Dat heb ik weer

Ik heb er een godsgruwelijke hekel aan: mensen met zelfmedelijden. Of erger nog, mensen met zelfmedelijden die het nodig vinden om dat te pas en te onpas te ventileren.

Op Facebook zie je ze redelijk vaak voorbij komen. ‘Op weg naar school, auto stuk, dat heb ik weer’ of ‘Kind gevallen, zit hier al drie uur bij de huisartsenpost, lekkere vrije dag zo!’. Het is niet dat ik niet tegen klagende mensen kan (immers, dan zou ik mezelf na deze blog moeten ontvrienden), maar ik kan wel echt heel erg slecht tegen mensen die denken dat het leven één grote samenzwering is tegen hun levensgeluk.

Facebook-leed
Rillingen lopen ook altijd over mijn rug als er weer eens een wedstrijd is op Facebook waarbij men vraagt ‘waarom jij deze prijs verdient’. Ik neem me altijd voor om het niet te lezen, maar soms doe ik het tegen beter weten in per ongeluk toch en wat je dan leest is echt gênant. Mensen die massaal de ellende van het afgelopen jaar op Facebook etaleren, enkel en alleen omdat ze heel graag een gratis pizza willen (want met de bezuinigingen hebben ze daar geen geld voor). Het is niet dat ik dat niet geloof hoor, maar jeetje, om jezelf nou met een medelijden een pizza te verschaffen. Het mooiste vind ik altijd de reactie: ‘Ik verdien nu ook wel eens wat, want ik cijfer mezelf altijd weg voor anderen’. Mensen die zich écht wegcijferen voor anderen zijn zich daar per definitie niet van bewust en voelen al helemaal niet de behoefte om iets voor zichzelf te vragen op die manier.

Het afgelopen halfjaar was voor M en mij een gitzwarte periode, met de geboorte van Matthijs als enige lichtpuntje. Klant failliet, acute financiële misère, Matthijs in het ziekenhuis, Martin keihard van de trap gelazerd, gedoe in de familie, M’s vader overleden, het was één grote puinbak en dan was het dus nog maar mei (al had je dat aan het weer niet kunnen afleiden). Daarbij heeft M vanmorgen haar iPhone een rondje laten meedraaien in de wasmachine, waarvan akte.

Zelfmedelijden
Tijdens die periode heb ik niet één keer gedacht, ‘dat hebben wij weer’ of ‘waarom wij’? Niet omdat ik wars ben van zelfmedelijden, natuurlijk heb ik dagen dat ik ‘het allemaal even kut vind (pardon my French) en wil vluchten’. Maar me afvragen waarom wij? Dat ken ik niet en dat heeft waarschijnlijk alles met de manier waarop ik het leven zie. De persoon die namelijk ooit heeft bedacht dat het leven eerlijk is, is verantwoordelijk voor een hoop ellende. Het leven ís namelijk helemaal niet eerlijk. Het zou misschien eerlijk moeten zijn, maar dat is het niet. Zodra je het leven gaat beschouwen als een eerlijk fenomeen, dan wordt het ineens wel heel erg ellendig. Dan zou ik me inderdaad moeten afvragen waarom wij dit alles over ons heen gestort hebben gekregen, waar we dat aan hebben verdiend, waarom juist wij, waarom, WAAROM?

Als ik met die vragen zou moeten leven, dan kan ik me inderdaad voorstellen dat ik inmiddels gillend gek of zwaar depressief zou zijn geworden. Daarbij, door je af te vragen waarom je iets overkomt, stel je jezelf in het middelpunt van het universum en dat gaat natuurlijk ook wat ver. Ik geloof absoluut dat dingen gebeuren met een reden en ik vind het altijd reuze spannend om na verloop van tijd met terugwerkende kracht te zien wat die reden dan precies was, maar verder dan dat reikt mijn nieuwsgierigheid niet.

Het is wat het is
Mijn levensovertuiging is wat dat betreft heel simpel. Dingen gebeuren omdat ze gebeuren en je moet het doen met de kaarten die voor je op tafel worden gelegd (en ergens hoop ik dat er waarheid schuilt in dat een mens nooit meer ellende te verwerken krijgt dan hij aankan). Het afgelopen halfjaar was niet makkelijk, maar we hebben het doorstaan, M, ik en onze twee kinderen. Ik vraag me niet af waarom, ik ben daar gewoon heel dankbaar voor. Omdat het is zoals het is.

Beeld: jaykayl / 123RF Stockfoto