Kiki #75: ‘Hij beweert dat ik zelf maar al te enthousiast meedeed aan het trio’

Kiki Faber (26) – inderdaad het nichtje van de welbekende Floor Faber – is pas verhuisd naar de grote stad Amsterdam, waar ze met haar grote mond, impulsiviteit en chaotische gedrag genoeg dingen meemaakt. Op viva.nl/kiki deelt ze elke week haar belevenissen.

Lees ook: Kiki #74: ‘Het lijkt wel of er overal benen zijn, graaiende handen, vochtige lippen, zachte monden’

Donderdag

Ik ontloop Kees zoveel mogelijk. Echt moeilijk is dat niet, want hij werkt vaak ‘s avonds in het café en ik overdag in de winkel. Nog steeds ben woedend op hem. Hij beweert dat ik zelf maar al te enthousiast meedeed aan het trio. Ik vermoed dat hij het van tevoren heeft bedacht. Dat hij het misschien zelfs met die Amélie had afgesproken. Of wilde hij altijd al met haar naar bed en was dit het excuus om vreemd te gaan? Zodra ik alleen ben, sla ik erover aan het piekeren en dat is nog een reden om thuis te ontvluchten.

Vanavond ben ik bij Floor. Ik zit op haar bed en kijk toe hoe ze een tas aan het inpakken is omdat ze met haar vader en zijn vriendin naar een huis in de buurt van Cannes gaat. Ze heeft er ontzettend veel zin in. ‘Twee weken lang ga ik niets meer doen dan ronddrijven op een luchtbed, boeken lezen en series kijken. Waarom ga je niet mee? Volgens mij ben je ook wel toe aan vakantie – je ziet er moe uit.’

‘Ik heb het gewoon druk. Ik moet nog wennen aan mijn nieuwe baan en in het weekend hebben we vaak optredens. Dit weekend gaan we bijvoorbeeld naar Gent.’

‘Wat tof! Gaat Kees ook mee?’

‘Nee, we hebben een beetje ruzie.’ Als ze me onderzoekend aankijkt, voeg ik er snel aan toe: ‘Niets belangrijks hoor, maar ik hoef hem even niet te zien.’ Waarom vertel ik haar niet wat me echt dwarszit? Dat ik me afvraag of ik wel een relatie wil met een jongen die geen rekening met mijn gevoelens houdt. Maar ik schaam me te veel voor dat triogedoe.

‘Ik ga Silas twee lange weken niet zien,’ zegt ze. ‘Niet dat onze relatie op dit moment zo geweldig is. Het is weinig opwindend om je minnaar rond te duwen in een rolstoel en je gaat er ook zo raar van lopen.’ Ze doet het voor: kromme rug, gestrekte armen en kont naar achteren. Het ziet er zo gek uit dat ik er de slappe lach van krijg.          

Vrijdag 

Kees sliep nog toen de band me kwam ophalen. Niet dat dat uitmaakt, want de hele week hebben we niet meer dan beleefdheden uitgewisseld. Ik zit achterin de bus en kijk toe hoe de jongens bier drinken en kaarten. Wanneer ik weer verstrikt dreig te raken in sombere gedachtes ga ik naast Stijn zitten, die de bus bestuurt, en we kletsen tot we bij het festivalterrein zijn. Bij een stukje dat afgezet is voor artiesten zetten we de tenten op. Ik blaas het luchtbed op, sleur het in mijn krappe tweepersoonstentje en laat me erop vallen. Denkt Kees ook steeds aan mij? Kan ik het niet beter met hem uitmaken? 

Stijn steekt zijn hoofd door de tent. ‘Kiek, ga je mee? We gaan een hamburger eten en Stikstof treedt zo op.’

‘Oké, ik kom eraan.’ Nadat ik een leuk jurkje heb aangetrokken en knalrode lippenstift heb opgedaan, voel ik me al een stuk beter. Dit weekend ga ik niet door Kees laten verpesten.