Inpakstress

Met veel geweld probeer ik nog het laatste jurkje in mijn koffer te proppen. Net gestreken, nu al gekreukt. Inpakken is een hels karwei, als je het mij vraagt.

Ik ga slechts een luttele acht dagen weg, maar dat weerhoudt me er niet van om een koffer vol te stoppen met overdadig veel jurkjes, schoenen, boeken, shampoos en badlakens. Het is een cliché, ik weet het. Maar een tas bepakken is niet mijn ding. Het is niet zo dat ik mijn hele beautycase en garderobe meezeul, maar toch heb ik vaak veel meer mee dan nodig is. Ik kan namelijk nooit kiezen wat ik mee wil nemen. Iets waar volgens mij veel reizigers mee kampen (kijk maar eens om je heen op Schiphol, en je begrijpt waar ik het over heb).

Ik ben nogal chaotisch en verre van georganiseerd. Waar sommige mensen heel behendig hun tas inpakken door outfits bij elkaar te zoeken alvorens ze het in hun tas stoppen, gris ik al dat ik leuk vind uit mijn kast en wurm het in de tas. Ik gruwel van karige bepakkingen. Want wat nou als het opeens onverwacht koud wordt (huidige tempratuur op Kreta: 30 graden) of het bandje van mijn paar slippers het begeeft tijdens de wandeling naar het strand? Ik neem nou eenmaal graag het zekere voor het onzekere.

En zo komt het dat ik over drie uur het vliegtuig instap met een koffer van zestien kilo. Thank God voor trolleys.

Beeld: thinkstock