Kalverliefdes

geen

Helemaal in mijn nopjes was ik nog. Twee van mijn karatekinderen kregen verkering. Ons allereerste eigen karatesetje.

Lunchen in dezelfde straat
De kinderen kennen elkaar uitsluitend van karate, wat me nog trotser maakte. Wat leuk dat onze karateschool zoveel meer losmaakt dan ik al dacht. De verkering van deze twaalfjarigen is overigens heel onschuldig, in de les wordt er verlegen en soms een beetje giechelend met elkaar getraind en stiekem luncht de jongen in kwestie steeds vaker bij zijn oma, want die woont in dezelfde straat van zijn vriendinnetje. Het is lief. Na een maand gingen ze samen op de foto, vereeuwigd als karatesetje.

Schalkse blikken
Nu zijn er behoorlijk wat karatekinderen dit jaar dertien of veertien jaar geworden. En het feit dat er zoveel mooie meiden en stoere jongens in onze club trainen, maakt het onze pubers soms wat moeilijk zich te concentreren. Gelukkig merk ik er vooral voor en na de les wat van, maar de schalkse blikken tijdens de training verraden net zo goed alles. Het verloopt allemaal gemoedelijk, netjes en lief zoals ik het graag zie, vooral bij kinderen. Met vlagen ren ik naar de andere karateleraar van onze club: “Arno, raad eens wie elkaar leuk vinden?” Jawel, met dezelfde glinstering in mijn ogen als toen ikzelf veertien jaar was. Uiteraard buiten gehoorafstand van de kinderen. Kom op. Ze vinden me al gek genoeg.

Wake up Chantal!
Toch begin ik me ook een beetje zorgen te maken. In een maand tijd van één naar drie karatesetjes – waar ik het van weet -. Waar gaat dit heen? Voelen kinderen zich niet buitengesloten? Blijft alles wel voor altijd zo netjes verlopen (wake up Chantal)? Blijft de geweldige sfeer wel net zo goed? Wat als verkeringen overgaan, kunnen ze elkaar dan nog wel luchten in de karateles? Of verliezen we dadelijk ineens de helft van onze leden? Moet ik er juist wel of niet van op de hoogte zijn? Mijn nieuwsgierige en kinderachtige aard vindt van wel. En stiekem hoor en zie ik toch wel alles.

Win-win?
Zouden er daarom ineens zoveel kids drie keer per week trainen? In dat geval mogen er wat mij betreft nog wel wat karatestelletjes bij komen. Of het nou uitsloven voor elkaar is of niet, ze doen allemaal hun uiterste best in de training en door vaker in de week te trainen gaan ze alleen nog maar harder vooruit. Misschien moet ik maar gewoon accepteren dat kalverliefdes erbij horen in het leven, net zo goed als alle bijkomstigheden. Oók in de karateclub. Komt dat even mooi uit, ik ben een sucker for love. Later wil ik op z’n minst naar tien karatetrouwerijen. Kalverliefdes èn lente? Wie wordt daar niet blij van?

Dinsdagmiddag, in de training van de jongste karatekinderen… Kyra (6 jaar): “Hé, ik sta tegenover mijn liefje.” Olivier (6 jaar) wijst naar haar: “Zij is mijn schatteke.” Oké. Deze karatejuf is gesmolten.

© Beeld: Karate Moerdijk