Jan: ‘Ik vraag of ze gek geworden is, of ze op wil sodemieteren en dat ze zowel de vanillevla als de brownie mag achterlaten’

Baby brabbels met Jan Hermsen

Kersverse vader Jan (39) deelt sinds kort zijn papa-perikelen met ons. Hij is net vader geworden van Daantje en wist vanaf de geboorte eigenlijk al gelijk: zijn leven zal nooit meer hetzelfde zijn.

Lees ook Jan’s blog van vorige week:
‘Niemand is een binnenmens, en die van ons dus ook niet’

Om me heen worden momenteel met bosjes kinderen geboren. Ik moet daarom veel denken aan die ene dag die begon bij de biologische slager.

Ik zit midden in een goed gesprek over zwangerschaps-proof procureurlapjes van verwende feestvarkens uit Persingen en kipschnitzel van apenkooiende uitloopkippen uit Appeltern. Dan zie ik in mijn ooghoek dat mijn vriendin in alle rust haar hoofd zijwaarts neervlijt op de toonbank. Ik loop naar haar toe voor de nodige polshoogte. “Volgens mij is het begonnen”, fluistert ze.

Ik schiet direct in de doe-modus en vraag de slager om twee stuks hertenbiefstuk van uitgehuppelde Veluwezoomhertjes in te pakken. “Feestmaal voor drie”, lacht mijn vriendin hem nog toe. Weet de slager veel.

“Alsof er iemand in het vruchtwater heeft lopen poepen”, grap ik.

Thuisgekomen breken daadwerkelijk de vliezen. Volgens protocol bel ik de verloskundige. Die vraagt hoe het vruchtwater eruitziet. De helft is weggelopen tussen de naden van de vloerplanken, maar het restant ziet er nogal troebel uit. “Alsof er iemand in het vruchtwater heeft lopen poepen”, grap ik. Voor straf moeten we naar het ziekenhuis.

De bevalkamer is een balzaal, met middenin een bed. We maken kennis met het verlossende team, ze ogen kundig. Daarna mag mijn vriendin gaan liggen om familiegeschiedenis te baren. Maar eerst vangt ze leunend op de bedrand nog een paar weeën op. Tijdens dat proces komt een meisje eten brengen. Ze zet twee borden tagliatelle met pesto en erwtjes neer, kijkt daarna mijn puffende vriendin met al het bestaanbare gebrek aan etiquette en tact recht aan, en vraagt midden in de wee of ze vanillevla of een brownie als toetje wil? Ik vraag of ze gek geworden is, of ze op wil sodemieteren en dat ze zowel de vanillevla als de brownie mag achterlaten. En beide borden Italiaans eten.

Daarna gebeurt er heel lang helemaal niks. Of nou ja. Mijn vriendin ontsluit stukje bij beetje (noem dat maar niks), en in dat proces keert ze meer en meer in zichzelf. De lijst die al maanden klaarligt met dingen die ik tijdens de bevalling kan doen, zoals ‘meditatiemuziekje opzetten, liefst zonder klankschaal’, ‘bij paniek of stress zacht voorhoofdfrons masseren of ‘zelfvertrouwen’ drukpunt onder rechtervoet’, ‘zeggen om mond te ontspannen, want een ontspannen mond = een ontspannen baarmoeder’ kan de prullenbak in. Haar hand vasthouden, informeren naar haar actuele welzijn, überhaupt communiceren: al vrij snel zijn dit no-go’s. Ik mag haar gezicht af en toe deppen met een koud washandje. Meer kan ik niet doen.

‘Ik ijsbeer door de balzaal en zie op m’n telefoon dat ik een bod heb op marktplaats.’

Nadat ik heb geaccepteerd dat mijn rol in dit magische geheel nihil zal zijn, eet ik de twee borden met tagliatelle op, plus de vanillevla. En de brownie. Ik krijg nog meer energie van het eten, en enkel deppen is te weinig om die fatsoenlijk te kanaliseren. Ik ijsbeer door de balzaal en zie op m’n telefoon dat ik een bod heb op marktplaats. Na wat op en neer onderhandelen verkoop ik mijn handjeklapschaatsen voor 200 euro. Ook redigeer ik nog snel een tekstje. Heeft papa die eigen ziekenhuisbijdrage maar mooi vóór de bevalling bij elkaar gehosseld.

Daarna ga ik zitten. Op de grond tegen de muur. En kijk. Ik voel dat het menens aan het worden is. Het lijkt wel alsof ze slaapt. Alleen aan haar linkerhand, die bij elke wee de opstaande rand van het bed stevig omklemt, zie ik dat ze met iets ontzettend groots bezig is. Haar gezicht laat niet meer los dan een piepkleine grimas. Als de wee voorbij is, dep ik haar gezicht. Tenzij ze met enkel een vingertje laat weten dat ik op afstand moet blijven. Ik heb geen idee wat ze nu denkt en voelt. Maar ben zo benieuwd.

Half 10. De verloskundige komt binnen. Bijna zes uur geleden braken de vliezen. Ze frunnikt wat, en komt tot de conclusie dat ‘we’ al op 8 centimeter zitten. Ik krab instinctief aan mijn kruis. Daarna gaat alles heel snel en in een roes. Want 8 wordt binnen een uur 9.5 centimeter en drie kwartier later heeft mijn vriendin een prachtige dochter op de wereld gezet.

Onbeschrijflijk mooi…

Daarna moet de placenta er nog uit. Dat duurt veel te lang. Er zit iets klem. Als de coassistent, die als nobele taak heeft gekregen om de bevalling tot in detail vast te leggen, oversteekt van een links naar een rechts perspectief, springt de boel los. Een rode nageboorte steekt lekker af tegen een witte jas.

Ik denk terug aan de biologische slager. Morgenavond hertenbiefstuk. Feestmaal voor drie.

Over Jan

Jan is 39 en is kersverse vader van Daantje. Hij neemt je mee in zijn leven dat NOOIT meer hetzelfde zal zijn. Voor VIVA.nl schrijft hij over elk klein en groot dochterlief en -leed.  Als Jan niet tot aan zijn ellebogen in de poepluiers zit, is hij tekstschrijver en vertaler voor zijn eigen tekstbureau Hermsen Schrijfwerk.

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief.