Kiki #129: ‘Tegen de tijd dat we teruggaan naar Finns etage voel ik me een piepklein warrig meisje’

Kiki Faber

Kiki Faber (27) – inderdaad het nichtje van de welbekende Floor Faber – woont in Amsterdam, waar ze met haar grote mond, impulsiviteit en chaotische gedrag genoeg dingen meemaakt. Op viva.nl/kiki deelt ze elke week haar belevenissen.

Lees ook:
Kiki #128: ‘Daardoor voel ik me of er een gat in mijn ziel zit’

Dinsdag

Ik mis Kees en ik mis seks. Misschien denk ik er zoveel aan omdat ik rond mijn eisprong zit. Wanneer ik achter de kassa een man met lange vingers help, vraag ik me af of hij een grote heeft. Als ik langs een tramhalte fiets, fantaseer ik over de harde billen van een man in korte broek die daar staat te wachten. Vervolgens lach ik stralend naar een jongen met een woest afrokapsel die voorbijrijdt op een scooter. Tada! Hij lacht terug! Misschien stopt hij wel verderop. Vraagt hij of we wat zullen gaan drinken op een terras en neemt hij me na een wijntje of twee achterop mee naar zijn huis. Ik stel voor hoe hij me met zijn zachte lippen zoent, met zijn sterke handen mijn borsten masseert, zijn hand laat glijden naar de hitte tussen mijn benen. Dan op zijn knieën voor me gaat zitten en me vol overgave begint te likken. Mijn handen raken verstikt in zijn afrohaar terwijl ik in extase achterover buig, en dan…

Ho stop. Beter om deze fantasie thuis af te maken. Ik fiets in hoog tempo naar huis, zet ‘m op slot en ren de trap op. Gelukkig is Finn niet thuis want het gordijn dat mijn slaapplek van de woonkamer scheidt, biedt weinig privacy. Waar was ik ook alweer? Ik ga liggen, sluit mijn ogen en stel me Afrokapsel voor, naakt, met een fantastische erectie. Hij…

Een deur die opengaat. ‘Hallo Kiek!’ brult Finn. ‘Ik heb krentenbollen meegenomen. Ik dacht: daar heb je vast wel zin in.’

Yeah right.

Donderdag

Minstens twee keer per week eet Finn bij zijn moeder, en ze vindt het volkomen vanzelfsprekend dat ik dan met hem meekom. Alice is hardcore veganistisch. Maandag aten we curry met tofu, vandaag wordt het linzendahl. Met beslagen glazen roert ze in de pan terwijl ze meeneuriet met keiharde klassieke muziek. ‘Finn!’ brult ze dan. ‘Bij mijn begrafenis wil ik een Franse suite van Bach horen!’

Geschrokken kijk ik hem aan. ‘Ze is toch niet ziek?’

‘Welnee, ze is gewoon geobsedeerd door de dood. Ze is psychiater, en die zijn vaak nog gekker dan hun patiënten.’

Wanneer we aan tafel zitten, richt ze zich tot mij. ‘En Kiek, vertel eens: wat wil jij met je leven?’

Wat is dit nu weer voor rotvraag? ‘Ik weet het eigenlijk niet zo goed.’

‘Aha.’ Vanachter haar museummontuur kijkt ze me met priemende ogen aan. ‘Als je geen plan hebt, weet je ook niet waar je naartoe moet. Wat zijn je ambities? Laten we daar eens mee beginnen.’

‘Mam, laat haar!’ zeg Finn kwaad.

Ze doet of ze hem niet hoort. ‘Wat wilde je worden toen je klein was?’

Moet ik nu echt gaan vertellen dat ik stewardess wilde worden? Ik zeg dat ik het ben vergeten, maar ze bijt zich in het onderwerp vast als een terriër in een bot. ‘We komen er wel achter,’ zegt ze en ze vuurt de ene na de andere vraag op me af. Wat mijn ouders doen, hoe mijn relatie met ze is, waarom ik niet naar het conservatorium ben gegaan. Tegen de tijd dat we teruggaan naar Finns etage voel ik me een piepklein warrig meisje.

Benieuwd naar alle verhalen van Kiki?
Die lees je hier