Het tijdreisbroodje van Mofid

Soms gaat de tijd zo snel en verandert alles in je leven met zo’n tempo, dat je hunkert naar een constante, naar iets dat nooit verandert. Gelukkig bestaan die dingen.

Tien jaar geleden werkte ik bij de Tros in Hilversum. Dat was een leuke werkgever – voor de omroepbezuinigingen in ieder geval – maar het was vooral een erg gezellige, en achteraf gezien, onbezorgde tijd. Feest was het altijd op vrijdag, wanneer we met de afdeling collectief besloten (alsof het spontaan was), om een ‘broodje Mofid’ te halen. Ik weet nog steeds niet hoe die zaak daadwerkelijk heet, maar herinner me nog goed dat ik het goddelijke broodjes vond. Zo’n broodje dat zo zeldzaam lekker is, dat met zoveel smaak en liefde is belegd, dat je er extra lang over wilt doen, omdat je een week moet wachten voor je er weer van ‘mag’ genieten.

‘Ik heb iets speciaals voor jou’
Het was meer dan een broodje, het was een soort ervaring. Achter het provisorische toonbankje stond een wat oudere, kalende man, met een onwijs schattig Italiaans accent. Dat was dus Mofid en Mofid hield van broodjes maken. Dat het zijn passie was kon je duidelijk merken en hij genoot ervan om de mensen te verwennen. ‘Wacht’ zei hij af en toe, ‘ik heb vandaag iets heel speciaals voor jou!’ En dan toverde hij ergens een bakje vandaan met een speciaal ingrediënt dat je dan eerst even moest proeven. De keuzes van Mofid waren altijd raak, en als hij mijn broodje maakte, had ik echt het gevoel alsof ik iets ambachtelijks at, iets zeldzaams dat je tegenwoordig niet meer vindt.

Ik denk de laatste tijd vaak aan Mofid. Niet dat ik iets te klagen heb over mijn leven, maar alles is zo drastisch veranderd, zó snel gegaan, dat ik soms een beetje terug verlang naar die eenvoudige, ongecompliceerde tijd. De tijden van broodje Mofid.

Terug naar vroeger
Afgelopen donderdag moest ik naar Hilversum. Ik heb een roman geschreven en moest het uitgeefcontract tekenen, een feestelijke gebeurtenis, en ik had besloten dat ik dat voor mezelf zou vieren met het ouderwetse broodje. Niet dat ik in de tussentijd niet in Hilversum ben geweest, maar al die tijd ben ik stiekem bang geweest dat Mofid met zijn broodjes er niet meer was en ik had liever een herinnering, dan dat ik een plek zou aanschouwen waar hij ooit had gestaan. Maar afgelopen donderdag ging ik ervoor. Nadat het contract was getekend, hobbelde ik naar het bewuste deel in het winkelcentrum. Ietwat aarzelend ging ik naar binnen, spiekte om de hoek. Wat heerlijk om te zien dat hij er gewoon nog was, schijnbaar geen dag verouderd, met nog precies dezelfde menukaart. Hij herkende me, niet met naam, wel van gezicht, maar het meest fantastische vond ik dat hij nog wist welk broodje ik wilde.

‘Wacht’ zei hij. ‘Ik heb iets heel speciaals voor jou’ en hij haalde een bakje tevoorschijn. Ik kon wel janken daar ter plekke, zo blij was ik met dit stukje nostalgie, met het feit dat er – met alles dat er door de jaren is veranderd – iets bestond dat nog precies zo was als toen. Het broodje? Dat was erg lekker, al kon het natuurlijk niet op tegen tien jaar aan aangedikte smaakherinnering. Dat gaf uiteraard niet. Het was mijn tijdreisbroodje dat me – voor even – terugbracht naar een heerlijk onschuldig moment in mijn leven.

Ik weet best, er komt ook een dag dat Mofid met zijn broodjes niet meer bestaat. Maar afgelopen donderdag bestond hij nog en daar kan ik zeker weer tien jaar mee vooruit.

Beeld: privébezit