Kiki #120: ‘Met grote paniekerige bruine ogen keek ze me aan’

column kiki

Kiki Faber (27) – inderdaad het nichtje van de welbekende Floor Faber – woont in Amsterdam, waar ze met haar grote mond, impulsiviteit en chaotische gedrag genoeg dingen meemaakt. Op viva.nl/kiki deelt ze elke week haar belevenissen.

Dinsdag

In de buurtsuper leer je de mensen kennen door de boodschappen die ze op de band leggen. Zes halve liters bier en een opwarmpizza? Dan heb je te maken met een alcoholist. Zes halve liter bier en een pak vanillevla? Een alcoholist met een gebitsprobleem. Gevulde koeken, chips, chocola en een halve slagroomtaart, afgerekend door een neerslachtig type? Die meid heeft eetbuien. Een klant die boven op zijn berg boodschappen achteloos een pak kassakoopkoekjes legt? Een persoon met geld.

Sowieso hebben alle pinners geld. Je ziet niet aan de kleding of iemand geen cent te makken heeft, maar aan het geklooi met statiegeldbonnetjes en gezoek in portemonnees. Soms is het hartbrekend. Vandaag wilde een meisje van een jaar of twaalf een brood, bananen, pindakaas en melk afrekenen met een statiegeldbonnetje van 2 euro zestig en kleingeld en toen bleek dat ze een euro tekort kwam. Met grote paniekerige bruine ogen stond ze eerst in haar zakken te voelen en daarna twijfelde ze of ze de melk of de bananen niet zou kopen. Heel zacht, zodat Peter, de winkelmanager, het niet zou horen, zei ik toen: ‘Laat die euro maar zitten. Het komt wel een andere keer.’ Ik dacht: ik betaal die wel. Ze keek me zo overdreven dankbaar aan dat ik gedachten als ‘Zou ze dit ook voor mij doen?’ En: ‘Zoveel verdien ik nu ook weer niet’ meteen kwijt was. Ik zag voor me hoe ze supergelukkig met de boodschappen naar huis rende waar haar hongerige broers en zusjes (minstens vijf) haar opwachtten en ze samen stapels witte boterhammen pindakaas en banaan zouden eten met grote glazen melk erbij. Toen tikte Peter me op mijn schouder: ‘Dit levert toch geen kassatekort op?’

‘Tuurlijk niet,’ antwoordde ik geschrokken.

‘Je moet dit niet te vaak doen,’ zei hij. ‘Sommige klanten doen het erom. Je wilt niet weten hoeveel lulverhalen ik al heb gehoord.’

En onmiddellijk voelde ik me geen Goed Mens meer maar een Deurmat.

Donderdag

Nu Floor haar huis te koop gaat zetten, ben ik jaloers op iedereen die mooi woont. Neem Finn. Hij heeft dan wel de etage boven die van zijn moeder, maar man, wat een fantastische ruimte. Een groot balkon, een keuken met combi-oven (hoe volwassen is dat!) en in zijn woonkamer staat niet alleen een grote eettafel maar ook nog een hoekbank. Ik ken verder niemand die daar genoeg ruime voor heeft.

Op zijn balkon zitten we in de zon en hij pingelt op zijn gitaar een opgewekt zomers melodietje. ‘Ik zit in een Braziliaanse periode,’ zegt hij en hij begint zacht te zingen. Na een poosje zing ik mee en dat voelt zo goed dat ik al die rotgedachtes over woonruimte kwijtraak. Na nog een liedje zegt hij: ‘Ik heb morgen met een paar mensen afgesproken met wie ik dit soort muziek ga maken. Wil je mee?’

En of ik dat wil! Maar dan bedenk ik ineens dat Kees had gevraagd of ik meeging naar een feestje in het park of zoiets. Nou ja, dat dat kan vast ook wel een andere keer. ‘Tuurlijk!’ zeg ik.

Lees ook: Kiki #119: ‘Zijn hoofd verdwijnt tussen mijn benen en ik maak me nergens meer zorgen om’