Liesbeth Rasker: ‘Soms zaten we langer op de wc dan aan tafel’

Journalist en reisblogger Liesbeth Rasker (31) woont in Amsterdam met poes Disco en schrijft elke week in VIVA over wat ze meemaakt.

In de categorie ‘moderne redenen voor relatieproblematiek’ las ik laatst over een man die de zorgtaken voor zijn net geboren tweeling ontduikt door steeds net als er iets gedaan moet worden ‘even’ naar de wc te gaan. Dat ‘even’ duurt vaak een goede twintig minuten, omdat hij dan YouTube-filmpjes zit te kijken. Zijn vrouw moet daardoor vrijwel alles in haar eentje doen. Tegenwoordig zet ze de wifi uit als hij langer dan tien minuten op de pot zit, tot grote woede van hem. Het deed me denken aan de man met wie ik ooit verkeerde. Toen hij voor het eerst bij me thuis kwam eten en zonder blikken of blozen een halfuur op de wc bleef, had ik erg met hem te doen. Want hoe kut is het om tijdens een van de eerste dates last te hebben van, ja god van wat? Vastzittende poep? Spetterpoep? Van iets waar je tijdens een date geen last wil hebben in elk geval. Toen hij ook bij vervolgdates eindeloos lang over zijn wc-bezoek deed, begon ik te denken dat het een chronische aandoening was, de arme ziel, en dus wachtte ik af als ik weer eens een halfuur in mijn eentje aan ons tafeltje in het restaurant zat. Ik vroeg er maar niet naar, want het was vast al gênant genoeg voor hem. En daarbij: wanneer ken je iemand goed genoeg om te vragen naar diens stoelgang?

‘Toen ik er later nog eens over nadacht, vond ik het eigenlijk helemaal niet grappig’

We gingen van casual daten naar vast daten en uiteindelijk naar verkering, en altijd waren zijn wc-bezoekjes een fikse onderbreking van de middag of avond die we samen doorbrachten. Totdat er een avond was dat er voldoende wijn in mij zat om hem zo subtiel en begripvol mogelijk te vragen waar hij toch last van had. Grote vragende ogen keken me aan. God zie je wel, dit is een gevoelig onderwerp, dacht ik meteen. ‘Nou, op de wc, zeg maar, omdat je daar, eh, nou ja, altijd zo lang over doet,’ stamelde ik onhandig. Nog altijd leek hij niet te begrijpen waar ik op doelde, omdat, zo bleek uiteindelijk, hij helemaal nergens last van had. Nee, hij was een ‘zitter’ legde hij lachend uit. Pakte dan zijn telefoon erbij en vergat vervolgens de tijd. Dat was alles. Hij vond het allemaal ongelooflijk vermakelijk en ik kon op dat moment een kleine opluchting niet ontkennen, maar toen ik er later nog eens over nadacht, vond ik het eigenlijk helemaal niet grappig. Terwijl hij lekker op nu.nl, Facebook en Instagram zat, liet hij mij soms wel een halfuur in mijn eentje in het restaurant of aan de bar zitten. Ik besloot in de tegenaanval te gaan en voor mijn eigen wc-bezoekjes voortaan ook goed de tijd te nemen, waardoor we soms tijdens een etentje los van elkaar langer op de wc zaten dan samen aan tafel.

Mijn relatie heeft het, om meerdere redenen, niet gered, maar die wc-gewoonte is mooi blijven plakken. Ook ik doe tegenwoordig zorgwekkend lang over mijn wc-bezoek omdat ik per ongeluk verstrikt raak in een dolgeestig meme-account of hartverscheurende dieren-red-filmpjes van Hope For Paws en The Dodo. Dus mocht je met me uit zijn en je afvragen waar ik blijf, dan zeg ik je bij deze vast dat er niets mis is met mijn stoelgang. Ik heb gewoon een heel grote databundel.

Foto: Lin Woldendorp

Liesbeths column is afkomstig uit VIVA 07-2020. Deze editie ligt t/m 18 februari in de winkel. Je kunt de editie ook hieronder online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER«