Kijk hoe leuk mijn leven is!

Ik volg veel bloggers, die bijna allemaal een fotodagboek bijhouden. Eens per week posten ze een collage vol gezonde sapjes, hardlooptochten, stapavonden, strandmiddagen en felgekleurde cocktails met vriendinnen. Lachende vriendinnen, want ze zijn per slot van rekening wel heel gelukkig met z’n allen. Dat je het even weet. En iedere keer als ik zo’n fotodagboek bekijk, denk ik: dit zou ik ook moeten doen. Als het niet voor anderen was, dan maar gewoon voor mezelf.

Te leuk voor een foto
Eens in de zoveel tijd onderneem ik dus ook een poging. Helaas is zo’n fotodagboek bij mij gedoemd te mislukken, want ik weet nooit waar ik foto’s van moet posten. Het allesoverheersende ‘probleem’ is: als ik het leuk heb, heb ik geen tijd om foto’s te maken. Of ik denk er niet aan. Of ik vind dat het de sfeer zou verpesten. Op het moment suprème denk ik er nooit aan om de camera tevoorschijn te halen.
Voorbeeldje: ik maak een foto terwijl ik met mijn broertje, zusje en Lau in de auto zit op weg naar Walibi. Feest! In het pretpark zelf laat ik mijn telefoon echter de hele tijd in mijn tas zitten, omdat we het te druk hebben met achtbanen, gekke spelletjes en onszelf misselijk eten. Pas in de auto naar huis herinner ik me dat ik had bedacht hoe leuk het zou zijn om een foto van ons vieren te maken, terwijl we voor de Goliath stonden. Of zo. Gemiste kans? Daar valt over te discussiëren. Want als ik zelf niet de behoefte voel om mijn hele leven in beeld te documenteren, voor wie doe ik het dan?

Konijnenexhibitionisme
Heb ik wél tijd om een foto te maken, dan is dat meestal niet echt een moment dat het delen waard is. Bijvoorbeeld: weer een avond schrijven. Ik vind schrijven heel leuk, hoor, daar niet van, maar als ik één close-upfoto van mijn laptopscherm heb gezien, heb ik ze allemaal wel gezien. Het is niet nodig om iedere keer een nieuwe foto te maken. Dan komt het dus neer op foto’s waarop ik mijn spullen, voedsel of eigen hoofd fotografeer. Kan heel leuk zijn, maar het wordt wel een beetje materialistisch (weer een nieuw make-upproduct… weer een fruitsmoothie…). Met een selfie op z’n tijd is niets mis, maar om nu iedere keer dat ik mezelf heb ondergekliederd met make-up een foto te maken, zie ik ook weer niet zitten. O, of foto’s van mijn konijnen. Ik probeer mezelf op dat gebied een beetje in te houden, want hoewel ík de hele dag wel alles wat ze doen zou kunnen filmen zodat ik het kan terugkijken op een moment dat ze niet in de buurt zijn om te knuffelen, ben ik geloof ik de enige die zo wild geïnteresseerd is in mijn konijnen.

Dramatische deeldrang
Bij iedere foto die ik voorbij zie komen, bedenk ik hoe het eruit moet hebben gezien toen hij gemaakt werd. Zoals: vrouw wordt ten huwelijk gevraagd in een chic restaurant met gedempte verlichting en zachte muziek. Als de ring eenmaal om haar vinger zit, zegt ze tegen haar van trots glimmende verloofde: ‘Wacht even hoor schat, twee seconden. Even op Instagram posten!’ En ze maakt een foto van haar beringde hand. O, en die foto van die twee superslanke, supergelukkige meisjes in bikini die tegelijk boven de golven uitspringen, met hun voeten bijna tegen hun kont gebogen? Waarschijnlijk is die zo’n achthonderdvierentwintig keer opnieuw gemaakt. ‘Nog eentje, ik kijk zo raar hier!’ Voilà, een in scène gezet geluksmoment. Die echofoto die je langs ziet komen? Tussen het huilen van geluk door, roept mevrouw ineens tegen de echoscopist: ‘O, kun je hem even stilhouden? Schat, pak mijn telefoon eens. Dit moet op Facebook!’

Anderen de ogen uitsteken
Waarom delen we alles? Is het omdat we zo vol van onszelf zijn dat we denken dat iedereen ons leven interessant vindt, of is het juist zodat anderen denken dat we een leuk leven hebben en dat we fantastisch zijn? Als ik een foto deel, doe ik dat dan voor mijn vrienden op social media of om in het algemeen de indruk te wekken dat ik een toffe meid ben met een awesome leven? Ik vrees het laatste. Verwacht voorlopig maar geen fotodagboeken van mij; zolang je niets online ziet verschijnen, heb ik het te leuk om online te bouwen aan hoe geweldig mijn leven is.