duizenden onderzoeken nog steeds niemand gelukt is om dicht bij de voormalig Duitse leider te komen, en daarom gebruikt hij hiervoor zijn fantasie: hij plaatst Hitler in een eigen verzonnen verhaal en hoopt op die manier grip op zijn gedachten te krijgen. Nu zie ik mijn vader op zoek gaan naar Adolf Hitler en ook hij probeert de man – die zijn eigen vader vermoordde – beter te begrijpen.

Ik wijs hem erop dat ik het vreemd vind dat hij het voortdurend voor de dictator lijkt op te nemen: ‘Hij heeft nooit de kampen van dichtbij willen zien’ en ‘als ie er dan langs eentje reed, keek hij gauw de andere kant op’, hoor ik hem zeggen. ‘Het was dus gewoon een laffe hond!’ roep ik geïrriteerd. Ik ben eerlijk gezegd nogal verbijsterd over zijn begripvolle en coulante houding, totdat ik me realiseer dat dit wellicht de beste manier is om met zo’n gigantisch trauma om te gaan: iemand vergeven die voor een groot deel je lot bepaald heeft, getuigt van grote moed.

Omdat het filmfonds om wat opheldering over het filmscript heeft gevraagd en mijn vader, ondanks zijn tomeloze energie, nu eenmaal 82 is – dus steeds onhandiger wordt met computers – vraagt hij mij om hem te helpen bij het project. Deze keer niet als acteur, maar als zijn regieassistent. Ik vind het een grote eer en beloof dat ik er altijd voor hem zal zijn. ‘Je wordt een veel beter regisseur dan ik,’ glundert hij, nadat ik mijn gedachtes over het script met hem heb gedeeld. ‘Als je maar weet dat ik geen films over de oorlog ga maken, pap,’ zeg ik stellig. Hij glimlacht: ‘Nee, jij hebt gelukkig een veel verrukkelijker leven waar je over kunt vertellen.’

Beeld: Rachel Schraven

Géza’s column komt uit VIVA-2020-01. Dit nummer ligt t/m 12 januari in de winkel of kun je hier online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER«